Openstellingsbesluit Programma Groen doet goed Zuid-Holland 2027
Openstellingsbesluit Programma Groen doet goed Zuid-Holland 2027 Gedeputeerde staten van Zuid-Holland; Gelet op de artikelen 4:25 en 4:26 van de Algemene wet bestuursrecht; Gelet op artikel 1.3, vierde lid, en artikel 1.4 van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; Gelet op de artikelen 1.3, 2.1 en 2.2, eerste lid, van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland; Overwegende dat het wenselijk is natuurkennis en natuurbeleving te stimuleren bij kinderen uit versteende wijken door natuureducatie, natuurbeleving en het gebruik te vergroten van bestaande groengebieden; Besluiten vast te stellen het volgende besluit: Openstellingsbesluit Programma Groen doet goed Zuid-Holland 2027 Artikel 1 Begripsbepalingen In aanvulling op artikel 1.1 van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland wordt in dit openstellingsbesluit verstaan onder: • Groen-doet-goed-netwerk: netwerk bestaande uit de deelnemers aan het Programma Groen doet goed; • kinderen: kinderen in de leeftijd van 2 tot en met 12 jaar of leerlingen uit groep 3 tot en met 8 van de basisschool; • makelaar Groen doet goed: publiekrechtelijke rechtspersoon of stichting die binnen het Groen-doet-goed-netwerk als zodanig zijn bekend zijn; • Programma Groen doet goed: maatschappelijk initiatief, waarbij natuureducatie en natuurbeleving door verstedelijkte Zuid-Hollandse kinderen gestimuleerd wordt en waaraan een aantal Zuid-Hollandse gemeenten, terrein beherende organisaties in Zuid-Holland, het Instituut voor Natuurbeschermingseducatie en de provincie Zuid-Holland zich hebben verbonden, zoals nader uitgewerkt op de website https://www.ivn.nl/aanbod/groen-doet-goed/ en de daarop volgende webpagina’s van het programma Groen doet goed Zuid-Holland met de tekst zoals die luidt op het moment van in werking treden van dit besluit; Artikel 2 Subsidiabele activiteit en prestatie 1.Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten gericht op: a.Natuureducatie en natuurbeleving voor kinderen; of b.coördinatie en organisatie van de gezamenlijke onder a bedoelde activiteiten. 2.Subsidie als bedoeld in het eerste lid, wordt verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. 3.De activiteit, bedoeld in het eerste lid, draagt voor kinderen uit versteende wijken bij aan het vergroten van natuurbeleving en natuurkennis. Artikel 3 Doelgroep 1.Een aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, kan alleen worden aangevraagd door een makelaar Groen doet goed. 2.Een aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, kan alleen worden aangevraagd door een rechtspersoon. Artikel 4 Subsidievereisten 1.Om voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, in aanmerking te komen, is vereist dat de activiteit ziet op natuureducatie of natuurbeleving voor kinderen uit versteende wijken. 2.Om voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten: a.de aanvrager heeft ervaring met de ontwikkeling, uitvoering en coördinatie van natuureducatieprojecten; b.er is een bestaande samenwerking met de terrein beherende organisaties en lokale overheden in Zuid-Holland. Artikel 5 Weigeringsgronden In aanvulling op artikel 2.6 van de Asv wordt de subsidie geweigerd indien: a.de activiteit niet uitvoerbaar is vanwege wettelijke of praktische belemmeringen; b.voor dezelfde activiteit op grond van een andere provinciale regeling subsidie is aangevraagd of verstrekt; c.niet is voorzien in een bijdrage in de subsidiabele kosten van ten minste 50% respectievelijk 10% van de activiteit, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a respectievelijk b. Artikel 6 Aanvraagperiode Een aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, kan worden ingediend van 9 november 2026 tot en met 4 december 2026. Artikel 7 Deelplafond Het deelplafond voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, bedraagt € 400.000,-. Artikel 8 Subsidiehoogte 1.De hoogte van de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid: a.onderdeel a, bedraagt ten hoogste 50% van de subsidiabele kosten; b.onderdeel b, bedraagt ten hoogste 90% van de subsidiabele kosten. 2.Indien toepassing van het eerste lid ertoe leidt dat de subsidie minder bedraagt dan € 5.000 wordt de subsidie niet verstrekt. Artikel 9 Verdelingswijze Indien de binnen de aanvraagperiode ingediende volledige subsidieaanvragen het vastgestelde deelplafond, genoemd in artikel 7 te boven gaan, verdelen gedeputeerde staten de subsidie naar evenredigheid over de subsidieontvangers die in aanmerking komen voor subsidie. Artikel 10 Subsidiabele kosten 1.Voor een aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, komen de volgende kosten voor subsidie in aanmerking: a.personeelskosten; b.vervoerskosten; c.materiaalkosten; d.communicatiekosten. 2.Voor een aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, komen de volgende kosten voor subsidie in aanmerking: a.personeelskosten; b.kosten cursussen; c.materiaalkosten; d.communicatiekosten; e.kosten coördinatie. Artikel 11 Niet-subsidiabele kosten Subsidie wordt niet verstrekt voor de kosten voor aanleg van groen, waaronder de aanleg van speelnatuur of een groenblauw schoolpleinen. Artikel 12 Verplichtingen In aanvulling op artikel 3.1 tot en met 3.5 van de Asv wordt aan de subsidieontvanger de verplichting opgelegd om de activiteiten uit te voeren in 2027. Artikel 13 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin dit besluit wordt geplaatst. Artikel 14 Werkingsduur Dit openstellingsbesluit vervalt op 1 maart 2028, met dien verstande dat dit besluit van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn verstrekt. Artikel 15 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit Programma Groen doet goed Zuid-Holland 2027. Den Haag, 27 oktober 2026 secretaris, drs. M.J.A. van Bijnen MBA plv. voorzitter, ing. R. Tieman Toelichting Zuid-Holland wil een aantrekkelijke, gezonde, veilige en concurrerende provincie zijn waar mensen, zowel bewoners, forensen als toeristen, met plezier wonen, werken en recreëren. De startnotitie Sport en Recreatie en het Recreatieperspectief 2030 vormen de basis voor het provinciaal sport- en recreatiebeleid en richten zich op het stimuleren van onze bewoners om in hun vrije tijd meer naar buiten te gaan en te bewegen. Meer buiten zijn en bewegen bestrijdt bewegingsarmoede en overgewicht en draagt bij aan gezondheid, vitaliteit en geluk. Via deze openstelling zet de Provincie zich in om de groene ruimte voor bewegen aantrekkelijker te maken door een kwaliteitsverbetering. Onderdeel hiervan is het actief informeren van en gebruik stimuleren door de inwoners van Zuid-Holland over de mogelijkheden van groene ruimte. Eén van de vragen, die in de startnotitie wordt beantwoord, is: Hoe kunnen wij van meerwaarde zijn voor het bereiken van een kindvriendelijke (0-18 jaar) en beweegvriendelijke ruimte? Het programma Groen doet goed geeft invulling aan deze vraag door het verbinden van kinderen (4-12 jaar) met de groene ruimte. Daarbij ligt de focus op kinderen uit versteende wijken, omdat deze kinderen ondervertegenwoordigd zijn bij het bezoeken van recreatie- en natuurgebieden. Het programma Groen doet goed voor het jaar 2027 wordt door het netwerk van Groen doet goed opgesteld. Het programma bestaat uit diverse uitvoeringsprojecten en één koepelproject. Programma Groen doet goed Programma Groen doet goed is in 2012 gestart als maatschappelijk initiatief, waarin het gebruik van de provinciale buitengebieden door de verstedelijkte Zuid-Hollandse kinderen (4-12 jaar) gestimuleerd wordt. Aan dit initiatief zijn nu 14 Zuid-Hollandse gemeenten, alle terrein beherende organisaties in Zuid-Holland, Instituut voor Natuurbeschermingseducatie (IVN) en de Provincie Zuid-Holland verbonden. Hieruit is het Groen-doet-goed-netwerk ontstaan. Binnen het programma is er per gemeente één lokale trekker verantwoordelijk voor het bouwen van een sterk, lokaal netwerk, het werven van nieuwe partners en het schrijven en indienen van het plan voor het uitvoeringsproject. Een uitvoeringsproject is gericht op vergroten van de natuurkennis en natuurbeleving bij kinderen door het organiseren van activiteiten. Binnen het programma verzorgt het IVN de afstemming en voert de onderdelen, die efficiënter zijn om gezamenlijk op te pakken zoals communicatiestrategie, opleiden vrijwilligers en de coördinatie van het programma uit. Voor alle projecten geldt dat inzet van vrijwilligers gezien wordt als cofinanciering. Artikelsgewijze toelichting Artikel 9 Verdelingswijze Artikel 9 moet als volgt gelezen worden: Binnen het programma Groen doet goed 2027 verdelen de aanvragers het bedrag genoemd in artikel 7 over de projecten. Hierbij komt het totale aangevraagde bedrag (A) niet hoger uit dan het bedrag genoemd in artikel 7. De formule voor de toekenning is bijvoorbeeld als volgt: A x (400.000/400.000) = A Indien er andere bedragen worden aangevraagd wordt dezelfde formule gehanteerd. Hierbij geldt dat als er bijv. één partij meer aanvraagt, dan krijgt iedereen een beetje minder. Bijvoorbeeld A x (400.000/ 433.333) = 0,9 A. Als één partij niet of minder aanvraagt wordt het maximale aangevraagde bedrag toegekend.
Meer informatie