Verkeersbesluit 1655051-2026
Verkeersbesluit 1655051-2026 Koningin Wilhelminaweg – Oranjeplein – Reigerstraat: regelen voorrang, aanpassen fietspadregime en verwijderen niet-passende verkeerstekens, Gouda In verband met de herinrichting van de Koningin Wilhelminaweg, het Oranjeplein en de Reigerstraat worden verkeersmaatregelen getroffen. Daarbij worden voorrangssituaties juridisch eenduidig vastgelegd, middengeleiders en geleide-eilanden aangepast, het fietspadregime geactualiseerd en verkeerstekens verwijderd die niet langer aansluiten bij de nieuwe verkeerssituatie. BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN G O U D A Overwegende, dat de gemeente Gouda de Koningin Wilhelminaweg herinricht in het kader van het programma Gouda goed op weg, waarbij de inrichting van de weg en de daarop aansluitende wegvakken en kruispunten wordt aangepast met het oog op verkeersveiligheid, leefbaarheid en een herkenbare verkeersstructuur; dat conform het door SWOV en CROW gepubliceerde “Afwegingskader 30 km/h”, de GOW30 het enige passende wegtype is voor de Koningin Wilhelminaweg. Dit afwegingskader volgt uit de Tweede Kamer motie Kröger/Stoffer (nr. 29398-872), welke op 27 oktober 2020 is aangenomen, en ondersteunt weggebeheerders bij het maken van een keuze voor een passende maximumsnelheid (30 of 50 km/u) en een passend wegtype (ETW30, GOW30 of GOW50) op hun wegenareaal binnen de bebouwde kom; dat de Koningin Wilhelminaweg ook wordt ingericht als GOW30, conform de “Handreiking voorlopige inrichtingskenmerken GOW30”, welke het CROW in mei 2023 heeft gepubliceerd. Deze handreiking volgt uit de Tweede Kamer motie Van Ginneken/Kröger (nr. 29398-988), waarin de regering is opgeroepen het CROW-opdracht te geven tot het uitwerken van inrichtingskenmerken voor het nieuwe wegtype GOW30. Hierdoor hebben wegbeheerders, waaronder dus de gemeenten Gouda, inzicht gekregen in inrichtingskenmerken voor een GOW30 en zijn daarom nu in staat hun wegen daarop passend in te richten. Zo krijgt de Koningin Wilhelminaweg, in overeenstemming met de handreiking: (A) elementenverharding, (B) geen fysieke rijrichtingscheiding, (C) geen lengtemarkering, anders dan fietsstroken, (D) openbare verlichting, (F) oversteekvoorzieningen, (I) fietsstroken en (N) verticale snelheidsremmers op overgangen, kruispunten en oversteekplaatsen; dat de verticale snelheidsremmers in de nieuwe inrichting van de Koningin Wilhelminaweg een resultante is van een belangenafweging tussen de bereikbaarheid van nood- en hulpdiensten, het comfort van OV-reizigers en verkeersveiligheid, en dit heeft geleid tot verkeersremmende verkeersplateaus met een ontwerpsnelheid van circa 40 km/u. Dit zal leiden tot langere aanrijtijden van nood- en hulpdiensten (in theorie minder dan 15 seconden, en in de praktijk is deze vertraging vermoedelijk kleiner), minder comfort voor busreizigers, maar wel een verkeersveiligere weg; dat in de nieuwe inrichting van de Koningin Wilhelminaweg er geen lang ononderbroken beeld van de rijbaan ontstaat, doordat de projectscope 1200 meter weg behelst, waar 9 onderbrekingen gerealiseerd worden. Dit is gemiddeld elke 120 meter een onderbreking, hetgeen passend is bij een GOW30 (gecombineerde verkeers- en verblijfsfunctie) zonder een te chaotisch wegbeeld te realiseren waar weggebruikers niet meer begrijpen welk weggedrag van hun verwacht/gevraagd wordt. dat elke snelheidsvermindering verkeersveiligheid oplevert. Zelfs een kleine daling van de snelheid heeft een groot effect op de ongevalskans. Uit onderzoek van SWOV blijkt: •dat een afname van de gemiddelde snelheid met 1 km/u kan leiden tot ongeveer 2% tot 3% minder letselongevallen op wegen waar 50 km/u of minder wordt gereden. •dat 10% verlaging van de gemiddelde snelheid, 20% minder lichte letselongevallen, 30% minder enstige letselongevallen, 40% minder dodelijke ongevallen oplevert. dat het traject/gebied Koningin Wilhelminaweg, Oranjeplein en Reigerstraat een samenhangende stedelijke route vormt die wordt gebruikt door gemotoriseerd verkeer, fietsers en voetgangers; dat de Koningin Wilhelminaweg, het Oranjeplein en de Reigerstraat intensief worden gebruikt door gemotoriseerd verkeer, fietsers en voetgangers en dat in de directe omgeving sprake is van woonbebouwing, pleinen en voorzieningen, waardoor veel in- en uitrijbewegingen en kruisende verkeersstromen optreden; dat door de herinrichting de ligging en inrichting van rijbanen, kruispunten, opstelruimten, middengeleiders, geleide-eilanden, fietsaansluitingen en oversteekvoorzieningen wijzigen, zoals weergegeven op de situatietekeningen; dat als gevolg daarvan bestaande verkeerstekens en markeringen op onderdelen niet langer aansluiten bij de feitelijke inrichting en het gewenste gebruik, waardoor voor weggebruikers onduidelijkheid kan ontstaan over voorrang, passeerrichtingen en toegestane verkeersbewegingen; dat het noodzakelijk is om, in samenhang met de fysieke herinrichting, het gewenste verkeersgedrag juridisch vast te leggen en eenduidig kenbaar te maken, zodat voor alle weggebruikers duidelijk is welke verkeersstromen voorrang hebben en welke verplichtingen en verkeersregimes op de betreffende delen van de weg gelden; dat door de gewijzigde inrichting ter hoogte van meerdere kruispunten en aansluitingen sprake is van een verkeerskundige hiërarchie waarbij een doorgaande route herkenbaar is en zijtakken een ondergeschikte functie hebben, terwijl deze hiërarchie zonder formele regeling onvoldoende kenbaar en handhaafbaar is; dat het ontbreken van een eenduidige voorrangsregeling in dergelijke situaties kan leiden tot interpretatieverschillen bij weggebruikers, aarzelend rijgedrag, onverwachte voorrangssituaties en daarmee tot een verhoogd risico op conflictsituaties; dat dit in het bijzonder geldt ter hoogte van de aansluitingen op de Koning Wilhelminaweg (Tesselschadestraat, Nachtegaalstraat, Reigerstraat/Oranjeplein, en het Uiverplein) en de Reigerstraat (Walvisstraat), waar de Koningin Wilhelminaweg en de Reigerstraat functioneren als doorgaande route, waarbij de (zij)wegen in ondergeschikt behoren te zijn; dat het noodzakelijk is om deze ondergeschiktheid expliciet, juridisch correct en handhaafbaar vast te leggen door verkeer vanuit de genoemde (zij)wegen te verplichten voorrang te verlenen aan verkeer op de Koningin Wilhelminaweg en Reigerstraat; dat het daarnaast noodzakelijk is om het voorrangsregime op de doorgaande route tijdig aan te kondigen, zodat weggebruikers op de Koningin Wilhelminaweg en Reigerstraat voorafgaand aan de kruising weten dat zij ter plaatse voorrang hebben en hun rijgedrag daarop kunnen afstemmen; dat door de herinrichting van het Oranjeplein de ligging, voorrangssituaties en aansluitingen van fietspaden wijzigen, waardoor bestaande rechten en/of verplichtingen voor fietsverkeer op onderdelen niet langer overeenkomen met de feitelijke inrichting; dat dit zonder nadere regeling kan leiden tot onduidelijkheid bij zowel fietsers als gemotoriseerd verkeer over de vraag waar fietsverkeer voorrang moet verlenen of krijgen, en waar verplicht gebruik gemaakt moet worden van een verplicht fietspad en/of waar fietsverkeer juist in de rijbaan of in een gemengd profiel is opgenomen; dat het noodzakelijk is om het fietspadregime juridisch eenduidig vast te leggen en te actualiseren, zodat voor weggebruikers duidelijk is waar sprake is van een verplicht fietspad en waar niet, en zodat dit regime aansluit op de nieuwe infrastructuur, voorrangssituaties en routes; dat dit uitsluitend kan geschieden door het plaatsen, verwijderen en waar nodig verplaatsen van verkeersteken B6 (en bijbehorende haaientanden) en verkeersteken G11 overeenkomstig het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en conform de situatietekeningen; dat in de nieuwe inrichting op onderdelen middengeleiders en geleide-eilanden zijn gewijzigd, verplaatst of vervallen, waardoor bestaande verplichte passeerrichtingen niet langer aansluiten bij de feitelijke situatie; dat het noodzakelijk is om de daarbij behorende verplichte passeerrichtingen juridisch juist vast te leggen dan wel op te heffen door het plaatsen respectievelijk verwijderen van verkeersteken D2, zodat het verkeersbeeld eenduidig is en weggebruikers niet worden geconfronteerd met aanwijzingen die niet meer passen bij de fysieke inrichting; dat door de herinrichting op locaties verkeersdrempels en verkeersplateaus zijn verwijderd of gewijzigd, waardoor waarschuwingsborden J38 hun betekenis verliezen; dat het noodzakelijk is om verkeersteken J38 te verwijderen waar de verkeersdrempel of het verkeersplateau feitelijk is vervallen, om te voorkomen dat weggebruikers worden gewaarschuwd voor niet-bestaande situaties en om het verkeersbeeld overzichtelijk en geloofwaardig te houden; dat het plaatsen, wijzigen en verwijderen van vorenbedoelde verkeerstekens en markeringen uitsluitend kan geschieden door het nemen van een verkeersbesluit; Belangenafweging (artikel 2 WVW 1994) dat het nemen van dit verkeersbesluit strekt tot het dienen van de belangen zoals genoemd in artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994, in het bijzonder: het verzekeren van de veiligheid op de weg; het beschermen van weggebruikers; het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan; het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer; het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade, waaronder milieugevolgen; dat deze belangen in onderlinge samenhang zijn afgewogen; dat daarbij is beoordeeld dat het regelen van de voorrangssituaties, het actualiseren van het fietspadregime en het verwijderen van niet-passende verkeerstekens noodzakelijk zijn om de verkeersveiligheid te vergroten, de verkeersstructuur overzichtelijker te maken en de herkenbaarheid van de verkeerssituatie te verbeteren; Motivering maatregel dat de maatregel naar verwachting leidt tot een veiligere en overzichtelijkere verkeerssituatie, minder conflicterende verkeersbewegingen en een beter herkenbare verkeersstructuur voor alle weggebruikers; dat eventuele nadelige gevolgen, zoals gewijzigde verkeersbewegingen of aangepaste verkeersstromen, niet onevenredig zijn in verhouding tot de met dit besluit te dienen doelen; dat is onderzocht of minder ingrijpende maatregelen mogelijk zijn, maar dat deze onvoldoende effectief worden geacht om de verkeersveiligheid, duidelijkheid en handhaafbaarheid van de verkeerssituatie voldoende te verbeteren; Geluid dat het college door de Omgevingsdienst Midden-Holland onderzoek heeft laten uitvoeren naar de gevolgen van de voorgenomen herinrichting voor de geluidsbelasting; dat daarbij de bestaande situatie met een maximumsnelheid van 50 km/uur en asfaltverharding is vergeleken met de toekomstige situatie met een maximumsnelheid van 30 km/uur; dat uit dit onderzoek blijkt dat het terugbrengen van de maximumsnelheid naar 30 km/uur in combinatie met elementenverharding leidt tot een afname van de geluidsbelasting van circa 0,4 dB tot 1,5 dB; dat de Omgevingsdienst Midden-Holland heeft aangegeven dat deze afname voor het menselijk oor beperkt waarneembaar is; dat het college daarom heeft besloten om binnen het project geluidsreducerende klinkers toe te passen; dat toepassing van deze geluidsreducerende klinkers leidt tot een aanvullende afname van de geluidsbelasting van circa 3 dB ten opzichte van reguliere verharding; dat hiermee sprake is van een aantoonbare verbetering van de geluidssituatie ten opzichte van de bestaande situatie; dat de rapportage van de Omgevingsdienst Midden-Holland als bijlage bij dit verkeersbesluit is gevoegd en onderdeel uitmaakt van de motivering van dit besluit; Overige overwegingen dat deze maatregel mede bijdraagt aan de leefbaarheid en openbare orde door het verminderen van verkeershinder en het creëren van een prettige en overzichtelijke leefomgeving; dat de betrokken wegen in beheer zijn bij de gemeente Gouda; dat overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer overleg heeft plaatsgevonden met de politie; dat de politie de bij dit verkeersbesluit behorende situatietekeningen heeft beoordeeld; dat de politie positief heeft geadviseerd over de in dit verkeersbesluit opgenomen verkeersmaatregelen. Juridisch kader gelet op: •artikel 15 en 18 van de Wegenverkeerswet 1994; •het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; •het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer; •de Algemene wet bestuursrecht; •het Gouds Mandatenbesluit; BESLUITEN: 1.ter hoogte van de aansluitingen van de Tesselschadestraat de Nachtegaalstraat, het Oranjeplein / Reigerstraat en het Uiverplein op de Koningin Wilhelminaweg, het verkeer vanuit deze (zij)wegen ondergeschikt te maken aan het verkeer op de Koningin Wilhelminaweg door het plaatsen van verkeersteken B6 en het aanbrengen van haaientanden overeenkomstig bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en conform de situatietekeningen; 2.ter hoogte van de onder 1 genoemde kruisingen de voorrangssituatie voor het doorgaande verkeer tijdig aan te kondigen door het plaatsen van verkeerstekens B3, B4 en B5 overeenkomstig bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en conform de situatietekeningen; 3.ter hoogte van de aansluiting van de Walvisstraat op de Reigerstraat, de Walvisstraat ondergeschikt te maken aan de Reigerstraat door het plaatsen van verkeersteken B6 en het aanbrengen van haaientanden overeenkomstig bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en conform de situatietekening; 4.ter hoogte van de onder 3 genoemde kruising de voorrangssituatie voor het doorgaande verkeer tijdig aan te kondigen door het plaatsen van verkeerstekens B4 en B5 overeenkomstig bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en conform de situatietekening; 5.op het Oranjeplein de ligging, voorrangssituatie en het regime van fietspaden en fietsaansluitingen juridisch vast te leggen door het plaatsen, verwijderen en waar nodig verplaatsen van verkeersteken B6 (en bijbehorende haaientanden) en verkeersteken G11 overeenkomstig bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 conform de situatietekening; 6.ter hoogte van de aansluiting Koningin Wilhelminaweg – Nachtegaalstraat en Reigerstraat onder de verkeerstekens B6 de onderborden OB02+OB503 te plaatsen; 7.ter plaatse van gewijzigde of vervallen middengeleiders en geleide-eilanden de verplichte passeerrichting juridisch vast te leggen dan wel op te heffen door het plaatsen respectievelijk verwijderen van verkeersteken D2 overeenkomstig bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; 8.verkeersteken J38 te verwijderen op de locaties waar de verkeersdrempel of het verkeersplateau door de herinrichting is vervallen overeenkomstig bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; 9.overige bestaande verkeerstekens die niet langer aansluiten bij de nieuwe verkeersstructuur te verwijderen teneinde tegenstrijdige of verouderde bebording te voorkomen; 10.te bepalen dat de bij dit besluit behorende situatietekeningen integraal onderdeel uitmaken van dit verkeersbesluit. GOUDA, 26 augustus 2026 Burgemeester en wethouders van Gouda, namens dezen, het hoofd van de afdeling Beheer openbare ruimte Publicatie Dit verkeersbesluit is bekendgemaakt door publicatie in het elektronisch gemeenteblad. Het besluit is te raadplegen via www.officielebekendmakingen.nl. Een vermelding van het besluit is tevens geplaatst op de gemeentepagina in de Goudse Post. Het besluit ligt gedurende zes weken na de datum van bekendmaking ter inzage in het Huis van de Stad. Bezwaar maken Bent u het niet eens met dit besluit? Als u het niet eens bent met dit besluit, dan kunt u eerst bellen voor meer informatie of om vragen te stellen. Nadere inlichtingen over dit besluit kunt u verkrijgen via telefoonnummer 14 0182. Vaak wordt dan al veel duidelijker en opgelost. Bezwaarschrift Komen we er dan toch niet uit, dan kunt u een bezwaarschrift indienen. Dit mag overigens ook direct, zonder eerst te bellen. Een bezwaarschift kunt u indienen binnen zes weken na de dag van bekendmaking. Het besluit blijft ook bij het indienen van een bezwaarschrift gewoon geldig. Hoe dien ik een bezwaar in? U kunt uw bezwaar online indienen. Hier heeft u DigiD voor nodig (of e-Herkenning). Ga hiervoor naar de website www.gouda.nl. Maakt u geen gebruik van het online bezwaarformulier? Dan kunt u uw bezwaar sturen naar: College van burgemeester en wethouders van Gouda t.a.v. de bezwaarschriftencommissie Gouda Postbus 1086 2800 BB Gouda Wat moet er in een bezwaarschrift staan? Zet in elk geval in uw bezwaarschrift: • uw naam, adres en handtekening; • de datum waarop u het bezwaarschrift verstuurt; • een omschrijving van het besluit waar u bezwaar tegen maakt; • de redenen waarom u bezwaar maakt; • als dat mogelijk is, het telefoonnummer en e-mailadres waarop u bereikbaar bent. Om u sneller te kunnen helpen is het handig als u een kopie meestuurt van het besluit waar u bezwaar tegen maakt. Voorlopige voorziening Indien u op korte termijn uitvoering van het besluit wilt voorkomen, dan kunt u de voorzieningenrechter van de Rechtbank, Postbus 20302, 2500 EH Den Haag, vragen een voorlopige voorziening te treffen. Een verzoek om een voorlopige voorziening kunt u alleen indienen als u ook bezwaar hebt gemaakt. Bovendien moet er sprake zijn van een spoedeisend belang. U kunt ook om een voorlopige voorziening vragen via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor heeft u een DigiD nodig. Bijlage: Situatietekeningen “Koningin Wilhelminaweg – herinrichting”
Meer informatie