Verkeersbesluit instellen tijdelijke verkeersmaatregelen Spaarneplein in Haarlem (fase 2 OV-knooppunt Spaarnepoort)
Verkeersbesluit instellen tijdelijke verkeersmaatregelen Spaarneplein in Haarlem (fase 2 OV-knooppunt Spaarnepoort) Nr. 2026/384510 Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem, gelet op de Wegenwet, de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994), het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990), het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) en de Uitvoeringsvoorschriften van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: Uitvoeringsvoorschriften BABW). Aanleiding: Het gebruik van het openbaar vervoer groeit sterk, naar verwachting zal het openbaar vervoer in Haarlem tot 2040 met zo’n 50% groeien. In de binnenstad van Haarlem en op het Stationsplein is te weinig ruimte voor al die extra bussen. Onderzoek van provincie Noord-Holland en gemeente Haarlem laat zien dat het Spaarneplein, tussen de Buitenrustbruggen en de Europaweg, de beste plek is voor een nieuw OV-knooppunt, Spaarnepoort. Op deze locatie komen belangrijke busroutes samen van en naar Schiphol, Amsterdam en Hoofddorp. Er komt een nieuw busstation (OV-knooppunt) op het Spaarneplein in Haarlem. Door het OV-knooppunt te bouwen, blijft de binnenstad beter bereikbaar. Het nieuwe knooppunt moet zorgen voor een goede bereikbaarheid van Haarlem en de regio, waar de komende jaren veel woningen worden gebouwd. Het OV-knooppunt wordt belangrijk voor de regio, met snelle verbindingen naar Schipholweg, Amsterdam en het centrum van Haarlem. De locatie zorgt ervoor dat Haarlem ook bij de groei van woningen en werkplekken goed bereikbaar blijft. Overstappen tussen bus, trein en fiets wordt makkelijker. Het definitief ontwerp (DO) is op 16 oktober 2025 op hoofdlijnen vastgesteld door de gemeenteraad. Om ruimte voor de bouwplaats te creëren wordt het Spaarneplein tijdelijk omgelegd. De wegwerkzaamheden rondom het OV-knooppunt worden in fases uitgevoerd. Als gevolg van de noodzakelijke werkzaamheden aan zowel de ondergrondse infrastructuur als de weginrichting worden bij de uitvoering van die fases gedeelten van het Spaarneplein en waar nodig de aanliggende wegen tijdelijk afgesloten. Door telkens een deel van die wegen af te sluiten en een bypass aan te leggen blijven de overige delen bereikbaar en is de doorstroming van het verkeer gegarandeerd. Op die manier wordt de hinder zoveel mogelijk beperkt en blijft de toegankelijkheid voor verkeer en omwonenden gewaarborgd. Onderdeel van het nieuwe OV-knooppunt is een grote fietsparkeergarage ter plaatse van waar nu het Spaarneplein ligt. In het voorjaar van 2026 worden kabels en leidingen ondergrond verlegd. Hiermee wordt er plaats gemaakt om het OV-knooppunt te kunnen bouwen. Vanaf juni 2026 starten de werkzaamheden voor de bouw. Eerst worden de tijdelijke rijbanen aan de zuidkant van het Spaarneplein aangelegd, de bypass. Vanaf oktober 2026 gaat al het auto- en busverkeer via deze bypass rijden. Dan start de bouw van de fietsenkelder op het bouwterrein centraal op het Spaarneplein. Naar verwachting is het busstation in 2029 klaar. De fase waar dit verkeersbesluit zich op richt zijn de nodige verkeersmaatregelen tijdens de ingebruikname van de bypass voor een duur van 2 jaar. Het voorliggend verkeersbesluit regelt de besluitplichtige verkeersmaatregelen die noodzakelijk zijn voor een veilige ingebruikname en het gebruik van de bypass en het centrale bouwterrein in fase 2. De werkzaamheden voor de bouw van de fietsenkelder worden uitgevoerd op het Spaarneplein, ten noorden van de bypass, tussen de Schalkwijkerstraat en het kruispunt Europaweg-Schipholweg-Spaarneplein. De bypass neemt gedurende deze werkzaamheden tijdelijk de verkeersfunctie van het centrale gedeelte van het Spaarneplein over en sluit aan op de bestaande verkeerstructuur ter hoogte van de Schipholweg, de Europaweg, de Buitenrustlaan en de Schalkwijkerstraat. De te nemen verkeersmaatregelen hebben onder meer betrekking op de tijdelijke rijstrookindeling, rijrichtingen, maximumsnelheid, voorrangsregelingen, geslotenverklaringen, verplichte passeerrichtingen, busvoorzieningen, aanpassingen aan de verkeersregelinstallaties, het opheffen van de bovengrondse voetgangersoversteek en de aan- en afvoerroutes voor bouwverkeer. Overwegende: dat het Spaarneplein, de Schipholweg, de Europaweg, de Buitenrustlaan, de Rustenburgerlaan en de Schalkwijkerstraat gelegen zijn binnen de bebouwde kom van Haarlem; dat deze wegen in beheer zijn bij de gemeente Haarlem; dat het Spaarneplein, de Schipholweg, de Europaweg, de Buitenrustlaan, de Rustenburgerlaan en de Schalkwijkerstraat wegen zijn als bedoeld in artikel 18, lid 1 onder d van de WVW 1994; dat gelet op bovengenoemd artikel het college van burgemeester en wethouders van Haarlem bevoegd is verkeersbesluiten te nemen voor deze wegen; dat de bevoegdheid voor het nemen van verkeersbesluiten door het college van burgemeester en wethouders van Haarlem is gemandateerd aan de afdelingsmanager Beheer en Beleid Openbare Ruimte, waarbij ondermandaat is verleend aan de Teammanager bereikbaarheid; dat de gemeentelijke wegencategorisering van Haarlem op 25 april 2024 door de gemeenteraad is vastgesteld in de Beleidsnotitie Afweging 30km/u; dat deze categorisering aansluit op de categorisering, zoals bedoeld in het landelijke beleid Duurzaam Veilig; dat het Spaarneplein, de Schipholweg, de Europaweg, de Buitenrustlaan, de Rustenburgerlaan en de Schalkwijkerstraat gecategoriseerd zijn als een gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom waarop een maximumsnelheid van 50 km/u geldt, respectievelijk 30 km/u geldt; dat de verkeersfunctie op een gebiedsontsluitingsweg prevaleert boven de verblijfsfunctie; dat de gemeente Haarlem en de provincie Noord-Holland werken aan de realisatie van het OV-knooppunt Spaarnepoort op en rond het Spaarneplein; dat het OV-knooppunt onder meer bestaat uit een ondergrondse fietsparkeergarage, een busplatform, busbanen, bushaltes, een perronkap, een voetgangerspassage en een herinrichting van de openbare ruimte; dat de realisatie van het OV-knooppunt gefaseerd wordt uitgevoerd om de bereikbaarheid van Haarlem en de doorstroming van het gemotoriseerde verkeer en het openbaar vervoer tijdens de werkzaamheden zoveel mogelijk in stand te houden; dat in fase 1 aan de zuidzijde van het Spaarneplein tijdelijke rijbanen zijn aangelegd die gezamenlijk een bypass vormen; dat voor de in fase 1 noodzakelijke tijdelijke verkeersmaatregelen een verkeersbesluit op 10 juni 2026 in het Gemeenteblad is gepubliceerd met nummer 2026/233007; dat de in fase 1 aangelegde bypass noodzakelijk is om tijdens de volgende bouwfasen het reguliere gemotoriseerde verkeer en het openbaar vervoer langs het centrale bouwterrein te kunnen geleiden; dat fase 2 volgt op de afronding van de voor fase 1 noodzakelijke werkzaamheden en de ingebruikname van de in fase 1 aangelegde bypass; dat fase 2 plaatsvindt vanaf 12 oktober 2026 tot en met 1 januari 2029, of zoveel korter indien mogelijk, of zoveel langer indien noodzakelijk is; dat gedurende fase 2 het centrale gedeelte van het Spaarneplein als bouwterrein wordt gebruikt voor de realisatie van onder meer de ondergrondse fietsparkeergarage en het daarop gelegen busstation; dat als gevolg hiervan het centrale gedeelte van het Spaarneplein niet beschikbaar kan blijven voor het reguliere verkeer; dat het reguliere gemotoriseerde verkeer en openbaar vervoer gedurende fase 2 via de bypass om het bouwterrein wordt geleid; dat de bypass het mogelijk maakt om de verkeersverbindingen tussen de Schipholweg, de Europaweg, de Buitenrustlaan en de Schalkwijkerstraat tijdens de bouwwerkzaamheden zoveel mogelijk in stand te houden; dat door het gebruik van de bypass het centrale gedeelte van het Spaarneplein fysiek kan worden afgescheiden van de voor het verkeer beschikbare tijdelijke rijbanen; dat deze fysieke afscheiding noodzakelijk is om te voorkomen dat weggebruikers het bouwterrein oprijden of betreden en om een veilige werkomgeving voor de uitvoerders van de werkzaamheden te waarborgen; dat hierdoor de bestaande verkeersstructuur op en rond het Spaarneplein tijdelijk ingrijpend wijzigt; dat de tijdelijke verkeerssituatie is weergegeven op verkeersmaatregelentekening PR11006-12A01-0.4, met als omschrijving “Verkeersmaatregelen Bypass Schipholweg Fase 2”, versie 0.4; dat als gevolg van de tijdelijke verkeerssituatie rijstroken worden verlegd, verkeersstromen worden samengevoegd en gesplitst en tijdelijke aansluitingen van en naar het bouwterrein worden gebruikt; dat hierdoor een verkeerssituatie ontstaat die afwijkt van de voor weggebruikers gebruikelijke verkeerssituatie; dat het daarom noodzakelijk is de tijdelijke verkeerssituatie duidelijk, herkenbaar en voorspelbaar in te richten en de snelheid van het gemotoriseerde verkeer hierop af te stemmen; dat daartoe op de relevante gedeelten van de Schipholweg, de Buitenrustlaan, de Schalkwijkerstraat en op het Spaarneplein een maximumsnelheid van 30 km/u wordt ingesteld; dat de maximumsnelheid van 30 km/u wordt ingesteld door middel van borden A1-30 van bijlage 1 van het RVV 1990, waarbij deze borden altijd in combinatie met borden J16 van bijlage 1 van het RVV 1990 worden geplaatst; dat deze combinatie van verkeerstekens noodzakelijk wordt geacht vanwege de gewijzigde verkeerssituatie, waarbij het verkeer tussen barriers wordt geleid en de werkzaamheden op korte afstand achter deze barriers worden uitgevoerd; dat deze maximumsnelheid noodzakelijk is vanwege de gewijzigde rijlijnen, rijstrookversmallingen, tijdelijke aansluitingen, verkeersgeleiders, de aanwezigheid van bouwverkeer en de werkzaamheden die op korte afstand achter de barriers worden uitgevoerd; dat in de Schalkwijkerstraat. op grond van verkeersbesluit met nummer 2026/148556, reeds een tijdelijke maximumsnelheid van 30 km/u geldt tussen de huisnummers 139 en 107; dat de in het verkeersbesluit met nummer 2026/148556 opgenomen verkeersmaatregelen gedurende de werkzaamheden voor het OV-knooppunt van kracht blijven voor zover deze niet worden gewijzigd of ingetrokken; dat in aanvulling daarop een maximumsnelheid van 30 km/u wordt ingesteld op de Schalkwijkerstraat tussen perceel 107 en de aansluiting met de Schipholweg; dat hiermee op het voor fase 2 relevante gedeelte van de Schalkwijkerstraat een aansluitend snelheidsregime van 30 km/u geldt; dat de maximumsnelheid na de relevante kruispunten en aansluitingen wordt herhaald, zodat het snelheidsregime voor bestuurders voortdurend en ondubbelzinnig kenbaar blijft; dat de lengte van de slinger van de tijdelijke rijbaan over de Schalkwijkerstraat niet voldoet aan de daarvoor toepasselijke CROW-richtlijn; dat deze afwijking aanleiding geeft tot het toepassen van aanvullende snelheidsbeperkende, attentieverhogende en fysiek geleidende maatregelen; dat deze aanvullende maatregelen bestaan uit een maximumsnelheid van 30 km per uur, tijdelijke markering, blokmarkering, geleidebarriers en waarschuwingsbebording; dat deze maatregelen gezamenlijk waarborgen dat bestuurders hun snelheid tijdig aanpassen en de gewijzigde rijlijnen veilig kunnen volgen; dat de overige tijdelijke verkeersmaatregelen worden uitgevoerd overeenkomstig de voor werkzaamheden binnen de bebouwde kom toepasselijke richtlijnen van CROW-publicatie 96b; dat op de kruispunten Europaweg-Schipholweg-Spaarneplein en Buitenrustlaan-Schalkwijkerstraat-Spaarneplein de verkeersregelinstallaties worden vervangen; dat de vervangen van de verkeersregelinstallaties noodzakelijk is om de verkeersafwikkeling af te stemmen op de tijdelijke verkeerssituatie en de gewijzigde verkeersstromen tijdens fase 2; dat bij het kruispunt Buitenrustlaan-Schalkwijkerstraat-Spaarneplein de bestaande bovengrondse voetgangersoversteek, die in de bestaande situatie door middel van de verkeersregelinstallatie wordt geregeld, wordt verwijderd; dat het in stand houden van deze bovengrondse voetgangersoversteek in de tijdelijke situatie zou leiden tot een conflict tussen overstekende voetgangers en het gemotoriseerde verkeer dat via de tijdelijke rijbanen op en rond het Spaarneplein wordt geleid; dat het verwijderen van deze bovengrondse voetgangersoversteek daarom noodzakelijk is om conflicten tussen voetgangers en gemotoriseerd verkeer te voorkomen; dat bij de vervanging van de verkeersregelinstallatie de bij deze oversteek behorende voetgangerslichten buiten werking worden gesteld dan wel worden verwijderd; dat voetgangers gedurende fase 2 gebruikmaken van de voor hen aangewezen en met tijdelijke bebording aangegeven omleidingsroute; dat in het verkeersbesluit voor fase 1 reeds een geslotenverklaring voor voetgangers is ingesteld op het voetpad aan de noodzijde van het Spaarneplein, ter hoogte van de Schalkwijkerstraat, door middel van bord C16 van bijlage 1 van het RVV 1990; dat deze geslotenverklaring gedurende fase 2 in stand moet blijven, omdat op deze locatie geen verkeersveilige voetgangersvoorziening beschikbaar is; dat fietsers tijdens fase 2 niet via de kruispunten Europaweg-Schipholweg-Spaarneplein en Buitenrustlaan-Schalkwijkerstraat-Spaarneplein worden geleid; dat fietsers door middel van tijdelijke bebording worden verwezen naar de daarvoor blijvende en geschikte omleidingsroutes, zoals de Graafschapstraat; dat door het weren en omleiden van fietsers en voetgangers conflicten tussen langzaam verkeer, gemotoriseerd verkeer en bouwverkeer op de tijdelijke kruispunten zoveel mogelijk worden voorkomen; dat voor een gedeelte van de omleidingsroute voor langzaam verkeer een verkeersbesluit op 28 april 2026 in het Gemeenteblad is gepubliceerd met nummer 2026/148556; dat in dit verkeersbesluit een tijdelijke middengeleider op de Schalkwijkerstraat is ingesteld om langzaam verkeer de Schalkwijkerstraat in twee etappes te laten oversteken en hierbij geboden zijn ingesteld om de tijdelijke middengeleiders rechts te passeren door middel van borden D2 van bijlage 1 van het RVV 1990; dat de maatregelen uit dit verkeersbesluit voor de duur van de bouwwerkzaamheden voor het OV-knooppunt gelden en daarmee ook gedurende fase 2 van belang blijven voor de veiligheid van de omgeleide fietsers, bromfietsers en voetgangers; dat bovengenoemd verkeersbesluit daarom van kracht blijft tijdens fase 2; dat voor het bereiken en verlaten van het bouwterrein afzonderlijke aan- en afvoerroutes voor bouwverkeer worden gebruikt; dat een toegang voor het bouwverkeer is gelegen bij het kruispunt Europaweg-Schipholweg-Spaarneplein; dat het bouwverkeer bij de aanvoer naar deze toegang over een beperkt gedeelte van de bestaande busbaan wordt geleid; dat voor het mogelijk maken van deze aanvoerroute de lijnbusstrook vóór de toegang tot het bouwterrein over een beperkte lengte wordt ingekort; dat ervoor is gekozen het bouwverkeer ter hoogte van de middengeleider op een kort gedeelte van de lijnbusstrook te laten invoegen; dat het bouwverkeer hierdoor reeds op voldoende afstand vóór de bushalte invoegt en zich voor het bereiken van de toegang tot het bouwterrein volledig op het daarvoor aangewezen gedeelte van de lijnbusstrook kan opstellen; dat ter plaatse van de overgang tijdelijke blokmarkering wordt aangebracht, waarmee voor het bouwverkeer, de lijnbussen en het overige gemotoriseerde verkeer duidelijk wordt gemaakt waar het bouwverkeer op de lijnbusstrook invoegt; dat het gebruik van de lijnbusstrook door het bouwverkeer wordt beperkt tot de afstand die noodzakelijk is om het bouwterrein te bereiken; dat deze inrichting voorkomt dat het bouwverkeer gedeeltelijk op een rijstrook voor het reguliere gemotoriseerde verkeer of ter hoogte van een bushalte tot stilstand moet komen; dat door het bouwverkeer op afstand van de bushalte te laten invoegen, de voor de bushalte benodigde ruimte vrij blijft en een lijnbus veilig bij de bushalte kan halteren en vervolgens veilig en zonder belemmering door het wachtende bouwverkeer kan wegrijden; dat de aanvoerroute zodanig is ingericht dat het bouwverkeer bij het bereiken van het bouwterrein niet in conflict komt met het reguliere gemotoriseerde verkeer en het fietsverkeer; dat over de ligging en inrichting van de invoeglocatie voor het bouwverkeer en het waarborgen van een veilige en bruikbare bushalte afstemming heeft plaatsgevonden met busmaatschappij Connexxion; dat de verkeersregelinstallatie bij het kruispunt Europaweg-Schipholweg-Spaarneplein de voetgangersstroom en de beweging van het bouwverkeer regelt; dat het bouwverkeer bij het oprijden van het bouwterrein dient te stoppen wanneer de verkeersregelinstallatie groen licht toont voor de kruisende voetgangersstroom; dat het bouwverkeer in dat geval de overstekende voetgangers ongehinderd moet laten passeren; dat buiten deze door de verkeersregelinstallatie geregelde situatie de aanvoerroute zodanig is ingericht dat het bouwverkeer bij het oprijden van het bouwterrein niet in conflict komt met andere verkeersmodaliteiten; dat het gebruik van de busbaan door bouwverkeer tot het strikt noodzakelijke gedeelte en duur moet worden beperkt; dat de aanvoer van bouwverkeer zodanig moet worden gepland en begeleid dat lijnbussen niet onnodig worden gehinderd en de betrouwbaarheid van het openbaar vervoer zoveel mogelijk wordt gewaarborgd; dat de afvoerroute van het bouwverkeer vanaf het bouwterrein bij het kruispunt Europaweg-Schipholweg-Spaarneplein via de Schipholweg verloopt; dat deze afvoerroute aansluiting op de bestaande rijrichting en daardoor geen aanvullende kruisende beweging met de overige verkeersstromen op het kruispunt noodzakelijk maakt; dat de inrichting van de aan- en afvoerroute hierdoor bijdraagt aan een veilige en voorspelbare afwikkeling van het bouwverkeer; dat aan de zijde van de Schalkwijkerstraat eveneens een tijdelijke aansluiting op het bouwterrein wordt gerealiseerd; dat bouwverkeer bij het verlaten van het bouwterrein voorrang moet verlenen aan het verkeer op de Schalkwijkerstraat; dat daarom bij deze aansluiting een voorrangsregeling wordt ingesteld door middel van bord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 en haaientanden als bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990; dat aan de zuidzijde van de Schipholweg eveneens een tijdelijke aansluiting van het bouwterrein aanwezig is; dat ook bij deze aansluiting het uitrijdende bouwverkeer voorrang moet verlenen aan het verkeer op de Schipholweg; dat daarom ook bij deze aansluiting een voorrangsregeling wordt ingesteld door middel van bord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 en haaientanden als bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990; dat de Schalkwijkerstraat vanaf 1 januari 2027 wordt afgesloten voor het reguliere gemotoriseerde verkeer, met uitzondering van lijnbussen; dat de afsluiting van de Schalkwijkerstraat aansluit bij de beoogde definitieve verkeerssituatie, waarin het betreffende weggedeelte uitsluitend toegankelijk blijft voor lijnbussen; dat het weren van regulier gemotoriseerd verkeer uit de Schalkwijkerstraat het aantal verkeersbewegingen op de Schalkwijkerstraat en daarmee het aantal mogelijke conflicten met het bouwverkeer vermindert; dat de toegang tot het bouwterrein aan de Schalkwijkerstraat hierdoor veilig kan worden gebruikt voor de noodzakelijke aan- en afvoer van bouwverkeer; dat bouwverkeer bij het verlaten van het bouwterrein voorrang moet verlenen aan het verkeer op de Schalkwijkerstraat; dat het vanuit de Schalkwijkerstraat rechtsaf rijden in de richting van de Buitenrustbruggen niet past binnen de beoogde tijdelijke verkeersafwikkeling; dat het voor een duidelijke, herkenbare en handhaafbare verkeerssituatie wenselijk is deze rijrichting door middel van een verkeersteken vast te leggen; dat daarom ter hoogte van de aansluiting van de Schalkwijkerstraat op het Spaarneplein door middel van bord C4L van bijlage 1 van het RVV 1990 de toegestane rijrichting naar de Europaweg wordt aangeduid, waardoor rechtsaf rijden in de richting van de Buitenrustbruggen niet is toegestaan; dat het maximumsnelheidsregime van 30 km per uur na het kruispunt Europaweg-Schipholweg-Spaarneplein in de middenberm van de bypass wordt herhaald, zodat het geldende snelheidsregime voor bestuurders die het kruispunt verlaten ondubbelzinnig kenbaar blijft; dat de uitzondering voor lijnbussen noodzakelijk is om de bereikbaarheid van het OV-knooppunt en het functioneren van de regionale openbaar vervoersverbindingen tijdens de werkzaamheden te waarborgen; dat de tijdelijke toegang tot het bouwterrein aan de Schalkwijkerstraat uitsluitend door bouwverkeer mag worden gebruikt en dat regulier verkeer van deze toegang en de overige toegangen en uitritten van het bouwverkeer moet worden geweerd; dat daarom op de aangewezen toegangen en uitritten geslotenverklaringen in beide richtingen voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee worden ingesteld door middel van borden C1 van bijlage 1 van het RVV 1990 met onderborden “uitgezonderd bouwverkeer”; dat het openbaar vervoer gedurende de werkzaamheden zoveel mogelijk in stand moet worden gehouden; dat langs de Schipholweg reeds een voorziening voor lijnbussen aanwezig is; dat als gevolg van de ingebruikname van de bypass de ligging van deze lijnbusvoorziening wordt aangepast; dat vanaf de bestaande lijnbusstrook langs de Schipholweg tevens een nieuwe lijnbusverbinding naar de Schalkwijkerstraat wordt gerealiseerd; dat deze lijnbusstrook door middel van de aanduiding “LIJNBUS” op het wegdek wordt aangewezen voor gebruik door lijnbussen; dat het bouwverkeer uitsluitend gebruik mag maken van het aangeduide gedeelte van de busbaan en dat deze uitzondering onverlet laat dat het gebruik van de busbaan door andere niet-toelaten bestuurders verboden blijft; dat op de reguliere rijbaan van de Schalkwijkerstraat vanaf de kruising Schipholweg-Schalkwijkerstraat een geslotenverklaring in beide richtingen wordt ingesteld door middel van bord C1 van bijlage 1 van het RVV 1990; dat deze geslotenverklaring geen betrekking heeft op de daarnaast gelegen afzonderlijke lijnbusstrook; dat bestuurders op de Schipholweg komende vanuit de richting Europaweg ter hoogte van de kruising met de Schalkwijkerstraat verplicht worden rechtdoor te rijden richting de Buitenrustlaan; dat deze verplichte rijrichting wordt ingesteld door middel van bord D4 van bijlage 1 van het RVV 1990; dat door middel van onderborden met de teksten “uitgezonderd lijnbussen” en “uitgezonderd bouwverkeer” lijnbussen en bouwverkeer van deze verplichte rijrichting worden uitgezonderd; dat lijnbussen en bouwverkeer hierdoor ter plaatse wel rechtsaf de Schalkwijkerstraat in kunnen rijden via de daarvoor beschikbare verkeersvoorzieningen; dat bestuurders op de Buitenrustlaan komende vanuit de richting van de Buitenrustbruggen ter hoogte van de kruising met de Schalkwijkerstraat eveneens verplicht worden rechtdoor te rijden richting de Schipholweg; dat hiermee wordt voorkomen dat regulier gemotoriseerd verkeer vanaf de Buitenrustlaan linksaf de Schalkwijkerstraat inrijdt; dat deze verplichte rijrichting wordt ingesteld door middel van bord D4 van bijlage 1 van het RVV 1990; dat op verschillende locaties op de Schalkwijkerstraat en de Buitenrustlaan tijdelijke verkeersgeleiders en fysieke rijbaanscheidingen worden toegepast; dat bestuurders op de Schipholweg komende vanuit de richting Europaweg ter hoogte van de kruising met de Schalkwijkerstraat door middel van bord D4 van bijlage 1 van het RVV 1990 worden verplicht rechtdoor te rijden richting de Buitenrustlaan; dat lijnbussen en bouwverkeer door middel van onderborden van deze verplichting worden uitgezonderd, zodat deze voertuigen via de daarvoor bestemde verkeersvoorzieningen rechtsaf de Schalkwijkerstraat kunnen inrijden; dat bestuurders op de Buitenrustlaan, komende vanuit de richting van de Buitenrustbruggen, ter hoogte van de kruising met de Schalkwijkerstraat door middel van bord D4 van bijlage 1 van het RVV 1990 worden verplicht rechtdoor te rijden richting de Schipholweg, waarmee wordt voorkomen dat regulier gemotoriseerd verkeer linksaf de Schalkwijkerstraat inrijdt; dat het voor een duidelijke geleiding van het verkeer noodzakelijk is bestuurders te verplichten deze verkeersgeleiders aan de aangegeven zijde voorbij te gaan; dat daarom op drie locaties op de Schalkwijkerstraat, waaronder ter hoogte van de tijdelijke aansluiting van het bouwterrein en op de rijrichting vanaf perceel 107 naar de Schipholweg, borden D2 van bijlage 1 van het RVV 1990 worden geplaatst; dat eveneens op drie locaties op en nabij de Buitenrustbrug en de Buitenrustlaan borden D2 van bijlage 1 van het RVV 1990 worden geplaatst; dat, hoewel sprake is van een tijdelijke verkeerssituatie, vanwege de verwachte werkingsduur tot omstreeks januari 2029 en het belang van een duidelijke en herkenbare rijstrookgeleiding, de tijdelijke wegmarkering in wit wordt uitgevoerd; dat voor zover op de verkeersmaatregelentekening doorgetrokken strepen worden aangebracht als bedoeld in artikel 76 van het RVV 1990, deze dienen om de verschillende verkeersstromen en rijstroken van elkaar te scheiden en het overschrijden van deze strepen niet is toegestaan; dat de overige tijdelijke markering uitsluitend dient ter geleiding en verduidelijking van de tijdelijke verkeerssituatie; dat rondom de tijdelijke werkzaamheden borden J16 van bijlage 1 van het RVV 1990 worden geplaatst om weggebruikers te waarschuwen voor werkzaamheden aan de weg; dat op de Schipholweg vóór de kruising met de Europaweg bord J37 van bijlage 1 van het RVV 1990 wordt geplaatst met een onderbord voorzien van de tekst “uitrit bouwverkeer”; dat ter hoogte van de bouwlocatie ten zuiden van de Schipholweg eveneens bord J37 wordt geplaatst met een onderbord voorzien van de tekst “uitrit bouwverkeer”; dat vanuit deze bouwlocatie bord J37 wordt geplaatst met een onderbord voorzien van de tekst “u verlaat een uitrit alle verkeer voorrang”; dat op de Schalkwijkerstraat in de richting van de kruising Schalkwijkerstraat-Schipholweg bord J37 wordt geplaatst met een onderbord voorzien van de tekst “invoegend bouwverkeer”; dat op de Schipholweg na de kruising met de Schalkwijkerstraat bord J5 van bijlage 1 van het RVV 1990 wordt geplaatst om bestuurders te waarschuwen voor een S-bocht, eerst naar links; dat de met de tijdelijke verkeerssituatie conflicterende bestaande verkeerstekens gedurende de werkzaamheden worden afgeplakt of afgekruist; dat de overige bestaande verkeerstekens die niet strijdig zijn met de tijdelijke verkeerssituatie in stand blijven; dat voor de hulpdiensten een bereikbare en bruikbare route beschikbaar blijft en dat de actuele verkeerssituatie en relevante wijzigingen tijdig met de hulpdiensten worden afgestemd; dat tijdens de werkzaamheden wordt gestreefd naar een goede bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid in en rondom het Spaarneplein voor uitvoerenden, weggebruikers, passanten, omwonenden en de hulpdiensten; dat de bereikbaarheid van de directe omgeving en de doorstroming van het verkeer, zij het met tijdelijke beperken, zoveel mogelijk worden verzekerd; dat de tijdelijke verkeersmaatregelen, de fasering en de omleidingsroutes met nood- en hulpdiensten, Connexxion en andere belanghebbenden zijn gecommuniceerd; dat deze communicatie plaatsvindt door middel van onder meer bewonersbrieven, digitale projectcommunicatie, informatiebijeenkomsten, vooraankondigingsborden, publicatieborden en informatie in de omgeving; dat weggebruikers hierdoor zoveel mogelijk vooraf worden geïnformeerd over de werkzaamheden, afsluitingen, omleidingsroutes en wijzigingen in de verkeerssituatie; dat bij onvoorziene omstandigheden tijdens de werkzaamheden aanvullende niet-besluitplichtige maatregelen kunnen worden getroffen, voor zover deze uitsluitend dienen ter waarschuwing, geleiding of tijdelijke beveiliging van het verkeer; dat voor aanvullende maatregelen die een nieuw gebod of verbod inhouden zo nodig een aanvullend verkeersbesluit wordt genomen; dat de hiervoor genoemde tijdelijke verkeersmaatregelen van kracht zijn vanaf 12 oktober 2026 tot en met 1 januari 2029, of zoveel korter indien mogelijk, of zoveel langer indien noodzakelijk is; dat gelet op artikel 15 lid 1 van het WVW 1994 de plaatsing of verwijdering van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens, en onderborden voor zover daarvoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd, geschiedt krachtens een verkeersbesluit; dat gelet op artikel 15 lid 2 van de WVW 1994 voor maatregelen op of aan de weg die tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken een verkeersbesluit is vereist; dat gelet op artikel 1 van het RVV 1990 onder een lijnbus verstaan wordt een motorvoertuig, gebezigd voor het verrichten van openbaar vervoer in de zin van de Wet personenvervoer 2000; dat gelet op artikel 81 van het RVV 1990 op een lijnbusbaan of -strook het woord “LIJNBUS” is aangebracht en slechts gebruikt mogen worden door bestuurders van een lijnbus of tram; dat gelet op artikel 12 van het BABW voor het plaatsen van borden A1-30, B6, C1, C4, D2 en D4, het aanbrengen van haaientanden zoals bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990 en voor de lijnbusstrook met doorgetrokken streep zoals bedoeld in artikel 76 van het RVV 1990 en met het woord “LIJNBUS” op het wegdek aangebracht zoals bedoeld in artikel 81 van het RVV 1990, een verkeersbesluit is vereist; dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen strekken tot het verzekeren van de veiligheid op de weg en het beschermen van weggebruikers en passagiers; dat gelet op alle voorgaande overwegingen het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer ondergeschikt is aan het verzekeren van de veiligheid op de weg en het beschermen van weggebruikers en passagiers; dat gelet op artikel 24 van het BABW overleg is gevoerd met de gemandateerde van de politie; dat de politie heeft ingestemd met de hierna genoemde verkeersmaatregelen. Het besluit: Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem besluit: - door middel van het plaatsen van borden A1-30 van bijlage 1 van het RVV 1990 een maximumsnelheid van 30 km/u in te stellen op de aangegeven gedeelten van: •de Schipholweg tussen de Europaweg en de aansluiting met de Buitenrustlaan; •de Buitenrustlaan op en nabij de Buitenrustbrug en ter hoogte van de kruispunten met de Schalkwijkerstraat en de Rustenburgerlaan; •de Schalkwijkerstraat tussen perceel 107 en de aansluiting met de Schipholweg; •in de middenberm van de bypass over het Spaarneplein, ter hoogte van het kruispunt Europaweg-Schipholweg-Spaarneplein; - door middel van het plaatsen van twee borden C1 van bijlage 1 van het RVV 1990, voorzien van een onderbord met de tekst “uitgezonderd bouwverkeer”, een geslotenverklaring in beide richtingen voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee, met uitzondering van bouwverkeer, in te stellen vanaf de toegang tot het bouwterrein nabij het kruispunt Schipholweg-Europaweg; - door middel van het plaatsen van bord C1 van bijlage 1 van het RVV 1990 een geslotenverklaring in beide richtingen voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee in te stellen op de reguliere rijbaan van de Schalkwijkerstraat vanaf de kruising Schipholweg-Schalkwijkerstraat; - door middel van het plaatsen van bord C4L van bijlage 1 van het RVV 1990 bestuurders komende vanaf de Schalkwijkerstraat, ter hoogte van de aansluiting met het Spaarneplein, te verplichten de rijrichting naar de Europaweg te volgen; - door middel van het aanbrengen van de markering “LIJNBUS” zoals bedoeld in artikel 81 van het RVV 1990 een lijnbusstrook met een doorgetrokken streep in te stellen langs het Spaarneplein, vanaf de nieuwe verbinding van de Schipholweg naar de Schalkwijkerstraat; - door middel van het plaatsen van bord D4 van bijlage 1 van het RVV 1990, voorzien van onderborden met de teksten “uitgezonderd lijnbussen” en “uitgezonderd bouwverkeer”, bestuurders op de Schipholweg komende vanuit de richting Europaweg ter hoogte van de kruising Schipholweg-Schalkwijkerstraat te verplichten rechtdoor te rijden richting de Buitenrustlaan; - door middel van het plaatsen van bord D4 van bijlage 1 van het RVV 1990 bestuurders op de Buitenrustlaan komende vanuit de richting van de Buitenrustbruggen ter hoogte van de kruising Buitenrustlaan-Schalkwijkerstraat te verplichten rechtdoor te rijden richting de Schipholweg; - door middel van het plaatsen van bord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 en het aanbrengen van haaientanden als bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990 een voorrangsregeling in te stellen bij de tijdelijke aansluiting van het bouwterrein op de Schalkwijkerstraat, waarbij uitrijdend bouwverkeer voorrang moet verlenen aan bestuurders op de Schalkwijkerstraat; - door middel van het plaatsen van bord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 en het aanbrengen van haaientanden als bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990 een voorrangsregeling in te stellen bij de tijdelijke aansluiting van het bouwterrein aan de zuidzijde van de Schipholweg, waarbij uitrijdend bouwverkeer voorrang moet verlenen aan bestuurders op de Schipholweg; - door middel van het plaatsen van borden D2 van bijlage 1 van het RVV 1990 bestuurders te verplichten het bord voorbij te gaan aan de zijde die de pijl aangeeft, te weten: •op drie locaties op de Schalkwijkerstraat, waaronder ter hoogte van de tijdelijke aansluiting van het bouwterrein en op de rijrichting vanaf perceel 107 naar de Schipholweg; •op drie locaties op en nabij de Buitenrustbrug en de Buitenrustlaan; - door middel van het aanbrengen van doorgetrokken strepen als bedoeld in artikel 76 van het RVV 1990 de daarbij behorende verboden tot het overschrijden van deze strepen in te stellen; - de hiervoor genoemde verkeersmaatregelen van kracht te verklaren vanaf 12 oktober 2026 tot en met 1 januari 2029, of zoveel korter indien mogelijk, of zoveel langer indien noodzakelijk is; - een en ander overeenkomstig in de bijgevoegde verkeersmaatregelentekening PR11006-12A01-0.4, “Verkeersmaatregelen Bypass Schipholweg Fase 2”, versie 0.4. Aldus vastgesteld op 6 oktober 2026 te HaarlemNamens het college van burgemeester en wethouders van Haarlem,Hellen JennissenTeammanager Bereikbaarheid, Afdeling Beheer en Beleid Openbare Ruimte Dit besluit treedt in werking na bekendmaking in het Gemeenteblad. Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na publicatie van dit besluit in het Gemeenteblad bezwaar maken bij burgemeester en wethouders van Haarlem, Postbus 511, 2003 PB te Haarlem. Het bezwaarschrift moet de naam en het adres vermelden van degene die bezwaar maakt, zijn ondertekend en de datum vermelden waarop het is opgesteld. Daarnaast verzoeken wij u om ook uw telefoonnummer en/of e-mailadres te vermelden. Dit maakt het makkelijker om contact met u op te nemen over uw bezwaarschrift. In het bezwaarschrift moet ook worden aangegeven tegen welk besluit bezwaar wordt gemaakt en waarom het bezwaar wordt gemaakt. Door het indienen van het bezwaarschrift wordt dit besluit niet opgeschort. Bij een spoedeisend belang kan degene die een bezwaarschrift heeft ingediend een voorlopige voorziening vragen aan de voorzieningenrechter van de rechtbank, sector bestuursrecht, postbus 1621, 2003 BR te Haarlem. Bij het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening moeten griffierechten worden betaald.
Meer informatie