Beleidsregel ontheffingen vuurwerkverbod Wet veilige jaarwisseling gemeente Leudal
Beleidsregel ontheffingen vuurwerkverbod Wet veilige jaarwisseling gemeente Leudal De burgemeester van de gemeente Leudal, overwegende dat: •per 1 augustus 2026 de Wet veilige jaarwisseling en het bijbehorende Besluit veilige jaarwisseling in werking zijn getreden; •vanaf de jaarwisseling 2026/2027 landelijk een verbod geldt op consumentenvuurwerk, behoudens de wettelijk geregelde uitzonderingen; •de wet een beperkte lokale ontheffingsmogelijkheid biedt voor verenigingen en stichtingen met lokale binding; •deze ontheffingsmogelijkheid een uitzondering vormt op de landelijke hoofdregel dat consumentenvuurwerk niet wordt afgestoken; •de burgemeester beleidsruimte heeft bij de uitoefening van deze bevoegdheid; •het aan de burgemeester is om te bepalen of zij al dan niet gebruik maakt van deze ontheffingsbevoegdheid; •de burgemeester ontheffingen kan verlenen, maar daartoe niet verplicht is; •de jaarwisseling verhoogde risico's kent voor openbare orde, veiligheid, gezondheid, letsel, schade en overlast; •politie, boa's, brandweer en gemeentelijke organisatie rond de jaarwisseling handhavingsknelpunten zien ten aanzien van de totale veiligheidsopgave; •het toestaan van ontheffingen extra voorbereiding, beoordeling, toezicht, handhaving, communicatie en nazorg vraagt; •het wenselijk is om vooraf duidelijkheid te bieden over de wijze waarop van deze bevoegdheid gebruik wordt gemaakt; •de burgemeester afstemming heeft gezocht in het Regionaal Bestuurlijk Overleg met de burgemeesters in Limburg; gelet op artikel 9.2.2.1a van de Wet milieubeheer en de artikelen 2.3.2 e.v. van het Vuurwerkbesluit; BESLUIT: vast te stellen: de Beleidsregel ontheffingen vuurwerkverbod Wet veilige jaarwisseling gemeente Leudal 1. Inleiding In 2025 hebben de Eerste en Tweede Kamer ingestemd met de Wet veilige jaarwisseling. Met de Wet veilige jaarwisseling is een landelijk vuurwerkverbod ingevoerd. Tegelijkertijd is in artikel 9.2.2.1 a, vierde lid van de Wet milieubeheer bepaald dat de burgemeester ontheffing kan verlenen van dit verbod. De voorwaarden waaronder een ontheffing kan worden verleend zijn uitgewerkt in het Besluit veilige jaarwisseling, waarmee het Vuurwerkbesluit is gewijzigd. Uit de Nota van toelichting bij het Besluit veilige jaarwisseling blijkt dat de burgemeester beleidsvrijheid heeft bij het al dan niet verlenen van ontheffingen. Bij Koninklijk Besluit is bepaald dat de Wet veilige jaarwisseling en het Besluit veilige jaarwisseling in werking treden op 1 augustus 2026. Met deze beleidsregel wordt vooraf duidelijkheid geboden over de wijze waarop de burgemeester gebruikmaakt van zijn ontheffingsbevoegdheid en over het al dan niet verlenen van ontheffingen onder het landelijke vuurwerkverbod. 2. Geen ontheffingen in de gemeente Leudal De burgemeester van Leudal zal voorafgaand aan de jaarwisseling van 2026-2027 geen ontheffing als bedoeld in artikel 9.2.2.1 a, vierde lid, van de Wet milieubeheer verlenen. Dit betekent dat in de gemeente Leudal geen ontheffing zal worden verleend voor het tot ontbranding brengen van F2-vuurwerk gedurende de jaarwisseling 2026-2027. Eventuele ontheffingsaanvragen die betrekking hebben op deze jaarwisseling worden afgewezen onder verwijzing naar deze beleidsregel. 3. Overwegingen om geen ontheffingen te verlenen Aan het besluit om tijdens de jaarwisseling 2026-2027 geen ontheffingen voor het afsteken van F2 vuurwerk te verlenen, liggen de volgende overwegingen ten grondslag. a. Onvoldoende toezicht mogelijk •Op grond van het Besluit veilige jaarwisseling dienen aan een ontheffing diverse voorschriften te worden verbonden. Deze voorschriften zien onder meer op de inrichting van het afsteekterrein en de veiligheidszone, de deskundigheid van ontbranders en supervisors en de wijze, het tijdstip en de omstandigheden waaronder vuurwerk tot ontbranding mag worden gebracht. •Een deel van het toezicht op de naleving van deze voorschriften kan voorafgaand aan de jaarwisseling plaatsvinden. Op het moment waarop het vuurwerk daadwerkelijk tot ontbranding wordt gebracht, dient echter toezicht aanwezig te zijn om vast te stellen of aan de voorschriften wordt voldaan. •Vanwege de veiligheidsrisico's tijdens de jaarwisseling zijn de inzet en capaciteit van politie, toezichthouders en buitengewoon opsporingsambtenaren primair gericht op het handhaven van de openbare orde, het waarborgen van de veiligheid en de handhaving van het vuurwerkverbod. •Gelet op deze inzetprioriteiten is gedurende de uren waarin vuurwerk het meest intensief wordt afgestoken onvoldoende toezicht beschikbaar om de naleving van de aan een ontheffing verbonden voorschriften adequaat te controleren en zo nodig handhavend op te treden. Hierdoor kan niet worden verzekerd dat deze voorschriften daadwerkelijk worden nageleefd. •De burgemeester is verantwoordelijk voor de handhaving van de openbare orde en bij de uitoefening van haar bevoegdheden dient zij tevens de veiligheid van personen en goederen te waarborgen. Nu gedurende het meest relevante tijdvak onvoldoende toezicht beschikbaar is om de naleving van de aan een ontheffing verbonden voorschriften te controleren en zo nodig handhavend op te treden, kan niet worden gewaarborgd dat deze voorschriften daadwerkelijk worden nageleefd.Gelet op de veiligheidsrisico's die met niet-naleving gepaard kunnen gaan, acht de burgemeester het niet verantwoord gebruik te maken van de bevoegdheid om voor de jaarwisseling 2026-2027 ontheffingen te verlenen. b. Handhaving van het vuurwerkverbod •Ondanks het landelijke vuurwerkverbod is het aannemelijk dat tijdens de jaarwisseling nog vuurwerk aanwezig zal zijn dat in strijd met de wet wordt afgestoken. Wanneer daarnaast ontheffingen worden verleend voor vuurwerkactiviteiten, ontstaat een situatie waarin onderscheid moet worden gemaakt tussen vuurwerk dat op grond van een ontheffing wordt afgestoken en vuurwerk dat illegaal wordt afgestoken. •Dit bemoeilijkt de handhaving van het landelijke vuurwerkverbod en doet afbreuk aan een eenduidige en effectieve uitvoering daarvan, zeker in de vaak onoverzichtelijke en voor hulpverleners risicovolle nachtelijke uren tijdens de jaarwisseling. c. Onvoldoende capaciteit en kennis om aanvragen tijdig te beoordelen •Het beoordelen van aanvragen om ontheffing voor het tot ontbranding brengen van vuurwerk betreft een nieuwe wettelijke taak die per 1 augustus 2026 in werking is getreden en waarvoor nog geen uitvoeringspraktijk beschikbaar is. •De beoordeling van een aanvraag vereist een zorgvuldige toets aan de voorwaarden van het Besluit veilige jaarwisseling. Daarbij moet onder meer worden beoordeeld of wordt voldaan aan de eisen ten aanzien van het afsteekterrein, de veiligheidszone, de betrokken functionarissen, de veiligheidsmaatregelen en de overige aan de ontheffing verbonden voorschriften. Een dergelijke beoordeling vergt specialistische kennis en afstemming met betrokken ketenpartners en hulpdiensten. •Om aanvragen op een juridisch, veiligheidskundig en uitvoeringsmatig verantwoorde wijze te kunnen beoordelen, dienen binnen de gemeente werkprocessen, beoordelingskaders te worden ingericht en samenwerkingsafspraken met betrokken partners te worden gemaakt. •Potentiële aanvragers worden voor het eerst met deze regeling geconfronteerd. Het opstellen van een ontvankelijke aanvraag, inclusief de vereiste veiligheidsmaatregelen en onderliggende stukken, vergt voorbereidingstijd. Hierdoor bestaat een reële kans dat aanvragen pas in een laat stadium worden ingediend of aangevuld, waardoor de beschikbare beoordelingsperiode wordt beperkt. •De burgemeester acht het daarom niet mogelijk om voor de jaarwisseling 2026-2027 aanvragen binnen de beschikbare termijn op een voldoende zorgvuldige, volledige en verantwoorde wijze te beoordelen. Dit vormt, naast de overwegingen ten aanzien van toezicht, handhaving en veiligheid, een aanvullende reden om voor deze jaarwisseling geen gebruik te maken van de bevoegdheid tot het verlenen van ontheffingen. d. Geschiktheid van locaties binnen de gemeente •Bij de beoordeling of gebruik wordt gemaakt van de bevoegdheid om ontheffingen te verlenen, moet worden onderzocht in hoeverre binnen de gemeente Leudal locaties beschikbaar zijn die voldoen aan de voorwaarden van het Besluit veilige jaarwisseling. •De gemeente Leudal bestaat uit verschillende kernen. Woningen, maatschappelijke voorzieningen, bedrijven en andere kwetsbare objecten liggen op diverse plaatsen op relatief korte afstand van elkaar. Daarnaast bestaat een belangrijk deel van de openbare ruimte uit groen- en recreatiegebieden. Dit kan beperkingen opleveren voor het veilig organiseren van vuurwerkactiviteiten. Het beoordelen en aanwijzen van geschikte locaties vergt een zorgvuldige veiligheidskundige beoordeling en afstemming met betrokken hulpdiensten en andere bevoegde instanties. e. Aansprakelijkheid •Het tot ontbranding brengen van vuurwerk brengt naar zijn aard risico's op schade aan personen en goederen met zich mee. Indien schade ontstaat, kan discussie ontstaan over de vraag waardoor de schade is veroorzaakt en welke partij daarvoor aansprakelijk is. •Deze eventuele bewijs- en aansprakelijkheidsvraagstukken kunnen tijdens de jaarwisseling worden versterkt doordat naar verwachting naast vuurwerk waarvoor een ontheffing is verleend tevens illegaal vuurwerk aanwezig en in gebruik zal zijn. Het gelijktijdig afsteken van verschillende soorten vuurwerk kan ertoe leiden dat de oorzaak van schade of letsel niet eenvoudig kan worden vastgesteld. •Daarnaast bestaat ten tijde van het vaststellen van deze beleidsregel nog onzekerheid over de wijze waarop aansprakelijkheidsrisico's binnen de nieuwe wettelijke regeling zich in de praktijk zullen manifesteren, waaronder de beschikbaarheid van passende aansprakelijkheidsverzekeringen voor ontheffingshouders. •In de Nota van Toelichting bij het Besluit veilige jaarwisseling is voorts vermeld dat in uitzonderlijke gevallen aansprakelijkheid van de overheid aan de orde kan zijn, bijvoorbeeld indien sprake is van onzorgvuldig handelen. Hoewel dit op zichzelf geen doorslaggevende reden vormt om geen ontheffingen te verlenen, betrekt de burgemeester de bestaande onzekerheden rondom aansprakelijkheid wel bij de integrale afweging over het gebruik van de ontheffingsbevoegdheid. f. Regionale afstemming •Bij de besluitvorming over het al dan niet verlenen van ontheffingen is nadrukkelijk gekeken naar de keuzes die in de regio worden gemaakt. Uit bestuurlijke afstemming in het Regionaal Bestuurlijk Overleg van burgemeesters blijkt dat meerdere Limburgse gemeenten voor de jaarwisseling 2026-2027 voornemens zijn geen ontheffingen voor het afsteken van vuurwerk te verlenen. De burgemeester van Leudal onderschrijft deze regionale lijn. Daarnaast heeft de burgemeester, samen met andere Limburgse burgemeesters, bij het Rijk aandacht gevraagd voor de beperkte uitvoerbaarheid, handhaafbaarheid en toezichtmogelijkheden van de nieuwe ontheffingsregeling. Daarbij is gezamenlijk het standpunt ingenomen dat gemeenten onder de huidige omstandigheden onvoldoende zijn toegerust om op een verantwoorde wijze uitvoering te geven aan de ontheffingsmogelijkheid en dat daarom geen ontheffingen worden verleend. •Het aansluiten bij deze regionale beleidslijn bevordert een eenduidige uitvoering van de Wet veilige jaarwisseling binnen Limburg, voorkomt onduidelijkheid voor inwoners en draagt bij aan een beter handhaafbare en beheersbare jaarwisseling. g. Doelstelling Wet veilige jaarwisseling •Met de Wet veilige jaarwisseling heeft de wetgever beoogd de jaarwisseling veiliger en beter beheersbaar te maken en risico's voor de openbare orde, veiligheid en leefbaarheid te beperken.Of deze doelstelling gehaald wordt is de vraag. •Na afloop van de jaarwisseling 2026-2027 zal bekeken worden hoe de eerste jaarwisseling onder het landelijke vuurwerkverbod is verlopen. 4. Inwerkingtreding en citeertitel Deze regeling treedt in werking de dag na de bekendmaking in het Gemeenteblad. Deze regeling wordt aangehaald als: Beleidsregel ontheffingen vuurwerkverbod Wet veilige jaarwisseling gemeente Leudal. Heythuysen, 12 oktober 2026DE BURGEMEESTER VAN LEUDAL D.H. Schmalschläger
Meer informatie