Verordening op de heffing en de invordering van leges 2026 Beuningen

APV
Locatie
SoortAPV
Gepubliceerd op12 oktober 2026
Gepubliceerd doorGemeente Beuningen

Verordening op de heffing en de invordering van leges 2026 Beuningen Verordening op de heffing en de invordering van leges 2026 Beuningen gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 11 november 2025; gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en artikel 229 , eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet. B E S L U I T : vast te stellen de: Verordening op de heffing en de invordering van leges 2026 Beuningen (Legesverordening 2026 Beuningen) Artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a.‘dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt; b.‘week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen; c.‘maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n–1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is; d.‘jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n–1)e dag in het volgende kalenderjaar; e.‘kalenderjaar’: de periode van 1 januari tot en met 31 december. Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor: a.het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een dienst of het nemen van een besluit; b.het verlenen van een dienst op aanvraag; of c.Het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een document; een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel. Artikel 3 Belastingplicht Belastingplichtig is de aanvrager of degene voor wie de aanvraag is gedaan. Artikel 4 Vrijstellingen Leges worden niet geheven voor: a.diensten waarvan de kosten krachtens afdelingen 13.6 en 13.7 van de Omgevingswet zijn of worden verhaald; b.diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moet worden verleend; c.het aanvragen van een vergunning voor het innemen van en niet-commerciële standplaats; d.het aanvragen van een niet-commerciële ventvergunning of een collectevergunning van een vereniging / stichting, die opgenomen is in het CBF-register; e.het aanvragen van een niet-commerciële ventvergunning of een collectevergunning van een vereniging / stichting, die niet is opgenomen in het CBF-register. f.het aanvragen van een vergunning voor bestaande particuliere woningen voor: a) het plaatsen van (geïntegreerde) zonnepanelen aan gevels, b) het plaatsen van (geïntegreerde) zonnepanelen op daken c.q. gevels van monumenten, c) het plaatsen van een buitenunit van een warmtepomp of d) het plaatsen van zonnecollectoren voor een zonneboiler, als dit als solitair project wordt uitgevoerd. De legesvrijstelling geldt niet als de duurzaamheidsmaatregelen worden uitgevoerd in combinatie met andere vergunningplichtige, niet duurzame bouwactiviteiten. g.Onder een solitair project verstaan wij: ‘een bouwplan dat óf ontwikkeling die als eenheid moet worden beschouwd, gelet op de bouwkundige of perceelsindeling, het opdrachtgeverschap, het eigendom, de functie(s), de bedoeling en het karakter van het bouwplan.’ Artikel 5 Maatstaven van heffing en tarieven 1.De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2.Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet, bedraagt het tarief de som van de bedragen, die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid van de Crisis- en herstelwet. 3.Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel 6 Wijze van heffing De leges worden geheven door middel van een mondelinge kennisgeving, een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, een zegel, een nota of andere schriftuur, of een kennisgeving langs elektronische weg. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving of langs elektronische weg aan de belastingschuldige bekendgemaakt Artikel 7 Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6: a.mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; b.schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen dertig dagen na de dagtekening van de kennisgeving; c.langs elektronische weg in het aanvraagproces wordt gedaan onverwijld, dan wel als die mogelijkheid wordt geboden binnen zeven dagen na het indienen van de aanvraag langs elektronische weg; d.langs elektronische weg na indiening van de aanvraag wordt gedaan, binnen zeven dagen na dagtekening van de kennisgeving; 2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel 8 Kwijtschelding Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 9 Vermindering of teruggaaf 1.Gehele of gedeeltelijke teruggaaf van leges ter zake van een in bij deze verordening behorende de tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling. 2.Voor de toepassing van artikel 28, vierde lid, van de Invorderingswet 1990 wordt de teruggaaf van leges, bedoeld in het eerste lid, aangemerkt als een vermindering van de belastingaanslag. Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen: a.van zuiver redactionele aard zijn; b.een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving, die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of in de Staatscourant en het de volgende paragrafen of artikelen van hoofdstuk 1 van de tarieventabel betreft: Paragraaf 1.2 Reisdocumenten Paragraaf 1.3 Rijbewijzen Paragraaf 1.4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen Artikel 1.28.b Verklaring omtrent het gedrag Paragraaf 1.12 Kansspelen een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden. Artikel 11 Overgangsrecht en slotbepalingen 1.De “Legesverordening 2025”, vastgesteld bij raadsbesluit van 17 december 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 12, tweede lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt. Artikel 12 Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de bekendmaking. 2.De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026. Artikel 13 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: “Legesverordening 2026 Beuningen”. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van Beuningen, 16 december 2025, De raad voornoemd De griffier, de voorzitter, Tarieventabel leges Tarieventabel, behorende bij de Legesverordening 2026 Beuningen. Indeling tarieventabel Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening Paragraaf 1.1 Burgerlijke stand Paragraaf 1.2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart Paragraaf 1.3 Rijbewijzen Paragraaf 1.4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen Paragraaf 1.5 Verstrekkingen op grond van de AVG Paragraaf 1.6 Bestuursstukken Paragraaf 1.7 Vastgoedinformatie Paragraaf 1.8 Overige publiekszaken Paragraaf 1.9 Gemeentearchief Paragraaf 1.10 Leegstandwet Paragraaf 1.11 Winkeltijdenwet Paragraaf 1.12 Kansspelen Paragraaf 1.13 Kabels en leidingen Paragraaf 1.14 Verkeer en vervoer Paragraaf 1.15 Diversen Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de omgevingswet Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen Paragraaf 2.2 Voorfase Paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken Paragraaf 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed Paragraaf 2.5 Milieubelastende activiteiten Paragraaf 2.6 Lozingsactiviteiten Paragraaf 2.7 Aanlegactiviteiten Paragraaf 2.8 Overige activiteiten Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften Paragraaf 2.10 Gelijkwaardigheid Paragraaf 2.11 Overige tarieven Paragraaf 2.12 Modaliteiten Paragraaf 2.13 Vermindering Paragraaf 2.14 Teruggaaf Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn Paragraaf 3.1 Horeca Paragraaf 3.2 Vergunningen ingevolge de Algemene Plaatselijke Verordening Paragraaf 3.3 Prostitutiebedrijven Paragraaf 3.4 Kinderopvang Paragraaf 3.5 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening Paragraaf 1.1 Burgerlijke Stand 1.1 Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap in het gemeentehuis op: 1.1.a Dinsdag om 8:45 uur en 9:00 uur € 0,00 1.1.b Dinsdag eenvoudige ceremonie tussen 9.30 uur en 11.00 uur € 324,15 1.1.c Maandag tot en met vrijdag van 9:00 uur tot 17:00 uur € 651,05 1.2 Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap op een andere locatie dan het gemeentehuis op: 1.2.a Maandag tot en met vrijdag van 9:00 uur tot 17:00 uur € 673,00 1.2.b Maandag tot en met vrijdag van 17:00 uur tot 21:00 uur € 942,00 1.2.c Zaterdag en zondag van 9:00 uur tot 21:00 uur € 942,00 1.3 Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap buiten de genoemde tijden onder 1.2 inclusief feestdagen, en op een andere locatie dan het gemeentehuis: € 1.339,00 1.4 Voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk, als daarbij gebruik gemaakt wordt van de trouwzaal of een andere door de gemeente hiertoe aangewezen locatie, gelden de tarieven conform artikel 1.1.b, 1.1.c en 1.2.a tot en met 1.2.d 1.5 Het tarief bedraagt voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk aan de balie van het gemeentehuis. € 50,25 1.6.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om bij besluit een eigen trouwlocatie aan te wijzen voor één dag € 87,40 1.6.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om bij besluit een eigen trouwambtenaar aan te wijzen voor één dag: € 110,30 1.7 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk te annuleren of te wijzigen binnen een periode van 14 dagen voorafgaand aan die gereserveerde datum € 50,25 1.8 Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een trouwboekje of partnerschapsboekje € 65,55 Paragraaf 1.2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart 1.9 Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van: 1.9.1 Een nationaal paspoort 1.9.1.a Voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is €* 1.9.1.b Voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt €* 1.9.2 Een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in een onderdeel 1.2.1.1 (zakenpaspoort): 1.9.2.a Voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is €* 1.9.2.b Voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt €* 1.9.3 Een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort): 1.9.3.a Voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is €* 1.9.3.b Voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt €* 1.9.4 Een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen: €* *dit is het maximum tarief uit het meest recente Besluit paspoortgelden 1.10 Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van 1.10.1 Een Nederlandse identiteitskaart 1.10.1.a Voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is: €* 1.10.1.b Voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt: €* 1.10.2 Een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor een persoon met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon: €* 1.11 Het tarief genoemd in de artikelen 1.9 en 1.10 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met: €* *dit is het maximumtarief uit het meest recente Besluit Nederlandse identiteitskaart (Besluit NIK) Paragraaf 1.3 Rijbewijzen 1.12 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs €* 1.13 Het tarief genoemd in artikel 1.3.1 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met: €* *Jaarlijks wettelijk maximumtarief RDW Paragraaf 1.4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen 1.14 Voor de toepassing van deze paragraaf, met uitzondering van de onderdelen 1.16 en 1.17, wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens over één persoon, waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd. 1.15 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een uittreksel uit de basisregistratie personen € 16,00 1.16 Voor de toepassing van onderdeel 1.4.4 wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens over één persoon, die niet zijn opgenomen in de basisregistratie personen 1.17 Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de basisregistratie personen, voor ieder daaraan besteed kwartier € 36,05 Paragraaf 1.5 Verstrekkingen op grond van de AVG 1.18 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag overeenkomstig artikel 12, vijfde lid, van de AVG gericht op het verstrekken van de artikelen 13 en 14 bedoelde informatie en het treffen van maatregelen als bedoeld in de artikelen 15 tot en met 22 en artikel 34 is kosteloos. Tenzij verzoeken van een betrokkene kennelijk ongegrond of buitensporig zijn, met name vanwege hun repetitieve karakter. Dan mag de verwerkingsverantwoordelijke de volgende tarieven in rekening brengen: 1.18.1 bij verstrekking op papier, indien het afschrift bestaat uit: 1.18.1.a ten hoogste 100 pagina’s, per pagina € 0,35 met een maximum per bericht van € 6,05 1.18.1.b meer dan 100 pagina’s € 26,95 1.18.2 bij verstrekking anders dan op papier € 6,05 1.18.3 dat bestaat uit een afschrift van een, vanwege de aard van de verwerking, moeilijk toegankelijke gegevensverwerking € 26,15 1.19 Indien voor hetzelfde bericht op grond van de onderdelen 1.18.1, 1.18.2 en 1.18.3 meerdere vergoedingen kunnen worden gevraagd, wordt slechts de hoogste vergoeding gevraagd. Paragraaf 1.6 Bestuursstukken 1.20 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot toezending van de raadsagenda, -voorstellen en voor de toezending van de agenda en de verslagen van een raadscommissie, per kalenderjaar € 266,60 Paragraaf 1.7 Vastgoedinformatie 1.21 Het tarief bedraagt voor het raadplegen van de bij de gemeente berustende kadastrale stukken, indien daarbij bijstand van een ambtenaar van de gemeente is verkregen, per kwartier of gedeelte daarvan € 38,30 1.22 voor het gebruiken van registers, (kaart)systemen of plans, die voor het verlenen van inzage aan de aanvrager moeten worden voorgelegd, wordt geen recht van inzage geheven € 0,00 1.23 het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een fotokopie van een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, streekplan, structuurplan, stadsvernieuwingsplan of wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in artikel 27 van de Wegenwet, per kaart of tekening, van het formaat A4, A3, A2, A1 of A0. € 116,50 1.24 het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van kaarten en tekeningen uit het geautomatiseerde kaartenbestand: 1.24.a van het gebied buiten de bebouwde kom, per ha € 99,70 1.24.b van het gebied binnen de bebouwde kom, per ha € 206,45 1.25 de in onderdeel 1.24.a en 1.24.b genoemde tarieven worden vermeerderd met: 1.25.a voor de eerste plot (tekening) van het formaat A4, A3, A2, A1 of A0 € 147,15 1.25.b de in onderdeel 1.25.a genoemde tarieven worden voor elke plot van hetzelfde kaartbeeld verhoogd met 25% 1.26 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een plot, gecombineerd met GBKN en/of kadaster met luchtfoto’s: 1.26.a voor de eerste plot (tekening) van het formaat A4, A3, A2, A1 of A0 € 147,15 1.27 het tarief voor het in behandeling nemen van aanvragen om verstrekking van thematische kaarten en tekeningen, niet zijnde kaarten en tekeningen, als bedoeld in de onderdelen 1.24, 1.25 en 1.26, wordt vastgesteld op een bedrag, blijkend uit een begroting, die door de gemeenteambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b van de Gemeentewet, is opgesteld en die voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager is medegedeeld. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag, waarop de hiervoor bedoelde begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht. Paragraaf 1.8 Overige publiekszaken 1.28 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: 1.28.a het legaliseren van een handtekening € 16,00 1.28.b een verklaring omtrent het gedrag € 41,35 1.28.c een bewijs van Nederlanderschap € 16,00 1.28.d het waarmerken van een kopie € 16,00 Paragraaf 1.9 Gemeentearchief 1.29 Het tarief bedraagt voor het doen van nasporingen, ongeacht het resultaat, in de in het gemeentearchief berustende stukken door een ambtenaar, per kwartier, of deel daarvan € 28,65 1.30 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van: 1.30.a een fotokopie of afschrift van een in het gemeentearchief berustend stuk (A4), per pagina € 0,41 1.30.b een uittreksel uit een in het gemeentearchief berustend stuk € 13,15 Paragraaf 1.10 Leegstandswet 1.31 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor tijdelijke verhuur van een woonruimte etc., bestemd voor afbraak of vernieuwbouw, bedraagt € 102,70 1.32 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor tijdelijke verhuur van woonruimte etc., bestemd voor verkoop, bedraagt € 102,70 1.33 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor tijdelijke verhuur van woonruimte in een gebouw, dat blijkens zijn constructie dan wel inrichting bestemd is voor doeleinden van groepsgewijze huisvesting, van verzorging of verpleging, van logiesverschaffing, van administratie of van onderwijs of voor een samenstel van twee of meer van deze doeleinden, bedraagt € 102,70 Paragraaf 1.11 Winkeltijdenwet 1.34 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 1.34.a voor ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet € 102,70 1.34.b tot het verlenen van toestemming om een in onderdeel 1.13.1.1 bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander € 102,70 1.34.c tot het intrekken of wijzigen van een in onderdeel 1.34.a bedoelde ontheffing € 102,70 Paragraaf 1.12 Kansspelen 1.35 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen 1.35.a voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat: € 58,20 1.35.b voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat: € 58,20 1.35.c en voor iedere volgende kansspelautomaat: € 35,00 Paragraaf 1.13 Kabels en leidingen 1.36 Instemmingsbesluit op grond van de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren gemeente Beuningen 1.36.a Leges voor een melding van werkzaamheden van niet ingrijpende aard, als bedoeld in de Algemene Verordening Kabels en Leidingen, voor tracés tot 10 strekkende meter. € 451,10 1.36.b Leges instemmingsbesluit/vergunning voor het kruisen van wegen en watergangen en tracés van 10 – 500 meter €1.017,10 1.36.c Leges instemmingsbesluit/vergunning voor 500-1000 meter € 1.636,10 1.36.d Leges instemmingsbesluit/vergunning voor meer dan 1000 meter € 2.336,45 1.37 Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een melding huisaansluiting ingevolge de Algemene verordening kabels en leidingen Beuningen artikel 4 € 216,50 1.38.1 Het tarief bedraagt voor het op aanvraag houden van vooroverleg, eventueel gecombineerd met de afhandeling van een verzoek tot bezichtiging, om een indicatie te krijgen van de mogelijkheden voor medegebruik van publieke infrastructuur van de gemeente voor de plaatsing van small cells als bedoeld in artikel 5c.2, eerste lid, van de Telecommunicatiewet: 25% van de leges zoals deze bij een daadwerkelijke verzoek tot medegebruik overeenkomstig het vierde lid zouden worden vastgesteld. 1.38.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een verzoek tot medegebruik van publieke infrastructuur van de gemeente voor de plaatsing van small cells als bedoeld in artikel 5c.2, eerste lid, van de Telecommunicatiewet: voor medegebruik van 1 tot en met 20 gemeentelijke objecten: € 1.746,05 voor medegebruik van 21 tot en met 40 gemeentelijke objecten: € 3.318,30 voor medegebruik van 41 tot en met 60 gemeentelijke objecten: € 4.715,45 voor medegebruik van 61 tot en met 80 gemeentelijke objecten € 5.938,75 voor medegebruik van 81 tot en met 100 gemeentelijke objecten: € 6.986,90 voor medegebruik van 101 tot en met 120 gemeentelijke objecten: € 7.858,55 voor medegebruik van 121 tot en met 140 gemeentelijke objecten: € 8.557,85 voor medegebruik van 141 tot en met 160 gemeentelijke objecten € 9.081,95 voor medegebruik van 161 tot en met 180 gemeentelijke objecten: € 9.432,20 voor medegebruik van 181 of meer gemeentelijke objecten: € 9.605,95 1.38.3 Als het verzoek bedoeld in het vierde lid is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg als bedoeld in het derde lid, bestaat aanspraak op teruggaaf van 100% van de voor het vooroverleg geheven leges als het verzoek: hetzelfde medegebruik betreft als waarop het vooroverleg betrekking had; in overeenstemming is met de uitkomsten van het vooroverleg; en is gedaan binnen twaalf weken na het laatste vooroverleg. Paragraaf 1.14 Verkeer en vervoer 1.39 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een gehandicaptenparkeerkaart, als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) € 148,65 1.40 Indien de aanvraag als bedoeld onder 1.39 wordt geweigerd, wordt op aanvraag teruggaaf van de geheven leges verleend van 50% 1.41 Indien op basis van een verzoek voor een persoonlijke gehandicaptenparkeerplaats wordt gecreëerd, worden de volgende leges in rekening gebracht: 1.41.a de kosten van een paal, het gehandicaptenbord en het kentekenbord, inclusief de kosten van de plaatsing daarvan € 380,20 1.41.b het verplaatsen een persoonlijke gehandicaptenparkeerplaats € 189,05 1.42 Een bewoners- en bedrijfsontheffing parkeerschijfzone hebben een geldigheidsduur van één jaar. De tijdelijke ontheffing parkeerschijfzone is geldig voor één week of één maand. De ontheffingen zijn niet te restitueren. Het tarief voor: 1.42.a een bewonersontheffing voor het voor onbepaalde tijd parkeren zonder gebruikmaking van de parkeerschijf in aangewezen parkeervakken binnen de parkeerschijfzone in het centrum van Beuningen € 57,15 1.42.b een bedrijfsontheffing voor het voor onbepaalde tijd parkeren zonder gebruikmaking van de parkeerschijf in aangewezen parkeervakken binnen de parkeerschijfzone in het centrum van Beuningen € 406,55 1.42.c Een weekontheffing parkeerschijfzone voor het voor onbepaalde tijd parkeren van voertuigen voor het uitvoeren van bedrijfsactiviteiten zonder gebruikmaking van de parkeerschijf binnen de parkeerschijfzone in het centrum van Beuningen, niet zijnde standplaats- of evenementdoeleinden € 14,00 1.42.d Een maandontheffing parkeerschijfzone voor het voor onbepaalde tijd parkeren van voertuigen voor het uitvoeren van bedrijfsactiviteiten zonder gebruikmaking van de parkeerschijf binnen de parkeerschijfzone in het centrum van Beuningen, niet zijnde standplaats- of evenementdoeleinden € 29,50 1.43 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 voor zover noodzakelijk voor en direct samenhangend met de uitvoering van bijzondere transporten € 62,25 Paragraaf 1.15 Diversen 1.44 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van: 1.44.a gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina € 6,40 1.44.b fotokopieën van stukken, afschriften, doorslagen, kaarten en tekeningen, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen per bladzijde op: A4-formaat € 0,41 A3-formaat € 1,30 A2-formaat € 1,50 A1-formaat € 1,75 A0-formaat € 2,35 1.44.c een beschikking op een aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen € 16,00 1.44.d stukken of uittreksels, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina € 16,00 1.44.e gegevens opgenomen op een cd/dvd/usb, per cd/dvd/usb , of in een e-mail € 27,35 1.45 Voor het verzenden van alle in deze tarieventabel genoemde stukken, worden de leges vermeerderd met € 4,50 1.46 Idem als onder 1.45, maar “aangetekend” € 12,10 1.47 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een verzoek tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 3, 4 of 5 van de Zondagswet € 54,65 Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de omgevingswet Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen 2.1 Definities 2.1.1 Begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet, in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling en in de bijlagen bij het gemeentelijke omgevingsplan, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald. 2.1.2 In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander dan een in het eerste lid bedoeld wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald. 2.1.3 In hoofdstuk 2 van deze verordening wordt verstaan onder: 2.1.3.a binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan; 2.1.3.b binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die niet in strijd is met regels voor de toepassing van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet; 2.1.3.c buitenplanse omgevingsplanactiviteit: activiteit, inhoudende: a. een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, of b. een andere activiteit die in strijd is met het omgevingsplan; 2.1.3.d kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit: een buitenplanse omgevingsplanactiviteit waarop bijlage 1 van deze tarieventabel van toepassing is. 2.1.3.e Vooroverleg: Via het vooroverleg kunnen initiatiefnemers hun beoogde plan bespreken en laten beoordelen, vóórdat zij een aanvraag voor een omgevingsvergunning indienen. Het proces start met een toets of het plan past in het omgevingsplan en/of een toets of het plan voldoet aan de redelijke eisen van welstand. Past het plan niet in het omgevingsplan, dan wordt het plan ambtelijk beoordeeld of afgeweken kan worden van het omgevingsplan. Afhankelijk van de complexiteit van het plan, kunnen er meerdere overleggen nodig zijn. Indien gewenst, kan de initiatiefnemer na de verkregen ambtelijke indicatie nog een verzoek indienen voor het verkrijgen van een principebeslissing van het college van burgemeester en wethouders. principebeslissing: Een voorlopig standpunt van het college van burgemeester en wethouder met betrekking tot de vraag of het college, op basis van de beoogde uitwerking van een project of (bouw)plan, bereid is medewerking te verlenen aan het beoogde plan. (Het betreft hier geen besluit maar een bestuurlijke indicatie) 2.1.3.f Principebeslissing: een voorlopig oordeel van burgemeester en wethouders over een initiatief. Dit is nog geen officieel besluit, maar een voorlopig standpunt over haalbaarheid en wenselijkheid van een initiatief. 2.1.4 (vervallen) 2.1.5 In afwijking van bijlage I bij de Omgevingsregeling wordt onder bouwkosten verstaan: de bouwkosten die worden bepaald op basis van de normkostentabel ‘Basisbedragen bouwleges 2026 Gelderland uitgave vierde kwartaal’ van Casadata, en de ‘aanvullende tabel ‘normkosten kleinere bouwwerken 2025’ welke als bijlagen bij deze verordening zijn opgenomen. Hier wordt in de tabellen bouwkosten voor de legeskosten voor alle gebouwen uitgezonderd woonvoorzieningen, uitgegaan van een standaard uitvoeringsniveau. Voor woonvoorzieningen wordt het afwerkingsniveau hoogwaardig toegepast. Voor alle uitvoeringsniveaus geldt het Besluit bouwwerken leefomgeving. Indien in genoemde tabellen de normkosten zowel op basis van het aantal m2 als op grond van het aantal m3 kan worden bepaald, dan wordt bij de berekening het normbedrag op basis van het aantal m3 aangehouden. Indien in de normkostentabellen als voornoemd voor een bepaalde categorie bouwwerken geen normatieve bouwkosten zijn opgenomen, wordt onder bouwkosten verstaan: de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van het Besluit vaststelling Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 UAV 2012; (Staatscourant 2012, 1567), voor het uit te voeren werk; Voor zover een aannemingssom ontbreekt: een raming van de bouwkosten exclusief omzetbelasting als bedoeld in de laatste uitgave van het normblad NEN 2699 : Met het voordeel van het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid wordt bij het bepalen van de bouwkosten geen rekening gehouden. Bovenbedoeld normblad NEN 2699, normblad NEN 2580 en de normkostentabel ‘Basisbedragen bouwleges 2025 Gelderland uitgave vierde kwartaal’ van Casadata liggen conform artikel 13 juncto 14a van de Bekendmakingswet ter inzage bij de gemeente Beuningen, Van Heemstraweg 46, Beuningen 2.2 Dienstverlening en besluiten waarvoor leges worden geheven Leges worden geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: 2.2.a vooroverleg 2.2.b een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 of artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit; 2.2.c een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet; 2.2.d toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet; 2.2.e een wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning; 2.2.f wijziging van een besluit als bedoeld in de onderdelen b, c en d; 2.2.g een besluit in het kader van de Omgevingswet, anders dan bedoeld in de onderdelen b tot en met g. 2.3 Bepalen tarief 2.3.1 De in artikel 2.2 bedoelde leges worden geheven naar de tarieven zoals opgenomen in de volgende hoofdstukken van titel 2 van deze verordening. 2.3.2 Als een aanvraag betrekking heeft op meerdere activiteiten, is het tarief opgebouwd uit de som van de verschuldigde leges behorend bij die activiteiten. 2.3.3 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verhoogd met een of meer modaliteiten bedoeld in paragraaf 2.12. 2.3.4 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verminderd overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 2.13. 2.3.5 Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift betrekking heeft of de gelijkwaardige maatregel onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning. 2.3.6 In afwijking van het tweede en derde lid kan ook per activiteit of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd. Paragraaf 2.2 Voorfase 2.4 Vooroverleg 2.4.1 Als de aanvraag om vooroverleg betrekking heeft op de beoordeling van een plan, waarbij beoordeeld wordt of het past in het omgevingsplan, bedraagt het tarief: € 106,10 2.4.2 Als de aanvraag betrekking heeft op het verkrijgen van een ambtelijke indicatie of medewerking zal worden verleend aan een afwijking van het omgevingsplan, bedraagt het tarief: 2.4.2.a. voor een eerste overleg bij het scanteam enkelvoudig beleidsaspect (intake): € 106,10 2.4.2.b voor een eerste overleg bij het scanteam meervoudige beleidsaspecten (intake): € 424,35 2.4.2.c voor elk volgend overleg scanteam, per overleg: € 265,25 2.4.2.d Voor het eerste overleg bij de omgevingstafel: € 530,45 2.4.2.e voor elk volgend overleg bij de omgevingstafel, per overleg: € 530,45 2.4.3 Indien de aanvrager na het verkrijgen van de ambtelijke indicatie als bedoeld in artikel 2.4 tweede lid, een aanvraag indient voor een bestuurlijke indicatie of een voorgenomen plan onder de Omgevingswet uitvoerbaar en/of vergunbaar is, wordt het bedrag uit lid 2 verhoogd met: € 424,36 2.4.4 Indien een aanvraag om vooroverleg betrekking heeft op de beoordeling of het plan in overeenstemming is met redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet, en hiertoe advies benodigd is van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie: het tarief dat aan de hand van de tarieventabel van het Gelders Genootschap 2026 is vastgesteld. Deze tarieventabel is als bijlage bij deze verordening opgenomen. Paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken Artikel 2.5 Bouwactiviteit (bouwtechnische deel) 2.5.1 Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.5.1.a over het deel van de bouwkosten vanaf € 0 tot € 25.000: 1,27% van de bouwkosten, met een minimum van: € 103,00 2.5.1.b over het deel van de bouwkosten vanaf € 25.000 tot € 50.000: 1,26% van de bouwkosten; 2.5.1.c over het deel van de bouwkosten vanaf € 50.000 tot € 200.000: 1,24% van de bouwkosten; 2.5.1.d over het deel van de bouwkosten vanaf € 200.000 tot € 2.500.000: 1,21% van de bouwkosten; 2.5.1.e over het deel van de bouwkosten vanaf € 2.500.000: 1,24% van de bouwkosten, met een maximum van: € 200.000,00 Artikel 2.6 Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk (ruimtelijke deel) 2.6.1 Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een bouwactiviteit, het in stand houden of gebruiken van het te bouwen bouwwerk, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.6.1.a over het deel van de bouwkosten vanaf € 0 tot € 25.000: 2,16% van de bouwkosten, met een minimum van: € 187,00 2.6.1.b over het deel van de bouwkosten vanaf € 25.000 tot € 50.000: 2,14% van de bouwkosten; 2.6.1.c over het deel van de bouwkosten vanaf € 50.000 tot € 200.000: 2,11% van de bouwkosten; 2.6.1.d over het deel van de bouwkosten vanaf € 200.000 tot € 2.500.000: 2,05% van de bouwkosten; 2.6.1.e over het deel van de bouwkosten vanaf € 2.500.000: 2,09% van de bouwkosten, met een maximum van € 300.000,00 2.6.2 Als moet worden beoordeeld of de activiteit niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde omgevingsplan respectievelijk het in voorbereiding zijnde wijziging van het omgevingsplan dat voorziet in de bescherming van het stads- en dorpsgezicht, wordt het bedrag in artikel 2.6 lid 1 verhoogd met: € 233,40 2.6.3 als moet worden beoordeeld of de activiteit niet in strijd is met een binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht, wordt het bedrag in artikel 2.6 lid 1 verhoogd met: € 530,45 2.6.4 als moet worden beoordeeld of de activiteit kan worden toegestaan via een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, wordt het bedrag in artikel 2.6 lid 1 verhoogd met: 2.6.4.a indien dit een buitenplanse omgevingsplanactiviteit betreft die voldoet aan de definitie van bijlage 1 (kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit): € 530,45 2.6.4.b voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, anders dan artikel 2.6 lid 4, onderdeel a: € 4.880,00 2.6.5 als moet worden beoordeeld of de activiteit niet in strijd is met een binnenplanse omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 22.280 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan (oude binnenplanse afwijking Wro), wordt het bedrag in artikel 2.6 lid 1 verhoogd met: € 185,65 2.7 Omgevingsplanactiviteit: Slopen van een bouwwerk Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit, niet zijnde een sloopactiviteit met betrekking tot een monument of beschermd stads- en dorpsgezicht, als bedoeld in paragraaf 2.4, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: a. voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit € 159,15 b. voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit € 530,45 Paragraaf 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed 2.8 Omgevingsplanactiviteit: monumenten 2.8.1 Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, met betrekking tot een gemeentelijk monument, provinciaal monument, voorbeschermd gemeentelijk monument of voorbeschermd provinciaal monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.8.1.a voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit of bij toepassing van artikel 14 van de Erfgoedverordening Beuningen 2023 in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit: 2.8.1.a.1 voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument: € 127,30 2.8.1.a.2 voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht: € 127,30 2.8.1.b voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit: 2.8.1.b.1 voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument: € 127,30 2.8.1.b.2 voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht: € 127,30 2.8.2 Als de in het eerste lid bedoelde aanvraag een archeologisch monument betreft, worden de in het eerste lid genoemde tarieven verhoogd met: € 297,05 2.8.3 Het eerste lid, aanhef en onder a, en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op een aanvraag om een omgevingsvergunning met betrekking tot een monument of archeologisch monument dat op grond van de Erfgoedverordening Beuningen 2023 is aangewezen respectievelijk waarop, voordat het is aangewezen, die verordening van overeenkomstige toepassing is. De vorige volzin is van toepassing: 2.8.3.a als het gaat om een aangewezen monument of archeologisch monument: zolang in het omgevingsplan daaraan nog niet de functie-aanduiding gemeentelijk monument is gegeven; en 2.8.3.b als het gaat om een monument of archeologisch monument waarop voordat het is aangewezen de verordening van overeenkomstige toepassing is: zolang in het omgevingsplan daaraan nog niet de functie-aanduiding gemeentelijk monument is gegeven of het omgevingsplan nog geen voorbeschermingsregel bevat vanwege het voornemen om die functie-aanduiding te geven. 2.9 Rijksmonumentenactiviteit 2.9.1 Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een rijksmonumentenactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, met uitzondering van een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een archeologisch monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.9.1.a voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument: € 127,30 2.9.1.b voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht: € 127,30 2.10 Omgevingsplanactiviteit: sloopactiviteit in beschermd stads- of dorpsgezicht Gereserveerd 2.11 Omgevingsplanactiviteit: overig cultureel erfgoed en werelderfgoed Gereserveerd Paragraaf 2.5 Milieubelastende activiteiten 2.12 Omgevingsplanactiviteit: milieubelastende activiteit Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een milieubelastende activiteit als bedoeld in paragraaf 22.3.26 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 2.147,25 2.13 Activiteiten die bedrijfstakken overstijgen (afdeling 3.2 Besluit activiteiten leefomgeving) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten die bedrijfstakken overstijgen als bedoeld in de paragrafen 3.2.1, 3.2.3 tot en met 3.2.15, 3.2.17 tot en met 3.2.19 en 3.2.24 van afdeling 3.2 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.13.a voor één milieubelastende activiteit: € 2.147,25 2.13.b voor twee milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit: € 1.591,35 2.13.c voor drie of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit € 1.273,10 2.14 Nutssector en industrie (afdeling 3.4 Besluit activiteiten leefomgeving) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de categorie nutssector en industrie als bedoeld in de paragrafen 3.4.2, 3.4.4 tot en met 3.4.9 en 3.4.11 van afdeling 3.4 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.14.a voor één milieubelastende activiteit: € 2.147,25 2.14.b voor twee milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit: € 1.591,35 2.14.c voor drie of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit: € 1.273,10 2.15 Afvalbeheer (afdeling 3.5 Besluit activiteiten leefomgeving) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector afvalbeheer als bedoeld in de paragrafen 3.5.1, 3.5.4, 3.5.7, 3.5.8 en 3.5.11 van afdeling 3.5 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.15.a voor één milieubelastende activiteit: € 2.147,25 2.15.b voor twee milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit: € 1.591,35 2.15.c voor drie of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit: € 1.273,10 2.16 Agrarische sector (afdeling 3.6 Besluit activiteiten leefomgeving) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de agrarische sector als bedoeld in de paragrafen 3.6.1, 3.6.7 en 3.6.8 van afdeling 3.6 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.16.a voor één milieubelastende activiteit: € 2.147,25 2.16.b voor twee milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit: € 1.591,35 2.16.c voor drie of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit: € 1.273,10 2.17 Dienstverlening, onderwijs en zorg (afdeling 3.7 Besluit activiteiten leefomgeving) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector dienstverlening, onderwijs en zorg als bedoeld in de paragrafen 3.7.6 en 3.7.10 van afdeling 3.7 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 2.147,25 2.18 Transport, logistiek en ondersteuning daarvan (afdeling 3.8 Besluit activiteiten leefomgeving) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector transport, logistiek en ondersteuning daarvan als bedoeld in de paragrafen 3.8.2, 3.8.3, 3.8.5, 3.8.6, 3.8.8 tot en met 3.8.11 van afdeling 3.8 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.18.a voor één milieubelastende activiteit: € 2.147,25 2.18.b voor twee milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit: € 1.591,35 2.18.c voor drie of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit: € 1.273,10 2.19 Sport en recreatie (afdeling 3.9 Besluit activiteiten leefomgeving Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector sport en recreatie als bedoeld in paragraaf 3.9.1 van afdeling 3.9 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 2.147,25 2.20 Samenloop van milieubelastende activiteiten 2.20.1 Als bij de toepassing van de artikelen 2.13 tot en met 2.19 dezelfde milieubelastende activiteit onder meer dan een artikel valt, wordt die milieubelastende activiteit slechts eenmaal in de heffing betrokken, waarbij het voor de belastingplichtige meest gunstige van toepassing zijnde tarief wordt toegepast. 2.20.2 Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een kernactiviteit in een bedrijfstak gecombineerd met functioneel ondersteunende activiteiten uit andere bedrijfstakken, dan is, in afwijking van het bepaalde in dit hoofdstuk, op al deze activiteiten het artikel van toepassing waaronder de bedrijfstak die bepalend is voor de kernactiviteit valt. Paragraaf 2.6 Lozingsactiviteiten 2.21 Lozingsactiviteit niet afkomstig van milieubelastende activiteit Gereserveerd 2.22 Lozingsactiviteit afkomstig van milieubelastende activiteit Gereserveerd Paragraaf 2.7 Aanlegactiviteiten 2.23 Omgevingsplanactiviteit: opbreken en graven Gereserveerd 2.24 Omgevingsplanactiviteit: overige activiteiten beperkingengebied leidingen, landschapselement en aardkundige waarde Gereserveerd 2.25 Omgevingsplanactiviteit: geluid weg Gereserveerd 2.26 Omgevingsplanactiviteit: aanleggen of veranderen weg Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedoeld in artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 503,95 2.27 Omgevingsplanactiviteit: uitweg/uitrit Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 238,70 2.28 Omgevingsplanactiviteit: overige aanlegactiviteiten 2.28.1 Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid (aanlegactiviteit), niet zijnde een activiteit die in de voorgaande artikelen van dit hoofdstuk is benoemd, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.28.1.a voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit: € 344,80 2.28.1.b en als moet worden beoordeeld of de in het tijdelijke deel van het omgevingsplan bedoelde aanlegactiviteit niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde omgevingsplan respectievelijk het in voorbereiding zijnde omgevingsplan dat voorziet in de bescherming van het stads- of dorpsgezicht, als bedoeld in artikel 22.278, tweede lid, van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, verhoogd met: € 106,10 2.28.1.c voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit: € 344,80 2.28.1.d voor een binnenplanse omgevingsactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht: € 344,80 Paragraaf 2.8 Overige activiteiten 2.29 Omgevingsplanactiviteit: alarminstallatie Gereserveerd 2.30 Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden Gereserveerd 2.31 Omgevingsplanactiviteit: reclame 2.31 Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, als bedoeld in artikel 4:15 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, en als niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in hoofdstuk 2.3, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 132,60 2.32 Omgevingsplanactiviteit: opslag van roerende zaken / objecten plaatsen op de weg Gereserveerd 2.33 Omgevingsplanactiviteit: standplaatsen Gereserveerd 2.34 Andere activiteiten Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in dit hoofdstuk en voorgaande hoofdstukken van deze titel bedoeld en die activiteit: 2.34.1 betreft een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen vergunningplichtige activiteit, uitgezonderd de activiteit bedoeld in onderdeel b, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 185,65 2.34.2 betreft een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 2.34.2.a voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 22.280 van tijdelijk deel van het omgevingsplan (oude binnenplanse afwijking Wro): € 185,65 2.34.2.b voor een andere binnenplanse omgevingsplanactiviteit: € 185,65 2.34.2.c voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit: 2.34.2.c.1 indien dit een buitenplanse omgevingsplanactiviteit betreft die voldoet aan de definitie van bijlage 1 (kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit): € 530,45 2.34.2.c.2 voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, anders dan artikel 2.34 lid 2, onderdeel b onder 1: € 4.880,15 2.34.2.c.3 voor een in een gemeentelijke verordening als bedoeld in artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit aangewezen vergunningplichtige activiteit: € 177,00 Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften 2.35 Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouw- of sloopactiviteit, bedraagt het tarief: 2.35.a voor een maatwerkvoorschrift dat betrekking heeft op: 1. het in stand houden van een bestaand bouwwerk, bedoeld in artikel 3.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; 2. bouwactiviteiten die het bouwen van nieuwe bouwwerken betreffen als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; 3. het gebruik van een bouwwerk, bedoeld in artikel 6.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; of 4. het verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden als bedoeld in artikel 7.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; per maatwerkvoorschrift: € 1.366,45 2.35.b in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a, per maatwerkvoorschrift: € 1.366,45 2.36 Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op: 2.36.1 Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op: 2.36.1.a een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, per milieubelastende activiteit: € 1.366,45 2.36.1.b Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere milieubelastende activiteit dan bedoeld in het eerste lid, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit: € 1.366,45 2.37 Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift: € 1.366,45 Paragraaf 2.10 Gelijkwaardigheid 2.38 Gelijkwaardige maatregel Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet betrekking heeft op: 1. een bouwactiviteit 2. een activiteit met betrekking tot cultureel erfgoed 3. een milieubelastende activiteit 4. een andere activiteit dan bedoeld in de onderdelen a, b of c, bedraagt het tarief: € 1.366,45 Paragraaf 2.11 Overige tarieven 2.39 Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit: € 238,70 2.40 Wijzigen omgevingsvergunning 2.40.a Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een omgevingsvergunning , niet zijnde een geringe wijziging zoals bedoeld onder 2.40 onderdeel b., is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft. 2.40.b Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project: € 238,70 2.41 Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning: € 1.268,85 2.42 Intrekken omgevingsvergunning Gereserveerd 2.43 Beoordeling aanvullende gegevens Gereserveerd 2.44 Beoordeling onderzoeksrapporten De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning. 2.45 Wijzigen van het omgevingsplan Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan: € 9,017,65 2.46 Niet genoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan € 265,25 Paragraaf 2.12 Modaliteiten 2.47 Achteraf ingediende aanvraag Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met: 10% 2.48 Uitgebreide voorbereidingsprocedure Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit: 2.48.a als sprake is van een milieubelastende activiteit: € 1.591,35 2.48.b als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit: € 1.591,35 2.48.c als sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in de onderdelen a en b: € 1.591,35 2.49 Beoordeling onderzoeksrapporten Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld: 2.49.a voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport: € 424,35 2.49.b voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport: € 424,35 2.49.c voor de beoordeling van een geluid- of luchtrapport betreffende de geluid- of luchtbelasting: € 424,35 2.49.d voor de beoordeling van een akoestisch rapport betreffende de interne en externe geluidwering of nagalm van een bouwwerk: € 424,35 2.49.e voor de beoordeling van een ecologisch onderzoeksrapport: € 424,35 2.49.f voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER): € 424,35 2.49.g voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport: € 424,35 2.50 Advies Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet: 2.50.1 voor een advies van de gemeenteraad: € 530,45 2.50.2 voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Beuningen dat uitsluitend betrekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet: het tarief dat aan de hand van de tarieventabel van het Gelders Genootschap 2026 is vastgesteld. Deze tarieventabel is als bijlage bij deze verordening opgenomen. 2.50.3 voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de leden 1 en 2: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. 2.50.4 Als een begroting als bedoeld in het derde lid, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. 2.51 Instemming 2.51.1 Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan: 2.51.1.a als de gemeenteraad moet besluiten over de instemming: € 371,30 2.51.1.b als een ander bestuursorgaan moet besluiten over de instemming: het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn Het bedrag bedoeld in het eerste lid, onder b, wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Paragraaf 2.13 Vermindering 2.52 Vermindering na vooroverleg 2.52.1 Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt: 100% van de voor het vooroverleg geheven leges, als bedoeld in artikel 2.4, eerste en tweede lid. En indien van toepassing, tevens: 100% Van de voor de principebeslissing geheven leges als bedoeld in artikel 2.4 derde lid. En indien van toepassing, tevens: 100% Van de ingevolge artikel 2.4 lid 4 voor welstand geheven leges. 2.52.2 Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan: '- voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het vooroverleg betrekking had; '- in overeenstemming met de uitkomsten van het vooroverleg; en binnen 12 maanden na het laatste vooroverleg of, als het vooroverleg volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving 2.52.3 Indien de leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, minder bedragen dan de leges die verschuldigd zijn voor de aanvraag om een vooroverleg als in lid 1 bedoeld, dan bedraagt de vermindering ten hoogste het bedrag van de leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8. (De vermindering als bedoeld in dit artikel kan dus nooit leiden tot een teruggave van leges.) 2.52.4 Onder een aanvraag om vooroverleg als bedoeld in dit artikel moet tevens worden verstaan: een aanvraag tot vooroverleg/beoordeling van een conceptaanvraag die is ingediend vóór 1 januari 2024. De voorgaande leden zijn hierop van overeenkomstige toepassing. 2.53 Vermindering bij meervoudige aanvraag Gereserveerd Paragraaf 2.14 Teruggaaf 2.54 Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag om een vooroverleg of een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 100% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. 2.55 Teruggaaf als aanvraag of vooroverleg verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt: 50% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. 2.56 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag, vooroverleg, omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 2.56.a bij gehele of gedeeltelijke intrekking van de aanvraag: 50% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag vooroverleg, omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 2.57.a bij gehele of gedeeltelijke intrekking van de aanvraag: 50% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat er geen aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. 2.59 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit, een milieubelastende activiteit of een activiteit als bedoeld in artikel 2.6 2.59.a Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit, een milieubelastende activiteit of een activiteit als bedoeld in artikel 2.6 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 50% van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges. 2.59.b Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak. 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. 2.61 Minimumbedrag voor teruggaaf Gereserveerd Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn Paragraaf 3.1 Horeca 3.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet € 531,05 3.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een wijziging van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet € 240,40 3.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet € 100,60 3.4 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een exploitatievergunning alcoholvrije inrichting zoals bedoeld in artikel 2:28 van de algemene plaatselijke verordening Beuningen € 322,40 3.5 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in 2:28 € 144,30 Paragraaf 3.2 Vergunningen ingevolge de Algemene Plaatselijke Verordening 3.6.1 Er wordt onderscheid gemaakt tussen een commercieel en niet commercieel evenement. - Een commercieel evenement is een evenement met een winstoogmerk waarbij de middelen ten gunste komen van een commerciële organisatie. Voor het commerciële evenement wordt er aan de hand van een behandelclassificatie vanuit de HEV 2018 onderscheid gemaakt tussen een A, B, of C- evenement - Een niet commercieel evenement is Een evenement zonder winstoogmerk en waarbij eventuele inkomsten ten goede komen aan Een vrijwilligersorganisatie of goed doel. inkomsten mogen in geen geval (gedeeltelijk) ten gunste komen van Een commerciële organisatie. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor het organiseren van een commercieel evenement (evenement vergunning), als bedoeld in artikel 2:25 van de A.P.V. indien het betreft: 3.6.1.a een A-evenement € 168,75 3.6.1.b een B-evenement € 619,55 3.6.1.c een C-evenement € 35.093,80 3.6.2 In afwijking van het gestelde onder 3.6.1 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een niet commercieel evenement als bedoeld in bijlage 7 bij dit besluit € 0,00 3.7 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het innemen van een standplaats in de gemeente als bedoeld in artikel 5:18 van de A.P.V. markt bedraagt voor een periode van (de periode wordt gemeten vanaf de eerste dag tot de laatste dag dat de standplaats wordt ingenomen en wordt afgerond naar boven): 3.7.a een dag € 7,40 3.7.b een week € 16,90 3.7.c een maand € 32,65 3.7.d een kwartaal € 57,95 3.7.e een jaar € 214,70 3.8 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor ontheffing voor gebruik van de openbare weg, als bedoeld in artikel 2:10 van de A.P.V. € 100,60 3.9 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een ontheffing als bedoeld in artikel 2:9 van de A.P.V. voor straatartiesten, straatfotografie etc. € 100,60 3.10 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning ingevolge artikel 2:29 van de A.P.V. met betrekking tot het sluitingsuur van inrichtingen € 147,45 3.11 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor ontheffing ingevolge artikel 4:6 van de A.P.V. (geluidhinder) € 147,45 3.12 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 4:15 van de A.P.V. inzake het maken van handelsreclame € 147,45 3.13 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning voor een collecte als bedoeld in artikel 5:13 van de A.P.V. € 0,00 3.14 Een ontheffing als bedoeld in artikel 2.10 lid C van de A.P.V. voor het hebben van voorwerpen in welke vorm dan ook, of stoffen op, aan of boven een openbare plaats, dan wel het in gebruik hebben van die openbare plaats, voor de duur van 5 jaar: € 530,05 3.15 Na het verstrijken van de in artikel 3.13 vermelde termijn van 5 jaren, kan een nieuwe vergunning worden aangevraagd, waarbij het gebruik van de openbare plaats voor 5 jaren kan worden voortgezet. Het tarief voor het in behandeling nemen voor een aanvraag voor deze vervolgvergunning, welke eveneens geldt voor een periode van 5 jaren, bedraagt € 136,65 Paragraaf 3.3 Prostitutiebedrijven 3.16 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 3.16.1 tot het verlenen van een exploitatievergunning of wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in de Verordening seksinrichtingen 2011, vastgesteld bij raadsbesluit van 11 april 2011: 3.16.1.a voor een seksinrichting € 676,45 3.16.1.b voor een escortbedrijf € 676,45 3.17 tot het wijzigen van een exploitatievergunning in verband met uitsluitend een wijziging van het beheer in een seksinrichting of escortbedrijf, als bedoeld in de Verordening seksinrichtingen 2011, vastgesteld bij raadsbesluit van 11 april 2011: 3.17.a voor een seksinrichting € 676,45 3.17.b voor een escortbedrijf € 676,45 Paragraaf 3.4 Kinderopvang 3.18 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot registratie kinderopvang inclusief het tarief voor het aanvragen van een GGD-inspectie op grond van een ingediende aanvraag als bedoeld in artikel 3.7.1 bedraagt voor: 3.18a gastouderbureau € 605,35 33.18b kinderdagverblijf € 867,60 3.18.c buitenschoolse opvang € 867,60 3.18.d peuteropvang € 867,60 3.18.e gastouder € 425,00 3.18.f Voorziening voor gastouderopvang waarbij de houder van de voorziening, de gastouder, al in het landelijke register Kinderopvang (LRK) is opgenomen met een andere voorziening of het adres al geregistreerd is als opvangadres € 362,35 Paragraaf 3.5 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking 3.19 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking € 185,75 Gewaarmerkt als behorende bij de Legesverordening 2026 Beuningen vastgesteld bij besluit van de raad van 16 december 2025. De griffier, Bijlage 1 behorend bij de tarieventabel van de Legesverordening 2026 Beuningen BIJLAGE 1: Kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit Waar in deze bijlage wordt verwezen naar wet- of regelgeving dan wordt verwezen naar de wet- en regelgeving zoals deze luidde voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Onder een ‘kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit’ zoals bedoeld in artikel 2.1, lid 3, onder d van de tarieventabel wordt verstaan: Onder een kleine buitenplanse afwijking wordt verstaan: 1. een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan met een oppervlakte van niet meer dan 150 m2 mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, 2. een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; 3. een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 10 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; c. de aanleg van zonnepanelen voor eigen gebruik bij een woning met een oppervlakte niet meer dan 100 m2; 4. een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw, de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard dan wel voorzieningen gericht op het isoleren van een gebouw; 5. een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m; 6. een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Elektriciteitswet 1998; 7. een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen; 8. het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied; 9. het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, de bouwwerken niet groter zijn dan 350 m2, tenzij het een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen betreft; 10. een zelfstandig bouwwerk dat niet groter is dan 50 m2; 11. ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 10, a. voor een termijn van ten hoogste tien jaar; b. ten behoeve van een rijbak 12. een afwijking van de voorgeschreven bouwwijze, waarbij het aantal woningen niet toeneemt 13. een afwijking van de in het Omgevingsplan opgenomen rooilijn 14. een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, waarbij de vergunning een nadere uitwerking inhoudt van een planologische basisbesluit dat eerder als buitenplanse omgevingsplanactiviteit is vergund (tweede fase opvolgende bopa) Bij de toepassing van de bovenstaande blijft het aantal woningen gelijk. Deze eis is niet van toepassing op de gevallen, bedoeld in: a. onderdeel 1, voor zover het betreft huisvesting in verband met mantelzorg, b. onderdelen 9 en 11 Gewaarmerkt als bijlage 1 behorend bij de tarieventabel van de “Legesverordening 2026 Beuningen”, vastgesteld bij besluit van de raad van 16 december 2025. De griffier, Bijlage 2 behorend bij de tarieventabel van de Legesverordening 2026 Beuningen Betreft: basisbedragen bouwleges 2025 Gelderland uitgave 4de kwartaal van Casadata (in te voegen op moment van publicatie) Gewaarmerkt als bijlage 2 behorend bij de tarieventabel van de “Legesverordening 2026 Beuningen”, vastgesteld bij besluit van de raad van 16 december 2025. De griffier, Bijlage 3 behorend bij de tarieventabel van de Legesverordening 2026 Beuningen Bijlage 3. Aanvullende tabel normkosten kleinere bouwwerken (t.b.v. de bouwleges) 2026, behorende bij de legesverordening 2026 Normbedragen exclusief BTW 1. Erfafscheidingen 1.1 Gaas hoog tot 2,0 m € 64,00 /m1 1.2 Stalen hekwerk € 145,00 /m1 2. Normkosten voor constructieve wanddoorbraken 2.1 Doorbraak met stalen ligger in dragende wand € 1.092,00 /m1 3. Overigen 3.1 Reclamebord € 333,00 /m2 3.2 Lichtreclamebord € 547,00 /m2 3.3 Vlaggenmast € 547,00 /stuk 3.4 Lichtmast € 6.677,00 /stuk 3.5 Damwand/keerwanden/beschoeiingen € 280,00 /m1 3.6 Vlonder/steigers € 212,00 /m2 3.7 Gevelbekleding vernieuwen (beplating, metselwerk, staal e.d.) € 119,00 /m2 3.8 Tijdelijke woonunit t.b.v. de bouw van een woning € 119,00 /m3 3.9 Noodschool unit € 253,00 /m3 3.10 Dakconstructie (ingreep met isolatie) € 194,00 /m2 3.11 Pergola € 121,00 /m1 3.12 Zonnepanelen (plaatsing op gebouw) € 318,00 /m2 3.13 Banier € 106,00 /stuk 3.14 Airco-unit € 1.591,00 /stuk Gewaarmerkt als bijlage 3 behorend bij de tarieventabel van de “Legesverordening 2026 Beuningen”, vastgesteld bij besluit van de raad van 16 december 2025. De griffier, Bijlage 4 behorend bij de tarieventabel van de Legesverordening 2026 Beuningen Tariefregeling Gelders Genootschap, behorende bij de legesverordening 2026 Tariefregeling advisering per 01.01.2026 A. Advisering omgevingskwaliteit van bouw- en verbouwplannen Tarief op basis van een promillage van de bouwsom: 1a. van € 0 tot en met € 500.000 -> 2,1 0/00 per aanvraag, met een minimum van € 100 Per aanvraag, maximaal 3 behandelingen plus over het gedeelte van de bouwsom van € 500.001 tot en met € 1.000.000 -> 1,3 0/00 per aanvraag Per aanvraag, maximaal 3 behandelingen plus over het gedeelte van de bouwsom van € 1.000.001 tot en met € 2.500.000 -> 0,9 0/00 per aanvraag, maximaal Per aanvraag, maximaal 3 behandelingen plus over het gedeelte van de bouwsom van € 2.500.001 tot en met € 5.000.000 -> 0,6 0/00 per aanvraag, maximaal Per aanvraag, maximaal 3 behandelingen plus over het gedeelte van de bouwsom van € 5.000.001 en meer -> 0,3 0/00 per aanvraag, maximaal Per aanvraag, maximaal 3 behandelingen 1b. Indien het woningbouw betreft wordt per aanvraag bezien hoeveel grondgebonden woningen er per locatie worden uitgevoerd en deze worden per type in rekening gebracht. De volgende regeling per type is daarbij van toepassing: • complexen van 1 tot en met 5 gelijke woningen -> tarief volgens 1a. • complexen van 6 tot en met 10 gelijke woningen -> tarief over de bouwsom van 5 woningen • complexen van 11 tot en met 20 gelijke woningen -> tarief over de bouwsom van 6 woningen • complexen van 21 tot en met 30 gelijke woningen -> tarief over de bouwsom van 8 woningen • complexen van 31 tot en met 40 gelijke woningen -> tarief over de bouwsom van 10 woningen • complexen van 41 tot en met 50 gelijke woningen -> tarief over de bouwsom van 12 woningen en zo vervolgens, Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen vrijstaande, dubbele en rijenwoningen als verschillende bouwtypen. Indien er binnen een bouwblok onderling significante architectonische afwijkende woningen voorkomen dan worden deze eveneens als een afwijkende type gezien. (Etage-, BeBo-, en galerijwoningen e.d. worden als één bouwblok beschouwd. Het tarief wordt dan berekend over de totale bouwsom van het bouwblok). 2. integrale advisering welstand + 1 extra discipline -> 1,8 x regulier tarief welstand + discipline Rijksmonument -> 2.0 x regulier tarief welstand + meerdere extra disciplines -> 2,2 x regulier tarief 3. illegale bouwwerken -> 1,5 x regulier tarief 4. Reclameobjecten -> € 100 N.B. Deze tarieven gelden op het moment van binnenkomst van de aanvraag bij het Gelders genootschaap. Bij definitieve aanvragen moeten te allen tijde de bouw-/verbouw-/renovatiekosten worden vermeld. Dit geldt zowel voor aanvragen Ruimtelijke Kwaliteit als voor aanvragen betreffende gemeentelijke en rijksmonumenten. B. Vooroverleggen Voor alle vormen van vooroverleg wordt €100 (excl. BTW) in rekening gebracht. Voor dit bedrag kan een initiatiefnemer maximaal drie keer een vooroverleg aanvragen. Volgt er na het laatste vooroverleg een definitieve vergunningaanvraag, dan wordt het bedrag van €100 verrekend bij de definitieve aanvraag met een minimaal factuurbedrag van € 0,-. Het gaat om de volgende varianten: 1. Omgevingstafel, intake, of advies RO -> €100,- per 3 behandelingen 2. Vooroverleg of concept-plan -> €100,- per 3 behandelingen 3. Geschreven adviezen vooroverleg n.a.v. een -> €100,- per 3 behandelingen commissievergadering of een mandaatbehandeling Zijn er meer dan drie vooroverleggen nodig, dan wordt vanaf het vierde overleg per extra overleg €100 (excl. BTW) in rekening gebracht. Dit bedrag wordt niet verrekend bij de definitieve aanvraag. C. Overige adviezen De uurtarieven voor aanvullende advisering (regie) en specifieke projecten (offertebasis) worden - evenals de vaste adviestarieven/promillages - jaarlijks geïndexeerd conform de indexberekeningen van het CBS. De hoogte van deze tarieven varieert en is afhankelijk van het soort project/advies. Alle bedragen worden afgerond op hele euro’s en zijn excl. BTW Gewaarmerkt als bijlage 4 behorend bij de tarieventabel van de “Legesverordening 2026 Beuningen”, vastgesteld bij besluit van de raad van 16 december 2025. De griffier, Bijlage 5 behorend bij de tarieventabel van de Legesverordening 2026 Beuningen A. Lijst van categorieën evenementen die horen bij artikel 3.6.2 van de tarieventabel Legesverordening 2026 Beuningen 1. Buurt- en straatfeesten, buurtbarbecues of incidentele feesten gericht op een specifieke doelgroep. 2. Carnavalsoptochten. 3. Zomerkampen voor de jeugd; • Jeugdvakantiewerk Beuningen • Jeugdvakantiewerk Winssen • Jeugdvakantiewerk • Jeugdwerk '65 - '68 Weurt • Jeugdvakantiewerk Ewijk 4. Avondvierdaagsen, wandelmarsen, sponsorlopen, fietstochten, doorkomst Vierdaagse. 5. Reguliere of incidentele activiteiten van sportverenigingen uit Beuningen. 6. Sporttoernooien, bv voetbal- en tennisverenigingen, hockeyclub, korfbalvereniging; Concoursen paardensportverenigingen; Kampioenschapsfeesten; Traditionele culturele activiteiten; Koningendagactiviteiten en Oranjefeesten - vrijmarkten alleen voor zover deze niet-commercieel zijn en gericht op kinderen (geldt niet voor commerciële rommelmarkten en braderieën). Sinterklaasvieringen. Molenfeesten gemeubileerde woning beschikbaar houden; Sint Maartensoptocht; Muziek- en korenfestivals rond Kerst en Pasen; 7. Evenementen met uitsluitend charitatieve doeleinden. Voorbeelden in Beuningen zijn de activiteiten door de Stichting Vrienden van Waelwick, zoals de kunstmarkt en het Waelwickfestijn; het truckerkonvooi Boldershof. 8. Evenementen met uitsluitend pedagogische doeleinden. Voorbeelden in Beuningen zijn de vredesbus en bijzondere activiteiten rond de jongerenbus. B. Voorwaarden voor de toepassing van artikel 3.2.2. van de tarieventabel Legesverordening 2026 Beuningen - De aanvrager is een vrijwilligersorganisatie of non-profit organisatie uit de gemeente Beuningen. - De vrijwilligersorganisatie heeft een doelstelling van sociale, pedagogische, sportieve, charitatieve of culturele aard. Dit kan de organisatie aantonen op basis haar statuten en op basis van de beschrijving van het evenement dat georganiseerd gaat worden. - Het evenement is niet-commercieel van aard. Dit betekent dat eventuele inkomsten van het evenement ten goede komen aan de vrijwilligersorganisatie of een goed doel. Inkomsten mogen in geen geval (gedeeltelijk) ten gunste komen van een commerciële organisatie. - Het evenement wordt niet (mede) georganiseerd door een organisatie die zich normaliter bedrijfsmatig of op een bedrijfsmatige manier (hieronder ook begrepen stichtingen of verenigingen) bezighoudt met het organiseren van evenementen. Dit betekent dat het zo kan zijn, dat een stichting die zich het organiseren van evenementen ten doel stelt, niet in aanmerking zal komen voor een vrijstelling tot het betalen van leges. - In geval van een buurtgerichte activiteit wordt het evenement georganiseerd om de leefbaarheid en sociale samenhang in de wijk, buurt of dorp te bevorderen. - Indien bij de aanvraag onjuiste informatie wordt verstrekt omtrent de aard van het evenement dan wel de organisatie die het evenement organiseert, kunnen alsnog leges in rekening worden gebracht. Gewaarmerkt als bijlage 5 behorend bij de tarieventabel van de “Legesverordening 2026 Beuningen”, vastgesteld bij besluit van de raad van 16 december 2025. De griffier,

Meer informatie