Horecaverordening ’s-Hertogenbosch 2017
Vierde wijziging Horecaverordening 's-Hertogenbosch 2017 De gemeenteraad van de gemeente 's-Hertogenbosch, In zijn vergadering van 7 juli 2026, gezien het voorstel van het college van 2 juni 2026, met reg.nr. 19259114, besluit vast te stellen De vierde wijziging in de Horecaverordening 's-Hertogenbosch 2017 (Horecaverordening). Artikel 5.8 Bijzondere gelegenheden Toevoeging lid 1, sub i: 1. In afwijking van de openingstijden, zoals in deze afdeling vermeld, gelden voor de hierna genoemde bijzondere gelegenheden de volgende openingstijden: i. op de donderdag voorafgaand aan Carnaval voor: reguliere horecabedrijven (artikel 5.1, lid 1) en horecabedrijven met een ontheffing voor een nachtzaak (artikel 5.2) die tevens beschikken over een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet, alsmede de daarbij behorende terrassen als bedoeld in artikel 5.6 vanaf 18:00 uur Toevoeging lid 4: 4. De burgemeester verleent op aanvraag ontheffing van de in het eerste lid, sub i, genoemde beperking, indien de exploitant verklaart het horecabedrijf op de betrokken dag te exploiteren conform de reguliere bedrijfsvoering, zonder carnavalesk karakter. De burgemeester kan ontheffing weigeren indien de feitelijke of voorgenomen exploitatie klaarblijkelijk niet strookt met deze verklaring. De burgemeester kan de ontheffing intrekken indien de exploitant in strijd met de afgelegde verklaring exploiteert. Toelichting Toevoeging lid 1, sub i: Anders dan de overige bijzondere gelegenheden in dit artikel betreft sub i geen verruiming, maar een beperking van de openingstijden. De donderdag voorafgaand aan carnaval heeft zich in de afgelopen jaren ontwikkeld tot een feitelijke extra carnavalsdag. Uit evaluaties en signalen van betrokken partijen blijkt dat deze ontwikkeling structureel en in toenemende mate druk legt op de openbare orde, veiligheid en leefbaarheid. Deze druk hangt samen met onder meer een substantiële groei van bezoekersaantallen, een vroeg en langdurig uitgaanspatroon en een daarmee gepaard gaande toename van openbare-ordeverstoringen en incidenten. De aard en omvang van de bezoekersstromen en de daarmee samenhangende incidenten zijn inmiddels vergelijkbaar met die tijdens de reguliere carnavalsdagen. De gevolgen hiervan doen zich voor op meerdere terreinen. Bewoners ervaren in toenemende mate overlast, terwijl winkeliers aangeven dat de omstandigheden het functioneren van een regulier winkelklimaat bemoeilijken. Tegelijkertijd neemt de belasting van de openbare ruimte en de inzet van hulpdiensten en handhaving significant toe. Voortzetting van deze situatie wordt daarom niet als houdbaar beschouwd. Tegen deze achtergrond is het noodzakelijk nadere regels te stellen aan de openingstijden van horecabedrijven op deze dag. Met deze maatregel wordt beoogd de duur en intensiteit van het uitgaanspatroon te beperken en daarmee de openbare orde, veiligheid en leefbaarheid te beschermen. De beperking richt zich op horecabedrijven die beschikken over een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet. Deze afbakening is ingegeven door de aard van de problematiek: de openbare-ordeverstoringen concentreren zich rond horecabedrijven met een Alcoholwetvergunning en de daarmee samenhangende bezoekersstromen. Horecabedrijven zonder Alcoholwetvergunning genereren niet de bezoekersstromen die aan de openbare-ordeproblematiek bijdragen en behoeven om die reden niet in de openingstijden beperkt te worden. De keuze voor een gemeentebrede reikwijdte is ingegeven door het risico op een waterbedeffect. Een beperking die uitsluitend geldt voor de binnenstad zou ertoe kunnen leiden dat de carnavaleske activiteiten zich verplaatsen naar andere delen van de gemeente, met als gevolg dat de openbare-ordeproblematiek zich elders manifesteert. Een gemeentebrede maatregel ondervangt dit risico. Door uitsluitend een openingstijd van 18:00 uur op te nemen zonder eindtijd wordt de sluitingstijd niet beperkt door deze bepaling. Die blijft beheerst door de reguliere openingstijden zoals opgenomen in deze verordening. Deze opzet is bewust gekozen om de inbreuk op de exploitatiemogelijkheden van de betrokken horecabedrijven niet verder te laten strekken dan noodzakelijk is. Met deze afbakening wordt de maatregel beperkt tot hetgeen noodzakelijk is ter bescherming van de openbare orde, veiligheid en leefbaarheid, en blijven de nadelige gevolgen voor betrokken ondernemers in redelijke verhouding tot het daarmee te dienen doel. Toevoeging lid 4: Erkend wordt dat niet alle betrokken horecabedrijven bijdragen aan de carnavaleske sfeer en de daarmee gepaard gaande openbare-ordeprobmeatiek op de donderdag voorafgaand aan carnaval. Om recht te doen aan die individuele verschillen voorziet lid 4 in een ontheffingsmogelijkheid. De ontheffingssystematiek is bewust laagdrempelig vormgegeven. Een schriftelijke verklaring van de exploitant dat deze op de betrokken dag conform de reguliere bedrijfsvoering exploiteert, zonder carnavalesk karakter, volstaat voor verlening van de ontheffing. De burgemeester verleent de ontheffing in begsinel op basis van deze verklaring. Slechts indien de feitelijke of voorgenomen exploitatie klaarblijkelijk niet met de verklaring strookt, bijvoorbeeld omdat de aankondiging van het bedrijf een carnavalesk karakter verraadt, kan de burgemeester de ontheffing weigeren. Indien de exploitant in strijd met de afgelegde verklaring exploiteert, bijvoorbeeld doordat een carnavalesk karakter wordt gehanteerd, kan de burgemeester de ontheffing intrekken. Van een carnavalesk karakter is in ieder geval sprake indien het horecabedrijf zich in naam, aankondiging of thematiek expliciet richt op Oeteldonk en/of carnaval, indien deelname in carnavalskleding wordt gestimuleerd of verwacht, indien carnavalsmuziek een wezenlijk onderdeel van het programma vormt, of indien het horecabedrijf zich presenteert als opmaat naar of onderdeel van het Oeteldonkse carnaval. De gemeenteraad voornoemd,Namens deze, De griffier, drs. W.G. Amesz De voorzitter, drs. J.M.L.N. Mikkers
Meer informatie