Notitie Samen Doesburg doorontwikkeling toegang sociaal domein
Notitie Samen Doesburg doorontwikkeling toegang sociaal domein Samenvatting In deze notitie beschrijven we de ontwikkeling van Samen Doesburg. Samen Doesburg bestaat uit een nieuwe integrale toegang, het Sociaal team Doesburg en de consulenten Jeugd, Wmo en Werk en Inkomen. De grootste verandering is dat we dichtbij en laagdrempelig ondersteuning in de buurten organiseren om zo onze kwetsbare inwoners beter te bereiken. Uit het richtinggevend kader van de VNG wordt aangegeven dat het gaat om een vernieuwde werkwijze voor professionals en een (her)verdeling van rollen, taken en verantwoordelijkheden. Ook brengen we focus aan waar we onze schaarse middelen op in gaan zetten. Daarnaast is er behoefte aan verbetering van het opdrachtgeverschap van de gemeente. Samen Doesburg wordt ingericht en ontwikkeld in partnerschap met één vaste uitvoeringspartner, op basis van duidelijke afspraken over samenwerking. Tot slot is het versterken én verbinden van de (professionele) sociale basis een voorwaarde voor het slagen van de ontwikkeling van Samen Doesburg. Dit betekent dat we in gaan zetten op: Focus: Het bereiken van de meest kwetsbare inwoners en het gerichter inzetten van middelen. Opdrachtgever- en opdrachtnemerschap: Het verduidelijken van opdrachten, doelstellingen en prestatie-indicatoren voor samenwerkingsorganisaties in het sociaal domein. Versterken en creëren van samenhang in de professionele sociale basis: De sociale basis bestaat uit de informele sociale basis (persoonlijke sociale basis en de gemeenschappelijke sociale basis) en de professionele sociale basis zoals het welzijnswerk. We richten ons in dit document op het versterken van en creëren van samenhang in de professionele sociale basis. Deze professionele sociale basis is waar we als gemeente de meeste invloed uit kunnen oefenen door middel van subsidie afspraken. Naast de Doesburgse noodzaak voor verandering wordt er ook landelijke richting gegeven door onder andere het Richtinggevend kader van de VNG. De VNG heeft ook meegedacht in de doorontwikkeling van Samen Doesburg en bij het schrijven van deze notitie. Landelijk zijn dertien basiskenmerken voor de stevige lokale teams, verdeeld over de drie kernwaarden “dichtbij”, “integraal” en “met mandaat”. Voor de gemeente Doesburg betekent dit: ▯ Dichtbij: Samen Doesburg functioneert als laagdrempelige toegang, met een buurtgerichte werkwijze en sluit aan bij het "gewone" leven. Dit sluit aan bij kwetsbare inwoners die de hulp het meest nodig hebben. ▯ Integraal: Professionals bieden zelf (basis)hulp. Er wordt gewerkt met een brede blik, waarbij alle leefgebieden van de inwoner in beeld worden gebracht. ▯ Met mandaat: Professionals hebben de bevoegdheid en ruimte om domeinoverstijgend te handelen en passende hulp te bieden. We creëren een lerende omgeving met voldoende ruimte voor reflectie op het vakmanschap en gemaakte keuzes. De noodzaak voor deze veranderingen is naast inhoudelijk ook financieel gedreven. We zien dat de kosten voor specialistische jeugdhulp hoog zijn en elk jaar groeien (vooral door loonsverhogingen en langere en intensieve trajecten). Gezien de bevolkingsopbouw in Doesburg, waarin met name de sterke vergrijzing opvalt, zullen ook de uitgaven voor Wmo de komende jaren waarschijnlijk stijgen. We zullen daarom anders met onze middelen om moeten gaan. We willen een ombuiging mogelijk maken door de zorg dichtbij te organiseren en te richten op onderliggende oorzaken. Hulp in de tweede lijn is veelal verder weg en ook niet altijd passend. Door deze beweging, van tweedelijns naar eerste- en nuldelijns zorg, gaan we de financiën anders inzetten. De organisatie en ontwikkeling naar Samen Doesburg vindt plaats binnen de huidige financiële budgetten van Jeugd, Wmo en Participatiewet. Dit betekent dat er op dit moment geen extra structurele middelen worden gevraagd. Door het aanbrengen van focus, stevig opdrachtgever- en opdrachtnemerschap en het versterken van de professionele sociale basis wordt meer rendement gerealiseerd uit het bestaande financiële kader. De urgentie is groot om nu door te pakken aangezien twee belangrijke uitvoeringsorganisaties hebben aangegeven hun dienstverlening te stoppen in Doesburg. Concreet betekent dat we in Doesburg op 1 januari 2026 starten met de nieuwe werkwijze. Dit document beschrijft de organisatie van en ontwikkeling naar Samen Doesburg. Inleiding Ruim 10 jaar geleden zijn (delen van) de Jeugdzorg, Wmo en Participatiewet overgeheveld van het Rijk en provincies naar gemeenten. Eén van de kerngedachten is dat lokale overheden een goed beeld hebben van de zorgbehoeften van hun inwoners, zodat zij de zorg passend en op maat kunnen organiseren. Bovendien was de gedachte dat veel zorgvragen opgelost konden worden door eigen kracht, het netwerk en een sterke sociale basis. Hiermee wordt de inzet van (onnodige) specialistische jeugdhulp voorkomen. Sinds 2015 werken we in Doesburg aan het bieden van passende hulp en ondersteuning voor onze inwoners. Dit is een continu proces. Een van de speerpunten is dat we (de vraag van) de inwoner centraal stellen en dat we zoveel mogelijk met één professional en één plan de inwoner willen ondersteunen. Wat daarbij helpt is de schaalgrootte van Doesburg waardoor de lijntjes kort zijn en iedereen elkaar makkelijk weet te vinden. De kracht van Doesburg ligt in de uitvoering (doen en aanpakken). De uitdaging in beleidsmatige ontwikkeling, samenhang en visie krijgen minder aandacht. Hierdoor merken we dat focus en duidelijk opdrachtgeverschap nogal eens worden bemoeilijkt. Het laatste decennia is er bezuinigd op het aanbod in de professionele sociale basis waardoor het in sommige gevallen niet lukt om inwoners met een hulpvraag te helpen met “lichtere” hulp omdat dat aanbod er simpelweg niet is. Naast onze uitdagingen in Doesburg treedt de rijksoverheid meer sturend op. Hervormingsagenda Jeugd en stevige lokale teams Aanleiding voor de landelijk ingezette koers zijn de conclusies in het onderzoeksrapport ‘kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd’, van de Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd en de Inspectie Justitie en Veiligheid in 2019. Daarin wordt gesteld dat de overheid onvoldoende haar verantwoordelijkheid neemt om kinderen te beschermen die ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd. Daarom dient er volgens het Rijk meer sturing te komen, meer uniformiteit in de lokale toegangen bij gemeenten en duurzame regionale samenwerkingsverbanden die zorgen voor voldoende hulpaanbod voor de grote diversiteit aan problematiek, zodat kinderen niet op lange wachtlijsten belanden. Dit is uitgewerkt in een Richtinggevend kader voor de toegang, lokale teams en integrale dienstverlening, een belangrijke richtlijn voor de verdere inrichting van onze toegang en lokaal team. Daarmee gaat het niet meer alleen om de hulp aan kinderen maar aan alle inwoners. In de kern komt het neer op een eenduidige en transparante werkwijze, geredeneerd vanuit de inwoner en hulpvrager. De werkwijze laat zich in algemene zin als volgt samenvatten: Inwoners kunnen met hun hulpvraag laagdrempelig bij gemeenten terecht. De medewerker gaat met een brede blik in gesprek met de inwoner over diens vraag. Dit gesprek vraagt om de juiste houding, vaardigheden en kennis. Waar mogelijk biedt de medewerker advies en/of direct zelf hulp op vragen waar op dat moment het meest behoefte aan is. Zo lang als nodig blijft de medewerker aanspreekpunt en het vertrouwde gezicht. Om (voor de langere termijn) passende hulp te bieden wordt indien nodig? samenwerking aangegaan met vrijwillige inzet, met voorzieningen uit de sociale basis en met (tijdelijke) specialistische expertise. Als de achterliggende problematiek vooral sociale oorzaken heeft, zet het lokaal team zelf samenhangende hulp in, met mandaat over de verschillende gemeentelijke domeinen. Inwoners met levenslange, levensbrede ondersteuningsbehoeften hoeven niet telkens ‘op herindicatie’, maar hebben een lijn met iemand van het lokaal team. Waar onveiligheid speelt, blijft het lokaal team betrokken en zet zich met behulp van partners vasthoudend in op het vergroten van de veiligheid. Zowel direct als indirect (door bijvoorbeeld het proberen weg te nemen van onderliggende oorzaken die stress geven in het huishouden, door probleembesef te stimuleren en daarmee acceptatie van hulp), en vanuit het vrijwillig kader. We zien dat sinds de decentralisaties het gebruik van jeugdhulp enorm is gestegen. Waar aan het begin van de eeuw in Nederland 1 op de 27 kinderen gebruikmaakte van jeugdhulp, is dit in 2025 ongeveer 1 op 7. Om deze ontwikkeling te keren en de juiste ondersteuning te beiden hebben vertegenwoordigers van cliënten, jongeren, professionals, aanbieders, gemeenten en het Rijk afspraken gemaakt in de Hervormingsagenda Jeugd. Eén van de belangrijke opgaven gaat over de (door)ontwikkeling naar stevige lokale teams. Deze doelstelling is in het Richtinggevend kader door de VNG uitgewerkt in dertien basiskenmerken verdeeld over de kernwaarden “Dichtbij”, “Integraal” en “Met mandaat”. Dit kader helpt gemeenten om de ontwikkeling naar stevige lokale teams te maken door duidelijk te beschrijven aan welke (inhoudelijke) kenmerken de stevige lokale teams moeten voldoen. De ontwikkeling naar stevige lokale teams gaat over een andere manier van werken, andere randvoorwaarden, andere kennis en expertise. Hoewel de ontwikkeling naar stevige lokale teams suggereert dat het om één team gaat, staat deze invulling vrij. In hoofdstuk 2 leest u meer over de inhoudelijke kenmerken van de stevige lokale teams. De VNG heeft met ons meegedacht hoe we deze doorontwikkeling van de toegang in Doesburg het best kunnen vormgeven en bij het schrijven van deze notitie. Doesburgse ontwikkelopgaven De gemeente Doesburg hoort volgens de VNG tot de groep gemeenten met meer dan gemiddeld sociaaleconomische en gezondheid gerelateerde problemen. In Doesburg blijkt dit vooral uit de lage sociaaleconomische omstandigheden van veel inwoners. Ook ervaren de inwoners van Doesburg vaker dan gemiddeld mentale- en gezondheidsproblemen waardoor ze over het algemeen minder zelfredzaam en daardoor kwetsbaar zijn (zie voor de cijfers bijlage 1). Dit betekent dat zij vaker hulp nodig hebben om volwaardig mee te kunnen doen in de samenleving. Sinds de decentralisaties heeft de gemeente Doesburg de lokale toegang tot hulp verschillend per wet georganiseerd. Daarbij bestaat een risico dat hulpvragen vooral worden benaderd vanuit de eigen deskundigheid van professionals. De kern van de hulpvraag kan daardoor uit het zicht raken, met name bij de meest kwetsbare inwoners. Terwijl we weten dat juist voor deze groep het belangrijk is dat ze contact hebben met één professional die breed kijkt en handelt. Gezien de huidige uitdagingen waar we als gemeente voor staan – het helpen van de kwetsbare inwoner en de schaarste in personele en financiële middelen – is het meer dan ooit belangrijk om focus aan te brengen, onze positie als opdrachtgever te versterken en te zorgen voor een sterke en samenhangende professionele sociale basis zodat het mogelijk is om de ombuiging, van de duurdere tweede naar de nuldelijn, mogelijk te maken. Focus Door prioriteit te geven aan de meest kwetsbare inwoners, richten we onze beschikbare middelen doelgericht in om deze groep zo goed mogelijk te helpen. Doesburg is een kleine stad met verschillende buurten die behoorlijk van elkaar verschillen qua bevolkingssamenstelling. We zien dat het merendeel van de inwoners met sociaaleconomische problemen wonen in de buurten Zuidelijk en Noordelijk Molenveld en de Ooi. In deze buurten zien we ook een beduidend hogere zorgvraag. In tabel 2 ‘Percentage in zorg per soort per Buurt’ (bijlage 2) is het verschil in hoeveelheid afgenomen zorg per wijk te lezen (Bron cijfers zorglokaal). Onze focus zal dus op deze buurten liggen. Daarnaast richten we ons op kwetsbare inwoners zoals mensen met psychische problemen, kwetsbare ouderen, mensen met een beperking, dak- en thuislozen, kinderen in moeilijke thuissituaties en inwoners die leven op en rond het bestaansminimum. Als het gaat om financiële problemen (zie bijlage 1) zien we dat inwoners van Doesburg meer moeite hebben om rond te komen dan in omliggende gemeenten. Dit heeft meerdere redenen: 1.Doesburg heeft relatief veel sociale huurwoningen (40% tegenover 29% landelijk). Als deze woningen vrij komen vestigen zich hier ook inwoners in kwetsbare situaties van buiten de gemeente. 2.Een hoog percentage (58%) alleenstaanden. Een trend die de afgelopen jaren is toegenomen door onder andere de toegenomen vergrijzing. Van deze groep is bekend dat ze meer moeite hebben om financieel rond te komen. 3.Het groeiend aantal huishoudens dat langdurig van een minimuminkomen moet rondkomen. Dit wordt in sommige gevallen van generatie tot generatie overgegeven. 4.Het hebben van problematische schulden. In Doesburg vormen alleenstaanden de grootste groep met schulden, gevolgd door stellen met kinderen en eenoudergezinnen. Armoede kan leiden tot vele andere problemen waaronder sociaal isolement, stress, mentale en gezondheidsproblemen. Opdrachtgever- en opdrachtnemerschap Op dit moment zijn verschillende organisaties actief in de eerstelijnszorg (zie hoofdstuk 1) in de gemeente Doesburg. Deze organisaties zetten zich intensief in voor onze inwoners. Wat we echter ook zien is dat samenwerking tussen deze organisaties niet altijd soepel loopt. Ook kan de gemeente de rol als opdrachtgever in sommige gevallen duidelijker neerzetten. Wat gaan we nu anders doen? •We hebben gekozen om met één uitvoeringspartner, namelijk MEE Samen, het Sociaal team Doesburg in te richten en te ontwikkelen. We denken hierdoor meer samenhang en duidelijkheid te creëren. De andere uitvoeringspartners hebben zichzelf teruggetrokken of de gemeente heeft het contract met ze beëindigd. De keuze voor MEE Samen komt voort uit de jarenlange goede samenwerking en hun werkwijze die goed aansluit bij de koers die we nu inzetten. •Gemeente en MEE Samen bespreken regelmatig de inhoudelijke en randvoorwaardelijke eisen met elkaar. Bereiken we de inwoners die we willen? Werken we in samenhang? Waarom wel en niet? Is er nog aanbod wat we missen? Op deze manier werken we samen aan de transformatie waarin leren en voortdurende ontwikkeling centraal staan. •Gemeente zet haar positie als opdrachtgever duidelijker neer. Dit begint bij een heldere opdracht met doelstellingen, verwachtingen en prestatie(-indicatoren). Bovendien zijn de juiste randvoorwaarden, bijvoorbeeld langdurige subsidierelaties en voldoende geld om de opdracht uit te voeren belangrijk. Deze opdracht ontwikkelt zich door de tijd heen. We monitoren samen of de samenwerking nog goed verloopt en of deze bijgesteld moet worden. De samenhang en het resultaat van de zorg- en welzijnsorganisaties in Doesburg zijn op dit moment onvoldoende duidelijk. Door het ontbreken van overzicht en een duidelijke opdracht is het daardoor onvoldoende mogelijk om samen te werken aan één opgave. Hoe verhouden bijvoorbeeld de opdrachten van de verschillende organisaties zich tot elkaar? In het opdrachtgever- en opdrachtnemerschap van de toekomst is het belangrijk dat de gemeente de opdrachten regelmatig toetst aan de behoeften van de inwoners. Zo maken we het mogelijk dat organisaties optimaal kunnen werken. Versterken en het creëren van samenhang in de professionele sociale basis In het verleden is er in Doesburg veel aandacht geweest voor het bieden van jeugdzorg en minder voor laagdrempelig aanbod in de professionele sociale basis (nuldelijn). Dit maakt dat inwoners met een “lichte” vraag niet altijd geholpen worden waardoor het risico bestaat dat problemen groter worden en/of in de hulpverlening terechtkomen. Terwijl we de hulp juist zo dichtbij en laagdrempelig mogelijk willen aanbieden. In het opdrachtgever- en opdrachtnemerschap van de toekomst is het belangrijk dat de gemeente de opdrachten regelmatig toetst aan de behoeften van de inwoners. Zo maken we het mogelijk dat organisaties optimaal kunnen werken. LEESWIJZER In dit document leest u wat de doorontwikkeling naar stevige lokale teams betekent voor de gemeente Doesburg. Hoofdstuk 1 beschrijft de huidige organisatie van de hulpverlening in de gemeente Doesburg door de verdeling in nulde-, eerste- en tweedelijns zorg. Hoofdstuk 2 laat zien hoe het tot nu toe gaat in Doesburg en wat dit betekent voor de ontwikkelopgaven richting het sociaal team Doesburg. Hoofdstuk 3 gaat in op het vervolgproces, financiën, communicatie en de besluitvorming. Hoofdstuk 1 Huidig hulpaanbod In dit hoofdstuk leggen we uit hoe de huidige toegang tot hulp en het hulpaanbod eruit ziet. We hebben verschillende manieren van toegang en een versnipperd hulpaanbod. 1.1 De toegang Sinds de decentralisatie heeft de gemeente Doesburg de lokale toegang tot hulp als volgt georganiseerd voor de inwoners van Doesburg: •De toegang tot jeugdhulp wordt gedaan door het CJG. Zij zijn er voor (lichte) opvoedvragen en de contacten op de basisscholen. Voor complexere problematiek verwijst het CJG naar het jeugdteam. Het jeugdteam bestaat uit verschillende zorgorganisaties met specifieke expertises gebaseerd op de problematiek in Doesburg. •De toegang voor volwassenen is geregeld via de gemeentelijke Wmo consulenten en de ondersteuning door het maatschappelijk werk, een (onafhankelijk) clientondersteuner en een zorg- en veiligheidsteam. •Werk- en inkomen gerelateerde ondersteuning vanuit onder andere de Participatiewet wordt uitgevoerd door de consulenten Werk en Inkomen. Zij bieden inkomensondersteuning en richten zich op activeren en meedoen. Door de hulp zo te organiseren hebben we verschillende telefoonnummers en plekken waar inwoners met hun vragen terechtkomen. Dit zorgt voor onduidelijkheid. Daarbij bestaat een risico dat hulpvragen vooral worden benaderd vanuit de eigen deskundigheid van professionals. Hierdoor kan de kern van het probleem uit het zicht raken, met name bij de meest kwetsbare inwoners. Terwijl we weten dat juist voor deze groep het belangrijk is dat ze contact hebben met één professional die breed kijkt en handelt. 1.2 Nuldelijns hulp (professionele sociale basis) De voorzieningen in de nuldelijn zijn vrij toegankelijk voor de inwoners van Doesburg en meestal georganiseerd rondom een bepaalde problematiek of doelgroep. Ze bieden een plek waar inwoners terecht kunnen voor laagdrempelige ondersteuning, (opvoed)hulp, informatie en advies, gericht op het versterken van het normale leven en het probleemoplossend vermogen van inwoners. Deze voorzieningen worden door meerdere partijen aangeboden. Namelijk door: Santé Partners (sociaal raadslieden en algemeen maatschappelijk werk), MEE Samen (onafhankelijke cliëntondersteuning), Caleidoz (welzijnswerk gericht op ouderen en de Formulierenbrigade), Circulus (jongerenwerk en jobcoaches), Kredietbank (schuldhulpverlening), Vluchtelingenwerk, Iriszorg en verschillende vrijwilligersorganisaties. Voorbeeld samenwerking: Zo wordt er intensief samengewerkt tussen vrijwilligers van de Formulierenbrigade, een medewerker van de Kredietbank en sociaal raadslieden in het Financieel trefpunt. Er is elke week een spreekuur waar inwoners met zorgen of vragen over geld en inkomen hierover kunnen praten en hulp vragen. Inwoners kunnen zonder afspraak binnen lopen voor een vrijblijvend en gratis advies. Medewerkers helpen bij het invullen van formulieren, beantwoorden vragen over geld en inkomen en bieden een luisterend oor. 1.3 Eerste- en tweedelijns hulp Deze vormen van ondersteuning zijn voor jeugd en volwassenen anders ingericht. Jeugd Voor alle vragen rondom opvoeding en jeugdproblematiek kunnen inwoners bij het CJG terecht. Zij onderhouden ook de contacten met het onderwijs en andere samenwerkingspartners in Doesburg. Ook zijn zij de toegang tot het jeugdteam, samengesteld uit professionals van Santé Partners, MEE Samen, Zozijn en GGNet (eerder ook Entrea Lindenhout). In de Jeugdwet is vastgelegd welke professionals en organisaties mogen verwijzen. Dat zijn de medische verwijzers (zoals huisartsen en jeugdartsen), gecertificeerde instellingen (zoals de jeugdbescherming) en de gemeente. Het jeugdteam is de gemeentelijke toegang tot specialistische jeugdhulp welke regionaal is ingekocht. Zij maken een inschatting welke hulp nodig is op basis van een analyse waarbij wordt gekeken vanuit de hele leefomgeving van het gezin. Hierin werken ze samen met de nuldelijnsorganisaties, sparren ze met aanbieders van jeugdhulp en consulteren hen. Als er meer hulp nodig is kan er verwezen worden naar specialistische jeugdhulp. De oorspronkelijke bedoeling was dat het jeugdteam zelf ondersteuning zou leveren. In de praktijk blijkt dat er vooral wordt verwezen naar specialistische jeugdzorg. Het jeugdteam werkt vanuit het vrijwillig kader. Als er vermoedens zijn van onveiligheid kan het jeugdteam consultatie aanvragen bij de Jeugdbescherming en/of een melding doen bij Veilig Thuis. Als desondanks de zorgen toenemen, kan er een aanmelding bij de Beschermingstafel worden gedaan. Hier wordt beoordeeld of hulp in het vrijwillige kader voortgezet wordt of dat de Raad voor de Kinderbescherming onderzoek gaat doen. Volwassenen Volwassenen met een vraag kunnen terecht bij de consulenten Wmo en/of Werk en Inkomen. De consulenten verlenen zelf geen hulp maar beoordelen welke hulp passend is. Daarnaast hebben we de (onafhankelijk) cliëntondersteuner vanuit MEE Samen en het algemeen maatschappelijk werk door Santé Partners. Op het gebied van sociaaljuridische en financiële vraagstukken is er het sociaalraadsliedenwerk van Santé partners. Rondom de zorg voor volwassen hebben we een zorg- en veiligheidsteam, waaronder ook de bemoeizorg valt. Sinds kort hebben we een wijk-GGZ’er die zelf ondersteuning biedt. Voorbeeld casus wijk-ggz’er: Dochter belt met zorgen over moeder die een alcoholprobleem lijkt te hebben, haar huis vervuilt, financiële problemen heeft en haar kleinzoon sinds kort met een ruzie buiten de deur houdt. De dochter zelf kwam er al jaren niet meer. De huisarts is niet betrokken omdat ze daar niet heen wil. Ze vraagt buren voor geld en boodschappen. De wijk-ggz’er is begonnen met het maken van contact en het winnen van vertrouwen. Ook is er met de buren contact gemaakt om hen te ondersteunen. Ook met de verhuurder is contact gezocht, er bleek al een zitting te zijn die week voor een ontruiming. Deze is voorkomen ondanks dat de rechter een vonnis heeft uitgesproken. De wijk-ggz’er is samen met de huisarts langsgegaan en heeft een ouderengeneeskundige ingeschakeld vanwege de verwardheid van mevrouw. Er is bewindvoering en mentorschap geregeld. Er is weer contact met de familie en mevrouw is overgedragen aan casemanager dementie. Hoofdstuk 2 Hoe gaat het nu en ontwikkelopgaven In dit hoofdstuk beschrijven we hoe de huidige situatie in Doesburg is en wat de belangrijkste ontwikkelopgaven zijn om het lokale team te realiseren. Dit hoofdstuk is opgebouwd aan de hand van de drie basiskenmerken, dichtbij, integraal en met mandaat, vanuit het richtinggevend kader van de VNG. 2.1 Dichtbij Het kenmerk “dichtbij” omvat een aantal belangrijke en met elkaar samenhangende aspecten. We streven naar een eenvoudig systeem, met de inwoner als uitgangspunt: hulp moet makkelijk te begrijpen en aan te vragen zijn, en naadloos aansluiten bij wat de inwoner echt nodig heeft. Drempels die het voor mensen lastig maken om de juiste ondersteuning te vinden, moeten weggenomen worden. Laagdrempeligheid: Het is belangrijk dat de toegang tot hulp laagdrempelig is, zowel digitaal als fysiek, en dat de medewerkers vooral goed bereikbaar en benaderbaar zijn in de kwetsbare buurten. De professionals zitten nu samen in het stadskantoor, met op de gevel de “gemeente Doesburg”. Dit werkt goed in het kader van de samenwerking en voor de meeste inwoners is dit prima. Maar juist voor de kwetsbare inwoner is dit te ver van huis en werkt de naam van de gemeente drempelverhogend . Het is belangrijk om naar de kwetsbare inwoners toe te bewegen en te investeren in diverse communicatiekanalen en ontmoetingsmogelijkheden, zodat inwoners zich gehoord en serieus genomen voelen. Dit beperkt zich niet alleen tot de kwetsbare buurten. Er wonen ook kwetsbare inwoners in de rest van de stad. Sterke relatie met de sociale basis: Dit betekent een goede samenwerking met de mensen en organisaties die al een belangrijke rol spelen in het leven van inwoners, zoals scholen, buurthuizen, verenigingen en religieuze instellingen. We werken vanuit het principe dat veel problemen het beste opgelost kunnen worden in de eigen omgeving van de inwoner, met de steun van familie, vrienden en bekenden. Signalen van zowel medewerkers als inwoners worden serieus genomen en gebruikt om problemen in het systeem op te lossen en beleid continu te verbeteren. Een lerende organisatie, die openstaat voor feedback en bereid is om haar werkwijze aan te passen als dat nodig is, is essentieel. Doorontwikkeling naar stevige lokale teams Alle voorzieningen in Doesburg werken op de kernwaarde dichtbij deels conform de eisen van het richtinggevend kader. De meeste inwoners weten ons wel te vinden maar we zien ook dat er barrières en verbeterpunten zijn. We hebben verschillende toegangen tot zorg georganiseerd binnen de Jeugd-, Wmo- en Participatiewet. Dit is voor de gemeentelijke organisatie overzichtelijk maar niet voor de inwoner. We willen toe naar één toegang op het stadskantoor waar de triage plaatsvindt met één telefoonnummer, één emailadres en één website. Maar ook binnen de stad zijn we aanwezig en benaderbaar op plekken waar inwoners van nature al komen zoals op het jongerencentrum of ontmoetingsplekken in de buurten. Ook willen we het lokale team (in Doesburg gaat dit team Sociaal team Doesburg heten) nog actiever inzetten op de verbinding met de huisarts, de gezondheidszorg en het onderwijs. Hierbij betrekken we ervaringsdeskundigen om onze werkwijze zoveel mogelijk aan te laten sluiten bij het ‘gewone’ leven van kinderen en gezinnen. Ondanks de verschillende plekken waar inwoners een vraag stellen moet de route hetzelfde zijn (let op: niet de uitkomst). Ook dit punt raakt aan het aanbrengen van focus. Het Sociaal team Doesburg moet beschikbaar zijn voor de meest kwetsbare inwoners. Dat betekent voor Doesburg dat we laagdrempelig aanwezig willen zijn in die buurten waar de meest kwetsbare inwoners wonen. Het aanbieden van basishulp in het Sociaal team Doesburg betekent een verschuiving van ingekochte hulp naar het Sociaal team Doesburg. Dit heeft als grote voordeel dat de hulp en ondersteuning direct en dichtbij geboden wordt, zonder dat de (specialistische) hulp “ver weg” georganiseerd is. Doorschuiven van gezinnen en het steeds opnieuw je verhaal moeten vertellen zal door deze manier van werken afnemen. De samenwerking met en in de (professionele) sociale basis is niet sterk ontwikkeld. Bij jeugd is het CJG sterk gericht op de verbinding met de professionele sociale basis. Maar ook bij het CJG merken we dat de wil er wel is, maar dat het onvoldoende lukt elkaar te vinden omdat het overzicht ontbreekt. Daarnaast ontbreekt er aanbod zoals de vrijwillige gezinsondersteuning. Over het algemeen gesteld zou het netwerk meer betrokken kunnen worden zowel in casuïstiek als in processen. Ontwikkelopgaven gemeente Doesburg kernwaarde dichtbij: ▯ Het Sociaal team Doesburg is vooral zichtbaar en aanwezig in de buurten Molenveld en de Ooi en is laagdrempelig toegankelijk. ▯ Het Sociaal team Doesburg sluit zoveel mogelijk aan bij het ‘gewone’ leven, zoals op school, bij de huisarts en ontmoetingsplekken. ▯ Versterken samenwerking in en met de sociale basis. Samen Doesburg werkt met ervaringsdeskundigen om de dienstverlening aan inwoners te verbeteren. 2.2 Integraal Integraal werken betekent dat hulp en ondersteuning vanuit verschillende domeinen (zoals Jeugd, Wmo, Participatie) op elkaar afgestemd worden, zodat inwoners niet van het kastje naar de muur gestuurd worden. Het vraagt om samenwerking over domeingrenzen heen, met oog voor de volledige context van de inwoner. Daarbij is het belangrijk dat professionals uit verschillende organisaties en afdelingen met elkaar verbonden zijn - zowel op beleidsniveau als in de uitvoering. Het doel is één samenhangende aanpak rondom de inwoner, in plaats van versnipperde hulp per domein. Het Sociaal team Doesburg biedt waar mogelijk zelf direct (basis)hulp. Die hulp kan zowel licht als zwaar (of intensief) zijn en zowel kort- als langdurig met een ondersteuningsplan of in de vorm van waakvlamcontact zijn. Voor deze (basis)hulp is geen indicatie nodig en ze is dus ‘vrij toegankelijk’. Samen Doesburg is er voor alle inwoners in Doesburg. Bij de ontwikkeling naar Samen Doesburg zetten we in op de verbinding met aanpalende beleidsterreinen, zoals armoede en schulden, gezondheid, werk en inkomen en veiligheid. Om te voorkomen dat inwoners van het kastje naar de muur worden gestuurd, wordt er gewerkt met één professional en één plan. De professionals werken met een brede blik, met voldoende aandacht voor alle leefgebieden. Is er extra kennis en expertise nodig om de vraag te verhelderen of om direct hulp te bieden? Dan worden de juiste professionals erbij gevraagd, bijvoorbeeld op het gebied van armoede en schulden. Hetzelfde geldt voor het dichtbij organiseren van specialistische hulp. Ontwikkeling naar Samen Doesburg Hulpvragen voor volwassenen worden op dit moment door verschillende organisaties in de nulde-, eerste- en tweedelijn opgepakt. Voor jeugd hebben we daarnaast het jeugdteam dat ook zelf hulpverleent. We hebben gemerkt dat door de jaren heen de jeugdprofessionals nog maar weinig hulpvragen zelf oppakken. Het doel met het Sociaal team Doesburg is dat deze werkwijze van zelf ondersteunen door het CJG, jeugdteam en het algemeen maatschappelijk werk wordt uitgevoerd door professionals met een expertise op jeugd of volwassenen. Deze professionals hebben een brede blik en werken niet vanuit een wet. Door het werken met één professional en één plan krijgt de kwetsbare inwoner met één professional te maken die alles regelt. We willen inwoners zo snel mogelijk op de juiste plek helpen. Om dat te realiseren hebben goed opgeleide professionals nodig. Zo zijn de jeugdprofessionals SKJ-geregistreerd1. Dit brengt (kwaliteits)eisen met zich mee waar de jeugdprofessional aan voldoet, bijvoorbeeld over het opleidingsniveau en werken conform de norm verantwoorde werktoedeling2. Ontwikkelopgaven gemeente Doesburg kernwaarde integraal: ▯ Het Sociaal team Doesburg biedt vrij toegankelijke hulp: kortdurend, langdurig met een ondersteuningsplan en een waakvlamcontact. ▯ De professionals van het Sociaal team Doesburg en de consulenten bij de gemeente werken met een brede blik, en brengen samen met de inwoner alle levensgebieden in beeld. ▯ Bij de doorontwikkeling naar het Sociaal team Doesburg is een soepele overgang van 18- naar 18+ een aandachtspunt. 2.3 Met mandaat Degene bij wie een vraag binnenkomt, is niet altijd degene die de juiste kennis en/of interventies in huis heeft. Soms is het overduidelijk dat de hulp vanuit (alleen) het Sociaal team Doesburg niet voldoende zal zijn en dat de oplossing elders in de gemeentelijke organisatie ligt, of daarbuiten bij bijvoorbeeld de volwassen-ggz. Mandaat is hierbij cruciaal. Dit mandaat voor het toewijzen van tweedelijns jeugdhulp lag bij het jeugdteam. Dit hebben we gewijzigd waardoor het mandaat nu bij de gemeente ligt. Voor de overige wetten lag dit al bij de gemeente. Mandaat gaat over de bevoegdheid en ruimte die professionals hebben om domeinoverstijgend te handelen en passende hulp te bieden. Inwoners komen vaak met complexe vragen die niet binnen één gemeentelijk domein vallen. Daarom is het belangrijk dat medewerkers niet alleen signaleren, maar ook kunnen handelen, ook als de oplossing buiten hun eigen team of domein ligt. Dit vraagt om bestuurlijk en beleidsmatig commitment, zodat integraliteit niet alleen in de uitvoering maar op alle niveaus gedragen wordt. Ook gaat mandaat over bewust keuzes maken in een context van schaarste en oog hebben voor veiligheid in het dagelijks leven van inwoners. Ontwikkelopgaven gemeente Doesburg kernwaarde met mandaat: ▯ De gemeente Doesburg organiseert intern het mandaat om te zorgen dat de juiste professionals hun verantwoordelijkheid pakken. ▯ De gemeente geeft het Sociaal team Doesburg de ruimte om (nieuw) collectief aanbod te ontwikkelen en om steeds in te kunnen spelen op nieuwe ontwikkelingen. ▯ De gemeente creëert een lerende omgeving met voldoende reflectie op het vakmanschap en ruimte om met elkaar het gesprek te voeren over gemaakte keuzes. ▯ Professionals van het Sociaal team Doesburg houden scherp in de g aten welke inwoners het meeste gebaat zijn bij hulp en ondersteuning en waar het mogelijk is om andere (bijvoorbeeld collectieve hulp) of geen hulp in te zetten. 2.4 Doorontwikkeling naar Samen Doesburg In de praktijk hebben onze inwoners te maken met verschillende telefoonnummers en aanspreekpunten. Dit heeft onder andere te maken met de organisatie rondom de uitvoering van de verschillende wetten en mandaten. We gaan een integrale toegang inrichten waardoor de inwoner terecht kan op één plek voor alle vragen in het sociaal domein (zie infographic pagina 17). Samen met de inwoner kijkt de triagist op welke plek deze het best geholpen kan worden. Daarnaast kunnen de inwoners ook hun vraag stellen op de plekken waar de gezinsprofessionals aanwezig zijn. De plek waar de vraag binnenkomt, is eveneens de plek waar deze verder wordt opgepakt zodat de inwoner niet van het kastje naar de muur gestuurd wordt. De gemeente regelt intern het mandaat dat de juiste mensen hun verantwoordelijkheid hiervoor (kunnen) nemen. Welke hulp en ondersteuning passend is, verschilt per inwoner. De professionals van het Sociaal team Doesburg en de consulenten van de gemeente maken keuzes (samen met inwoners) met een schaarste aan tijd, geld en middelen. Er is reflectie nodig op deze keuzes. De gemeente Doesburg creëert een lerende omgeving met voldoende reflectie op het vakmanschap en ruimte om met elkaar het gesprek te voeren over gemaakte keuzes. Vanuit het richtinggevend kader staan een aantal uitgangspunten centraal bij het bewust omgaan met wat passend en nodig is bij schaarste: ▯ De prioriteit gaat naar kwetsbare groepen die er op eigen kracht niet uitkomen en daarom tijdige en passende hulp het meest nodig hebben. ▯ Bij het toekennen van hulp en ondersteuning wordt gekeken bij het inzetten van hulp: zo licht als kan en zo zwaar als nodig. ▯ Bij het toekennen van hulp en ondersteuning wordt altijd gekeken naar wat aangetoond werkt en wat niet. ▯ Bij het toekennen van hulp en ondersteuning wordt altijd gekeken of collectief aanbod tot de mogelijkheden behoort. Infographic Hoofdstuk 3 Randvoorwaarden en proces In dit hoofdstuk staat het financiële kader en het vervolgproces centraal. 3.1 Financiën De ontwikkeling naar Samen Doesburg vindt plaats binnen de huidige begroting Jeugd, Wmo en Participatie. Meer focus moet ertoe leiden dat het bestaande financiële kader gerichter wordt ingezet voor de kwetsbare inwoners van Doesburg. Doordat we zelf de ondersteuning in het Sociaal team Doesburg bieden levert dit een besparing op van een deel van de ingekochte tweedelijnszorg. We gaan met name de (basis)begeleiding zelf aanbieden. Het aanbieden van (basis)begeleiding in het Sociaal team Doesburg betekent een verschuiving van ingekochte hulp naar dit team. Daarnaast willen we de professionele sociale basis versterken als we merken dat er aanbod mist waardoor afschalen in zorg niet mogelijk is. 3.2 Het proces richting Samen Doesburg De gemeente Doesburg kan en wil niet alleen de ontwikkeling naar Samen Doesburg vormgeven. We willen dit nadrukkelijk in partnerschap doen waarbij we onze rol als opdrachtgever duidelijker willen positioneren. Bij de ontwikkeling en doorontwikkeling van Samen Doesburg hebben we de kennis en expertise van alle maatschappelijke partners hard nodig. Niet alleen om in beeld te brengen wat er nodig is maar ook om de ervaringen te gebruiken om het zo goed mogelijk in te richten. Samen met MEE Samen zorgen we ervoor dat op 1 januari 2026 het Sociaal team Doesburg team er staat. Voor de doorontwikkeling hebben we alle samenwerkingspartners in het sociaal domein nodig om samen te zorgen voor de ondersteuning die het best past bij onze inwoners. 3.3 Besluitvorming De hierboven beschreven plannen zijn al diverse keren mondeling in het college en de gemeenteraad gepresenteerd. We willen deze notitie op 16 december aanbieden aan het college waarna de gemeenteraad op 20 januari 2026 door middel van een thema avond geïnformeerd zal worden. Aldus vastgesteld op 16 december 2025 Het college van burgemeester en wethouders van Doesburg De secretaris,Peter Werkman de burgemeester,Arco Hofland Bijlage 1 (Waar staat je gemeente 2023/2024, CBS 2024) •Het aantal huishoudens met geregistreerde problematische schulden is in Doesburg hoger dan het landelijk gemiddelde (9,5% ten opzichte van 8,9%); •Het aantal huishoudens dat leeft van een bijstandsuitkering is hoger dan het landelijk gemiddelde (5,2% ten opzichte van 4,8%); •Grote groep arbeidsongeschikten (11,8%). We staan op de 8e plaats van Nederland in aantal arbeidsongeschikten. •Meer dan 30% van de jongeren ervaart psychische problemen ten opzichte van 20% van de Nederlandse jongeren; gezondheidsmonitor jeugd 2023. •Het aantal kinderen met overgewicht is vanaf een jaar of 5 beduidend hoger dan in de rest van centraal Gelderland (16% ten opzichte van 8%) en dit beeld blijft zichtbaar in alle leeftijdsgroepen (dashboard GGD Midden Nederland). •Het aantal inwoners met een lichte verstandelijke beperking (1,7% ten opzichte van 1,3% in Gelderland) of met meerdere problemen (bijvoorbeeld financiële problemen, opvoedingsvragen of gezondheidsproblemen) ligt aan de hoge kant van het landelijk gemiddelde; •Het aandeel inwoners van 50 jaar en ouder is hoger dan bij vergelijkbare gemeenten (54% ten opzichte van 44,3 %). De gemeente Doesburg staat met 29% 65-plussers in de top 20 van meest vergrijsde gemeenten (Ranglijst: inwoners naar leeftijdsgroep per gemeente in Nederland | AlleCijfers.nl) Met de toename van vergrijzing neemt ook het aantal mensen met dementie toe. Voor Doesburg zou dit betekenen dat het aantal mensen met dementie stijgt van 550 in 2022 naar 750 in 2030. Dit betekent extra druk op de professionele zorg én op mantelzorgers. We zien dit beeld terug in het aantal en type hulpverlening. •Terwijl het aantal jongeren in de jeugdbescherming behoorlijk daalt, stijgt het aantal jongeren met een vorm van ambulante hulp (zie bijlage 1); •Het gebruik van de GGZ ligt hoger dan bij vergelijkbare gemeenten (5,4% ten opzichte van 4,5%); •Het aantal meldingen van onbegrepen en verward gedrag neemt toe. In 2023 kregen we 11 meldingen. In 2024 is dit toegenomen naar 44 meldingen. •We signaleren vaker dat mensen in ernstige woonhygiënische omstandigheden (hoarding) leven. Het behandelaanbod voor hoarding is beperkt, wat het lastig maakt om deze problematiek bij de kern aan te pakken; •Bij maatschappelijke opvang (MO) in Arnhem zagen we 9 intakes met herkomstgemeente Doesburg in 2023 en 2024 4 plaatsingen. •Meldingen van overlast gevende jeugd is fors hoger dan in de rest van Nederland. In het tweede kwartaal van 2025; 35 meldingen op de 10.000 inwoners ten opzichte van 16 in de rest van Nederland. Bijlage 2 Bron: zorglokaal 2023
Meer informatie