Beleidsplan Openbare Verlichting 2021-2030
Beleidsplan Openbare Verlichting 2021-2030 Samenvatting De gemeente Meerssen heeft momenteel een vastgesteld beleidsplan openbare verlichting 2014 - 2023. Conform dit beleidsplan is een goede stap gemaakt in het invoeren van moderne innovatieve dimbare LED verlichting. Er zijn vervangingsinvesteringen gedaan en circa 2/3 deel van de toenmalige armaturen ouder dan 20 jaar en masten ouder dan 40 jaar zijn weggewerkt. De technische levensduur was hierbij leidend principe. Er is momenteel geen sprake van achterstallig onderhoud. Uitvoering van het beleidsplan openbare verlichting 2014 – 2023 heeft de afgelopen periode voor verdere kwaliteitsverbetering van de openbare verlichting in de gemeente Meerssen gezorgd. Dit draagt bij aan de sociale- en verkeersveiligheid. Door marktwerking en invulling van de rol als regisserende gemeente is er meer transparantie en regie gekomen aangaande het beheer en onderhoud van de openbare verlichting. Doch deze zelfde marktwerking, de areaaluitbreiding en daarbij de aanschaf van een onderhoudsmanagementsysteem voor de openbare verlichting zorgen nu voor structurele kostenverhogingen in de komende jaren. Het college heeft in dit kader aangegeven dat de huidige begroting uitgangspunt is. De kostenverhoging geeft dan ook noodzaak tot een bezuiniging op de openbare verlichting. Voorstellen, keuzes en maatregelen (zie hoofdstuk 6) hiertoe zullen middels een nieuw beleidsplan 2021-2030 tot uiting worden gebracht. De belangrijkste doelstellingen in de beleidsperiode 2021-2030 zijn: 1.Door middel van goede kwalitatieve openbare verlichting bijdragen aan de sociale en verkeersveiligheid voor alle inwoners en bezoekers van de gemeente Meerssen. 2.Bijdragen aan een duurzame openbare ruimte en waar mogelijk energiebesparing en CO2-reductie realiseren. 3.Regie voeren over de openbare verlichting en transparante afspraken hebben met bedrijven in het kader van beheer en onderhoud. 4.Voorkomen van achterstallig onderhoud en daarmee kapitaalsvernietiging door doelmatig en efficiënt met deze kapitaalgoederen om te gaan. Maatregelen: -Kwaliteit van de openbare verlichting continueren op beeldkwaliteitsniveau B conform de CROW publicatie 380 (excl. beeldkwaliteitseis “dekking van de coating/folie en krassen”). -Nastreven van kwaliteitslabel A bij vervangingen en projecten en indien mogelijk en waar nodig de gelijkmatigheid van de lichtverspreiding verbeteren dan wel het lichtniveau verhogen. -Geen achterstallig onderhoud (of te wel beeldkwaliteit D) in de komende beleidsperiode . -Actualiseren van een eigen actueel beheerbestand. -Continueren afschrijvingstermijnen 20 / 40 jaar (armaturen / lichtmasten). Op het gebied van duurzaamheid blijft de gemeente Meerssen LED en dimmen toepassen. Naast de bijdrage aan energiebesparing en CO2-reductie blijft deze strategie op de lange termijn ook financiële voordelen hebben. Marktwerking, regie en transparantie blijven uitgangspunt. In dit kader wordt onder andere het onderhoud aanbesteed. Het administratief beheer blijft de gemeente zelf doen. Voorwoord In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is wettelijk vastgelegd dat gemeenten provincies en waterschappen jaarlijks begrotings- en verantwoordingsstukken moeten opstellen. De commissie BBV heeft een richtinggevende notitie, genaamd Notitie Materiele Vaste Activa, uitgebracht waarin richtlijnen zijn opgenomen over de wijze waarop vakspecialisten de begroting, bekostiging en onderhoud aan kapitaalgoederen, waaronder in dit geval de openbare verlichting, dienen te verantwoorden. De raad is autonoom om het kwaliteitsniveau vast te stellen. Achterstallig onderhoud (of te wel beeldkwaliteit D) en/of onveilige situaties moeten echter worden voorkomen. De openbare verlichting vervult in dit kader een belangrijke functie op het gebied van sociale- en verkeersveiligheid. Onze inwoners moeten zich in de openbare ruimte, ook na het invallen van de duisternis, behaaglijk en veilig voelen. Daarnaast spelen sfeer- en duurzaamheidsaspecten een belangrijke rol. Kostenverhogende ontwikkelingen door met name de marktwerking (aanbesteding van het onderhoud) in de huidige beleidsperiode en de gewenste door te voeren mogelijke bezuinigingen door het college geven aanleiding tot financiële herijking in de vorm van een nieuw beleidsplan voor de periode 2021-2030. In dit beleidsplan komen diverse zaken aan de orde die voor een verantwoorde duurzame openbare verlichting (OVL) noodzakelijk zijn. Daarbij wordt ingegaan op trends en ontwikkelingen, de huidige situatie, de organisatie van de openbare verlichting en de aanpak voor de komende beleidsperiode. Dit plan vormt daarmee het kader voor de openbare verlichting binnen de gemeente Meerssen voor de periode 2021 – 2030. Tussentijds zal evaluatie plaatsvinden om te bezien of de uitgangpunten en de hiermee gemoeide financiële middelen zullen blijven gelden voor de gehele beleidsperiode. 1 Algemeen 1.1 Inleiding De gemeente Meerssen heeft op het gebied van de openbare verlichting een vastgesteld beleidsplan openbare verlichting 2014 - 2023. In afgelopen decennia is veel veranderd op het gebied van de openbare verlichting. Denk hierbij aan onder andere duurzaamheid, energiebesparing, lichthinder, lichtvervuiling en de ontwikkeling rondom innovatie LED verlichting en dimmen. Het huidige beleid biedt in dit kader voldoende ruimte invulling te geven aan deze ontwikkelingen. 1.2 Openbare verlichting De openbare verlichting moet in eerste instantie bijdragen aan een verkeers - en sociaal veilige situatie gedurende de avond en nacht. De openbare ruimte moet, ook in het donker, leefbaar en comfortabel zijn voor de gebruikers. De kwaliteit van de openbare verlichting moet in dit kader consistent, betrouwbaar en duurzaam zijn. Voor de gemeente zijn de verkeersveiligheid en sociale veiligheid maatgevend. Daarnaast draagt de openbare verlichting bij aan een prettig, harmonieus straatbeeld in de gemeente Meerssen. De openbare verlichting vraagt energie, kan lichthinder veroorzaken en heeft effect op de flora en fauna. Daarom gaan we zorgvuldig om met het plaatsen van licht, de hoeveelheid licht en de tijden waarop licht moet branden. 1.3 Ondergrondse elektriciteitsnetten van Enexis De openbare verlichting in Meerssen omvat alle lichtmasten, armaturen en lampen die eigendom zijn van de gemeente Meerssen, maar ook het kabelnet in de vorm van de ondergrondse kabels en voedingskasten die de verlichting van energie voorzien. Alle kabels en voedingskasten zijn in beheer en eigendom van netbeheerder Enexis. Bij de openbare verlichting wordt altijd gebruik gemaakt van de ondergrondse elektriciteitsnetten van Enexis. 2 Terugblik beleidsperiode 2.1 Huidig beleidsplan openbare verlichting Meerssen In dit hoofdstuk blikken we terug op de doelstellingen die werden gesteld in het beleidsplan openbare verlichting en de behaalde resultaten. Zie hiervoor met name paragraaf 2.3. Voorafgaand wordt in dit verband in algemene zin geconstateerd dat de beoogde resultaten zoals geformuleerd in het beleidsplan openbare verlichting 2014 – 2023 tot nu toe voor een groot deel zijn behaald. 2.2 Doelstellingen huidige beleidsplan In het vastgestelde beleidsplan openbare verlichting stonden duurzaamheid en een kwaliteitsverbetering van de verlichting centraal. De belangrijkste doelstellingen voor de periode 2014-2023 waren: 1.Verdere optimalisering van de openbare verlichting op het gebied van sociale- en verkeersveiligheid voor alle inwoners en bezoekers van de gemeente Meerssen. 2.De gemeente Meerssen draagt bij aan een duurzame openbare ruimte. Waar mogelijk wordt energiebesparing en CO2-reductie gerealiseerd. 3.Realisering kwaliteitsverbetering ten aanzien van de lichtkwaliteit van de openbare verlichting binnen de gemeente. 5.De gemeente voert de regie over de openbare verlichting en heeft transparante afspraken met bedrijven in het kader van beheer en onderhoud. De kwaliteitsverbetering zou worden gerealiseerd door: -Op korte termijn kwaliteitslabel B na te streven en op lange termijn kwaliteitslabel A. -Het waar nodig verhogen van het lichtniveau en verbeteren van de gelijkmatigheid. -Hersteltermijn storingen te verkorten van 10 naar max. 5 werkdagen. -Wegwerken van het achterstallig onderhoud (of te wel beeldkwaliteit D) binnen 2 tot 3 jaar. -Het basisniveau (overeenkomstig beeldkwaliteit B van de CROW) te hanteren m.b.t. het onderhoud van de openbare verlichting. -Opzetten van een eigen actueel beheerbestand. -Hanteren levensduur 20 / 40 jaar (armaturen / lichtmasten) in plaats van 17,5 / 35 jaar (armaturen / lichtmasten). 2.3 Realisatie doelstellingen In deze paragraaf wordt beschreven in hoeverre de doelstellingen van het beleidsplan 2014 - 2023 zijn gerealiseerd. Beleidsperiode 2014 – 2023 “Achterstallig onderhoud”? In het beleidsplan 2014-2023 werd gesproken over “achterstallig onderhoud”. Met het begrip achterstallig onderhoud werd indertijd gedoeld op die armaturen en lichtmasten welke de afschrijvingstermijn waren gepasseerd. Doch een armatuur dan wel lichtmast welke zijn afschrijvingstermijn (gebaseerd op zijn technische levensduur) is gepasseerd kan kwalitatief gezien nog veilig en functioneel zijn en voldoen aan beeldkwaliteit A+, A, B, C. Gegeven is wel dat de ervaring leert dat het aantal storingen aan dit materieel (het materieel welk zijn afschrijvingstermijn is gepasseerd) toeneemt. Om onveilige situaties en een toename van storingen te voorkomen dienen deze armaturen dan wel masten vervangen te worden. Middels de 4 jaarlijkse schouws wordt de toestand van deze armaturen en lichtmasten gemonitord, zodat indien nodig tijdig ingegrepen kan worden. In het nieuwe beleidsplan 2021-2030 zal om verwarring te voorkomen de benaming “achterstallig onderhoud” dan ook alleen nog maar gebruikt worden indien beeldkwaliteit D aan de orde is. Stand van zaken In de beleidsperiode 2014-2023 werd een nieuwe strategie gevolgd bij de vervangingsinvesteringen. Er is toen besloten op basis van de technische levensduur een afschrijvingstermijn van 20 jaar voor de armaturen en 40 jaar voor lichtmasten te hanteren. Dit was een verandering ten opzichte van de eerdere beleidsperiode waar de technische levensduurtermijnen korter waren. Door deze verandering is de afgelopen periode verantwoord langer gebruik gemaakt van het areaal. Met betrekking tot het vervangen van die armaturen ouder dan 20 jaar en lichtmasten ouder dan 40 jaar, zouden op moment van vaststelling van het beleidsplan in 2014 in de beleidsperiode 2014 t/m 2020 circa 628 armaturen vervangen moeten zijn door energiezuinige LED-armaturen in combinatie met dimmen. Op dit moment is dit voor wat betreft de armaturen teruggebracht naar 264. Er zijn dus circa 364 armaturen vervangen of te wel circa 58 %. Daarnaast werden 24 van de 29 lichtmasten vervangen, te weten 83,6%. Het beleidsplan openbare verlichting 2014–2023 beoogde deze achterstand in te halen, maar deze ambitie is tot nu toe niet geheel gerealiseerd. Voor wat betreft de jaarlijkse projectmatige vervangingen van die armaturen en lichtmasten welke in de periode 2014-2020 op de planning stonden om te vervangen blijkt uit analyse dat van de 1225 armaturen nog 348 armaturen vervangen dienen te worden. Op basis hiervan kunnen we stellen dat circa 72% van het reguliere onderhoud is gerealiseerd. Van de 194 lichtmasten zijn 62 lichtmasten vervangen, dit is 32 %. Opgemerkt wordt dat de geplande vervangingen voor wat betreft de jaren 2020, 2021, 2022 en 2023 nog niet zijn uitgevoerd aangezien de huidige beleidsperiode 2014-2023 nog niet ten einde is. Deze geplande vervangingen zijn dan ook niet in bovenstaande gegevens verwerkt. Verbetering van de openbare verlichting op het gebied van lichtkwaliteit Bij de vervanging van de openbare verlichting door dimbare LED verlichting is een grote stap gemaakt in de lichtkwaliteit als het gaat om het lichtniveau en gelijkmatigheid. De grote stap in de verbetering van de gelijkmatigheid komt dat alle nieuwe LED verlichting tussen 23.00 uur en 06.00 uur wordt gedimd en niet meer ‘om en om’ uitgaat. Het licht-donker effect in het straatbeeld is dus steeds meer verleden tijd. Bijkomend voordeel hiervan is dat in het geval een lamp defect raakt er een minder grote “donkere vlek” in het straatbeeld ontstaat. Bij vervanging van verlichting door dimbare LED verlichting in de wijken worden lichtbronnen toegepast met een warm witte lichtkleur. Dit zorgt voor een betere gezichtsherkenning in de wijken en creëert een verhoogd veiligheidsgevoel. 2.4 Onvoorziene ontwikkelingen en inzet capaciteit in relatie tot de planning en doelstellingen De afgelopen periode werd de gemeente geconfronteerd met beperkte ambtelijke capaciteit in relatie tot de beschreven ambities. Daarnaast was extra inzet noodzakelijk ten behoeve van niet voorziene en geplande ontwikkelingen, zoals de voorbereiding en realisatie van verlichting ter plaatse van onder andere het rijwielpad Humcoven, de Oude Steeg te Rothem (samen met gemeente Maastricht), Vliegveldweg en het centrumplan Bunde. Verder zijn vervroegde vervangingen gerealiseerd ten gevolge van grootschalige werkzaamheden zoals bijvoorbeeld de projecten Kindcentrum Meerssen en riolering Korte Raarberg-Herkenberg-Veeweg, herinrichting Humcovenerstraat, rotonde Fregatweg en omgeving en p-plaats Heiveld. Deze ontwikkelingen hebben effect gehad op de planning. Diverse vervangingen van de openbare verlichting zijn hierdoor doorgeschoven. Een positief effect is dat de vervanging van de openbare verlichting efficiënt kon worden uitgevoerd doordat ‘werk met werk’ is gemaakt. In afwachting van te verwachten grootschalige reconstructies zijn ook vervangingen van armaturen en lichtmasten welke respectievelijk ouder dan 20 en 40 jaar zijn niet uitgevoerd (onder andere de projecten Markt Meerssen, Dorpstraat, Sint Catharinastraat en Bunderstraat). Uitgangspunt hierbij is en blijft dat de veiligheid niet in het gedrang mag komen. Verder was het besluit van de netbeheerder Enexis om per 1 januari 2019 de landelijke richtlijn CROW 400 aangaande “Werken in en met verontreinigde bodem” strikt te gaan toepassen. Dat betekende dat bij elke grondroering een quick scan moest worden uitgevoerd om de mate van bodemverontreiniging te kunnen vaststellen. Deze factoren waren niet voorzien ten tijde van de opstelling van de het beleidsplan Openbare Verlichting 2014-2023 maar vroegen wel financiële middelen, de nodige aandacht en inzet van betrokken medewerkers. Dit had een rechtstreeks effect op de realisatie van de geformuleerde doelstellingen. 2.5 Kwaliteit van de openbare verlichting De (technische) kwaliteit van de openbare verlichting dient aan een aantal richtlijnen te voldoen. Voor wat betreft de beeldkwaliteit ligt de Kwaliteitscatalogus openbare ruimte van de CROW ten grondslag. In het beleidsplan 2014-2023 werd gesproken over een zogenaamd basisniveau. Dit komt overeen met beeldkwaliteit B zoals omschreven in de tegenwoordig gehanteerde Kwaliteitscatalogus openbare ruimte 2018 van de CROW (zie bijlage 2). Denk hierbij onder andere scheefstand, roestvorming, deuken, defecten, gaten, beplakking en natuurlijke aanslag. Ook de constructieve en elektrotechnische veiligheid van masten, armaturen en lampen is regelmatig gecontroleerd. Het is aan de betreffende onderhoudsaannemer zorg te dragen dat ook hieraan wordt voldaan. Bij reconstructies heeft een optimalisering plaatsgevonden naar beeldkwaliteit A+. Op dat moment vinden namelijk vervangingen zoveel mogelijk plaats binnen de kaders van de landelijke richtlijn ROVL 2011. 2.6 Meldingen van de openbare verlichting Over de periode 2014-2021 kwamen jaarlijks gemiddeld 600 meldingen in relatie tot openbare verlichting binnen bij de gemeente Meerssen. Het overgrote deel van de meldingen (90%), betreft storingen veroorzaakt door een defect. Ten opzichte van de vorige beleidsperiode is geen significante afwijking te constateren. Van alle meldingen werd 90 % binnen de normtijd opgelost. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt in storingen, schades en vandalisme. De herstelnorm voor storingen bedraagt 4 werkdagen. Storingen worden momenteel sneller hersteld dan de vorige beleidsperiode want in het verleden was dit ca. 10 dagen. Dit heeft een positief effect op de dienstverlening voor inwoners van Meerssen. De normtijd voor het herstel van schades en vandalisme is 30 dagen. Met name bij schades bleek het lastiger herstel binnen de normtijd te realiseren. Eén van de redenen hiervoor is dat bij schade aan lichtmasten verschillende procedures in gang moeten worden gezet en de levertijd van nieuwe lichtmasten en armaturen vaak langer is dan 30 dagen. 2.7 Meer regie en structurele kostenverhoging door aanbesteding In de vorige beleidsperiode werkte de gemeente Meerssen vanuit het ontzorgingsconcept. Hierbij waren alle taken aangaande het beheer en onderhoud van de openbare verlichting van oudsher tot 31 december 2013 uitbesteed aan één bedrijf. In deze situatie was de gemeente Meerssen, in principe, ook verplicht om langdurig alle materialen en werkzaamheden bij de desbetreffende OVL-aannemer/leverancier af te nemen. In de huidige beleidsperiode heeft de gemeente Meerssen een vertaling gemaakt van ‘verplichte winkelnering’ naar een volledige regisserende gemeente. Transparantie (diensten van de aannemers en bijbehorende financiën), volledige marktwerking en regie staat hierin centraal. Het beheer en onderhoud van de openbare verlichting is in de huidige beleidsperiode twee keer aanbesteed, in 2014 en in 2021. De eerste aanbesteding had een positief financieel effect. De tweede aanbesteding in 2021 veroorzaakte een structurele kostenverhoging. 2.8 Innovatie en vleermuisvriendelijke verlichting Verlichting op wegen bevordert de verkeersveiligheid. Vleermuizen zijn gevoelig voor lichtverstoring. Zowel bij hun verblijfplaatsen, op vliegroutes als in hun jachtgebied. Verlichting kan leiden tot pijnlijke verblinding bij deze beschermde nachtdieren. Bij een aantal projecten zoals bij het rijwielpad Humcoven, de Oude Steeg te Rothem en de Vliegveldweg is vleermuisvriendelijke verlichting toegepast. Zo voorkomt Meerssen dat de leefomgeving van de vleermuis verstoord wordt en dat we de Wet Natuurbescherming overtreden. In dit kader is in eerder stadium ook al eens “groene LED-verlichting” toegepast richting het Dellengebied al was dit niet om reden van de vleermuis maar vanwege de groene omgeving. Ook wordt opgemerkt dat in het kader van de energietransitie experimenten zijn gedaan met het toepassen van LED verlichting op zonne-energie. Denk hierbij aan solar-verlichting in het betonnen rijwielpad ter plaatse van de ringweg MAA en een lichtmast op zonne-energie ter plaatse van de Veeweg. De toepassing van bewegingssensoren bij projecten Oude Steeg en rijwielpad Humcoven zijn vermeldenswaardig als het gaat om innovatie in de gemeente Meerssen. In dit kader heeft ook combinatiewerk met Wonen Meerssen geleid tot bijzondere verlichting bij de achterpaden Pastoor D. Hexstraat en Vliegveldweg. 2.9 Duurzaamheid In de afgelopen periode is energiebesparing gerealiseerd van circa 10 % door vervangingsprogramma’s door de jaarlijkse projectmatige vervangingen. De inzet van LED verlichting zorgt voor een positief effect. Alle LED-armaturen die zijn toegepast zijn standaard voorzien van dimmen. Bij het moderniseren van de openbare verlichting werd gebruik gemaakt van de meest energiezuinige elektronische voorschakelapparaten 2.10 Financiën In hoofdstuk 7 zijn de kosten voor de openbare verlichting van het beleidsplan openbare verlichting 2014-2023 weergegeven. 3 Kader, trends en ontwikkelingen 3.1 Trends en ontwikkelingen Energietransitie, duurzaamheid, energiebesparing en CO2 Energiebesparing en reductie van de CO2-uitstoot zijn twee items waaraan veel belang wordt gehecht in de huidige maatschappij. De openbare verlichting neemt een groot percentage van het energieverbruik van de gemeente voor haar rekening. Een belangrijke ontwikkeling in dit kader is het duurzaam inkopen van openbare verlichting en duurzaam materiaalgebruik (bijvoorbeeld CO2-neutrale lichtmasten). Mogelijk dat gemeenten in de toekomst zelfs verplicht zullen worden een duurzaam inkoopbeleid te hanteren. Om aan te geven hoe milieuvriendelijk en/of energiebesparend de openbare verlichting is, zijn energielabels ontwikkeld. Daarnaast zegt een energielabel iets over de kwaliteit van de openbare verlichting omdat ook het lichtniveau ermee wordt beoordeeld. Deze labeling kan het best gezien worden als een aanmoediging vanuit het Rijk om een zo zuinig mogelijke installatie te creëren. Licht op maat en telemanagement Inmiddels zijn er systemen ontwikkeld waarmee de openbare verlichting op afstand gereguleerd kan worden. Dit geldt voor zowel statische als dynamische openbare verlichting (‘verlichting op maat’), met monitoring van parameters op afstand , waarbij het verlichtingsniveau afhankelijk is van bijvoorbeeld verkeersintensiteit, weersomstandigheden of drukte bij uitgaansgelegenheden. Ook zijn systemen in de markt verkrijgbaar die de verlichting op afstand kunnen ‘uitlezen’ en automatisch signalen doorgeven bij een storing. Bewoners hoeven geen meldingen meer te doen wanneer de verlichting defect is. Dergelijke systemen zijn voor gemeenten als Meerssen mogelijk interessant maar vereisen extra financiële investeringen. LED-verlichting en/of dimmen Op het gebied van LED-verlichting komen er steeds nieuwe, energiezuinigere en beter dimbare varianten. Er bestaan hoge verwachtingen over de lange levensduur en de hoge energie-efficiëntie. LED lijkt in volle breedte toepasbaar. Een aantal fabrikanten brengt op dit moment armaturen met LED techniek op de markt. Het is niet altijd noodzakelijk dat openbare verlichting continu 100% ‘vol’ ingeschakeld is. In de nacht of bij lage verkeersintensiteit kan wellicht volstaan worden met minder licht. Denk hierbij aan dimniveaus van 80%, 50% en lager. Het toepassen van dimmen is ook een mogelijkheid om energie te besparen. In verblijfsgebieden speelt de sociale veiligheid een belangrijke rol. Verder kan ter verbetering van de gelijkmatige lichtverspreiding het toepassen van dimmen een goed alternatief zijn voor die wegen waar bij de openbare verlichting een avond/nachtschakeling gehanteerd wordt en de verlichting “om en om” uit gaat. Nieuwe Technologie, smart city, internet of things, 5G & Smart Cells Een slimme stad (smart city) is een stad waarbij informatietechnologie en het internet der dingen (Internet of Things) gebruikt worden om de stad te beheren en te besturen. Op dit moment wordt in Nederland nagedacht technologie en functies toe te voegen aan de openbare verlichting. Ook kan de openbare verlichting verkeersstromen mogelijk monitoren of sneller internet middels 5G faciliteren (Smart Cells). Deze technieken zijn nog volop in ontwikkeling. Welke technieken gebruikt kunnen worden en wat de consequenties zijn voor de openbare verlichting is nog niet geheel duidelijk. De gemeente Meerssen volgt deze ontwikkelingen nauwgezet en houdt daarbij oog voor het behoud en zo mogelijk de versterking van de ruimtelijke kwaliteit, met name in het beschermde stadsgezicht en andere gebieden waar dat nodig is vanuit de (beoogde) functie van die gebieden. De openbare verlichting en circulaire economie Circulariteit is momenteel een actueel onderwerp. Doel van de Rijksoverheid is ‘Nederland Circulair in 2050’. Dit betekent dat er geen afval meer wordt geproduceerd, alle grondstoffen blijven in de keten. Om dit te realiseren is er een ingrijpende omslag nodig. Dit vraagt inzet van alle ketenpartijen. Ook het werkveld openbare verlichting is volop bezig met circulariteit. Het is een uitdaging concreet invulling te geven aan dit thema. Er zijn veel manieren te komen tot meer circulariteit. Recycling, Re-use, Repair, Refurbish zijn voorbeelden van mogelijke strategieën. Denk hierbij aan het ‘opknappen’, ‘verLEDDEN’ en hergebruik van oude conventionele armaturen. Voor openbare verlichting is verLEDDEN de norm. Samen met de Provincie, de gemeente Maastricht en de gemeente Sittard-Geleen wordt verkend hoe materiaal op een goede duurzame manier wordt ingezameld en hergebruikt (Wecycle). Hierbij worden ook de mogelijkheden om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te betrekken nader onderzocht (Social Return). Naar verwachting zal deze koers midden 2021 worden geconcretiseerd. 3.2 Kader Richtlijnen openbare verlichting Er zijn geen wettelijke of anderszins bindende bepalingen voor de verlichtingskwaliteit. Gemeenten zijn vrij in het kiezen van het toe te passen verlichtingsniveau. Wel is er de Richtlijn voor Openbare Verlichting ROVL 2011. Deze richtlijn biedt een kader voor de gewenste kwaliteit en gelijkmatigheid van de openbare verlichting per wegcategorie. Hierbij wordt rekening gehouden met het gebruik van moderne zuinige verlichtingsmiddelen en de mogelijkheid tot het dimmen van de verlichting. Wel moet de verlichting ook aan een aantal uitgangspunten voldoen zoals lichtkleur, mate van kleurherkenning, het zo veel mogelijk voorkomen van lichthinder etc. Nieuw Burgerlijk wetboek, aansprakelijkheid wegbeheerder De gemeente heeft als wegbeheerder een zorgplicht om de openbare ruimte (verkeers)veilig en duurzaam te onderhouden (onder andere Wegenwet). Dit is een primaire taak van de gemeente. Als wegbeheerder heeft de gemeente naast haar onderhoudstaak een wettelijke verantwoordelijkheid ten aanzien van de verkeersveiligheid in de gemeente Meerssen. In dit kader heeft de gemeente te zorgen voor een deugdelijke verlichtingsinstallatie. Zij heeft de taak om de installatie goed te onderhouden om te voorkomen dat zich ongevallen voordoen ten gevolge van defecten of slecht onderhoud. Lichthinder Lichthinder1 is de verzamelnaam voor de storende factoren die door (kunst)licht veroorzaakt kunnen worden en dient zo veel mogelijk voorkomen en vermeden te worden bij de keuze van openbare verlichting (lamp en armatuur). Storende factoren zijn in hoofdzaak strooilicht en verblinding. Wettelijk gezien bestaan er geen bepalingen voor lichthinder bij openbare verlichting. Eventuele lichthinder bij bewoners zal per individueel geval bekeken worden. Wet Natuurbescherming Sinds 1 januari 2017 is de Wet Natuurbescherming van kracht. Deze vervangt 3 wetten; de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en Faunawet. Deze wet voorziet in de bescherming van plant- en diersoorten en heeft uiteenlopende gevolgen voor de gemeente. Leefgebieden die zijn aangewezen als vogel- danwel habitatrichtlijngebied, genieten speciale bescherming. Plannen, projecten en andere handelingen met gevolgen voor het gebied en de aanwezige soorten worden getoetst aan bepaalde eisen. Indien aangetoond wordt dat verlichting verstorend is voor bepaalde soorten kan worden besloten dat de lichtbron aangepast of zelfs verwijderd moet worden. De gemeente Meerssen maakt een zorgvuldige afweging tussen de verlichtingsbelangen en milieubelangen bij plaatsing of vervanging van de openbare verlichting. Milieubelangen kunnen zelfs een reden zijn om geen verlichting te plaatsen. Burgerparticipatie Het is belangrijker dat de bewoners tevreden zijn met de verlichting dan dat er theoretische waarden gehanteerd worden voor bepaling van het lichtniveau. Er zijn op dit moment weinig klachten met betrekking tot de openbare verlichting. Bij nieuwe ontwerpen van de openbare verlichting binnen civieltechnische reconstructies geschiedt het plaatsen en verplaatsen van openbare verlichting indien nodig in overleg met bewoners en buurtnetwerken. Er kan rekening worden gehouden met verlichting waar het gewenst is zodat deze huizen niet binnen schijnt. Daarnaast zal rekening gehouden moeten worden met de doorloopruimte voor mindervaliden op trottoirs. Bij deze aanpassingen blijven de uitgangspunten van de openbare verlichting zoals benoemd in dit beleidsplan van kracht. Openbaar groen Bij aanpassing van de openbare verlichting is het belangrijk rekening te houden met het openbaar groen en de wensen. Bij het plaatsen van verlichting zal gelet moeten worden dat er geen conflict is met het openbaar groen en de riolering (deze kan ervoor zorgen dat een lichtmast niet diep genoeg in de grond geplaatst kan worden). Politiekeurmerk en ROVL 2011 Openbare verlichting maakt deel uit van het Politie Keurmerk Veilig Wonen. Het heeft vooral betrekking op zaken als de inrichting en beheer van de openbare ruimte en de toepassing van hang- en sluitwerk. Door de ROVL 2011 te volgen zal de openbare verlichting voor een groot deel aan het Politie Keurmerk Veilig Wonen voldoen. Omgevingswet Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen. De Overheid wil met de Omgevingswet een integraal instrumentarium bieden voor beheer en ontwikkeling van de fysieke leefomgeving met aandacht voor meer samenhang tussen sociaal, economisch en ruimtelijk beleid. De nieuwe wet zorgt voor een samenhangende aanpak van de leefomgeving, ruimte voor lokaal maatwerk en betere en snellere besluitvorming. Daarnaast wordt participatie bevorderd. Bijvoorbeeld door burgers en ondernemers zo goed mogelijk te betrekken bij de ontwikkeling van de leefomgeving. De wet is gericht op: a.bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. b.doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften. Met het in werking treden van de Omgevingswet wordt ook de omgevingsvisie ingevoerd. Installatie verantwoordelijkheid De gemeente dient als eigenaar en onderhoudsplichtige voor de openbare verlichting onder andere de veiligheid van deze elektrische installaties (conform de normen NEN 1010 en NEN 3140) te waarborgen zodat gebruikers (burgers, personeel en opdrachtnemers) er op een verantwoorde manier gebruik van kunnen maken. In dat verband wordt beoogd te komen tot een uniform concern-breed beleid met betrekking tot Installatie Verantwoordelijkheid (ISV). Dat beleid is vastgelegd in een kwaliteitshandboek dat beschrijft aan welke normen de elektrische installaties moeten voldoen. In het kwaliteitshandboek staan ook verantwoordelijkheden en bevoegdheden toegekend. Een van de rollen in een veilige elektrische bedrijfsvoering is de rol van Installatie-verantwoordelijke. Het technische deel hiervan is uitbesteed aa een externe partij. Jaarlijks worden de installaties gecheckt om de borging van de veilige elektrische bedrijfsvoering te onderzoeken en waar nodig bij te sturen of te adviseren. CROW 400 “werken in en met verontreinigende bodem” De CROW 400 is een richtlijn die op 1 januari 2019 definitief van kracht is geworden. Dit is een wettelijke richtlijn gericht op de veiligheid en gezondheid van de werknemers die in de betreffende grond dienen te werken. In deze richtlijn, is het aan de initiatiefnemer van de werkzaamheden de kwaliteit van de bodem aan te tonen. Met initiatiefnemer is degene die opdracht geeft voor het plaatsen dan wel verplaatsen en verwijderen van lichtmasten, in deze dus de gemeente Meerssen. Uiteraard is deze activiteit te delegeren aan een aannemer. De kosten daarvoor zullen door de opdrachtgever gedragen dienen te worden. In het kort komt het neer op het verrichten van in eerste instantie een zogenaamde ‘quickscan’ op basis van eerder onderzoek of historische gegevens of de grond mogelijk verdacht is. Op moment dat de grond verdacht is of er is niet duidelijk welke verontreiniging aanwezig is moet ook een fysiek bodemonderzoek plaatsvinden. 4 Huidige situatie 4.1 Beschrijving areaal Het areaal van de gemeente Meerssen omvat hoofdzakelijk 4,5 meter – 6,5 meter lichtmasten. Er wordt gebruik gemaakt van een ‘standaard’ type stalen verzinkte cilindrische lichtmast. Er wordt veel ‘witte verlichting (PLL)’, toegepast. In de gemeente Meerssen worden standaard typen armaturen gebruikt, te weten: de kegelarmatuur en de kofferarmatuur. Denk hierbij tot 2015 aan de kegelarmatuur 2000, Schreder Altra 2 en de Indal Libra. In 2015 heeft na het plaatsen van een proefopstelling, een informatiebijeenkomst en een pre-advies van de welstand een keuze bepaling plaatsgevonden met betrekking tot de nieuwe toe te passen standaard dimbare LED armaturen. Het betreft het kegelarmatuur van Lightronics, het kofferarmatuur (met sensor) van Lumous en het kofferarmatuur van Teceo. Uitgangspunt bij deze armaturen is warm wit licht, doch waar dit van toepassing is wordt er de kleur amber of groen toegepast. De verlichting wordt standaard vanuit het verleden via een avondnacht schakeling na 23.00 uur deels uitgezet. Dit heeft tot gevolg dat er in de nachtelijke uren donkere plekken en geen goede spreiding van de verlichting ontstaan. In een aantal gevallen zoals bij kruispunten, zebra’s, gevaarlijke bochten, blijft de verlichting aan. In het centrum van de kernen wijkt de verlichting soms af van de standaard. Alle nieuw geplaatste verlichting gaat niet meer om en om uit, maar wordt tot 70% gedimd. De gelijkmatigheid van de openbare verlichting is hierdoor aanzienlijk verbeterd. Afgelopen jaren heeft er een toename plaatsgevonden van de openbare verlichting. Dit is voornamelijk een gevolg van areaaluitbreiding. Denk hierbij aan de projecten Oude Steeg te Rothem, Vliegveldweg, Centrumplan Bunde, rijwielpad Humcoven, parkeerplaats Heiveld bestemmingsplan Gen Eijcken en de ringweg MAA. Het areaal van de gemeente Meerssen: 2014 2020 Aantal lichtmasten: 4.094* 4.338 Aantal armaturen: 4.246* 4.528 (3.202 conventioneel en 1.326 LED) Aantal wegdek solar-armaturen: 0 267 Aantal masten op zonne-energie: 0 1 *Deze aantallen wijken licht af van de genoemde hoeveelheden in het beleidsplan 2014-2023 aangezien de beheerbestanden inmiddels zijn bijgewerkt. 4.2 Geplande jaarlijkse vervangingen In de periode van 2014 tot en met 2020 is er een inhaalslag gemaakt in de vervanging van de armaturen en lichtmasten. Op dit moment zijn nog 264 armaturen en 5 lichtmasten die bij de vaststelling van het beleidsplan 2014-2023 ouder waren dan 20 respectievelijk 40 jaar. Deze zullen komende jaren worden vervangen. Voor wat betreft de vervangingen van die armaturen en lichtmasten welke in de periode 2014-2020 gepland stonden om te worden vervangen, blijkt uit analyse dat hiervan nog 348 armaturen vervangen dienen te worden. Ook deze zullen al dan of niet in combinatie met reconstructies komende jaren vervangen worden. Tot 2015 zijn alle oude conventionele hoogvermogen lampen (TLEM, HPN en SOX) vervangen door nieuwe conventionele duurzame laagvermogen lampen (PL 24W en PL 36W). Na 2015 werd LED verlichting toegepast. De gemeente Meerssen heeft 3.202 conventionele armaturen en 1.326 dimbare LED armaturen. Op dit moment bestaat dus circa 29 % van het totaal aantal armaturen uit LED verlichting. 4.3 Enexis, ondergrondse storingen en aansluittarieven De openbare verlichting in de openbare ruimte is onlosmakelijk verbonden met de ondergrondse infrastructuur van Enexis. Storingen gerelateerd hieraan vallen volledig onder verantwoordelijkheid van Enexis. Verder hanteert Enexis bij onderhoud, vervangingen, verplaatsingen, bijplaatsingen en nieuwbouw van de openbare verlichting aansluittarieven. 4.4 Enexis, bemetering Afgelopen jaren is de openbare verlichting door Enexis omgebouwd van een onbemeterde naar een bemeterde installatie. Dit betekent dat in ieder trafostation waar een voedingspunt in zit voor de openbare verlichting een meter is aangebracht. De gemeente Meerssen is een van de eerste gemeenten (welke aangesloten is op het netwerk van Enexis) geweest waar dit is uitgevoerd. Ondertussen wordt dit in steeds meer gemeenten toegepast. Op deze wijze wordt nauwkeuriger en mee inzicht verkregen in het daadwerkelijke energieverbruik. Dit in tegenstelling tot in het verleden toen het energieverbruik op theoretische basis werd bepaald en verrekend. Op termijn zal blijken of hier verschillen in zitten en hoe groot deze zijn. 5 Doelstellingen 2021 - 2030 5.1 Doelstellingen De openbare verlichting vormt een belangrijk onderdeel van de inrichting van de openbare ruimte en dient bij te dragen aan de sociale- en verkeersveiligheid van inwoners, verkeersdeelnemers en ondernemers binnen de gemeente Meerssen. Daarnaast geeft openbare verlichting sfeer en comfort, waardoor de leefbaarheid en het gevoel van veiligheid bij onze inwoners worden versterkt. Bij de inrichting van de openbare verlichting spelen duurzaamheids- en milieuaspecten een belangrijke rol. De gemeente Meerssen wil bijdragen aan een duurzame openbare ruimte. Daar waar mogelijk zal energiebesparing en CO2-reductie worden gerealiseerd. De recente aanbesteding van het onderhoud van de openbare verlichting heeft gezorgd voor structurele kostenverhoging in de komende jaren. Het college heeft in dit kader aangegeven dat de huidige begroting uitgangspunt is. De kostenverhoging geeft dan ook noodzaak tot herijking van de openbare verlichting in 2021 – 2030 waarbij financiële dekking zoveel mogelijk moet worden gevonden binnen de huidige beschikbare middelen. De belangrijkste doelstellingen in de beleidsperiode 2021-2030 zijn: 1.Door middel van goede kwalitatieve openbare verlichting bijdragen aan de sociale- en verkeersveiligheid voor alle inwoners en bezoekers van de gemeente Meerssen. 2.Bijdragen een duurzame openbare ruimte en waar mogelijk energiebesparing en CO2-reductie realiseren. 3.Regie voeren over de openbare verlichting en transparante afspraken hebben met bedrijven in het kader van beheer en onderhoud. 4.Voorkomen van achterstallig onderhoud en daarmee kapitaalsvernietiging door doelmatig en efficiënt met deze kapitaalgoederen om te gaan. 5.2 Sociale- en verkeersveiligheid Een sociaal veilige omgeving is een omgeving waarin gebruikers van de openbare ruimte zich veilig, prettig en comfortabel voelen zonder direct gevoel voor dreiging of gevaar. We willen dat onze inwoners zich thuis voelen in de openbare ruimte. Net als thuis is de wijze van inrichting en de keuze van de verlichting van de openbare ruimte voor een belangrijk deel bepalend voor de ervaring van het veiligheidsgevoel. Verondersteld wordt dat bij duisternis eerder sprake is van vandalisme, openlijke bedreiging, geweld en cetera dan op klaarlichte dag. Echter, verlichting is geen garantie voor het voorkomen hiervan. Onder verkeersveiligheid wordt onder andere het veilig en vlot afwikkelen van verkeer verstaan. Hierbij moeten de verkeersdeelnemers de aanwezigheid van zijwegen en zich mogelijk op de weg bevindende obstakels goed kunnen waarnemen. (Intredende) duisternis verhoogt de risico’s in het verkeer. Denk hierbij aan specifieke situaties zoals kruispunten, rotondes en oversteekplaatsen. Openbare verlichting kan een belangrijke bijdrage leveren in de verkeersveiligheid. De weg wordt dusdanig verlicht dat de verkeerssituatie overzichtelijk is voor weggebruikers. Daarnaast heeft verlichting een navigerende functie die de mobiliteit van het verkeer bevordert. Vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid zou iedere weg verlicht kunnen worden. Er zijn echter argumenten om de openbare verlichting achterwege te laten. Een lage verkeersintensiteit in bijvoorbeeld de buitengebieden zou een overweging kunnen zijn om dit te rechtvaardigen in relatie tot de investeringen. Tot slot kan de openbare verlichting een gevaarlijk obstakel zijn bij verkeersongevallen. Bij ontwerp en materiaalkeuzes zal de gemeente hier rekening mee houden. 5.3 Duurzaamheid De gemeente Meerssen wil bijdragen aan een duurzame openbare ruimte. In dit kader hanteren wij de volgende uitgangspunten: -Realiseren energiebesparing en CO2-reductie. -Indien nieuwe verlichting toegepast wordt, dient deze energiezuinig te zijn. -Zowel bij het ontwerpen, installeren, beheer en onderhoud moet rekening worden gehouden met de belasting voor het milieu. Denk hierbij aan het toepassen van milieuvriendelijke materialen, het afvoeren van materialen naar een erkende verwerker en het schilderen van lichtmasten met milieuvriendelijke materialen. Per vervangingsproject zal bekeken worden welk type LED-verlichting in combinatie met dimmen interessant is om energie te besparen en de CO2-uitstoot te reduceren. Alhoewel de geprognosticeerde levensduur van LED-verlichting zich nog moet bewijzen gaan we er vanuit dat dit zich ook uitbetaalt in andere voordelen, denk hierbij aan: -Minder onderhoudskosten (wel schoonmaakkosten) ten opzicht van conventionele verlichting. -Minder inzet van hoogwerkers bij onderhoud en dus minder milieubelasting. -Genoemde voordelen zorgen voor minder hinder voor bewoners bij onderhoudswerkzaamheden. -Minder afval aangezien de levensduur van LED veel langer is. Opgemerkt wordt dat bovengenoemde positieve effecten nog niet of nauwelijks waarneembaar zijn. 5.4 Onderhoud en (projectmatige) vervangingen Ter voorkoming van achterstallig onderhoud en daarmee kapitaalsvernietiging zijn het verrichten van structureel onderhoud en inspecties van groot belang voor de instandhouding van het huidige beeldkwaliteit en de technische kwaliteit. Bij de instandhouding horen ook vervangingen. Hier wordt een afschrijvingstermijn voor gehanteerd van 20 jaar voor armaturen en 40 jaar voor lichtmasten. Deze vervangingen worden gefinancierd uit de jaarlijkse hiervoor opgenomen investeringen. Gelijktijdig met de vervangingen kan ook dan de lichtkwaliteit worden verbeterd en zal er een afname zijn van het energieverbruik. Uitgangspunt hierin is: -Bij vervanging van de openbare verlichting zullen het lichtniveau en de gelijkmatigheid worden verhoogd, waarbij een optimale lichtkwaliteit het streven is. -Bij vervanging van de openbare verlichting wordt de mogelijkheid van LED-verlichting en dimmen onderzocht en indien mogelijk toegepast. -Bij reconstructies van de wegen en riolering zal de verlichting worden aangepast binnen de richtlijnen van de ROVL 2011. Bij dit laatste geldt wel dat er sprake moet zijn van een één op één vervanging en de vervanging middels LED-verlichting en dimmen moet passen binnen het financiële kader. Binnen deze reconstructiecyclus zal de openbare verlichting op lange termijn aan de richtlijnen voldoen. Financiële middelen voor (incidentele) uitbreidingen, bijplaatsingen en verplaatsingen van de openbare verlichting waren de afgelopen beleidsperiode afwezig en zullen ook de nieuwe beleidsperiode niet aanwezig zijn. 5.5 De gemeente als regisseur De komende beleidsperiode continueert de gemeente Meerssen haar rolopvatting. Deze koers leidt tot regie, transparantie, goede dienstverlening en marktconformiteit. De gemeente treedt hierbij op als regisseur van de openbare verlichting, operationele taken worden zoveel mogelijk uitbesteed. Kerntaken binnen de regiefunctie zijn: -Goed opdrachtgeverschap. -Zorgdragen voor beleid en advies richting bestuur. -Het bewaken van kwaliteit, toetsing en bijsturing (interne planvorming vanuit onder andere ontwikkelings,- en nieuwbouwprojecten en externe marktpartijen). -Het bewaken van de begrotingsplannen en uitvoeringsplanning. -Afstemmingsoverleg met stakeholders. -Het snel en adequaat afhandelen van klachten door het meldpunt. -Beheren eigen beheersysteem openbare verlichting. Op dit moment wordt op kennis- en uitvoeringsniveau samengewerkt met de gemeente Maastricht, Sittard-Geleen en de Provincie Limburg. 6 Herijking Strategie? 6.1 Criteria openbare verlichting In bijlage 1 is aangegeven welke gebieden binnen het openbare verlichtingsbeleid vallen. Deze tabel is indicatief, er zal per project bekeken moeten worden wat de toe te passen verlichtingsklasse moet zijn. Om aan deze klassen te kunnen voldoen, worden eisen gesteld aan de lichtpunten. De masthoogte, het type armatuur en de lampsoort bepalen gezamenlijk of een gewenste klasse haalbaar is. Per functiegebied en wegcategorie kunnen uitzonderingen gemaakt worden op basis van overwegingen zoals lage verkeersintensiteit ten opzichte van de investeringskosten, milieuaspecten zoals lichthinder, lichtvervuiling en flora en fauna. We verlichten in beginsel geen speelplaatsen, achterpaden, recreatieve fiets- en voetpaden, recreatiegebieden (parken), natuurontwikkelingsgebieden, buitengebieden en plaatsen waar een alternatieve verlichte (fiets) route aanwezig is. Indien toch sprake is van een concrete behoefte aan openbare verlichting, dan zal dit per geval bekeken moeten worden. Zoals aangegeven zijn de sociale- en verkeersveiligheid en de beschikbare financiële middelen hierin leidend. 6.2 Meerssen continueert het programma voor LED en dimmen! Om een duurzamer openbare verlichting te realiseren continueert Meerssen inzet van LED en dimmen. Naast de bijdrage aan energiebesparing en CO2-reductie, heeft deze strategie op de lange termijn mogelijk ook financiële voordelen. Bij grootschalige vervangingen door LED verlichting wordt een kwaliteitsverbetering gerealiseerd, die bijdraagt aan de sociale- en verkeersveiligheid in de gemeente Meerssen. LED-verlichting Dimbare LED-verlichting zijn de standaard en is de norm! Er dient echter wel rekening te houden met langere terugverdientijden. Denk hierbij aan een periode 15 tot 20 jaar. Een doorrekening laat zien dat het theoretische energie-besparingspotentieel (KWh en CO2) middels LED-verlichting circa 18 % bedraagt, wanneer alle conventionele openbare verlichting op dit moment gelijktijdig vervangen wordt door LED-verlichting en dimmen. Bij deze berekening is echter geen rekening gehouden met de huidige avond/nachtschakeling. Bovendien is het gelijktijdig vervangen van het huidige areaal niet realistisch omdat dan sprake is van kapitaalvernietiging. De openbare verlichting heeft restwaarde. Naar schatting zal circa 10 % energiebesparing (KWh en CO2) de komende beleidsperiode meer op zijn plaats zijn, indien het beleidsplan wordt gerealiseerd. Er is weliswaar met dit beleidsplan een energiebesparing maar tegelijkertijd dient rekening te worden gehouden met verhoging van de energietarieven (transportkosten en overheidsheffing). De tariefsverhoging zal een negatief effect hebben op de uiteindelijke werkelijke besparing. Dimmen en avond/nachtschakeling Alle nieuwe LED verlichting blijven dimmen. In de nachtelijke uren is er de mogelijkheid om de verlichting naar een lager niveau te schakelen (voor Meerssen naar 70%). Er is dan minder behoefte aan licht aangezien de meeste mensen van hun nachtrust genieten. Hierbij moet rekening worden gehouden met het feit dat in Meerssen een avond/nachtschakeling wordt toegepast. In het kader van duurzaamheid wordt een deel van de openbare verlichting vanaf 23.00 uur uitgeschakeld. Dit betreft de conventionele verlichting, de nieuwe LED-verlichting dimt tot 70% om 23.00 uur. Het toepassen van dimmen komt de gelijkmatigheid van de lichtspreiding ten goede. Positief gevolg hiervan in het kader van sociale veiligheid is dat dit de veiligheidsbeleving van onze inwoners zal verbeteren. Verder zal gelijkmatige lichtverspreiding de verkeersveiligheid ten goede komen. 6.3 Verlagen (beeld)kwaliteit en/of versoberen onderhoud of niet? De kwaliteit wordt in sterke mate bepaald door het dagelijkse reguliere onderhoud en de vervangingen. In de gemeente Meerssen is bij het onderhoud van de openbare verlichting de CROW beeldkwaliteit systematiek van toepassing. De gemeente Meerssen kan kiezen voor verdere versobering in het onderhoud van de openbare verlichting. Voor het vervangen van de openbare verlichting wordt de levensduur vastgesteld volgens de landelijk meest gehanteerde technische levensduur dan wel afschrijvingstermijn, te weten: armaturen 20 jaar en lichtmasten 40 jaar. Hierdoor worden de kapitaalgoederen efficiënt gebruikt. Beleidsperiode 2014-2023 Voor de beleidsperiode 2014-2023 was beeldkwaliteit B en de volgende onderhoudsstrategie van toepassing. Correctief onderhoud -Verhelpen van defecten c.q. storing aan de openbare verlichting. -Verhelpen van (aanrijd en storm)schade. -Verhelpen van schade ten gevolge van molest. -Rechtzetten van de mast. Preventief onderhoud: -Groepsremplace (groepsgewijs vervangen van lampen, 1 x per 4 jaar) -Schilderen lichtmasten (1 x per 8 jaar). Inspectief onderhoud -Visuele (uitgebreide) inspecties c.q. schouwen. Planmatige vervangingen lichtmasten en armaturen. Beleidsperiode 2021-2030 Voortschrijdend inzicht in de gehanteerde onderhoudsstrategie in de beleidsperiode 2014-2023 geeft is voor de beleidsperiode 2021- 2030 de volgende onderhoudsstrategie. Correctief onderhoud -Alle werkzaamheden zodat de verlichting voldoet aan het gestelde beeldkwaliteit B en geldende normen en wetten, incl. vervangingen van alle installatieonderdelen vanaf de zekering tot de lamp (doch excl. vervangingen mast en armatuur zelf). -Afhandeling storingen. -Veiligstellen schades ten gevolge van aanrijdingen, vandalisme en storm. -Vervangen van beschadigde lichtmasten/armaturen als gevolg van aanrijdingen, vandalisme en storm. Preventief onderhoud -Remplace lampen (groepsgewijs vervangen van lampen, 1x per 4 jaar en op aanwijs door gemeente) -Inspectie geheel areaal (verspreid over 4 jaar) -Avondschouw (2x per jaar) -Schoonmaak (op aanwijs door gemeente) -Schilderen (op aanwijs door gemeente) Storings- en wachtdienst (buiten kantooruren). -Veiligstellen lichtmasten tgv aanrijdingen, vandalisme en storm. -Oppakken grootschalige storingen. Voor het dagelijkse onderhoud van de openbare verlichting kan in de nieuwe beleidsperiode het beeldkwaliteit verlaagd worden van B naar C en kan de onderhoudsstrategie worden aangepast. Concreet zou dit kunnen betekenen dat het onderhoud zich richt op enkel hoognodige werkzaamheden. In dit kader kunnen de volgende uitgangspunten worden gehanteerd voor het onderhoud: -Gevaarlijke situaties direct aanpakken en veiligstellen. -Geen schade lichtmasten als gevolg van storm en vandalisme vervangen. -Niet vervangen van schade lichtmasten welke niet verhaalbaar zijn als gevolg van aanrijdingen. -Acceptatie meer vervuilde, beschadigde en scheefstaande lichtmasten en armaturen (ten gevolge van verlaging beeldkwaliteit van B naar C). -Geen remplace toepassen. -Afhandeltermijn storingen oprekken. -Geen schoonmaak- en reinigingswerkzaamheden armaturen en lichtmasten. -Geen schilderwerkzaamheden verrichten. Consequenties verlaging beeldkwaliteit en het alleen verrichten van hoognodige werkzaamheden Verlaging van het beeldkwaliteit van B naar C en het nog alleen maar verrichten van de hoognodige werkzaamheden aan de openbare verlichting zal een negatief effect hebben op het doelmatige en efficiënte gebruik van de kapitaalgoederen. Bij implementatie van deze strategie zal zeer sterk rekening moeten worden gehouden met: -Zichtbare verpaupering en verloedering van de openbare ruimte. Denk aan o.a. scheefstand van de masten (rommelig aanzicht), aanslag, roest, afbladderingen van verf op lichtmasten, hinderlijk knipperende verlichting en meer donkerte in de straat door uitgevallen verlichting. -Frustraties en irritaties bij burgers en ambtelijk apparaat in verband met het niet kunnen herstellen/reageren van/op meldingen/klachten. -Minder lichtopbrengst en een onveilig gevoel. -Mogelijke negatief effect op de sociale-, en verkeersveiligheid doordat niet alle defecte verlichting snel worden hersteld dan wel wordt vervangen. -Visuele inspecties, schouwen en remplace worden niet meer uitgevoerd. De gemeente is reactief en ‘wacht’ en reageert enkel op meldingen van bewoners en of andere stakeholders. -Het bederven van de kapitaalgoederen, door het verminderde onderhoud. -Mogelijk meer aansprakelijkheidsrisico’s. Bovenstaande consequenties zal minimaal de veiligheid in de openbare ruimte waarborgen. Bij gevaarlijke situaties aangaande openbare verlichting wordt accuraat geacteerd en wordt de openbare ruimte veilig gesteld doch niet vervangen. 6.4 Gemeentelijke projecten dragen ‘zelf’ de kosten voor de openbare verlichting Tot op heden wordt er een inhoudelijke en financiële bijdrage geleverd vanuit de exploitatie openbare verlichting aan gemeentelijke projecten. Denk hierbij aan inhoudelijk verlichtingsadvies en een financiële bijdrage. De komende beleidsperiode kunnen deze bijdragen worden afgebouwd. Dit betekent dat gemeentelijke projecten die consequenties hebben voor openbare verlichting de daaruit voortvloeiende kosten voortaan zelf moeten dragen en niet meer op een bijdrage vanuit de discipline openbare verlichting kunnen rekenen. Ook zal er wederom geen ruimte zijn om in te spelen op wensen om extra masten of verlichting bij te plaatsen, dan wel te verplaatsen. Er wordt gewerkt vanuit het principe de vrager betaalt. Dit heeft betrekking op zowel interne als externe stakeholders. 6.5 Minder directievoering, toezicht en externe inhuur Financiële ruimte kan worden gecreëerd door minder inzet op directievoering en toezicht buiten. Controle op uitvoering en naleving contract door de externe leverancier zal nog meer steekproefsgewijs plaatsvinden. De huidige kwaliteit kan in komende beleidsperiode niet meer structureel geborgd worden. Tot slot kan de inzet van externe inhuur voor advies de komende beleidsperiode worden afgebouwd. Regulier onderhoud is uitgangspunt en nieuw beleid, opstellen beheerplannen en evaluaties worden uitgesloten. Indien van toepassing zullen dan voor betreffende jaren incidentele budgetten in de begroting moeten worden opgenomen. 6.6 Hersteltermijn meldingen/storingen oprekken van 4 naar 10 dagen De klachten en meldingen worden afgehandeld en doorgezet door gemeente. De hersteltermijn van storingen was verkort van 10 werkdagen naar 4 werkdagen. Bewoners hoeven hierdoor niet twee weken in het donker te zitten of onnodig tegen knipperende verlichting aan te kijken. In het kader van de herijking beleidsplan openbare verlichting 2021 – 2030 kan de hersteltermijn weer worden opgerekt. De hersteltermijn van Enexis voor ondergrondse storingen bedraagt in de praktijk 10 tot 30 werkdagen. Hier heeft de gemeente Meerssen geen rol in maar we proberen hier wel een positieve invloed op uit te oefenen door middel van structureel overleg en evaluatie met Enexis. 6.7 Regisserende gemeentelijke organisatie en marktwerking Volledige regie betekent dat ook de komende beleidsperiode het onderhoud zal worden aanbesteed. Opgemerkt wordt dat marktwerking niet per definitie tot gunstigere prijzen hoeft te leiden. De prijs van onderhoud is afhankelijk van vraag, aanbod, kwantiteit en eisen. Door uitbesteding van het onderhoud en beperkte capaciteit van de eigen organisatie was de rol van de gemeente reeds verschoven naar een coördinerende en toetsende rol. De toetsende rol in de vorm van toezicht, directievoering en controle wordt steekproefsgewijs waarbij er minder frequent zal worden getoetst dan in de huidige beleidsperiode. Om volledig regie te houden op de kwaliteit van de openbare verlichting is een actueel beheerbestand essentieel. Het administratieve beheer van de openbare verlichting wordt door de eigen organisatie gedaan. Het bijhouden van beheergegevens in een beheerssysteem is arbeidsintensief en vraagt om specialistische kennis. Om dit te kunnen bewerkstellig is in 2021 geïnvesteerd in een onderhoudsmanagementsysteem. Dit heeft ook tot gevolg dat er capaciteit nodig is om de gegevens aangaande de openbare verlichting up to date te houden. 6.8 Benodigde ureninzet Het instandhouden van de openbare verlichting vraagt om ambtelijke capaciteit. De beschikbare ambtelijke capaciteit bedraagt 0,25 FTE en is als volgt opgebouwd: •Beleid, beheer, begeleiding en advisering (beleidsmedewerker): 0,08 FTE. •Serviceverlening (administratief medewerk(st)er en medewerkers meldpunt): 0,12 FTE. •Applicatiebeheerder 0,05 FTE. Met name het item “beheer, beleid, advisering en besteksvoorbereiding” behoeft meer capaciteit om te kunnen voldoen aan de vraag van zowel interne als externe stakeholders. Tot op heden werd dit tekort ingevuld door externe inhuur van capaciteit en bedroeg ca. 0,10 fte. Bij het laten vervallen van deze inhuur gaat dit ten koste van de service- en dienstverlening. Naast bovenstaande benodigde uren worden werkzaamheden bij een extern bureau ondergebracht. Deze werkzaamheden zijn namelijk specialistisch en hebben voornamelijk betrekking op projectvoorbereiding, zoals het maken van verlichtingsberekeningen, tekeningen, opstellen van programma van eisen, houden van aanbestedingsprocedures en het voeren van directie en toezicht bij zowel reguliere onderhoudswerkzaamheden als projectmatige vervangingen. Deze projectvoorbereiding zal ten laste van de vervangingsinvesteringen en projecten komen. 6.9 Keuzes voor de komende periode Zoals benoemd heeft met name de aanbesteding van het onderhoud van de openbare verlichting in 2021 tot gevolg dat de komende jaren rekening moet worden gehouden met een structurele kostenverhoging van ca. € 67.350. In dit hoofdstuk is een aantal mogelijkheden beschreven voor bezuiniging. Ter voorkoming van achterstallig onderhoud, de waarborging van de veiligheid en het voldoen aan de wettelijke- en zorgverplichting wegbeheerder en daarmee het minimaliseren van aansprakelijkheidsrisico’s dient de nadruk te liggen op het onderhoud en de vervangingen. Om deze redenen is voor het beleidsplan openbare verlichting 2021 – 2030 gekozen voor het volgende: -De doelstellingen zoals geformuleerd in hoofdstuk 5 zijn van toepassing voor de komende beleidsperiode 2021-2030. -Er vindt geen neerwaartse bijstelling plaats van het onderhoud aan de openbare verlichting. Hiermee neemt de gemeente Meerssen haar verantwoordelijkheid als goed wegbeheerder en vult zij haar rol ordentelijk in. Deze zorgtaak is de primaire taak als wegbeheerder. Aansprakelijkheidsrisico’s en veiligheidsrisico’s worden geminimaliseerd. -Geen oprekking van de hersteltermijn van 4 werkdagen. Enerzijds om toename van meldingen te voorkomen en anderzijds omdat de (financiële) verplichtingen met de huidige leverancier dit niet toelaat. Hier zijn geen juridische mogelijkheden voor zijn. De oprekking zou optioneel wel bij een volgende aanbesteding (in 2025) meegenomen kunnen worden. -Het beeldkwaliteit B wordt voor de openbare verlichting gecontinueerd. Dit draagt bij aan een duurzame, verkeers,- en sociaalveilige openbare ruimte en wordt verpaupering voorkomen. Daarbij laat ook dit item de (financiële) verplichtingen met de huidige leverancier dit niet toe en zijn hier geen juridische mogelijkheden voor. Desondanks zou de verlaging in beeldkwaliteit optioneel wel bij een volgende aanbesteding (in 2025) meegenomen kunnen worden. Opgemerkt dient te worden dat bijvoorbeeld bij gemeente Sittard-Geleen, die beeldkwaliteit C hanteert, onderhoudskosten betaald overeenkomstig beeldkwaliteit B. Het enige financiële voordeel wat er te behalen zou kunnen zijn is het niet meer schoonmaken dan wel verven van armaturen en lichtmasten. Er wordt namelijk bij beeldkwaliteit C onder andere meer vervuiling en lakbeschadiging geaccepteerd. Doch deze kosten zijn nu ook al als variabel opgenomen en worden alleen uitgevoerd in opdracht van gemeente. -Bezuiniging dan wel financiële herijking laten plaatsvinden door: •Inzet van advies-uren (extern en intern) te verminderen. •Niet in te gaan op verzoeken tot advisering, beantwoording vragen, aanpassen beleid, opstellen lichtberekeningen aangaande de openbare verlichting. •Kosten van projectvoorbereiding ten laste van de vervangingsinvesteringen en projecten (ook van andere disciplines) te laten brengen. De vrager betaalt! •Het anders organiseren van de schadeafhandelingen, zowel ambtelijk als financieel. Voordeel hiervan is dat alles bij 1 partij ligt, de gemeente niet meer als tussenpersoon hoeft te fungeren en bij niet verhaalbare aanrijschade alleen nog maar een eigen risico van € 250 van toepassing is. Verder kunnen nu de kosten van de bodemonderzoeken verhaald worden, hoeven geen financiële voorschotten van 4 tot 8 maanden gedaan te worden en zullen geen overschrijdingen meer aan de lastenzijde van de exploitatie zijn. •Andere stroomlijning voor wat betreft het verrichten van bodemonderzoeken. •Kosten gemoeid met vervangingen van de zogenaamde “schade en onveilige masten” (als gevolg van bijvoorbeeld storm, vandalisme, mankementen en niet verhaalbare aanrijschade) ten laste van de vervangingsinvesteringen te brengen. Bovenstaande maatregelen leiden tot een mindere verhoging van de exploitatie en tot extra investeringen en daarmee toename van kapitaallasten. 7 Begrotingsreflectie 7.1 Huidige begroting exploitatie en financieel effect aanbesteding Het doel van de begrotingsreflectie is te onderzoeken op welke wijze de exploitatiekosten van de openbare verlichting herijkt kan worden in de nieuwe beleidsperiode 2021 – 2030. De jaarlijkse exploitatiekosten van de periode tot 2020 ten behoeve van de openbare verlichting zoals opgenomen in de begroting zijn in de onderstaande tabel weergegeven. Tevens zijn in de tabel de financiële consequenties beschreven op basis van de huidige ontwikkelingen. Met name zorgt de kostenpost ‘correctief onderhoud en storings,- en wachtdienst’ door de aanbesteding in 2021 voor een relatief hoge overschrijding. 7.2 Financiële herijking exploitatie 2021 - 2030 In de nieuwe beleidsperiode zal de financiële overschrijding van circa € 67.350 door onder andere de kostenpost ‘correctief onderhoud en storings,- en wachtdienst’ voor het grootste gedeelte worden gedekt door kosten te besparen op volgende posten: - Inhuur externe expertise. Kosten van toezicht en opstellen advies/ontwerpen en lichtberekeningen ten behoeve van de jaarlijkse vervangingen over te hevelen van de exploitatie naar de investeringen “vervangen armaturen” en “vervangen lichtmasten” (€ 3.000). Bedrag van € 5.500 bezuinigen en indien nodig ten laste van de betreffende projecten dan wel casussen brengen en zo nodig bijramen. Resterend bedrag van € 1.500 handhaven ter ondersteuning ambtenaar. Kosten gemoeid met opstellen nieuw beleid, opstellen beheerplannen en verrichten evaluaties in betreffende jaren middels incidentele budgetten in de begroting opnemen. - Inhuur contractmanager. Geen structureel en extern toezicht op naleving contract onderhoudsaannemer maar alleen sporadisch en steekproefsgewijs door ambtelijk personeel (€ 5.000). -Kosten ‘nacht van de nacht’ overhevelen naar taakveld Milieubeheer (€ 500). - Bodemonderzoek. Benodigde bodemonderzoeken bij vervangingen als gevolg van aanrijdingen en dergelijke worden meegenomen bij de schadeafhandeling en daarmee verhaald bij veroorzaker. Overig benodigd bodemonderzoek onderbrengen bij een andere marktpartij. Deze maatregel is reeds doorgevoerd en levert direct een bezuiniging op (€ 10.200). Het resterend bedrag van € 800 blijft opgenomen in de exploitatie en is bedoeld voor een 10-tal te verrichten bodemonderzoeken in geval van vervangingen masten met mankementen en te vervangen beschadigde masten/armaturen als gevolg van vandalisme en storm. - Vervangingen armaturen/masten welke mankementen vertonen. Gezien de hoeveelheid armaturen en lichtmasten ouder dan 20 jaar respectievelijk 40 jaar minder wordt is er een afname van het aantal te vervangen incidentele armaturen/masten welke mankementen. Aangenomen wordt dat dit aantal op jaarbasis nog ca. 5 stuks zal zijn. Vervangingen van deze armaturen en/of masten (kosten ca. € 6.750) zullen niet meer ten laste van de exploitatie worden gebracht maar ten laste van de investeringen. Om deze redenen wordt een bedrag van € 17.500 op de exploitatie afgeraamd. Het resterend bedrag van € 1.500 blijft opgenomen in de exploitatie en is bedoeld voor kleine herstelwerkzaamheden zoals het vervangen van bijvoorbeeld lampenkappen of mastluikjes - Vervangingen niet te verhalen schades tgv aanrijdingen, vandalisme en storm. Middels het onderbrengen van het afhandelen van schades bij de nieuwe onderhoudsaannemer zal er een efficiëntere en (ambtelijke) tijdbesparende werkwijze zijn. Daarbij zal niet verhaalbare aanrijdschade afgekocht worden via een eigen risico. Voor dit afkopen zal een bedrag van € 1.250 in de exploitatie worden gereserveerd. Dit bedrag betreft een aanname gebaseerd op 5 stuks.Voor de vervanging van masten en armaturen welke schade vertonen ten gevolge van vandalisme en storm zal een investeringsbedrag van € 6.750 (aanname 5 stuks) worden opgenomen. Om deze redenen wordt een bedrag van € 22.250 op de exploitatie afgeraamd. - NODR. Het verhalen en afhandelen van schades worden direct ondergebracht bij de nieuwe onderhoudsaannemer van de openbare verlichting. Hierdoor vervallen de gemiddelde kosten van € 7.000 te betalen aan NODR. Inkomsten verhaalbare schade vervallen (€ 20.000). Resumé betekend dit voor exploitatie openbare verlichting het volgende: Met name op basis van het resultaat van een aanbesteding zijn de lasten van de correctieve onderhoudswerkzaamheden aan de openbare verlichting toegenomen waardoor er een bijraming diende plaats te vinden van € 67.350. Middels bezuinigingen dan wel een andere aanpak van diverse werkwijzen is er een bezuiniging bewerkstelligd van € 70.950 maar vallen ook de baten van € 20.000 weg. Geconcludeerd wordt dat de exploitatiebegroting er per saldo € 16.400 op achteruit gaat. Tevens nemen de investeringen met € 16.500 per jaar toe. 7.3 Bedragen investeringen vs uitgaven beleidsplan 2021 -2030 In onderstaande tabel zijn zowel de te verwachten uitgaven en de benodigde investeringen voor LED armaturen en lichtmasten weergegeven voor de komende beleidsperiode 2021 – 2030. Na doorrekening van de te verwachten vervangingen blijkt dat de huidige beschikbare financiële investeringen zoals opgenomen in huidige begroting voldoende zijn om de openbare verlichting 2021 – 2030 verder te gaan verduurzamen middels LED-verlichting in combinatie met dimmen. De bedragen van de investeringen zijn vanwege financiële spreiding dan wel gelijkmatige uitgaven gebaseerd op het gemiddelde aantallen te vervangen lichtmasten en armaturen. Deze aantallen fluctueren namelijk per jaar. Zoals aangegeven bij de paragraaf 7.2 exploitatie zullen de vervangingen van de armaturen en masten welke vervangen dienen te worden vanwege schade veroorzaakt door vandalisme en storm of mankementen vertonen, via de investeringen gaan lopen. Ook de kosten gemoeid met projectvoorbereiding van de vervangingen zullen ten laste van de investeringen worden gebracht. Dit resulteert in een jaarlijkse structurele verhoging van de investeringsbedragen van € 8.250 bij zowel “vervangen armaturen” als “vervangen lichtmasten”. Het gevolg is wel dat door de verschuivingen op termijn geen financieel voordeel wordt behaald en dus enkel een verschuiving van de kosten plaatsvindt. 8 Tot slot Dit beleidsplan geldt voor de periode 2021 – 2030. Het is zinvol om na 2 jaar te evalueren en te bezien welke effecten in relatie tot de financiën van de openbare verlichting zijn ontstaan. Ook de ontwikkelingen rondom techniek (LED), en de gemeentelijke - en marktontwikkelingen zullen mogelijk in een ander perspectief staan. Eventuele is bijsturing kan nodig zijn. Bijlage 1 ROVL Functie openbaar gebied Ontwerp-snelheid Hoofdgebruiker Verlichtings-klasse volgens ROVL-2011 Km/h Klasse Buiten bebouwde kom ● Hoofdwegen 80 M3 - M5 ● Landwegen / buitengebied 60 - 80 oriëntatie-verlichting Binnen bebouwde kom Verkeer - Hoofdwegen 50 - 70 M2 - M5 - Gebiedverbindingswegen 30 - 50 M3 - M5 - Wijkontsluitingswegen 50 M3 - M5 - industrie-gebieden 50 M3 - M5 - centrumgebied 30 - 50 M4 - M5 Verblijf - woonwijken 30 P4 tot P5 - centrumgebied 30 P1 tot P5 Fietsverkeer - fietspaden op doorgaande wegen ≤30 P5 Zie ROVL richtlijnen: Verlichtingsklasse per functie openbaar gebied Verlichtingsklassen: M Verlichtingsklasse geMotoriseerd verkeer P Verlichtingsklasse verblijfsgebied (Pedestrians) Bijlage 2 Beeldkwaliteit CROW Het CROW, het erkende kenniscentrum voor Verkeer en Vervoer, heeft de Kwaliteitscatalogus openbare ruimte 2018 uitgebracht. De kwaliteitscatalogus openbare ruimte 2018 biedt landelijke standaardkwaliteitsniveaus voor het onderhoud van de openbare ruimte. De foto’s, beschrijvingen en prestatie-eisen in de kwaliteitscatalogus stellen beheerders van openbare ruimte in staat om inzichtelijk te communiceren met hun bestuurders, gebruikers en uitvoerders van het onderhoud. In deze kwaliteitscatalogus worden vijf niveaus gehanteerd voor de kwaliteit van de openbare buitenruimte. De vijf niveaus worden gevisualiseerd in het beeldenboek. Openbare Verlichting is in de voor de kwaliteit van de openbare buitenruimte. De vijf niveaus worden gevisualiseerd in het beeldenboek. Openbare Verlichting is in de kwaliteitscatalogus ondergebracht bij het onderdeel Meubilair. De kwaliteitscatalogus 2018 bevat ruim 200 schaalbalken met vijf kwaliteitsniveaus, variërend van zeer hoog (A+) tot zeer laag (D), waarmee de gewenste kwaliteit per gebied kan worden gekozen. De kwaliteitseisen kunnen worden opgenomen in een RAW-beeldbestek. Voor openbare verlichting in de gemeente Meerssen is de B kwaliteitsniveau (‘vroeger genaamd basis’) zoals beschreven in de CROW Standaard leidend. Bijlage 3 Begrippenlijst onderhoud Groepsremplace Bij groepsremplace worden alle lampen gelijktijdig, ongeacht of deze defect zijn, vervangen bij het einde van hun levensduur. De kans dat deze lampen afzonderlijk achtereenvolgens uitvallen is in deze fase groot. Het in één keer groepsgewijs vervangen van deze lampen is op deze wijze goedkoper dan afzonderlijk incidentele defecte lampen vervangen. De aannemer hoeft niet per storing te uit te rijden, maar kan in één ronde alle lichtpunten vervangen waardoor tevens de CO2 uitstoot van de hoogwerker gereduceerd wordt. Een logisch gevolg hiervan is dat er minder klachten van burgers zullen komen. Het uitgangspunt is dat de lampen één maal per 4 jaar vervangen worden. Schilderen Voor het behoud van lichtmasten en voor het esthetische effect worden stalen lichtmasten periodiek geschilderd. Aluminium lichtmasten worden niet geschilderd. Stalen masten behoeven na ca. 8 - 10 jaar wel onderhoud. In de gemeente Meerssen worden hoofdzakelijk stalen lichtmasten toegepast. Het uitgangspunt is dat de stalen lichtmasten één maal per 8 jaar geschilderd worden Inspectie Het onderhoudsniveau van de OVL dient te voldoen aan de gestelde kwaliteitsnorm zowel op het gebied van beeldkwaliteit als de technische veiligheid. Het is aan de aannemer om hier zorg voor te dragen. Het is aan de gemeente om dit steekproefsgewijs te toetsen. Bij een inspectie dienen de volgende controles uitgevoerd te worden: -Controle of het verlichtingsobject voldoet aan de gestelde beeldkwaliteit CROW (zie bijlage 2). -Controle mastdeurtje op deugdelijke sluiting en invetten van alle bewegende delen. -Controle van aansluitkast, externe voorschakelapparatuur en/of overige apparatuur. -Controle mastdeurtje op positie t.o.v. de rijbaan. -Controle trekontlasting kabels/snoeren en bevestiging. -Controle stabiliteit (staat deze los of vast in de grond) van het verlichtingsobject. -Controle op corrosievorming (o.a. op maaiveldhoogte, inwendig, rondom mastluikje en mastluikje zelf). -Controle of alle onderdelen deugdelijk vastzitten. -Controle op leesbaarheid lichtmastnummer. -Controle of verlichtingsobject voldoende is gevuld met zand. -Controle op afwezigheid van condenswater. -Controle stand armatuur t.o.v. de rijbaan. -Controle conditie (is deze schoon) armatuur. -Controle van de gegevens in het bestand met de werkelijkheid.
Meer informatie