Uitvoeringsprogramma 2026 Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) Domein Omgeving

Mededelingen
Locatie
SoortMededelingen
Gepubliceerd op12 oktober 2026
Gepubliceerd doorGemeente Sittard-Geleen

Uitvoeringsprogramma 2026 Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) Domein Omgeving 1. Inleiding In hoofdstuk 13 van het Omgevingsbesluit zijn bepalingen opgenomen over de uitvoering van Vergunningen, Toezicht en Handhaving (hierna: VTH) en de daaraan te stellen kwaliteitseisen. Op basis hiervan dient een bestuursorgaan een VTH-beleid (uitvoerings- en handhavingsstrategie) vast te stellen. Hierin geeft het bestuursorgaan (onder meer) aan welke doelen het zich stelt bij de uitvoering van de VTH-taken, welke activiteiten het daartoe zal uitvoeren en waar de prioriteiten liggen. Daarnaast bevat het VTH-beleid de zogenoemde uitvoeringsstrategieën. Hierin wordt op hoofdlijnen beschreven wat wordt gedaan om de gestelde doelen te realiseren, waarbij rekening wordt gehouden met de daaraan gegeven prioriteit. In maart 2026 is een VTH overbruggingsbeleidsplan vastgesteld voor het jaar 2026-2027. Het VTH-beleid wordt jaarlijks uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma. In dit document wordt benoemd welke activiteiten in 2026 worden uitgevoerd, waarbij rekening wordt gehouden met de in het VTH-beleid gestelde doelen en prioriteiten en de beschikbare capaciteit. Met uitzondering van de zaaktypes die vallen onder het omgevingsrecht, worden in 2026 verdere stappen gezet om ook andere producten die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving in het zaaksysteem Rx.Mission te incorporeren. Het gaat hierbij om horeca- en evenementenvergunningen en/of meldingen. Ook willen we relevante data goed verankeren in het zaaksysteem die ons beter in staat stelt effecten in de fysieke leefomgeving te monitoren en hier de uitvoeringsorganisatie op af te stemmen. Deze ontwikkelingen maken het monitoren van de voortgang van het VTH-uitvoeringsprogramma effectiever naar de toekomst. Jaarlijks evalueren we in een jaarverslag of de activiteiten uit het uitvoeringsprogramma zijn uitgevoerd. Ook beoordelen we in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan de doelen uit het VTH-beleid. Met de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024 is het nodig om het VTH-beleid volledig te actualiseren. We hebben 2024 tot en met 2026 benut om ervaring op te doen met werken binnen het nieuwe stelsel. Op basis daarvan zijn we inmiddels gestart met het zetten van concrete stappen richting een vernieuwd VTH-beleid (verwacht in 2027). Zowel het jaarverslag als het uitvoeringsprogramma worden gedeeld met de gemeenteraad en met Provincie Limburg in het kader van het interbestuurlijk toezicht. Dit document bevat het uitvoeringsprogramma 2026 voor Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving en wordt ingeleid met een hoofdstuk over het VTH-beleid. 2. Beleidsplan VTH Het Overbruggingsbeleidsplan VTH-taken Sittard-Geleen bestaat uit twee delen. In het eerste deel zijn doelstellingen geformuleerd met betrekking tot de wettelijke VTH-taken en een aantal APV-taken. Deze doelen geven de uitgangspunten weer bij de uitvoering van de taken. Vervolgens zijn op basis van de grootste risico’s prioriteiten gesteld. Zo kan de (bestuurlijke) aandacht zich richten op de hoge risico’s en de daaraan verbonden prioriteiten. Het tweede deel van het Overbruggingsbeleidsplan VTH beschrijft de uitvoeringsstrategieën. Deze geven op hoofdlijnen weer hoe wij invulling geven aan de realisatie van de gestelde doelen. Voor Toezicht en Handhaving zijn dat de preventiestrategie, de toezichtstrategie, de sanctiestrategie en de gedoogstrategie. Deze uitvoeringsstrategieën zien niet op de zogenoemde basistaken die door de Omgevingsdienst Zuid-Limburg (hierna: ODZL) worden uitgevoerd. 2.1. Doelen en prioriteiten In deel I van het Overbruggingsbeleidsplan VTH is op basis van een omgevingsanalyse en risicobeoordeling een prioritering aangebracht binnen de VTH-taakvelden. Daarnaast is per taakveld een doel benoemd. Taakveld Doel Strijdig gebruik Gebruik van gronden en bouwwerken conform omgevingsplan en goedgekeurde afwijkingen binnen geldende beleidskaders. Bouwen Realisatie en gebruik van veilige, gezonde, en leefbare bouwwerken die constructief veilig zijn. Ruimtelijke kwaliteit Behouden en verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit. Cultuurhistorisch erfgoed Beschermen van de aanwezige cultuurhistorische waarden. Slopen en asbest1 Verwijderen en afvoeren van asbest door gecertificeerde saneringsbedrijven tijdens sloopwerkzaamheden zonder gevaar voor de volksgezondheid. Brandveiligheid Gebruik van gebouwen die voldoen aan de eisen van brandveiligheid waar met name veel bezoekers aanwezig zijn, niet zelfredzame personen verblijven of mensen overnachten. Milieu Beschermen van de omgeving van de inrichting door een zo hoog mogelijk naleefgedrag en dan met name bij bedrijven met activiteiten met een hoge milieubelasting. Bodem en bouwstoffen Voorkomen van verontreiniging van de bodem door te zorgen dat toepassingen van grond, bouwstoffen en baggerspecie voldoen aan het Besluit Bodemkwaliteit. Horeca Beschermen van de leefomgeving door te bevorderen dat horecagelegenheden aan de wettelijke eisen voldoen en voorkomen van inmenging van criminaliteit. Evenementen Veilige, gezonde en kwalitatieve evenementen die inpasbaar zijn in de leefomgeving. Relevante aspecten APV Vooralsnog beperken we ons tot toezien op het voldoen aan eisen bij het organiseren van kansspelen, het kappen van bomen en de aanleg van inritten/uitritten en het veranderen van een weg. Andere onderdelen zijn nu nog geregeld in afzonderlijk beleid en zullen op korte termijn in dit beleid worden ondergebracht. 2.2. Uitvoeringsstrategieën In deel II van het Overbruggingsbeleidsplan VTH zijn de uitvoeringsstrategieën opgenomen. Preventiestrategie Preventie is gericht op het voorkomen van overtredingen. Dit kan op verschillende manieren, zoals het houden van toezicht en het sanctioneren bij overtredingen. Daarnaast dragen bewustwording en betrokkenheid van burgers bij aan het voorkomen van overtredingen. In onze preventiestrategie beschrijven wij op hoofdlijnen hoe wij invulling geven aan het vergroten van bewustwording en betrokkenheid. De achterliggende gedachte is gebaseerd op de zogenoemde ‘Tafel van Elf’. Dit is een hulpmiddel waarmee vanuit elf te onderscheiden dimensies een beeld van de kans op niet-naleving of overtreding wordt verkregen en van de perceptie van de doelgroep waar de handhaving zich op richt. De Tafel van Elf is gebaseerd op gedragswetenschappelijk onderzoek. In onze preventiestrategie wordt kort beschreven welke factoren bepalend zijn voor het opvolgen van regelgeving en hoe handhaving daarop van invloed is. Deze kennis werkt door in onze andere strategieën. Om naleving van wet- en regelgeving te bevorderen, zetten wij onder meer in op het ontsluiten van informatie via de gemeentelijke website. Daarnaast beschikt Sittard-Geleen over onder andere ondernemerscontactfunctionarissen en wijkregisseurs, die een belangrijke rol vervullen bij het ondersteunen van inwoners en ondernemers, en hen te informeren wanneer een vergunning- of meldingsplicht van toepassing is. Vergunningenstrategie Bij het verlenen van een vergunning weegt het college verschillende belangen af binnen het bestaande kader van wet- en regelgeving. In de vergunningenstrategie houden we ons bezig met onder andere vooroverleg, het verlenen van vergunningen, het beoordelen van meldingen en het voldoen aan informatieverplichtingen. Hiertoe behoort ook het toetsen en beoordelen van VTH-activiteiten door het hanteren van toetsniveaus op basis van risico’s en beoordelingskaders. Dit gebeurt op een vlotte, duidelijke en toegankelijke manier richting alle betrokkenen. Toezichtstrategie Altijd en overal toezicht houden is niet mogelijk en ook niet wenselijk. We leven in een samenleving waarin burgers en bedrijven een eigen verantwoordelijkheid hebben, en de overheid niet onnodig wil ingrijpen. We willen hen de ruimte bieden om die verantwoordelijkheid daadwerkelijk te nemen. Daarnaast is onze capaciteit om toezicht te houden niet onbeperkt. Dit betekent dat we keuzes moeten maken. Deze keuzes zijn deels bepaald door de prioritering in deel I van het Overbruggingsbeleidsplan VTH, en komen verder tot uitdrukking in onze toezichtstrategie. Voor (activiteiten binnen) taakvelden waaraan geen hoge prioriteit is toegekend, geldt geen toezichtstrategie. Daar wordt toezicht gehouden op basis van meldingen, met ruimte voor steekproefsgewijs toezicht. In deel II van het Overbruggingsbeleidsplan VTH zijn toezichtstrategieën opgenomen voor vergunningsgericht toezicht, objectgericht toezicht en overig toezicht. In deze strategieën zijn per type toezicht de relevante taakvelden benoemd, en wordt een onderscheid gemaakt tussen controlemomenten en het toezichtniveau van een controle, dat gebaseerd is op risico’s. Hoewel strikt genomen geen sprake is van toezicht, is bij het vergunningsgerichte toezicht ook een (toets)strategie opgenomen voor het beoordelen van constructiegegevens bij projecten van meer dan € 50.000,-. De reden om deze strategie op te nemen binnen de toezichtstrategie ligt binnen de inrichting van de organisatie: de functie van constructeur is bij team Toezicht en Handhaving ondergebracht. In de toezichtstrategie is op hoofdlijnen weergegeven hoe wij toezicht houden. Een nadere uitwerking hiervan vindt plaats in procesbeschrijvingen en protocollen (werkinstructies). Sanctiestrategie Vanwege het belang van naleving van regels moet worden opgetreden wanneer regels worden overtreden. Optreden kan op verschillende manieren, afhankelijk van de aard van de overtreding en overtreder. Met onze sanctiestrategie sluiten wij aan bij de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingswet (LHSO). We zetten in op een passende interventie bij elke overtreding en hanteren een vast proces om tot die interventie te komen. Uitgangspunt is om te beginnen met de lichtst mogelijke interventie (rekening houdend met de aard van de overtreding en de overtreder), waarna indien nodig kan worden opgeschaald. Een combinatie van strafrechtelijke en bestuursrechtelijke interventies is mogelijk. In voorkomende gevallen vindt hierover afstemming plaats met het Openbaar Ministerie (OM). Gedoogstrategie Bij overtreding van regels is het uitgangspunt dat handhavend wordt opgetreden. Hier geldt de zogenoemde ‘beginselplicht tot handhaving’. In uitzonderlijke situaties is er ruimte voor gedogen. Gedogen betekent dat niet wordt opgetreden tegen overtreding van wet- en regelgeving. In onze gedoogstrategie is aangegeven op welke wijze wij omgaan met de mogelijkheid tot gedogen. Gezien de belangen die worden gediend met wet- en regelgeving en de geloofwaardigheid van de overheid in het algemeen en de gemeente in het bijzonder, is het uitgangspunt dat zeer terughoudend gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid tot het gedogen van overtredingen. Hiermee is aangesloten bij het landelijke gedoogkader zoals weergegeven in de Nota Gedogen in Nederland. Kwaliteitsborging Kwaliteit manifesteert zich in alle onderdelen van een organisatie: in kennis en vaardigheden van medewerkers, in werkprocessen/strategieën, in het adequaat volgen van de planning- en control cyclus, in het onderhouden van relaties met partnerorganisaties en in communicatie. Een veranderende omgeving vraagt om een organisatie die in staat is mee te veranderen. In het hoofdstuk ‘Kwaliteit’ wordt ingegaan op de beleidscyclus, de (landelijke) kwaliteitseisen en onze ambities ten aanzien van het borgen van kwaliteit. 3.Uitvoeringsorganisatie De organisatie beweegt mee met wat de maatschappij van ons vraagt. Met name de komst van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (hierna: Wkb) heeft een grote impact op de uitvoeringsorganisatie en vraagt om een andere wijze van organiseren, met als basis het denken van ‘buiten naar binnen’. Uiteraard binnen de geldende (wettelijke) kaders en bevoegdheden. Naast de organisatorische kant betekent dit ook voor onze medewerkers een verandering van toetsende en controlerende rol naar een meer participerende invulling van hun functie, in interactie met onze inwoners. Dit vraagt om een gedrags- en cultuurverandering, waarmee enkele jaren geleden is gestart en die de komende tijd verder vorm zal krijgen. De arbeidsmarkt is bijzonder krap. Het wordt daarom een uitdaging om onze talentvolle medewerkers te behouden en tegelijkertijd nieuwe medewerkers aan te trekken met de juiste competenties om de gewenste veranderingen te realiseren. 4. Uitvoeringsprogramma 2026 4.1 Algemeen Ook in 2026 wordt, conform de uitvoeringsstrategieën uit het tweede deel van het Overbruggingsbeleidsplan VTH, gewerkt aan het borgen van de doelen uit het eerste deel. Een belangrijk onderdeel hiervan is het ontwikkelen van kengetallen waarmee de effecten van onze inzet op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving inzichtelijk kunnen worden gemaakt. Belangrijk daarbij is dat Rx.Mission zodanig wordt ingericht dat we op detailniveau cijfers kunnen uitdraaien die benodigd zijn om te kunnen werken met (algemene) kengetallen. Tot die tijd wordt gebruikgemaakt van ervaringscijfers en waar mogelijk kengetallen. We willen steeds meer toewerken naar het meten van de effecten van onze inzet en naar inzicht in de bijdrage aan het behalen van onze VTH doelen binnen een optimale dienstverlening. Daarom blijven we -de komende jaren- investeren in het optimaliseren van onze (bedrijfs)processen, het doorontwikkelen van dashboards en het ontwikkelen en verfijnen van kengetallen die passen bij onze lokale opgaven en werkwijze. Naast dit streven staat 2026 en 2027 in het teken van het ontwikkelen van een geheel nieuw en geactualiseerd VTH beleid, het werken met kengetallen en de ontwikkeling daarvan, optimalisatie van werken onder de Omgevingswet, de Wkb, en het gebruiken van systemen als Rx.Mission en Join. Dit heeft impact op de werkzaamheden van team Vergunningen, Parkeren, Markten en Havens (hierna: VPMH) en team Toezicht en Handhaving (hierna: T&H). De reeds lopende onderzoeken naar de invloed hiervan op de uitvoering en de werkprocessen worden gecontinueerd. Daarnaast zullen in 2026 wederom opleidingen worden gevolgd, zowel op het gebied van kennis als vaardigheden, en wordt voortdurend ingezet op de doorontwikkeling van Rx.Mission. Dit zaaksysteem moet de uitvoering van de werkprocessen optimaal ondersteunen en daarnaast data genereren die de monitoring van de uitvoering van het programma mogelijk maakt. De VTH-applicatie, in combinatie met een dashboard, is noodzakelijk voor het verkrijgen van betrouwbare sturingsinformatie. Op basis hiervan kunnen de mogelijkheden voor een effectieve beleidscyclus en daarop aansluitende uitvoeringsorganisatie worden vergroot. Net als in voorgaande jaren is het onze ambitie om ook in 2026 te streven naar een goede dienstverlening, waarbij tijdig handelen, goede communicatie, kwaliteit en professionaliteit voorop staan. We zijn een lerende organisatie, met op dit vlak nog voldoende ontwikkelpotentieel. Dit laat onverlet dat een toegankelijke, informele en oplossingsgerichte aanpak waar dit mogelijk is, onverminderd hoog op de agenda blijft staan. 4.2 Focus uitvoering 2026 Om beleidsdoelen te realiseren is een sluitende beleidscyclus van belang. Beleidsdoelen worden verankerd in regelgeving en vergunningenstelsels. Naleving van deze regels en vergunningen wordt geborgd door toezicht en handhaving en een samenspel van beleid en uitvoering is nodig voor afstemming vooraf, evaluatie en (door)ontwikkeling. In deel I van het Overbruggingsbeleidsplan VTH zijn de doelen per taakveld gesteld (zie ook paragraaf 3.4. van dit document). Om deze doelen goed te laten slagen ligt de focus bij team VPMH en team T&H in 2026 op: •het versterken van een herkenbare en professionele dienstverlening, waarbij producteigenaarschap richting initiatiefnemers centraal staat; •het doorontwikkelen en actualiseren van de procesinrichting binnen VPMH (snelserviceformule, ontwerpformule, intaketafel, omgevingstafel en één digitaal loket •het optimaliseren en (juridisch) borgen van werkprocessen binnen T&H, in lijn met de kwaliteitscriteria 3.1; •het verder uitbouwen van dashboards voor actuele en betrouwbare stuurinformatie, als basis voor datagedreven werken; •het verhogen van uniformiteit en kwaliteit door verdere digitalisering (DSO, Rx.Mission, Common Ground); •het versterken van kennisontwikkeling rondom de Omgevingswet en de Wkb (opleidingen, werkgroepen, etc.); •het werken met en het verder ontwikkelen van kengetallen, die de komende jaren nog in ontwikkeling zijn; •het starten met de ontwikkeling van een nieuw, volledig geactualiseerd VTH beleid in 2027. Zoals aangegeven in paragraaf 2.2. worden de taakvelden ondergebracht binnen één van de drie thema’s: vergunningsgericht toezicht, objectgericht toezicht en overig toezicht. Hierdoor worden de bijbehorende doelen direct betrokken bij de uitvoering op hoofdlijnen, wat bijdraagt aan de realisatie ervan. De doelen die aan de taakvelden zijn gekoppeld, kunnen op basis van de toezichtstrategieën voor de uitvoering van het vergunningsgerichte, objectgericht en overig toezicht nader geconcretiseerd worden met resultaatindicatoren en daarbij behorende streefwaarden. De streefwaarden bij de resultaatindicatoren zijn gebaseerd op cijfers van voorgaande jaren. Bij deze streefwaarden kan worden verondersteld dat wordt voldaan aan de doelstellingen uit het beleid. 4.3 Reflectie 2025 Het jaar 2025 was een intensief en uitdagend jaar. Na de invoering van de Omgevingswet en de Wkb in 2024, stond 2025 in het teken van het verder implementeren en eigen maken van deze nieuwe wet- en regelgeving binnen de uitvoering van de VTH-taken. Dit had een merkbare impact op werkwijzen, processen en samenwerking. Het werken met Rx.Mission is ook in 2025 constant in ontwikkeling geweest. Het zaaksysteem op zichzelf verdient aandacht voor verbetering. Dit blijven wij ook aankaarten bij de leverancier. Er is afgelopen jaar flink ingezet op het maken van werkprocessen en bijbehorende instructies voor de toezichthouders, zodat zij op de juiste wijze de VTH-applicatie gebruiken. Zij hebben één-op-één coaching gehad voor wat betreft het volgen van de werkinstructies. Parallel hieraan is gewerkt aan de doorontwikkeling van dashboards, met als doel het verbeteren van sturingsinformatie en het verkrijgen van meer inzicht in de uitvoering van de werkzaamheden. Helaas werken onze milieu-inspecteurs nog niet volledig in Rx.Mission. Hier wordt in 2026 aan gewerkt. 4.4 Toezichtsvormen 4.4.1 Vergunningsgericht toezicht Vergunningsgericht toezicht betreft toezicht op in uitvoering gaande omgevingsvergunningen voor alle VTH-activiteiten, in hoofdzaak de activiteiten bouwen, slopen (inclusief sloopmeldingen) en gebruiken. Het betreft zowel toezicht op uitvoeringswerkzaamheden als toezicht bij werken in afwijking van of zonder benodigde vergunning en bij niet tijdig gebruikte omgevingsvergunningen. Hoewel strikt genomen geen sprake is van toezicht, wordt de beoordeling van constructiegegevens geplaatst binnen het vergunningsgericht toezicht. Resultaat Resultaatindicatoren Streefwaarde Taakstelling handhaving basiskwaliteit Omgevingsvergunningen en (asbest)sloopmeldingen (vergunningsgericht toezicht) gerealiseerd. Aantal vergunningen en meldingen dat in uitvoering gaat dat wordt gecontroleerd als % van het aantal vergunningen dat in uitvoering gaat. Conform VTH-beleid, worden niet alle vergunningen en meldingen (op dezelfde wijze) gecontroleerd. 70% Aantal vergunningen dat in uitvoering gaat dat wordt getoetst op constructieve veiligheid als % van het aantal vergunningen dat in uitvoering gaat waarbij constructiegegevens deel uitmaken van de vergunning. Conform VTH-beleid worden niet alle vergunningen (op dezelfde wijze) getoetst. 25% Bij het vergunningsgericht toezicht worden controles uitgevoerd op basis van de toezichtstrategie zoals opgenomen in het beleidsplan. In deze strategie zijn de te controleren onderdelen, de controlemomenten en het toezichtniveau vastgelegd. Door toezicht te houden op vergunningen in uitvoering en het toetsen van constructieve gegevens bij een vergunningaanvraag conform de toezichtstrategie, wordt bijgedragen aan het realiseren en gebruiken van veilige, gezonde en leefbare bouwwerken die constructief veilig zijn. De toezichtstrategie heeft ook betrekking op monumenten en het beschermd stads- en dorpsgezicht. Daarmee wordt bijgedragen aan het beschermen van de aanwezige cultuurhistorische waarden. Daarnaast zijn de doelen met betrekking tot de taakvelden ruimtelijke kwaliteit, strijdig gebruik en brandveiligheid verwerkt in de toezichtstrategie, zodat het vergunningsgerichte toezicht ook bijdraagt aan de realisatie van deze beleidsdoelen. 4.4.2 Objectgericht toezicht Objectgericht toezicht betreft het toezicht houden op de zogenoemde langlopende vergunningen evenals op monumenten en beschermd stads- en dorpsgezicht. Het gaat hierbij om periodiek toezicht bij bestaande bouwwerken en (bedrijfs)objecten, waarbij wordt gecontroleerd op brandveilig gebruik, milieuvoorschriften en/of algemene voorschriften. Binnen het objectgericht toezicht wordt ook gewerkt op basis van thema’s. Terugkerende thema’s zijn onder meer brandveiligheid bij horecainrichtingen tijdens carnaval2, naleving geluidvoorschriften bij horeca inrichtingen, flexteamacties, ondermijning, arbeidsmigranten duurzaamheid, na-ijlende gevolgen van mijnbouwactiviteiten en RVS-onderdelen van ophangconstructies bij zwembaden. Daarnaast kunnen landelijke incidenten aanleiding zijn voor aanvullend thematisch toezicht op dat specifieke onderwerp. Hierbij valt te denken aan balkonconstructies, brandveilige gevels en (breedplaat)vloeren. Veelal roept het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties gemeenten naar aanleiding van een incident op tot extra toezicht. Resultaat Resultaatindicatoren Streefwaarde Taakstelling handhaving basiskwaliteit bij bestaande bouwwerken (excl. eengezinswoningen en woonwagens) en inrichtingen gerealiseerd met als prioriteit (brand)veiligheid, milieukwaliteit en hygiëne (objectgericht toezicht). Aantal gecontroleerde bestaande bouwwerken (excl. eengezinswoningen en woonwagens) en inrichtingen (verder: objecten) door de gemeente als % van het gemeentelijk objectenbestand (3200 objecten). 10% Aantal gecontroleerde objecten door de ODZL als % van het gemeentelijk objectenbestand. De ODZL heeft als gevolg van het wettelijk basistakenpakket 140 gemeentelijke objecten in haar bestand. Van dit aantal controleert de ODZL cyclisch jaarlijks een gedeelte. 2% Aantal gecontroleerde objecten door de Brandweer als % van het gemeentelijk objectenbestand. De Brandweer heeft conform afspraken 120 gemeentelijke objecten in haar bestand. Van dit aantal controleert de brandweer cyclisch jaarlijks een gedeelte. 2% Bij het objectgericht toezicht gaat het om controles bij bestaande bouwwerken en (bedrijfs)objecten. In de toezichtstrategieën voor de thema’s milieu, brandveiligheid en monumenten / beschermd stads-dorpsgezicht zijn de relevante onderdelen verwerkt die bijdragen aan de beleidsdoelen op de taakvelden milieu, brandveiligheid, strijdig gebruik, bouwen en cultuur historisch erfgoed verwerkt. Hiermee draagt het objectgericht toezicht bij aan de realisatie van deze doelen. 4.4.3 Overig toezicht Overig toezicht met betrekking tot de fysieke leefomgeving heeft over het algemeen een lage prioriteit. Een uitzondering hierop is het houden van toezicht bij evenementen. Voor het houden van toezicht bij evenementen wordt verwezen naar het evenementenvergunningenbeleid. 4.4.4 Toezicht na meldingen Voor doelstellingen waaraan een lage prioriteit is gegeven, geldt dat toezicht plaatsvindt naar aanleiding van meldingen van inwoners. Op deze manier worden de belangen van inwoners gewaarborgd. Meldingen zijn signalen van burgers die weergeven wat de burger op dat moment belangrijk vindt en wat speelt in zijn omgeving. Meldingen worden in beginsel opgepakt. Dit betekent dat een gemeentelijk toezichthouder de situatie ter plaatse gaat beoordelen en dus toezicht gaat uitoefenen op basis van de inhoud van de melding. De melder wordt geïnformeerd over het toezicht en een eventueel vervolg daarop. 4.5 Uitvoering sanctiestrategie – bestuursrechtelijke handhaving Als regels worden overtreden, wordt in beginsel handhavend opgetreden. Het bestuursrecht kent hiervoor verschillende (herstel)sancties. Bij het opleggen van een (herstel)sanctie en de eventueel daaropvolgende invordering of het verhalen van kosten, worden bestuursrechtelijke besluiten genomen. Tegen deze besluiten kunnen belanghebbenden bezwaar maken, waarna beroep en hoger beroep mogelijk zijn. Belanghebbenden kunnen het college ook verzoeken om handhavend op te treden. Op zo’n verzoek dient een formeel besluit te worden genomen, waartegen eveneens rechtsmiddelen openstaan. Het besluit op een verzoek om handhaving moet binnen een termijn van 8 weken worden genomen. Deze termijn mag eenmaal worden verlengd. Indien het besluit niet tijdig beslist, kan de verzoeker het college in gebreke stellen. Wanneer vervolgens niet binnen de gestelde termijn wordt beslist, verbeurt het college een dwangsom. We behandelen ook bestuursrechtelijke procedures die buiten het Overbruggingsbeleidsplan VTH vallen, maar wel van belang zijn vanwege hun prioriteit. Het gaat hierbij om verzoeken op grond van de Wet open overheid (hierna: Woo) en handhavingsbesluiten met betrekking tot de kwaliteit van de kinderopvang (de zogenoemde aanwijzingen). Dit laatste gebeurt naar aanleiding van adviezen van de toezichthoudende instantie (hierna: GGD Zuid-Limburg). Bestuursrechtelijke procedures verlopen via de sanctiestrategie en de processtappen zoals beschreven in deel II van het Overbruggingsbeleidsplan VTH. De hieronder genoemde resultaten en bijbehorende indicatoren hebben betrekking op de kwaliteit van de bestuursrechtelijke procedure en de bijbehorende dienstverlening. In het kader van die dienstverlening wordt altijd eerst onderzocht of een oplossing mogelijk is zonder formele besluitvorming. Waar passend, wordt ingezet op (pre-)mediation. Resultaat Resultaatindicatoren Streefwaarde Taakstelling adequaat bestuursrechtelijke procedures gerealiseerd. Het aantal bezwaarschriften als % van het aantal genomen bestuursrechtelijke besluiten. 25% Het aantal beroepschriften als % van het aantal genomen beslissingen op bezwaar. 25% Het aantal gegrond verklaarde bezwaren als % van het aantal genomen bestuursrechtelijke besluiten. 5 -15% Het aantal gegrond verklaarde beroepen als % van het aantal genomen beslissingen op bezwaar. 5 - 15% Aantal termijn gebonden besluiten dat binnen de (eenmaal verlengde) termijn is genomen als % van het aantal termijn gebonden besluiten. 90% Bestuursrechtelijke handhaving vindt plaats naar aanleiding van een overtreding van een bestuursrechtelijk voorschrift. De keuze voor passende interventie wordt gemaakt conform de sanctiestrategie, die gebaseerd is op de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Waar mogelijk wordt gezocht naar oplossingen en wordt ingezet op mediation. Op deze wijze wordt bijgedragen aan het bevorderen van naleefgedrag. De hiervoor genoemde resultaatindicatoren geven met name inzicht in de kwaliteit van de bestuursrechtelijke procedures. Dit is van essentieel belang om daadwerkelijk bij te dragen aan het stimuleren van naleefgedrag en het behalen van de beleidsdoelen. 4.6 Risicofactor Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Een belangrijke constatering is dat de rol van de gemeente aanzienlijk is veranderd door de komst van de Wkb, die op 1 januari 2024 gefaseerd in werking is getreden. De bouwtechnische toetsing en bouwtechnische controle worden voortaan uitgevoerd door een private kwaliteitsborger. In principe hoeft de gemeente bouwplannen daardoor niet langer te toetsen aan de voorschriften van het Bbl, en tijdens de uitvoering van bouwwerkzaamheden geen toezicht meer te houden op de bouwtechnische aspecten. Omdat de Wkb gefaseerd in werking treedt, heeft dit voorlopig alleen betrekking op bouwwerken die vallen onder gevolgklasse 1, de relatief ‘eenvoudige’ bouwwerken. Handhaving blijft echter wel een taak van de gemeente. Ook heeft de gemeente een taak in het ontvangen, beoordelen en afhandelen van meldingen bouwactiviteit. Deze veranderingen brengen ook uitdagingen met zich mee, omdat veel regels en werkwijzen nog niet volledig duidelijk zijn. Dit vraagt om extra aandacht en flexibiliteit van de gemeente om goed te kunnen blijven werken binnen dit nieuwe stelsel. In het eerste kwartaal van 2026 is, op basis van de eerste ervaringen, een beleidsnota over de Wkb opgesteld en vastgesteld. Daarin staat hoe wij in de toekomst met deze wet omgaan. 4.7 Borging financiële en personele middelen De teammanagers van T&H en VPMH zijn ambtelijk eindverantwoordelijk voor de uitvoering van de VTH taken. Zij worden hierbij ondersteund door coördinatoren, die zorgen voor een effectieve taakverdeling, bezetting en samenwerking binnen en tussen de teams. Daarnaast dragen zij, samen met de kwaliteitsmedewerkers, bij aan het verbeteren en actualiseren van werkprocessen en het versterken van de uitvoeringskwaliteit. De programmabegroting borgt jaarlijks de financiële en personele middelen die nodig zijn voor de uitvoering van de VTH taken. Indien aanvullende middelen noodzakelijk zijn, worden deze via de begrotingscyclus met een bijbehorende onderbouwing ingebracht. Hiermee wordt geborgd dat de gemeente voldoet aan de verplichtingen uit artikelen 13.9 en 13.10 van het Omgevingsbesluit en artikel 193c van de Gemeentewet. Binnen deze financiële kaders wordt jaarlijks beoordeeld welke middelen nodig zijn om de VTH taken op een kwalitatief verantwoorde wijze uit te voeren. In de volgende paragraaf wordt inzicht gegeven in de beschikbare formatie en inzet voor de uitvoering van de VTH taken in 2026. Zoals eerder aangegeven vormen de jaren 2025 en 2026 een overbruggingsperiode waarin met name ingezet wordt op de verdere professionalisering van de VTH organisatie en deze toekomstbestendig en robuust in te richten. In deze periode is gestart met de ontwikkeling van structurele kengetallen voor de uitvoering van taken waar voor de gemeente het bevoegde gezag is. Omdat deze kengetallen zich nog in de opbouwfase bevinden, is het op dit moment niet mogelijk om volledig onderbouwde normtijden of capaciteitsbehoeften vast te stellen. Voor 2025 en 2026 wordt daarom gewerkt met voorlopige inschattingen, gebaseerd op: historische aantallen, ervaringscijfers uit voorgaande jaren, deskundige inschattingen van medewerkers, landelijke benchmarks waar beschikbaar. Deze werkwijze zorgt ervoor dat de uitvoering in 2025 en 2026 een bepaalde mate van continuïteit en voorspelbaarheid behoudt, terwijl tegelijkertijd wordt gewerkt aan een duurzame en datagedreven basis voor toekomstige uitvoeringsplannen en bijbehorende capaciteitsramingen. 4.7.1. Geraamde inzet per onderdeel 4.7.1.1. Team Toezicht en Handhaving Administratieve werkzaamheden Onze administratieve werkzaamheden bestaan onder meer uit: ▪ Telefonische bereikbaarheid; ▪Agenda-beheer; ▪Verzorgen en verzending van poststukken, beheer Join inzake poststukken; ▪Overige administratieve taken. De geraamde inzet is 1 FTE. Algemene werkzaamheden Onze algemene werkzaamheden bestaan onder meer uit: ▪Overleg over zaken, beleid en processen; ▪Bedrijfsvoering (P&C), VTH beleidscyclus (uitvoeringsprogramma, jaarverslag); ▪Ontwikkelen / actualiseren van beleid;Kwaliteitscriteria 3.1 in kaart brengen en monitoring; ▪Bestuurlijke advisering; ▪DPIA en privacy; ▪Beheer en inrichting ICT-applicaties (o.a. Rx.Mission, Join, Fixi), werkprocessen en werkinstructies; ▪Coördinatie ketenpartners (zoals ODZL, VRZL, Provincie Limburg); ▪Afhandelen van verzoeken Wet open overheid (Woo); ▪Coaching/begeleiding. De geraamde inzet is 6.5 FTE. Juridisch Onze juridische werkzaamheden bestaan onder meer uit: ▪Pre-mediation: we proberen zoveel mogelijk aan de voorzijde te zoeken naar een oplossing. Handhavend optreden is namelijk in veel gevallen niet de juiste oplossing. Denk daarbij aan gevallen waarbij een burenruzie de onderliggende oorzaak van een handhavingsverzoek is; ▪Juridisch advies intern aan collega’s; ▪Behandelen handhavingsverzoeken; ▪Waarschuwingen, voornemens en bestuurlijke handhavingsbesluiten; ▪Bezwaar, beroep en hoger beroep. De geraamde inzet is 3.2 FTE. Toezicht op Ow, Wkb en meldingen Onze toezichthouders houden zich onder meer bezig met: ▪Het houden van toezicht op Ow, Wkb en andere relevante bestuursrechtelijke regelgeving; ▪Het houden van toezicht naar aanleiding van meldingen; ▪Het opstellen van controlerapporten; ▪Adviserende rol. De geraamde inzet is 5 FTE. Constructief toezicht Onze constructeurs houden zich onder meer bezig met: ▪Controleren van constructiedossiers; ▪Adviserende rol voor wat betreft o.a.: grote bouwprojecten, evenementen, brandveiligheid, schade aan parkeergarages, stadswallen, algemene constructieve vraagstukken; ▪Controleren evenementen: inspectie evenals bouwboeken. De geraamde inzet is 2 FTE. 4.7.1.2. Team Vergunningen, Parkeren, Markten en Havens Administratieve werkzaamheden (klantcontacten) Klantcontacten binnen de vergunningverlening bestaan uit zowel administratieve, telefonische als inhoudelijke werkzaamheden. Telefonische werkzaamheden bestaan uit (telefoontjes en beantwoording telefoonnotities). De administratieve klantcontacten betreffen met name mails, statusinformatie, dossieraanvulling en standaardcommunicatie. Inhoudelijke klantcontacten, zoals vragen over vooroverleg en toelichting op regelgeving. De geraamde inzet is: 1.6 FTE. Algemene werkzaamheden Onder algemene werkzaamheden wordt o.a. verstaan: proces- en kwaliteitsborging, beleidsmatige taken, overlegstructuren, monitoring en rapportage en functioneel- en applicatiebeheer. Wat deze werkzaamheden in de toekomst aan extra inzet of capaciteit zullen vragen, is op dit moment nog niet volledig te overzien en wordt verder uitgewerkt. De geraamde inzet is: 4.1 FTE. Juridisch De werkzaamheden binnen de juridische ondersteuning voor Vergunningen van de VTH keten bestaan onder meer uit de behandeling van Woo verzoeken, bezwaar- en beroepschriften en verzoeken om voorlopige voorzieningen. Deze taken vragen een aanzienlijke inzet van capaciteit en specialistische expertise. Overige taken hebben betrekking op advisering op dossiers en beleidsvraagstukken. De geraamde fte is: 3.0 FTE. Vergunningverlening Ow, APV en bijzondere/overige wetgeving binnen de leefomgeving Werkzaamheden binnen de vergunningverlening (Omgevingswet) De werkzaamheden binnen de vergunningverlening bestaan uit het voeren van (voor)overleg met initiatiefnemers en het behandelen van vergunningaanvragen, meldingen en informatieplichten. Het gaat onder meer om: •Intaketafel, omgevingstafel en vooroverleg (verkennen en begeleiden van initiatieven). •Behandelen van vergunningaanvragen voor omgevingsplanactiviteiten. •Behandelen van meldingen, waaronder sloopmeldingen en meldingen brandveilig gebruik. •Behandelen van informatieplichten (bijv. brandveilig gebruik). Werkzaamheden binnen Apv en Bijzondere wetten Dit betreft het afhandelen van vergunningen, meldingen en verzoeken tot ontheffing op grond van de APV en Bijzondere Wetten. De werkzaamheden omvatten onder meer: •Behandelen van vergunningaanvragen en meldingen voor evenementen. •Behandelen van meldingen en vergunningaanvragen op basis van de APV, zoals collectes, gebruik gemeentegrond en standplaatsen •Behandelen van vergunningaanvragen op grond van de Alcoholwet. •Behandelen van aanvragen voor kansspelen en loterijen. •Behandelen van aanvragen voor horeca-exploitatievergunningen. •Behandelen van meldingen op basis van de Wet goed verhuurderschap en de Wet betaalbare huur. De geraamde inzet is: 17.78 FTE. 4.7.2. Inzicht in inzet Dit uitvoeringsprogramma geeft de geraamde inzet aan, die benodigd is om alle VTH-taken uit te voeren op het niveau, dat is vastgelegd in ons VTH Overbruggingsbeleidsplan 2026-2027 en andere relevante beleidsdocumenten. We maken hierbij wel de kanttekening dat dit het eerste jaar is dat we gebruik maken van (algemene) kengetallen en dat onderstaand schema een schatting betreft. We zetten erop in dat in de loop van de jaren dit schema steeds betrouwbaarder en nauwkeuriger wordt, mede door de doorontwikkeling van eigen kengetallen. Deze situatie sluit aan bij het eerder vastgestelde Overbruggingsbeleid, waarin reeds is aangegeven dat de organisatie zich in een transitiefase bevindt en dat tijdelijke capaciteitsdruk onvermijdelijk is. De huidige werklast en de doorontwikkeling onder de Omgevingswet bevestigen de noodzaak van deze overbruggingsperiode. Indien we de benodigde capaciteit afzetten tegen de beschikbare capaciteit dan ontstaat het beeld in onderstaande tabel (aantallen in uren): Beschikbare capaciteit (in uren) in 2026 Benodigde capaciteit (in uren) in 2026 Verschil Administratieve werkzaamheden (T&H) 1.400 1.400 0 Algemene werkzaamheden (T&H) 7.378 9.100 1.764 Juridisch (T&H) 5.320 4.480 840 Toezicht op Ow, Wkb en meldingen (T&H) 11.200 7.000 4.200 Constructief toezicht 2.800 2.800 0 Administratieve werkzaamheden (VPMH) 2.072 2.265 -193 Algemene werkzaamheden (VPMH) / administratie 5.740 5.740 0 Juridisch (VPMH) 4.200 4.200 0 Vergunningverlening Ow, Apv en bijzondere/overige wetgeving binnen de leefomgeving (VPMH) 23.240 23.395 -155 In onderstaande uiteenzetting wordt per onderdeel nader ingezoomd op de tekorten, resp. overschotten. 4.7.2.1 Toelichting per onderdeel Team Toezicht en Handhaving Administratieve werkzaamheden Voor de huidige administratieve werkzaamheden is er voldoende formatie beschikbaar. Algemene werkzaamheden Op dit onderdeel komen we voor 2026 1.764 uren tekort. Dit komt doordat onder andere het opstellen van een volledig vernieuwd VTH beleid, de gehele VTH beleidscyclus, onderzoeken of we voldoen aan de kwaliteitscriteria, werkprocessen, werkinstructies en het beheer en inrichting van de zaaksystemen ontzettend veel inzet vergt. Juridisch Uit het schema onder paragraaf 4.7.2 blijkt dat we 4.480 uren geraamd hebben voor ‘Juridisch’. Echter is met de berekening bij de (algemene) kengetallen nog geen rekening gehouden met het feit dat de juristen ook intern adviezen verstrekken en pre-mediation gesprekken voeren. We hebben op juridisch vlak 5.320 uren beschikbaar, de resterende uren (0.6 FTE) zijn dan ook hard nodig voor de adviezen en pre-mediation gesprekken die ook onder de werkzaamheden van de juristen vallen. Wanneer onvoorziene extra projecten onze kant uitkomen, kan dit wel een knelpunt worden voor de beschikbare capaciteit. Toezicht Ow, Wkb en meldingen De geraamde uren voor wat betreft het toezicht hebben we op basis van inschatting gedaan. We zien dat we de grove cijfers uit het zaaksysteem Rx.Mission kunnen draaien, maar nog niet op het gewenste detailniveau zodat er daadwerkelijk kengetallen gekoppeld kunnen worden aan de uitgevoerde werkzaamheden. Hier gaan we uiteraard de komende tijd en jaren hard mee aan de slag. We hebben 11.200 uur beschikbaar voor toezicht, de geraamde uren van 7.000 gebruiken we voor de (reguliere) controles en advieswerkzaamheden. Die uren worden met name in beslag genomen door onze wettelijke verplichte taken. De overige uren worden ingezet op grote projecten waarbij het van belang is dat de toezichthouder een adviserende rol speelt en tevens constant vinger aan de pols houdt voor wat betreft toezicht. Constructief toezicht Met de beschikbare formatie kunnen vrijwel alle werkzaamheden worden uitgevoerd. Tegelijkertijd blijkt uit de praktijk dat de beschikbare formatie onvoldoende toereikend is wanneer meerdere evenementen en/ of omvangrijke projecten gelijktijdig plaatsvinden. In voorkomende gevallen wordt dan gekozen voor het uitbesteden van een project. 4.7.2.2 Toelichting per onderdeel Team Vergunningen, Parkeren, Markten en Havens Administratief In 2026 neemt het aantal klantcontacten bij Vergunningen toe. Er komt steeds meer inzicht in de aantallen klantcontacten en er komen meer e mails en telefoontjes binnen, o.a. doordat initiatiefnemers informatie willen of extra uitleg nodig hebben bij procedures (m.n. Omgevingswet). Alhoewel er een toename is en een licht capaciteitstekort, wordt dit vooralsnog binnen de bestaande capaciteit opgevangen. Dit zal goed gemonitord worden. Algemene werkzaamheden Onder de algemene werkzaamheden vallen onder meer proces- en kwaliteitsborging, beleidsmatige taken, overlegstructuren, monitoring en rapportage en functioneel- en applicatiebeheer. Deze activiteiten vormen een substantieel onderdeel van het werkpakket en vragen structureel veel capaciteit. De precieze omvang en impact hiervan worden nog nader in beeld gebracht, zodat dit in de verdere capaciteitsanalyses de komende jaren kan worden meegenomen. Vooralsnog worden de werkzaamheden binnen de huidige capaciteit uitgevoerd. Juridisch Voor de juridische ondersteuning blijft de beschikbare capaciteit in 2026 vooralsnog onveranderd. De daadwerkelijke impact op de benodigde juridische inzet wordt nog nader onderzocht en in een volgende fase van het uitvoeringsprogramma uitgewerkt. Vergunningverlening Ow, APV en bijzondere/overige wetgeving In de uitvoering is sprake van een licht capaciteits¬tekort, vooral door de toename van werkzaamheden binnen vergunningverlening, informatieplichten en klantcontacten. Dit tekort wordt vooralsnog binnen de huidige formatie opgevangen, maar staat onder druk. De ontwikkeling wordt gemonitord, zodat tijdig kan worden bepaald welke aanvullende inzet in de toekomst noodzakelijk is. 4.8 Bereikbaarheid buiten kantooruren Bij gevaarlijke situaties buiten kantooruren bellen inwoners naar 14 046. Zij worden dan doorverbonden met A2 Antwoordservice. Wij werken met een piketdienst tot 22:00 uur bij calamiteiten (constructief, asbestbrand of acute leefbaarheidsvraagstukken) en worden ingeschakeld als dit noodzakelijk wordt geacht door A2 Antwoordservice. Na 22:00 uur dient men bij noodgevallen contact op te nemen met de Politie. Bij direct gevaar dienen inwoners altijd 112 te bellen. Dit is eveneens op onze website vermeld. 5. Tot slot Terugkijkend kan worden geconcludeerd dat 2025 in belangrijke mate in het teken stond van aanpassing en doorontwikkeling. De ingezette lijn biedt een basis voor verdere professionalisering, maar vraagt ook in de komende jaren blijvende aandacht om te komen tot een stabiele, efficiënte en toekomstbestendige uitvoering van de VTH-taken. Daarnaast speelde in 2025 en nog steeds in 2026, het (verder) implementeren van Rx.Mission, het ontwikkelen van dashboards en het in kaart brengen van onze processen om deze te optimaliseren, een grote rol. Daarbij mag gezegd worden dat het werken in en met Rx.Mission een uitdaging was en blijft. Daarnaast zien we dat door de komst van de Omgevingswet nieuwe jurisprudentie wordt gevormd. Dit brengt met zich mee dat werkprocessen en instructies aangepast moeten worden, hetgeen de nodige inzet vraagt van onze medewerkers. We constateren echter ook dat we met zijn allen goed werk geleverd hebben en onze taken conform het VTH-beleid uitgevoerd zijn. Op deze manier hebben wij bijgedragen aan een prettige en veilige fysieke leefomgeving. Ook voor 2026 geldt dat we meebewegen met de ontwikkelingen in de maatschappij en de veranderingen door de Omgevingswet en Wkb voor het bouwen. Een belangrijk hulpmiddel bij het organiseren en sturen van onze werkzaamheden is het hanteren van de Big 8-cyclus. Deze cyclus zorgt voor een sluitende beleids- en operationele keten. Door deze cyclus goed te volgen, kunnen we onze processen beter beheersen, kwaliteit verhogen en onze doelen concreter maken. Dit sluit mooi aan bij onze ambitie om in 2026 verder te werken aan het verbeteren van onze processen, het gebruiken van dashboards en het (door)ontwikkelen van kengetallen, zodat we de effecten van onze uitvoering kunnen meten en waar nodig bijsturen. Bijlage 1 Vergunningen JV 2024 Realisatie UP 2025 Verwacht Jaarverslag 2025 Realisatie Uitvoeringsprogramma 2026 Verwacht Klantcontacten • Geregistreerd in RxM / balievergunningen (mail) 2238 2250 2800 • Mailcontacten horeca 618 650 870 • Mailcontacten unit APV 994 950 1000 • Telefoonnotities totaal 1735 1650 3458 3000 • Aantal doorverbonden gesprekken - - 4288 8000 (nieuw) Totaal klantcontacten 5585 5500 15670 Omgevingsvergunningen, meldingen, informatieplichten • Omgevingsvergunningen 460 505 511 530 • Informatieplichten 237 517 565 580 • Meldingen Wkb e.d. 17 22 29 40 • Sloopmeldingen 437 481 473 480 • Omgevingsvergunningen in ARK/AOK 138 75 126 130 • Omgevingsvergunningen in AOK mandaatoverleg 256 138 187 200 Begeleiding & advies • Verkennen en begeleiden initiatief (vooroverleg) 612 682 611 620 • Advies verstrekken 95 79 125 130 • Melding activiteit behandelen 619 (+ 2 Wabo) 778 785 800 Overige vergunningen • Aanvraag beschikking behandelen (APV) 90 105 108 110 •Evenementenvergunningen 416 410 281 (incl. 31 meldingen) 275 • Horecavergunningen (Alcoholwet + Expl., incl. wijzigingen) 82 84 89 90 • Verhuurvergunningen (huisvesting arbeidsmigranten) 10 6 10 • Overige 351 197 193 195 Juridisch • Woo-verzoeken 7 5 7 7 • Bezwaarschriften 58 56 51 55 • VoVo 3 2 1 2 • Beroepszaken 11 10 8 10

Meer informatie