Uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen Tribuut 2026
Uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen Tribuut 2026 Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling Tribuut belastingsamenwerking; Gelet op artikel 11 van de Gemeenschappelijke Regeling Tribuut belastingsamenwerking, de artikelen 6, 7 en 8 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de artikelen 29 en 31 van de Invorderingswet 1990 in verbinding met de artikelen 231, derde lid, en 237 van de Gemeentewet en op artikel 160, eerste lid, onderdeel b, van de Gemeentewet; BESLUIT Vast te stellen: Uitvoeringsregeling voor de heffing en invordering van gemeentelijke belastingen van de gemeenten die deelnemen aan de Gemeenschappelijke Regeling Tribuut belastingsamenwerking (Uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen Tribuut 2026) Artikel 1 Algemene bepaling 1.Deze regeling geeft uitvoering aan de artikelen 6, 7 en 8 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en de artikelen 29 en 31 van de Invorderingswet 1990. 2.De 'heffingsambtenaar' is de ambtenaar uit artikel 232, vierde lid, onderdeel a, van de Gemeentewet. Artikel 2 Aangifte 1.De belastingplichtige voor de toeristenbelasting, watertoeristenbelasting of rioolheffing naar waterafvoer die niet binnen zes weken na afloop van het belastingjaar een aanslag heeft ontvangen en ook niet is uitgenodigd om aangifte te doen, moet binnen zes weken na die periode aan de heffingsambtenaar vragen om een uitnodiging voor het doen van aangifte. 2.Gaat iemand een hond houden, of verandert het aantal honden dat die persoon houdt? Dan moet die persoon dat binnen zes weken schriftelijk doorgeven aan de heffingsambtenaar. Dat hoeft alleen als die persoon woont in het gebied waarvoor hondenbelasting geldt. Artikel 3 Rente De Regeling bekendmaking percentage heffingsrente en invorderingsrente en de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 gelden ook bij de invordering van de gemeentelijke belastingen. Artikel 4 Inwerkingtreding 1.De Uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen Tribuut 2020 van 18 september 2020 wordt ingetrokken met ingang van 1 oktober 2026. 2.Deze regeling treedt in werking op 1 oktober 2026. Artikel 5 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen Tribuut 2026. Apeldoorn, 9 september 2026Het bestuur, H.T.W. Boender voorzitter B.J. Groot Wesseldijk secretaris Toelichting op de Uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen Tribuut 2026 Algemeen De Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) en de Invorderingswet 1990 gelden ook voor de heffing en invordering van gemeentelijke belastingen. Volgens die wetten mag de minister van Financiën nadere regels vaststellen voor de uitvoering van belastingen. Voor gemeenten mag het college die regels vaststellen. De colleges van de gemeenten die deelnemen aan Tribuut hebben hun bevoegdheid overgedragen aan het bestuur van Tribuut. In deze uitvoeringsregeling zijn die regels vastgelegd. Deze regeling wijkt af van de modelregeling van de VNG. Tribuut kiest voor eenvoudig taalgebruik. En niet alles van de modelregeling is voor Tribuut nodig. Tribuut werkt bijvoorbeeld niet met voorlopige aanslagen. Artikel 1 Algemene bepaling Lid 1: hier staat de wettelijke grondslag wat in deze regeling wordt geregeld. Lid 2: de 'heffingsambtenaar' is formeel de ambtenaar die de belasting heft. Omdat dat woord niet voorkomt in de wet, in dit lid wie we daarmee bedoelen. Artikel 2 Aangifte Lid 1: In de meeste gevallen ontvangt een belastingplichtige automatisch een aanslagbiljet. Bij sommige belastingen maakt Tribuut gebruik van aangifte. Als iemand binnen zes weken na afloop van het belastingjaar geen aanslag of uitnodiging om aangifte te doen heeft gekregen, moet hij vragen om aangifte te kunnen doen. De wet maakt het mogelijk om in een regeling dat verplicht te stellen. In dit lid is geregeld voor welke belastingen die verplichting geldt. We kiezen voor zes weken. Normaal gesproken heeft een belastingplichtige dan al een aanslag of vraag om aangifte te doen ontvangen. Het vragen om aangifte te kunnen doen kan mondeling of schriftelijk gebeuren. In het Aanwijzingsbesluit elektronische kanalen publieke dienstverlening Tribuut belastingsamenwerking 2026 is geregeld op welke manier dat elektronisch kan. Lid 2: Voor de hondenbelasting is het nodig dat mensen hun hond aan- en afmelden. In dit lid is dat verplicht gemaakt. We kiezen net als in het eerste lid voor een periode van zes weken. Zes weken is ook de periode dat iemand bezwaar kan maken of een verzoek om ontheffing kan indienen. Zo zijn al die periodes gelijk aan elkaar. Dat is wel zo duidelijk. In de belastingverordeningen is geregeld dat Tribuut met een aangiftebrief werkt. Daarin staat welke gegevens iemand met de aangifte moet doorgeven en hoe hij dat kan doen. Daarom is in deze regeling geen model voor aangiftebiljetten geregeld. Artikel 3 Rente Als iemand te laat betaalt, moet hij rente betalen. En als Tribuut meer dan zes weken te laat is met het terugbetalen van belastinggeld moeten wij rente vergoeden. Het bestuur stelt het rentepercentage en de afrondingsregels vast. Voor de rijksbelastingen is dat vastgelegd in landelijke regels. In dit artikel bepalen we dat die regels ook voor Tribuut gelden. Dat is praktisch en duidelijker voor belastingplichtigen. Die krijgen dan te maken met dezelfde regels bij de belastingdienst als bij Tribuut. Artikel 4 Inwerkingtreding Deze regeling geldt vanaf 1 oktober 2026. De oude uitvoeringsregeling geldt vanaf die datum niet meer. Artikel 5 Citeertitel Met een citeertitel kunnen we makkelijker verwijzen naar deze regeling.
Meer informatie