Gemeente Aalsmeer - Ter inzage legging voorgestelde wijzigingen AVP
Gemeente Aalsmeer - Ter inzage legging voorgestelde wijzigingen AVP Zaaknummer: Z26-131569 Burgemeester en wethouders van de gemeente Aalsmeer hebben besloten de voorgestelde wijzigingen Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Aalsmeer ter inzage te leggen. Deze liggen ter inzage van 9 september tot en met 7 oktober 2026. Inzage vanaf 9 september 2026 De voorgestelde wijzigingen zijn als bijlage bij deze bekendmaking opgenomen. Een digitale reactie op de voorgestelde wijzigingen kunt u tot uiterlijk 7 oktober 2026 richten aan Postbus Juridische zaken, e-mail adres: jz@amstelveen.nl. Aalsmeer, 9 september 2026 De secretaris, P. Simonse De burgemeester, mr. G.E. Oude Kotte De Was / wordt lijst Aalmeer is ook als pdf bijlage toegevoegd bij deze publicatie Was / wordt lijst Aalsmeer In de ‘bestaande tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert, cursief gezet en – als het een facultatieve bepaling betreft – eveneens onderstreept (aangezien dan de hele bepaling cursief is i.v.m. het facultatieve karakter). In de ‘nieuwe tekst’ zijn de nieuwe woorden en leestekens vet gedrukt. Artikel 2.24 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2:24 Begripsbepaling 1.In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van: a. bioscoopvoorstellingen; b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder g, van de Gemeentewet en artikel 5:22 van deze verordening; c.kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen; d.het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen; e.betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties; f.activiteiten als bedoeld in artikel 2:39 van deze verordening. 2.Onder evenement wordt mede verstaan: a. een herdenkingsplechtigheid; b. een braderie; c. een optocht, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3 van deze verordening, op de weg; d. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg; e. een straatfeest of buurtbarbecue op één dag (klein evenement); f. een snuffelmarkt; g. de door de burgemeester aan te wijzen categorieën van vechtsportwedstrijden en -gala's. 3.Onder klein evenement wordt verstaan: een evenement dat geclassificeerd is als Klasse 0 volgens het risicoanalysemodel. 4.Onder regulier evenement wordt verstaan: een evenement dat geclassificeerd is als Klasse A volgens het risicoanalysemodel. 5.Onder aandacht evenement wordt verstaan: een evenement dat geclassificeerd is als Klasse B volgens het risicoanalysemodel. 6.Onder risico evenement wordt verstaan: een evenement dat geclassificeerd is als Klasse C volgens het risicoanalysemodel. Nieuwe tekst Artikel 2:24 Begripsomschrijving 1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van: a. bioscoopvoorstellingen; b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid aanhef en onder g van de Gemeentewet; c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen; d. het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen; e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties; f. activiteiten als bedoeld in artikel 2:39 van deze verordening. 2. Onder evenement wordt mede verstaan: a. een herdenkingsplechtigheid; b. een braderie; c. een optocht, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3 van deze verordening; d. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd; e. een straatfeest of buurtbarbecue op één dag; f. een snuffelmarkt; g. de door de burgemeester aan te wijzen categorieën van vechtsportwedstrijden en -gala’s. 3. De burgemeester stelt een risicoscan vast voor de beoordeling en categorisering van evenementen in de categorieën A, B en C. 4. De burgemeester past de risicoscan toe bij de behandeling van aanvragen, de advisering, het verbinden van voorschriften aan vergunningen, de toezichtsinzet en bestuurlijke opschaling. De risicoscan laat de vergunningplicht op grond van artikel 2:25 onverlet. De burgemeester stelt mede op basis van de risicoscan de categorie vast. 5. A-evenement: regulier evenement met beperkt risico, zoals volgt uit de vastgestelde risicoscan. 6. B-evenement: aandachtevenement waarbij extra advies of aanvullende maatregelen nodig zijn, zoals volgt uit de vastgestelde risicoscan. 7. C-evenement: risico-evenement met aanzienlijke risico's voor openbare orde, veiligheid, gezondheid, verkeer, leefbaarheid of milieu, zoals volgt uit de vastgestelde risicoscan. Artikel 2.25 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2:25 Evenementenvergunning 1.Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2.Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, indien: a.er een organisator is; b.de organisator ten minste 15 werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan via een volledig ingevuld formulier "Melding klein evenement". 3.De burgemeester kan na ontvangst van de melding besluiten eenklein evenement te verbieden, indien er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. 4.De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid en de bescherming van het milieu nadere regels stellen ten aanzien van evenementen. 5.Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een regulier evenement te weigeren als minder dan 8 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 6.Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een aandacht evenement te weigeren als minder dan 12 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 7.Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een risico evenement te weigeren als: a. het risico evenement niet door de organisator daarvan voor 1 december van het voorafgaande jaar en tot 1 jaar voorafgaand aan het evenement is gemeld via het meldingsformulier risico evenement; b. minder dan 26 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 8.Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan een vergunning voor vechtsportwedstrijden en -gala's geweigerd worden als de natuurlijke personen die het evenement organiseren van in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn. 9.Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994. 10.Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. Nieuwe tekst Artikel 2:25 Evenement 1. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2. De burgemeester kan categorieën evenementen aanwijzen waarvoor geen vergunning en geen melding is vereist, mits wordt voldaan aan de bij of krachtens dit artikel gestelde regels en voorschriften. 3. De burgemeester kan categorieën evenementen aanwijzen waarvoor geen vergunning, maar wel een melding is vereist, mits wordt voldaan aan de bij of krachtens dit artikel gestelde regels en voorschriften. 4. De melding wordt gedaan op een door de burgemeester vastgestelde wijze en binnen een door de burgemeester vastgestelde termijn. 5. De burgemeester kan na ontvangst van de melding besluiten een evenement als bedoeld in het derde lid te verbieden, indien: 1. a. op hetzelfde tijdstip of in dezelfde periode een ander evenement op dezelfde locatie plaatsvindt; 2. b. er aanleiding bestaat te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. 6. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid, het milieu, de bereikbaarheid, de brandveiligheid en de bescherming van het woon- en leefklimaat nadere regels stellen ten aanzien van evenementen. 7. De burgemeester kan algemene voorschriften vaststellen die van toepassing zijn op het organiseren van evenementen. 8. Het is verboden te handelen in strijd met de bij of krachtens het tweede, derde, zesde of zevende lid gestelde regels, voorwaarden of algemene voorschriften. 9. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een evenement dat is ingedeeld in categorie A-evenement te weigeren als minder dan 8 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 10. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een evenement dat is ingedeeld in categorie B-evenement te weigeren als minder dan 12 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 11. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een evenement dat is ingedeeld in categorie C-evenement te weigeren als: 1.het evenement niet uiterlijk vóór 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het evenement en niet eerder dan 1 jaar voorafgaand aan het evenement is aangemeld voor de regionale evenementenkalender op een door de burgemeester vastgestelde wijze; 2.minder dan 26 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 12. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester een vergunning weigeren indien het aangevraagde evenement wegens een samenloop met een ander evenement op hetzelfde tijdstip en locatie is aangevraagd of verleend. 13. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan een vergunning voor vechtsportwedstrijden en -gala’s geweigerd worden als de natuurlijke personen die het evenement organiseren in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn. 14. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148 van de Wegenverkeerswet 1994. 15. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing. Artikel 2.28 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2.28: Exploitatie openbare inrichting 1.Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. 2.De burgemeester weigert de vergunning als de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met het omgevingsplan. 3.In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren indien: a. naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting en/of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed; b. de exploitant of de leidinggevende van de openbare inrichting in enig opzicht van slecht levensgedrag is; c. het terras: i. schade toebrengt of kan toebrengen aan de weg; ii. de bruikbaarheid van de weg belemmert of kan belemmeren, dan wel een belemmering vormt of kan vormen voor het beheer of onderhoud van de weg; iii. niet voldoet aan redelijke eisen van welstand. 4.Geen vergunning is vereist voor door de burgemeester aan te wijzen categorieën van openbare inrichtingen die naar zijn oordeel geen invloed hebben op de woon- en leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting en geen risico vormen voor de openbare orde. 5.Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. Nieuwe tekst Artikel 2.28: Exploitatie openbare inrichting 1.Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. 2.De burgemeester weigert de vergunning als de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met het omgevingsplan. 3.In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren indien: a. naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting en/of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed; b.de exploitant of de leidinggevende van de openbare inrichting in enig opzicht van slecht levensgedrag is; c. het terras: i. schade toebrengt of kan toebrengen aan de weg; ii. de bruikbaarheid van de weg belemmert of kan belemmeren, dan wel een belemmering vormt of kan vormen voor het beheer of onderhoud van de weg; 4.Geen vergunning is vereist voor door de burgemeester aan te wijzen categorieën van openbare inrichtingen die naar zijn oordeel geen invloed hebben op de woon- en leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting en geen risico vormen voor de openbare orde. 5.Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. In Hoofdstuk 2 wordt de titel van Afdeling 13 als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Afdeling 13. Consumentenvuurwerk Nieuwe tekst Afdeling 13. (Vervallen) Artikel 2.71 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2.71 Begripsbepaling In deze afdeling wordt onder consumentenvuurwerk verstaan vuurwerk dat op grond van artikel 2.1.1 van het vuurwerkbesluit is aangewezen als vuurwerk dat ter beschikking mag worden gesteld voor particulier gebruik Nieuwe tekst Artikel 2.71 (Vervallen) Artikel 2.72 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2.72 Ter beschikking stellen van consumentenvuurwerk tijdens de verkoopdagen (Vervallen) Nieuwe tekst Artikel 2.72 (Vervallen) Artikel 2.73 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst.Artikel 2.73 Gebruik van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling 1. 1. Het is verboden consumentenvuurwerk te gebruiken op een door het college in het belang van de voorkoming van gevaar, schade of overlast aangewezen plaats 2. 2. Het is verboden consumentenvuurwerk op een openbare plaats te gebruiken als dat gevaar, schade of overlast kan veroorzaken 3. De verboden bedoeld in het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1, van het Wetboek van Strafrecht Nieuwe tekst Artikel 2.73 (Vervallen) Artikel 2.74 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2.74 Drugshandel op straat Onverminderd het bepaald in de Opiumwet is het verboden zich op een openbare plaats op te houden met het kennelijke doel om, al dan niet tegen betaling, middelen als bedoeld in de artikelen 2 of 3 van de Opiumwet of daarop lijkende waar af te leveren, aan te bieden of te verwerven, daarbij behulpzaam te zijn of daarin te bemiddelen. Nieuwe tekst Artikel 2.74 Drugshandel op straat Onverminderd het bepaald in de Opiumwet is het verboden zich op een openbare plaats op te houden met het kennelijke doel om, al dan niet tegen betaling, middelen of substanties als bedoeld in de artikelen 2, 2a of 3 van de Opiumwet of daarop lijkende waar af te leveren, aan te bieden of te verwerven, daarbij behulpzaam te zijn of daarin te bemiddelen. Artikel 5.5 Voertuigwrakken Bestaande tekst Artikel 5.5 Voertuigwrakken 1.Het is verboden een voertuig dat rij-technisch in onvoldoende staat van onderhoud en tevens in een kennelijk verwaarloosde toestand verkeert op de weg te parkeren. 2.Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Wet milieubeheer of het Besluit activiteiten leefomgeving. Nieuwe tekst Artikel 5.5 Voertuigwrakken 1.Het is verboden een voertuig dat rij-technisch in onvoldoende staat van onderhoud en/of in een kennelijk verwaarloosde toestand verkeert op de weg te parkeren. 2.Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Wet milieubeheer of het Besluit activiteiten leefomgeving.
Meer informatie