Verkeersbesluit voor het instellen van maatregelen voor proef Landbouwverkeer aan Spoorlaan - Nieuwe Bennebroekerweg te Nieuw-Vennep/Hoofddorp
Verkeersbesluit voor het instellen van maatregelen voor proef Landbouwverkeer aan Spoorlaan - Nieuwe Bennebroekerweg te Nieuw-Vennep/Hoofddorp XS-26092511.2831 Gelet op het volgende: •Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd. • Op grond van artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken. • De Algemene wet bestuursrecht (AWB) vereist zorgvuldigheid en belangenafweging bij de totstandkoming van besluiten, waaronder verkeersbesluiten. Artikel 3:2 van de AWB schrijft voor dat het bestuursorgaan de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen vergaart. Naast de belangenafweging bepaalt artikel 3:4 van de AWB dat de voor een of meer belanghebbenden nadelige gevolgen niet onevenredig mogen zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen. • Artikel 21 van het BABW bevat voorschriften omtrent de motivering van verkeersbesluiten. Het verkeersbesluit moet in ieder geval weergeven welke doelstelling of doelstellingen met het verkeersbesluit worden beoogd. Daarbij moet worden aangegeven welke van de in artikel 2, eerste en tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994 genoemde belangen ten grondslag liggen aan het besluit. Indien tevens andere van die belangen in het geding zijn, wordt voorts aangegeven op welke wijze de belangen tegen elkaar zijn afgewogen. • Artikel 2 van de Wegenverkeerswet noemt de volgende doelen: 1.In eerste instantie: a. het verzekeren van de veiligheid op de weg; b. het beschermen van weggebruikers en passagiers; c. het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan; d. het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer. 2. In tweede instantie ook voor: a. het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer; b. het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden. •Overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) dient overleg te worden gevoerd met de korpschef van de Nationale Politie. • De vermelde wegen zijn in eigendom, beheer en onderhoud van de gemeente Haarlemmermeer. • Krachtens artikel 18, lid 1 onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 worden verkeersbesluiten genomen door het college van B&W. In het Mandaat-, machtiging en volmachtbesluit Haarlemmermeer 2026 is de bevoegdheid tot het nemen en intrekken van verkeersbesluiten een ondermandaat verleend aan de cluster- en teammanagers van de cluster B&O (Beheer & Onderhoud). De maatregelen vallen onder dit ondermandaat. Overwegingen en motivatie Landbouwverkeer is in de gemeente Haarlemmermeer op de meeste gebiedsontsluitingswegen, waar een maximumsnelheid van 80 km/uur geldt, niet toegestaan. De lagere snelheid van landbouwverkeer kan op 80 km – wegen de doorstroming sterk verminderen. Ook de verkeersveiligheid op deze wegen kan hierdoor in het geding komen. Doordat landbouwverkeer niet op deze 80 km-wegen mogen rijden moeten ze (vaak) omrijden en gebruik maken van wegen binnen de bebouwde kom. Binnen en buiten de bebouwde kom kunnen vaak gevaarlijke situaties ontstaan omdat landbouwvoertuigen vaak grote, onoverzichtelijke voertuigen zijn. Met name langzaam verkeer (voetgangers en fietsers) is daarbij een kwetsbare categorie verkeersdeelnemers. Dit geldt zeker buiten de bebouwde kom waar fietser en landbouwverkeer vaak beide gebruik maken van dezelfde weg. Land- en Tuinbouw Organisatie (LTO) Nederland heeft in het bestuurlijk agrarisch overleg gevraagd of het mogelijk is om gebiedsontsluitingswegen buiten de bebouwde kom (GOW-bubeko) open te stellen voor landbouwverkeer. Ook Cumela, brancheorganisatie voor ondernemers in groen, grond en infra is voorstander van de maatregel. Het betreft specifiek: -De Spoorlaan (tussen de Nieuwe Bennebroekerweg en de Noordelijke Randweg); - De Nieuwe Bennebroekerweg (tussen de Spoorlaan en de Deltaweg). Genoemde wegen zijn dan het alternatief voor de Bennebroekerweg en de Rijnlanderweg. Hier doen zich, volgens LTO, te veel en te vaak knelpunten voor. Langs de Bennebroekerweg is Tudorpark inclusief aansluitingen tegen de Bennebroekerweg aangebouwd. Dit zorgt voor meer verkeer. Vanwege grote snelheidsoverschrijdingen daar en een aantal ongelukken met schade zijn er vorig jaar drempels en chicanes geplaatst. Deze zijn slecht voor de agrarische voertuigen en niet conform de richtlijnen van een agrarische hoofdroute. Er zijn op de Bennebroekerweg ook steeds meer overstekende fietsers naar de woningbouw en de sportvelden. Met de verdere plannen voor woningen en functies wordt het hier de komende jaren drukker. De huidige route via de Rijnlanderweg loopt langs station Nieuw-Vennep. Ook hier wordt het steeds drukker met fietsers en voetgangers die van het OV gebruik willen maken. Daarbij is de route via de Venneperweg en Rijnlanderweg naar de Bennebroekerweg erg omrijden voor landbouwvoertuigen. Zodoende hebben zij gevraagd of landbouwvoertuigen ook van deze twee gemeentelijke stroomwegen gebruik kunnen maken. Door landbouwverkeer via de Spoorlaan en de Nieuwe Bennebroekerweg te laten rijden, kunnen gevaarlijke situaties binnen Hoofddorp en Nieuw–Vennep worden voorkomen. Om te onderzoeken of dit mogelijk is zonder de verkeersveiligheid en de doorstroming (te veel) in gevaar te brengen, wordt daarom landbouwverkeer gedurende een proefperiode (19 oktober 2026 – 19 oktober 2027) toegelaten op deze wegen. Gedurende de proefperiode wordt onderzocht of er ook daadwerkelijk gevaarlijke situaties ontstaan. Na afloop van de proef wordt besloten of de weg permanent voor landbouwverkeer opengesteld kan worden. Als gedurende de proef te veel gevaarlijke situaties ontstaan of de doorstroming te veel wordt belemmerd, kan de proef afgebroken worden. Maatregelen (bebording en belijning) De volgende maatregelen worden getroffen: 1.het aanbrengen van het RVV onderbord OB55 “uitgezonderd tractor-symbool” onder het RVV bord C09 “gesloten voor ruiters, vee, wagens, motorvoertuigen die niet sneller kunnen of mogen rijden dan 25 km/h en brommobielen alsmede fietsen, bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen” om landbouwvoertuigen toe te laten op de Nieuwe Bennebroekerweg tussen de Deltaweg en de Spoorlaan en op de Spoorlaan tussen de Nieuwe Bennebroekerweg en de Noordelijke Randweg; 2. het verwijderen van het RVV bord C08 “gesloten voor motorvoertuigen die niet sneller kunnen of mogen rijden dan 25 km/h” om landbouwvoertuigen toe te laten op de Nieuwe Bennebroekerweg tussen de Deltaweg en de Spoorlaan en op de Spoorlaan tussen de Nieuwe Bennebroekerweg en de Noordelijke Randweg; 3. het plaatsen van het RVV bord C08 “gesloten voor motorvoertuigen die niet sneller kunnen of mogen rijden dan 25 km/h” om landbouwvoertuigen te weren van de wegvakken die buiten de Nieuwe Bennebroekerweg tussen de Deltaweg en de Spoorlaan en de Spoorlaan tussen de Nieuwe Bennebroekerweg en de Noordelijke Randweg vallen, waar landbouw verkeer niet is toegestaan; 4. het plaatsen van waarschuwingsborden langs de Nieuwe Bennebroekerweg en de Spoorlaan gedurende de proef, om het verkeer opmerkzaam te maken op landbouwverkeer. De te nemen maatregelen staan aangegeven op de bij dit besluit behorende tekeningen met de nummers 2026 – 010 – 001 t/m 009 met overzichtstekening. Motivering Wegenverkeerswet 1994 (Wvw 1994): Motivatie van de maatregel geschiedt uit het oogpunt van: •artikel 2, lid 1a van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het verzekeren van de veiligheid op de weg; • artikel 2, lid 1d van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer; • artikel 2, lid 2a van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer; Door de maatregelen worden geen van de belangen genoemd in artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 geschaad. Belangenafweging Bewoners Langs de wegvakken staan geen woningen. Wel wordt de verkeerveiligheid van de bewoners in de bebouwde kom van Hoofddorp en Nieuw–Vennep verbeterd, doordat er minder landbouwverkeer door Hoofddorp en Nieuw - Vennep rijdt. Ook vermindert de overlast van landbouwverkeer voor bewoners van Hoofddorp en Nieuw - Vennep. Bedrijven De maatregelen hebben geen directe gevolgen voor bedrijven. (Doorgaand) gemotoriseerd verkeer (Doorgaand) personenautoverkeer kan door langzamer rijdend landbouwverkeer worden gehinderd op de Nieuwe Bennebroekerweg en op de Spoorlaan vanwege de aanwezigheid van landbouwverkeer. De doorstroming op wegen waar minder landbouwverkeer rijdt, wordt verbeterd. Vrachtverkeer Vrachtverkeer kan op de Nieuwe Bennebroekerweg en de Spoorlaan worden gehinderd vanwege de aanwezigheid van langzaam rijdend landbouwverkeer. Omdat er op andere wegen minder landbouwverkeer rijdt, wordt de doorstroming van het verkeer in het algemeen op deze wegen verbeterd. Landbouwvoertuigen Landbouwverkeer kan door gebruik te maken van de Nieuwe Bennebroekerweg en de Spoorlaan, makkelijker de landbouwpercelen bereiken zonder bewoners en andere weggebruikers van wegen binnen de bebouwde kom van Hoofddorp en Nieuw–Vennep in gevaar te brengen. Op de Nieuwe Bennebroekerweg en de Spoorlaan kunnen, door de snelheidsverschillen met het overig verkeer, gevaarlijke situaties ontstaan Niet gemotoriseerd verkeer Op de Nieuwe Bennebroekerweg en de Spoorlaan is langzaam verkeer niet toegestaan. Doordat er minder landbouwverkeer op de andere wegen in Hoofddorp en Nieuw–Vennep rijdt, verbetert de doorstroming en de verkeersveiligheid voor bromfietsen op deze wegen. Openbaar vervoer R-net lijn 343 rijdt via de Nieuwe Bennebroekerweg. Van 06.30 – 10.00 en 15.00 – 18.30 uur wordt een spitsfrequentie gereden. Als tijdens de proef blijkt dat de doorstroming van het openbaar vervoer veel hinder ondervindt wordt een verbod ingesteld voor deze spitsperioden. Dit verbod bestaat dan uit RVV bord C08 met onderbord “landbouw verkeer toegestaan ma t/m vr, 10:00-15:00 h, 18:30 – 06:30 h en za en zo”. Nood- en hulpdiensten Hulpdiensten kunnen door langzamer rijdend landbouwverkeer worden gehinderd op de Spoorlaan en de Nieuwe Bennebroekerweg. Doordat er minder landbouwverkeer op de andere wegen in Hoofddorp en Nieuw–Vennep rijdt, ondervinden hulpdiensten op deze wegen minder hinder. Parkeerders De maatregelen hebben geen effect op de parkeermogelijkheden. Algemeen belang Met de maatregelen wordt beoogd de verkeersveiligheid en de leefbaarheid te verbeteren. Dit is in het algemeen belang. Afweging Alles afwegende zijn burgemeester en wethouders van mening dat de maatregelen in het algemeen belang zijn en in het bijzonder in het belang van het landbouwverkeer. Andere categorieën weggebruikers kunnen op de Nieuwe Bennebroekerweg en de Spoorlaan een verminderde doorstroming ondervinden en er kunnen onwenselijke situaties ontstaan met landbouwverkeer. Doordat er minder landbouwverkeer door Hoofddorp en Nieuw–Vennep rijdt, verbetert de doorstroming in Hoofddorp en Nieuw - Vennep voor fietsen, bromfietsen, auto’s en hulpdiensten. Het belang van landbouwverkeer en het verbeteren van de verkeersveiligheid en de doorstroming in Hoofddorp en Nieuw–Vennep wegen zwaarder dan de belangen van het overige verkeer. Voorbereiding en overleg Het toelaten van landbouwverkeer op de Nieuwe Bennebroekerweg en de Spoorlaan is een wens van de belangenorganisaties LTO en Cumela. Tijdens de proef worden de effecten van het toelaten van landbouwverkeer op de Nieuwe Bennebroekerweg en de Spoorlaan geëvalueerd, waarbij ook andere weggebruikers een reactie kunnen geven. Om de rechtstreeks bij het verkeersbesluit betrokken belangen goed af te kunnen wegen verdient het de aanbeveling om, vooral bij complexe en omstreden maatregelen, een voorbereidingsprocedure te volgen. Hier is vanaf gezien omdat de maatregel geen complexe maatregel betreft en de belangenvoldoende in beeld zijn. Overleg met de Nationale Politie heeft plaatsgevonden in de Werkgroep Verkeer, waarin de door de korpschef gemachtigde medewerker verkeersadvisering, alsmede de Brandweer en Connexxion, vertegenwoordigd zijn. Op 12-05-2026 is dit besluit behandeld in de werkgroep. Met uitzondering van de politie zijn de leden van de Werkgroep akkoord met de voorgestelde maatregelen. In een brief van de politie d.d. 01-07-2026 is negatief advies afgegeven. In die brief is uitgebreid uitgelegd dat voorgenomen maatregelen als onveilig worden beschouwd. Dit heeft met name te maken met het snelheidsverschil, het ontnemen van zichtlijnen en het ophouden van doorgaand verkeer. De politie geeft aan dat het instellen van venstertijden uitkomst biedt. Door landbouwverkeer alleen voor en na de spitstijden toe te staan is de kans een stuk kleiner dat dit leidt tot frustraties, gevaarlijk rijgedrag en inhaalacties van derden. De politie geeft aan, dat als er geen venstertijden worden ingesteld, dit zal leiden tot een negatief advies op het verkeersbesluit en er derhalve niet op wordt gehandhaafd. Als reactie hierop geeft de gemeente aan dat dit gedeelte van de Nieuwe Bennebroekerweg en de Spoorlaan een rijbaan is met 2x1 rijstrook waarbij inhalen wordt bemoeilijkt of onmogelijk is gemaakt door fysieke maatregelen in de middenberm. Ter hoogte van kruispunten zijn er mogelijkheden om landbouwvoertuigen te passeren omdat er dan meerder rijstroken beschikbaar zijn. Over alle routes gaat bovendien een landbouwvoertuig rijden met een camera. Daarop is het gedrag van het overige verkeer te zien. Dit gedrag en de ervaringen worden meegenomen in het eindadvies van de proef. Landbouwvoertuigen zijn over het algemeen groot waardoor ze goed opvallen tussen het overige verkeer. Ook is het zicht op het verkeer goed vanwege de rechtstanden, waardoor schrikreacties onwaarschijnlijk zijn en inmiddels hebben we ook de ervaring dat het op de Noordelijke Randweg ook goed gaat. Tot slot verwijzen wij naar de “motie Rouwe” voor wat betreft het snelheidsverschil. Daarin wordt aangegeven dat landbouwvoertuigen juist uit de kernen moeten worden geweerd en op de gebiedsontsluitingswegen moeten worden toegelaten. Om dit veilig mogelijk te maken is de snelheidsverhoging naar 40km/u in de wetgeving geïmplementeerd om zo de snelheidsverschillen kleiner te maken en de veiligheid van landbouwverkeer op gebiedsontsluitingswegen te vergroten. Alles afwegende blijven burgemeester en wethouders van mening dat de maatregelen in het algemeen belang zijn en in het bijzonder in het belang van het landbouwverkeer. Andere categorieën weggebruikers kunnen op de Nieuwe Bennebroekerweg en de Spoorlaan een verminderde doorstroming ondervinden en er kunnen onwenselijke situaties ontstaan met landbouwverkeer. Doordat er minder landbouwverkeer door Hoofddorp en Nieuw–Vennep rijdt, verbetert de doorstroming in Hoofddorp en Nieuw - Vennep voor fietsen, bromfietsen, auto’s en hulpdiensten. Het belang van landbouwverkeer en het verbeteren van de verkeersveiligheid en de doorstroming in Hoofddorp en Nieuw–Vennep wegen zwaarder dan de belangen van het overige verkeer. Publicatie Het besluit wordt gepubliceerd in de Digitale Staatscourant. Besluiten In overeenstemming met de tekening met het nummer 2026-010-001 t/m 009, die een onderdeel is van dit besluit, wordt besloten tot de volgende verkeersmaatregelen: 1.het aanbrengen van het RVV onderbord OB55 “uitgezonderd tractor-symbool” onder het RVV bord C09 “gesloten voor ruiters, vee, wagens, motorvoertuigen die niet sneller kunnen of mogen rijden dan 25 km/h en brommobielen alsmede fietsen, bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen” om landbouwvoertuigen toe te laten op de Nieuwe Bennebroekerweg tussen de Deltaweg en de Spoorlaan en op de Spoorlaan tussen de Nieuwe Bennebroekerweg en de Noordelijke Randweg; 2.het verwijderen van het RVV bord C08 “gesloten voor motorvoertuigen die niet sneller kunnen of mogen rijden dan 25 km/h” om landbouwvoertuigen toe te laten op de Nieuwe Bennebroekerweg tussen de Deltaweg en de Spoorlaan en op de Spoorlaan tussen de Nieuwe Bennebroekerweg en de Noordelijke Randweg; 3.het plaatsen van het RVV bord C08 “gesloten voor motorvoertuigen die niet sneller kunnen of mogen rijden dan 25 km/h” om landbouwvoertuigen te weren van de wegvakken die buiten de Nieuwe Bennebroekerweg tussen de Deltaweg en de Spoorlaan en de Spoorlaan tussen de Nieuwe Bennebroekerweg en de Noordelijke Randweg vallen, waar landbouw verkeer niet is toegestaan; 4.te bepalen dat deze maatregelen van kracht zijn gedurende de periode 19 oktober 2026 tot uiterlijk 19 oktober 2027; 5.dit besluit ter openbare kennis te brengen 19 oktober 2026. Burgemeester en Wethouders van de gemeente Haarlemmermeer namens dezen, de teammanager Contract en Uitvoering, cluster Beheer & Onderhoud B. Wendelgelst Terinzagelegging Het besluit wordt gepubliceerd in het digitale Gemeenteblad van Haarlemmermeer (overheid.nl). Het besluit en de tekening waarop de maatregelen staan aangegeven, liggen gedurende zes weken vanaf de publicatiedatum voor eenieder na een telefonische afspraak ter inzage op werkdagen van 9.00 tot 17.00 uur in het Informatiecentrum van het raadhuis, Taurusavenue 100 in Hoofddorp. Bezwaar Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan iedereen wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken, binnen zes weken na publicatie van dit besluit een met redenen omkleed bezwaarschrift indienen bij het college van Burgemeester en Wethouders van Haarlemmermeer, het cluster Juridische Zaken van het team Ondersteuning, Postbus 250, 2130 AG Hoofddorp. Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van dit besluit niet. Gelijktijdig met of na het indienen van een bezwaarschrift kan een verzoek om een voorlopige voorziening worden gericht aan de voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Holland, p/a Arrondissementsrechtbank Haarlem, sector Bestuursrecht Postbus 1621, 2003 BR Haarlem. Een dergelijk verzoek kan pas worden gedaan als het bezwaarschrift is ingediend en onverwijlde spoed, gelet op het betrokken belang, dat vereist. Voor de behandeling van het verzoek wordt een bedrag aan griffierecht geheven.
Meer informatie