Beleidsregels Thuisondersteuning Dijk en Waard 2026

Mededelingen
Locatie
SoortMededelingen
Gepubliceerd op20 oktober 2026
Gepubliceerd doorGemeente Dijk en Waard

Beleidsregels Thuisondersteuning Dijk en Waard 2026 Het college van burgemeester en wethouders van Dijk en Waard; gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning gemeente Dijk en Waard 2025; Overwegende dat: - inwoners met een beperking op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 in aanmerking kunnen komen voor ondersteuning bij het voeren van een huishouden; - voor de vaststelling van de omvang van de benodigde ondersteuning wordt per 1 januari 2027 gebruik gemaakt van het Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2025 van Bureau HHM; - de benodigde omvang van thuisondersteuning wordt bepaald aan de hand van de individuele omstandigheden van de cliënt; - het daarom noodzakelijk is beleidsregels vast te stellen over de toepassing van het normenkader bij het bepalen van de omvang van de maatwerkvoorziening thuisondersteuning. besluit vast te stellen de volgende beleidsregels: ‘Beleidsregels Thuisondersteuning Dijk en Waard 2026’ Hoofdstuk I ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsbepalingen In deze beleidsregel wordt verstaan onder: a.college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dijk en Waard; b.wet: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; c.thuisondersteuning: de maatwerkvoorziening gericht op het realiseren van een schoon en leefbaar huis; d.ijksituatie: de gemiddelde cliëntsituatie zoals beschreven in het normenkader; e.cliënt: ingezetene van de gemeente Dijk en Waard door of namens wie een melding is gedaan voor thuisondersteuning bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid Wmo 2015 f.verordening: Verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning gemeente Dijk en Waard 2025 Artikel 2 Toepassingsbereik 1.Deze beleidsregels zijn van toepassing op thuisondersteuning.2.Deze beleidsregels zijn van toepassing bij de vaststelling van de omvang van thuisondersteuning voor perioden gelegen op of na 1 januari 2027 Hoofdstuk II UITGANGSPUNTEN THUISONDERSTEUNING Artikel 3 Resultaat van thuisondersteuning 1.Het doel van thuisondersteuning is het realiseren en behouden van een schoon en leefbaar huis. 2.Onder een schoon huis wordt verstaan: een woning waarin de basishygiëne is geborgd en waarin vervuiling en gezondheidsrisico's voor bewoners worden voorkomen.3.Onder een leefbaar huis wordt verstaan: een woning die opgeruimd, veilig en functioneel is ingericht, zodat normaal gebruik van de woning mogelijk is en huishoudelijke risico’s, zoals struikelgevaar door vervuiling of belemmerende inrichting, zoveel mogelijk worden beperkt. Artikel 4 Afbakening van de ruimtes 1.De thuisondersteuning richt zich uitsluitend op gangbare leefruimte die in gebruik is. Hieronder worden in ieder geval verstaan: ode woonkamer; ode in gebruik zijnde slaapvertrekken; ode keuken; osanitaire ruimtes; ode gang, trap en overloop. 2.Ruimten die niet noodzakelijk zijn voor het dagelijks gebruik van de cliënt vallen niet onder de maatwerkvoorziening. Hieronder worden in ieder geval verstaan: oonderhoud van tuin en erf; oschoonmaak van balkon, schuur of overige buitenruimten; ohet wassen van ramen aan de buitenzijde voor zover hiervoor reguliere voorzieningen beschikbaar zijn; oonderhoudswerkzaamheden die gebruikelijk behoren tot de verantwoordelijkheid van de bewoner, verhuurder of eigenaar van de woning. 3.Een extra slaapkamer die feitelijk als slaapkamer wordt gebruikt wordt aangemerkt als een extra kamer in gebruik.4.Een kamer die niet als slaapkamer wordt gebruikt wordt aangemerkt als een extra kamer niet in gebruik als slaapkamer.5.Zolders, bergingen en vergelijkbare ruimten vallen in beginsel buiten beschouwing, ook indien zij worden gebruikt voor opslag of incidenteel gebruik. Indien een dergelijke ruimte feitelijk en noodzakelijk wordt gebruikt als dagelijkse leefruimte, zoals een slaapkamer of andere structureel gebruikte leefruimte, beoordeelt het college op basis van het individuele onderzoek of en in welke omvang ondersteuning noodzakelijk is.6.Bij de beoordeling wordt aangesloten bij de definities en uitgangspunten van het normenkader. Artikel 5 Afbakening van de activiteiten 1.De thuisondersteuning omvat de werkzaamheden die noodzakelijk zijn om het resultaat "schoon en leefbaar huis" te bereiken. Er wordt onderscheid gemaakt tussen basisactiviteiten en incidentele activiteiten: oBasisactiviteiten: deze activiteiten dienen regelmatig uitgevoerd te worden, zoals omschreven in het normenkader. Dit gaat onder andere om de volgende werkzaamheden: stof afnemen nat en droog, stofzuigen en dweilen, keukenblok schoonmaken, badkamer en toilet schoonmaken, bed verschonen, afval opruimen. oIncidentele activiteiten: deze activiteiten worden slechts één of enkele malen per jaar uitgevoerd, zoals omschreven in het normenkader. Dit gaat onder andere om de volgende werkzaamheden: ramen wassen binnenzijde, binnen- en bovenzijde keukenkastjes afnemen, deuren en deurposten afnemen. 2.Tot de ondersteuning behoren uitsluitend werkzaamheden die voortvloeien uit de vastgestelde noodzakelijke ondersteuningsbehoefte van de cliënt.3.Ondersteuning bij strijken wordt alleen toegekend indien uit het individuele onderzoek blijkt dat dit noodzakelijk is voor het bereiken van een schoon en leefbaar huis en de cliënt hierin niet op eigen kracht of met behulp van gebruikelijke hulp of andere passende oplossingen kan voorzien.4.Ondersteuning bij het halen van boodschappen wordt in beginsel niet toegekend als maatwerkvoorziening indien gebruik kan worden gemaakt van algemeen gebruikelijke of voorliggende voorzieningen, tenzij uit het individuele onderzoek blijkt dat deze voor de cliënt niet passend of beschikbaar zijn.5.Activiteiten die gebruikelijk zijn voor leden van de leefeenheid worden niet vanuit de maatwerkvoorziening overgenomen, tenzij daarvoor een objectieve belemmering bestaat. Hoofdstuk III OMVANG VAN DE ONDERSTEUNING Artikel 6 Toepassing van het normenkader 1.Voor het bepalen van de omvang van thuisondersteuning maakt het college gebruik van het Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2025 van Bureau HHM1 (zie bijlage).2.De omvang van thuisondersteuning wordt vastgesteld in minuten per week.3.De cliëntsituatie wordt daarbij afgezet tegen de ijksituatie uit het normenkader.4.Bij de toepassing van het normenkader wordt rekening gehouden met de individuele omstandigheden van de cliënt.5.De totale omvang van de thuisondersteuning wordt afgerond op hele eenheden van vijf minuten per week. Artikel 7 Maatwerk 1.Het college onderzoekt de ondersteuningsbehoefte overeenkomstig de wet en de verordening.2.Het college stemt de omvang van thuisondersteuning af op de individuele omstandigheden, mogelijkheden en beperkingen van de cliënt.3.Het college houdt daarbij, conform artikel 4.1 van de verordening, rekening met onder andere: •eigen mogelijkheden van de cliënt; •gebruikelijke hulp; •inzet van het sociale netwerk; •overige factoren die van invloed zijn op de noodzakelijke ondersteuning. SLOTBEPALINGEN Artikel 8 Hardheidsclausule Indien de toepassing van de beleidsregels voor één of meer belanghebbenden gevolgen heeft die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregels te dienen doelen kan het college van het bepaalde in deze beleidsregels afwijken. Artikel 9 Inwerkingtreding en citeertitel De beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking en worden aangehaald als: “Beleidsregels Thuisondersteuning Dijk en Waard 2026”. Aldus vastgesteld in de collegevergadering van 6 oktober 2026. De burgemeester, De secretaris, Bijlage

Meer informatie