Subsidieregeling Innovatiefonds verenigingen Oldenzaal 2026

APV
Locatie
SoortAPV
Gepubliceerd op29 oktober 2026
Gepubliceerd doorGemeente Oldenzaal

Subsidieregeling Innovatiefonds verenigingen Oldenzaal 2026 Het college van burgemeester en wethouders van Oldenzaal; gelet op het bepaalde in titel 4.2 subsidies van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 2 van de Algemene Subsidieverordening Oldenzaal 2025; b e s l u i t : vast te stellen de Subsidieregeling Innovatiefonds verenigingen Oldenzaal 2026; Artikel 1 Doelstelling Uit beleidskader sociaal domein: We willen zelfredzaamheid, verbondenheid, veiligheid en gezondheid voor onze inwoners bereiken in Oldenzaal. Een vitaal verenigingsleven draagt hieraan bij. Doel van deze subsidieregeling is verenigingen (sport en sociaal-cultureel) in Oldenzaal te versterken in hun (financiële) veerkracht, vitaliteit en toekomstbestendigheid. Deze eenmalige subsidie is bedoeld als een gerichte, eenmalige impuls om ruimte te bieden aan professionalisering, maatwerk en vernieuwende initiatieven zonder structurele lasten voor de begroting. Het is een subsidie om een bewust gekozen verandering te realiseren die de kosten van de vereniging verlaagt en/of de opbrengsten verhoogt. De subsidie is niet bedoeld ter compensatie van structurele exploitatietekorten. Artikel 2 Begripsomschrijving In deze subsidieregeling wordt verstaan onder: 1. College: het college van burgemeester en wethouders; 2. Awb: De algemene wet bestuursrecht; 3. Asv: Algemene subsidieverordening gemeente Oldenzaal 2025; 4. Vereniging: een organisatie met leden die samen een maatschappelijk doel, zonder winstoogmerk willen bereiken. Het is een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid en statutair gevestigd in Oldenzaal. Diens activiteiten spelen zich af op het grondgebied van de gemeente Oldenzaal. Stichtingen met een verenigingskarakter, waarbij sprake is van leden en vrijwilligersstructuur, vallen ook onder deze definitie. Vriendenstichting, ondersteunings- en vastgoedstichtingen vallen niet onder deze definitie. 5. Aanvraagtijdvak: een specifieke periode waarin een aanvraag voor subsidie kan worden ingediend. Buiten deze periode is het niet mogelijk om een aanvraag in te dienen; 6. Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies. 7. Inhoudelijke samenwerking: betekent dat twee of meer verenigingen samenwerken op basis van kennis, expertise en de inhoud van een gedeeld doel, in plaats van alleen op organisatorisch of facilitair niveau. Het draait om het bundelen van inhoudelijke denkkracht om samen een complex vraagstuk op te lossen of een kwalitatief beter resultaat te behalen. Alle betrokken partijen dragen hiervoor gezamenlijke verantwoordelijkheid. Artikel 3 Reikwijdte Tenzij in deze subsidieregeling anders is bepaald, gelden met betrekking tot subsidies de in de wet en in andere wettelijke voorschriften opgenomen bevoegdheden en verplichtingen. Artikel 4 Subsidieplafond Het subsidieplafond is in het totaal € 200.000 voor de jaren 2026 en 2027. Het subsidieplafond per tijdvak is € 100.000. Dit plafond geldt gezamenlijk voor categorie A en B. Subsidieaanvragen die het subsidieplafond overschrijden worden geweigerd. Eventuele niet gebruikte subsidie voor het eerste tijdvak schuift door naar het tweede tijdvak. Artikel 5 Subsidiabele activiteiten Met deze subsidie kunnen verenigingen een bijdrage aanvragen voor: A.Investeringen met meerjarige afschrijving voor de lange termijn; B.Kleinschalige projecten en activiteiten die gericht zijn op duurzame versterking van de vereniging. Hieronder staan voorbeelden van activiteiten die binnen de verschillende categorieën vallen. Deze lijst is niet volledig. Ook andere activiteiten kunnen binnen een categorie passen. Ad A: •Energiebesparende maatregelen. •Investeringen die de efficiëntie verhogen (bijvoorbeeld aanschaf financieel systeem). Ad B: •Nieuwe vormen van inhoudelijke samenwerking met andere verenigingen ontwikkelen waardoor de kosten per vereniging omlaaggaan (bijvoorbeeld gezamenlijke aanschaf materialen). •(Gezamenlijk) activiteiten ontwikkelen om de zichtbaarheid van het verenigingsleven te vergroten en daarmee de doelgroep te bereiken. •Activiteiten ontwikkelen om sponsoren, leden en vrijwilligers te werven en te behouden. •De bestuurlijke kwaliteiten van de vereniging versterken en/of een strategie voor de vereniging ontwikkelen. •De behoeften van de huidige leden inventariseren en/of een positief verenigingsklimaat realiseren (om daarmee leden te behouden). •Multi inzetbaarheid van de accommodatie verbeteren. Daarnaast wordt gelet op: •Inhoudelijke samenwerking met lokale partners, een aanvraag kan ook vanuit meerdere verenigingen worden gedaan; en •Of het initiatief een kostenverlagend effect heeft voor meerdere verenigingen; en •Het beoogde effect aannemelijk en onderbouwd wordt. Let op dat het een subsidie voor een eenmalige investering/activiteit is, dus het mag geen kosten in volgende jaren veroorzaken die de vereniging niet kan betalen. U kunt voorafgaand aan de aanvraag contact opnemen met accountmanager sport of cultuur om te bespreken of uw idee onder deze regeling valt. Artikel 6 Grondslagen 1.De subsidie wordt verleend exclusief btw, voor zover deze door de aanvrager kan worden verrekend of teruggevraagd. 2.Subsidiabele kosten zijn kosten die direct betrekking hebben op de totstandkoming van het project, de activiteit of uitvoering, hieronder vallen personele kosten, kosten van derden, aanschaf materialen en investeringen.3.Niet-subsidiabele kosten zijn onder andere reis- en verblijfkosten, geschenken, prijzen, representatiekosten en consumpties. Artikel 7 Verdeling 1.De hoogte van de subsidie wordt per aanvraag bepaald op basis van de activiteit en bijbehorende begroting. De subsidie betreft een aanvullende bijdrage in de kosten. •Categorie AVoor aanvragen die vallen onder categorie A is de subsidie 2/3 deel van de subsidiabele kosten met een maximumbedrag van € 15.000 •Categorie BVoor aanvragen die vallen onder categorie B is de subsidie 2/3 deel van de subsidiabele kosten met een maximumbedrag van € 3.000; •Gezamenlijke aanvragenIn afwijking van de maximale subsidiebedragen genoemd onder categorie A en B gelden bij een gezamenlijke aanvraag van twee of meer verenigingen de volgende maximale subsidiebedragen tot ten hoogste 2/3 deel van de subsidiabele kosten: -Bij een gezamenlijke aanvraag van twee verenigingen: maximaal € 20.000 voor categorie A en maximaal € 7.000 voor categorie B; -Bij een gezamenlijke aanvraag van drie of meer verenigingen: maximaal € 25.000 voor categorie A en maximaal € 10.000 voor categorie B. 2.De binnengekomen aanvragen die voldoen aan de vereisten zoals beschreven in deze regeling en de algemene voorwaarden uit de ASV, worden inhoudelijk beoordeeld op basis van een puntensystematiek die is weergegeven in onderstaand overzicht. 3.De beoordeling vindt plaats door of namens het college van B en W.4.Voor alle aanvragen geldt dat een minimumscore van 2 punten vereist is om voor subsidie in aanmerking te komen. Aanvragen die deze minimumscore niet behalen, worden afgewezen.5.De aanvragen die de minimumscore behalen, worden gerangschikt op basis van het totaal aantal punten. Subsidie wordt verleend in volgorde van deze rangschikking, totdat het subsidieplafond is bereikt. 6.Als meerdere aanvragen een gelijk aantal punten behalen en toekenning van subsidie aan alle aanvragen niet mogelijk is vanwege het subsidieplafond, vindt rangschikking plaats op basis van het aantal punten dat behaald is bij de beoordelingscriteria met de hoogste wegingsfactor. Als ook daar een gelijk aantal punten wordt behaald, wordt gekeken naar het beoordelingscriterium met de op één na hoogste wegingsfactor. Criterium (maximaal 5 punten) Weging Punten Omschrijving Effect De aanvrager onderbouwt helder hoe de investering c.q. activiteit bijdraagt aan de doelstelling van de regeling. 40% 5 De aanvraag onderbouwt overtuigend, concreet en volledig hoe de investering c.q. activiteit bijdraagt aan het versterken van de (financiële) veerkracht, vitaliteit en toekomstbestendigheid. 4 De aanvraag onderbouwt duidelijk en geloofwaardig hoe de investering c.q. activiteit bijdraagt aan het versterken van de (financiële) veerkracht, vitaliteit en toekomstbestendigheid. Alleen op onderdelen ontbreekt nog verdieping. 3 De aanvraag maakt voldoende aannemelijk hoe de investering c.q. activiteit bijdraagt aan het versterken van de (financiële) veerkracht, vitaliteit en toekomstbestendigheid. De onderbouwing blijft deels algemeen. 2 De aanvraag beschrijft een bijdrage aan de doelstelling, maar het verband met de (financiële) veerkracht, vitaliteit en toekomstbestendigheid is slechts gedeeltelijk duidelijk of beperkt onderbouwd. 1 De aanvraag noemt een mogelijke bijdrage aan de doelstelling, maar de onderbouwing is zeer beperkt en het verwachte effect is nauwelijks aannemelijk gemaakt. 0 De aanvraag onderbouwt niet of onvoldoende hoe de investering c.q. activiteit bijdraagt aan het versterken van de (financiële) veerkracht, vitaliteit en toekomstbestendigheid. Samenwerking Er wordt actief samengewerkt met andere organisaties en de investering c.q. activiteit heeft een kostenverlagend effect voor meerdere verenigingen. 20% 5 Meerdere organisaties werken aantoonbaar actief en inhoudelijk samen. Het kostenverlagende effect voor meerdere verenigingen is concreet en goed onderbouwd. 4 De samenwerking is concreet beschreven en het kostenverlagende effect voor meerdere verenigingen is duidelijk. Op enkele onderdelen ontbreekt nog uitwerking. 3 Er wordt actief samengewerkt. Een kostenverlagend effect is aannemelijk, maar niet volledig uitgewerkt of niet voor alle betrokken verenigingen duidelijk. 2 Er is enige, maar beperkte of vooral praktische samenwerking. Een mogelijk kostenverlagend effect wordt genoemd, maar is onvoldoende concreet gemaakt. 1 Er is alleen een voornemen, eerste contact of zeer beperkte samenwerking. Een kostenverlagend effect voor meerdere verenigingen is niet duidelijk. 0 Er is geen aangetoonde samenwerking en geen kostenverlagend effect voor meerdere verenigingen. Begroting De begroting (kosten inclusief dekking) is realistisch, het is duidelijk dat de aanvraag een bijdrage in de kosten betreft en niet-subsidiabele kosten zijn niet meegenomen in de begroting. 40% 5 De begroting is volledig, realistisch en consistent. Kosten en dekking zijn helder onderbouwd, het is duidelijk dat de subsidie een bijdrage in de kosten betreft en niet-subsidiabele kosten zijn niet meegenomen. 4 De begroting is grotendeels volledig, realistisch en consistent. Kosten, dekking en de gevraagde bijdrage zijn duidelijk. Alleen een beperkte toelichting of kleine onderbouwing ontbreekt; niet-subsidiabele kosten zijn niet meegenomen. 3 De begroting is in hoofdlijnen realistisch en voldoende te beoordelen. Er bestaat nog één relevante onduidelijkheid over de kosten, dekking, eigen bijdrage of subsidiabiliteit van kosten. 2 De begroting bevat meerdere onduidelijkheden of is beperkt onderbouwd. Daardoor zijn de realiteit van de kosten, de dekking of de subsidiabiliteit van kosten slechts gedeeltelijk te beoordelen. 1 De begroting is zeer summier of bevat ernstige tekortkomingen. Er is onvoldoende inzicht in de kosten, dekking, gevraagde bijdrage of niet-subsidiabele kosten. 0 Een bruikbare begroting ontbreekt of de begroting is niet realistisch. De kosten, dekking en subsidiabiliteit zijn daardoor niet te beoordelen. Artikel 8 Weigeringsgronden Een aanvraag kan door het college worden geweigerd als: •de aanvrager geen vereniging of stichting met verenigingskarakter (zie definitie) is; •de aanvrager en/of samenwerkingspartner is een Vrienden van vereniging, ondersteuningsstichting en/of vastgoedorganisatie. •de aanvragende vereniging niet financieel gezond. Dit blijkt uit een negatief eigen vermogen of structureel exploitatietekort, tenzij aannemelijk is gemaakt dat dit tijdelijk is; •de aanvrager al subsidie heeft ontvangen van de gemeente voor dezelfde activiteit en/of project; •de aanvrager al subsidie heeft ontvangen vanuit deze regeling en/of de oude regeling (nummer INTB-25-07098, vast gesteld op 3 maart 2026). Per vereniging en/of samenwerkingspartner kan maximaal éénmaal subsidie op grond van deze regeling worden verleend; •de activiteiten ten tijde van de indiening van de aanvraag al geheel of gedeeltelijk zijn uitgevoerd; •de aanvraag in strijd is met vastgestelde gemeentelijke beleidskaders en doelen van de vereniging zelf; •de aanvraag onvolledig is; •de activiteiten die uitsluitend zien op reguliere exploitatie of achterstallig onderhoud zijn niet subsidiabel; •de aanvraag niet aansluit op artikel 1 en 5 van deze regeling. Artikel 9 Aanvraag •Het tijdvak loopt van 1 januari 2027 t/m 31 december 2027. •De aanvraagperiode voor dit tijdtijd is 1 november 2026 en 31 december 2026. •Een aanvraag bestaat uit tenminste een volledig en correct ingevuld aanvraagformulier, een project- of activiteitenplan waarvoor de subsidie wordt aangevraagd en een begroting inclusief dekkingsplan. •Voor de aanvraag investeringen (categorie A) geldt dat: ○in de aanvraag de duurzaamheid van fysieke aanpassingen wordt beschreven; ○de afschrijving termijn in de begroting minimaal 10 jaar is; ○bij de aanvraag moet minimaal 1 offerte worden overlegd. ○bij de aanvraag een toestemmingsverklaring van (grond)eigenaar wordt gevoegd. ○bij de aanvraag een jaarrekening van de vereniging van het laatste boekjaar wordt gevoegd. •Indien de aanvrager voor de eerste keer een subsidieaanvraag bij de gemeente indient, dan wordt een kopie van de statuten / inschrijving KvK bijgevoegd. •De aanvragen worden per tijdvak gelijktijdig behandeld, zodat een inhoudelijke afweging kan worden gemaakt tussen deze subsidieverzoeken. Hierbij wordt gelet in hoeverre de aanvraag compleet is en aansluit op artikel 1 en 5 van deze regeling. •Het subsidiebesluit wordt binnen 8 weken genomen. Artikel 10 De subsidieverleningen en -vaststelling Voor de verlening en vaststelling van de subsidiegelden gelden de regels van de ASV Oldenzaal 2025. Artikel 11 Verplichtingen •De aanvrager moet voldoen aan de uitvoeringstermijn en prestatieafspraken zoals vastgelegd in de toekenningsbeschikking. •Start van het project is in principe binnen 3 maanden na subsidie- toekenning. Bij gegronde redenen kan de aanvrager uitstel van deze termijn aanvragen. •Het project is voor 31 december 2027 afgerond. Bij gegronde redenen kan de aanvrager uitstel aanvragen. •Bij de uitvoering van de activiteit of project wordt vermeld dat het mede mogelijk is gemaakt door een bijdrage van de gemeente Oldenzaal. Artikel 12 Afwijkingsmogelijkheid •Het college kan afwijken van een of meerdere bepalingen in deze subsidieregeling als deze voor de aanvrager gevolgen heeft die onevenredig zijn in verhouding tot diens belangen; •In gevallen waarin deze subsidieregeling niet voorziet, beslist het college. Artikel 13 Intrekkings- en overgangsbepaling •De subsidieregeling Innovatiefonds Verenigingen met nummer INTB-25-07098, vast gesteld op 3 maart 2026 wordt ingetrokken met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze regeling. •Voor subsidies die zijn verleend of vastgesteld op grond van de subsidieregeling Innovatiefonds verenigingen (met nummer INTB-25-07098), blijven de bepalingen van die oude regeling van kracht voor de verdere afwikkeling, verplichtingen en handhaving daarvan. •Op subsidieaanvragen die zijn ingediend vóór de inwerkingtreding van deze regeling, maar waarop nog niet is beslist, blijft de oude subsidieregeling van toepassing. Artikel 14 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking een dag na bekendmaking in het gemeenteblad 2026 en eindigt automatisch per 31 december 2027. Artikel 15 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Innovatiefonds verenigingen Oldenzaal 2026. Vastgesteld op 27 oktober 2026. Het college van burgemeester en wethouders de secretaris de burgemeester

Meer informatie