Verordening voor de behandeling van bezwaarschriften gemeente Eersel 2026
Verordening voor de behandeling van bezwaarschriften gemeente Eersel 2026 de gemeenteraad van de gemeente Eersel; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 19 mei 2026; gelet op de artikel 149 van de Gemeentewet; b e s l u i t vast te stellen de volgende verordening: Verordening voor de behandeling van bezwaarschriften gemeente Eersel 2026 Paragraaf 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: •Awb: Algemene wet bestuursrecht; •bestuursorgaan: gemeentelijk orgaan dat het bestreden besluit heeft genomen: de raad, burgemeester en wethouders, de burgemeester; •bezwaarmaker: indiener van een bezwaarschrift; •commissie: adviescommissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Awb; •voorzitter: voorzitter van de commissie. Artikel 2. Ingediend bezwaarschrift 1.Het bestuursorgaan registreert het ingediende bezwaarschrift met de datum van ontvangst. 2.Daarna wordt zo spoedig mogelijk contact opgenomen met de bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden. Hierbij geeft het bestuursorgaan een uitleg over het vervolg van de procedure en de duur van de behandeling van het bezwaarschrift. Paragraaf 2. Informele afhandeling Artikel 3. Vooronderzoek en informele behandeling 1.Het bestuursorgaan onderzoekt of het bezwaarschrift informeel kan worden afgehandeld alvorens het verder in behandeling te nemen. 2.De informele aanpak start door kort na binnenkomst van het bezwaarschrift hierover contact op te nemen met de bezwaarmaker en de voorbereider van het primaire besluit. 3.Als het bezwaar in der minne wordt geschikt, legt het bestuursorgaan de gemaakte afspraken schriftelijk vast en neemt het zo nodig een nieuw besluit en bevestigt het de intrekking van het bezwaarschrift. Paragraaf 3. Commissie Artikel 4. - Artikel 5. Horen en adviseren door de commissie 1.Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaarschriften. 2.De commissie is belast met het horen en adviseren over de volledige heroverweging van bestreden besluiten. 3.De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van een wettelijk voorschrift inzake: a.belastingen of de Wet waardering onroerende zaken; b.personele aangelegenheden; c.aangelegenheden op het gebied van werk, inkomen en zorg. Artikel 6. Samenstelling van de commissie 1.De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden. 2.De voorzitter, leden en plaatsvervangende leden worden door burgemeester en wethouders benoemd, geschorst en ontslagen. 3.De commissie regelt de vervanging van de voorzitter. Artikel 7. Instelling kamers 1.De commissie kan kamers instellen, die belast worden met de behandeling van bezwaarschriften. 2.De commissie bepaalt het aantal kamers en stelt voor elke kamer vast welke categorie of categorieën bezwaarschriften door haar zullen worden behandeld. 3.Elke kamer bestaat uit ten minste drie leden: a.een voorzitter overeenkomstig artikel 7:13 van de Awb, zijnde de voorzitter of een van de leden van de commissie, uit haar midden aangewezen; b.ten minste twee andere leden, door de commissie aangewezen uit haar midden. Artikel 8. Secretaris 1.De secretaris wordt door burgemeester en wethouders aangewezen. 2.Burgemeester en wethouders wijzen ook een of meer plaatsvervangers van de secretaris aan. Artikel 9. Zittingsduur 1.De voorzitter, leden en plaatsvervangende leden worden benoemd voor een termijn van vier jaar. Het is mogelijk twee keer herbenoemd te worden. 2.De voorzitter en de leden kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan burgemeester en wethouders. 3.De aftredende of ontslagnemende voorzitter of leden blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. 4.Het college stelt een rooster van aftreden vast op advies van de bewaarschriftencommissie met als doel de kennis geleidelijk over te dragen en daarmee zoveel mogelijk te behouden. Artikel 9A Hoogte vergoedingen 1.De vergoedingen voor de voorzitter en de leden zijn gebaseerd op het vergoedingsbedrag dat op de gemeente Eersel van toepassing is in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of diens opvolger. 2.De (plaatsvervangend) voorzitter ontvangt per vergadering waarin één of meer hoorzittingen worden gehouden een vergoeding van 300% van het bedrag bedoeld in lid 1. 3.De leden ontvangen per vergadering waarin één of meer hoorzittingen worden gehouden een vergoeding van 200% van het bedrag bedoeld in lid 1. 4.De voorzitter en de leden ontvangen een vergoeding op grond van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of diens opvolger voor de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten op basis van de kortste route. 5.De vergoedingen worden per maand uitbetaald. Artikel 10. Uitoefening bevoegdheden 1.De voorzitter oefent de volgende bevoegdheden van de hierna genoemde artikelen van de Awb zelfstandig uit: a.verzoeken om een schriftelijke machtiging aan een gemachtigde (artikel 2:1, tweede lid); b.stellen van een termijn aan de bezwaarmaker (artikel 6:6); c.verzenden van stukken tijdens de behandeling door de commissie (artikel 6:17); d.ter inzage leggen van het bezwaarschrift en de op de zaak betrekking hebbende stukken, dan wel toezenden daarvan aan een belanghebbende (artikel 7:4, tweede lid); e.al dan niet op verzoek van een belanghebbende afzien van het op de hoogte stellen van het verhandelde tijdens een hoorzitting van een andere belanghebbende, voor zover geheimhouding om gewichtige reden is geboden (artikel 7:6, vierde lid). 2.De voorzitter kan deze bevoegdheden mandateren aan de secretaris. Artikel 11. Voorbereiding hoorzitting 1.De voorzitter bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting waarin de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen. 2.De voorzitter nodigt de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan ten minste twee weken voor de hoorzitting schriftelijk uit. 3.Binnen drie werkdagen na de uitnodiging kunnen de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden of het bestuursorgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de hoorzitting te wijzigen. 4.De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt binnen drie werkdagen na ontvangst van dit verzoek aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan meegedeeld. 5.De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen, genoemd in het tweede tot en met vierde lid. 6.De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Als daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van burgemeester en wethouders vereist. Artikel 12. Onpartijdigheid leden De voorzitter en de leden nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift als daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen. Artikel 13. Openbaarheid hoorzitting 1.De hoorzitting van de commissie is openbaar. 2.De deuren kunnen voorts worden gesloten als de voorzitter of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. 3.Als de commissie naar aanleiding van het tweede lid beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de hoorzitting verzetten, vindt de hoorzitting plaats achter gesloten deuren. Artikel 14. Verslaglegging 1.Het verslag, bedoeld in artikel 7:7 van de Awb, bevat in ieder geval: a.namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid; b.zakelijke vermelding van wat over en weer is gezegd en wat verder op de hoorzitting is voorgevallen; c.vermelding als de hoorzitting geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren plaatsvond, of als belanghebbenden of hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord; d.verwijzing naar de op de hoorzitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht. 2.Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris. Artikel 15. Nader onderzoek 1.De commissie is bevoegd nader onderzoek te doen als zij dit na afloop van de hoorzitting wenselijk acht. 2.De uit nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan toegezonden. 3.3 De bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie schriftelijk reageren en indien gewenst aan de voorzitter vragen om een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op dit verzoek. 4.Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Artikel 16. Raadkamer en advies 1.De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het uit te brengen advies. 2.De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. 3.Als bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter. 4.Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt als die minderheid dat verlangt. 5.Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. 6.Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris ondertekend. Artikel 17. Uitbrengen advies en verdaging 1.Het advies wordt met het verslag, en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen. 2.Als naar het oordeel van de voorzitter de termijn van twaalf weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het bestuursorgaan tijdig de beslissing te verdagen. 3.Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en belanghebbenden een afschrift. Artikel 18. Jaarverslag De commissie brengt jaarlijks in de jaarrekening aan de bestuursorganen verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar. Paragraaf 4. Slotbepalingen Artikel 19 Intrekking oude verordening De verordening De Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Eersel 2010 wordt ingetrokken. Artikel 20 Inwerkingtreding en citeertitel 1.Deze verordening treedt in werking op 1 november 2026 2.Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening voor de behandeling van bezwaarschriften gemeente Eersel 2026 . Aldus besloten in de openbare vergadering van 22 september 2026De raad van de gemeente Eerselde griffier, K. van Thiel-Kleinde voorzitter, drs. W.A.C.M. Wouters
Meer informatie