Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Veere 2026

Mededelingen
Locatie
SoortMededelingen
Gepubliceerd op8 september 2026
Gepubliceerd doorGemeente Veere

Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Veere 2026 Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Veere; gelezen het voorstel van 12 augustus 2026; gelet op de artikelen 44 en 66 van de Gemeentewet en de artikelen 3.2.10, 3.3.2, 3.3.3, tweede lid en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.8 van de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers; b e s l u i t : nadere regels vast te stellen: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Veere 2026 Artikel 1 Reiskosten woon-werkverkeer 1. De burgemeester of de wethouder heeft recht op een vergoeding van de kosten voor woon-werkverkeer, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.2.9 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.6 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers. 2. Voor de burgemeester geldt dat de reiskosten als bedoeld in het eerste lid alleen worden vergoed als deze gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze regeling. 3. De wethouders ontvangen een vaste vergoeding voor woon-werkverkeer gebaseerd op 214 werkbare dagen per jaar (conform de fiscale vaste rekeneenheid reiskostenvergoeding). Artikel 2 Zakelijke reis- en verblijfkosten 1. De burgemeester of de wethouder heeft recht op een vergoeding voor reis- en verblijfkosten voor reizen gemaakt voor de uitoefening van het ambt, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.2.9 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.6 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers. 2. De reiskosten als bedoeld in het eerste lid worden alleen vergoed als deze gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze regeling. Artikel 3 Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing 1. De burgemeester of de wethouder die een vergoeding wil ontvangen in verband met de deelname aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing voor de uitvoering van zijn functie (zoals bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers), dient vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de gemeentesecretaris. 2. Bij deze aanvraag worden documenten (papier of digitaal) met de benodigde inhoudelijk informatie meegestuurd. Ook wordt een kostenspecificatie meegestuurd waaruit blijkt dat de prijs-kwaliteitverhouding van de desbetreffende scholing redelijk is, en dat de kosten ervan niet al op een andere basis worden betaald. 3. Het verzoek wordt getoetst aan de kaders van deze regeling, het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers. Artikel 4 Informatie- en communicatievoorzieningen 1. De burgemeester of de wethouder tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld als bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 2. De Burgemeester of de wethouder levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Artikel 5 Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel 1. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 2. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze regeling, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de loonbelasting 1964. Artikel 6 Betaling en declaratie van onkosten 1. Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van onkosten die op grond van deze regeling voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door: a. betaling vooruit uit eigen middelen; of b. betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van rechtstreekse toezending van de factuur aan de gemeente. 2. Voor de vergoeding van de kosten wordt gebruik gemaakt van een (digitaal) declaratieformulier, waarvan het model door het college is vastgesteld, indien deze kosten uit eigen middelen vooruit zijn betaald. 3. Het declaratieformulier wordt volledig ingevuld. De burgemeester of wethouder dient het declaratieformulier binnen 3 maanden bij de gemeentesecretaris of een door hem aangewezen ambtenaar in, onder bijvoeging van de originele bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken over te leggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft. Artikel 7 Titel en inwerkingtreding 1. Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Veere 2026. 2. Deze regeling treedt in werking met ingang van 26 augustus 2026. 3. Met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze regeling wordt de regeling ‘Rechtspositie burgemeester en wethouders 2019’ ingetrokken. Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veere, 25 augustus 2026De secretaris, De burgemeester,E.T. Israël drs. F.J. Schouwenaar

Meer informatie