Woonzorgvisie Gemeente Noordenveld 2026-2031
Woonzorgvisie Gemeente Noordenveld 2026-2031 Voorwoord Noordenveld is een prachtige gemeente om in te wonen. Een mooie groene omgeving, goede voorzieningen en een regio die kansen biedt voor jong en oud. Een plek waar mensen zich mee verbonden voelen. Dat schreven we in 2023 in het voorwoord van onze woonvisie ‘Samen lukt het’. In deze woonvisie staan acties en uitgangspunten om te zorgen dat het in Noordenveld ook in de toekomst fijn wonen is. Ook is er in de woonvisie aandacht voor de combinatie van wonen, zorg en welzijn. Want wonen gaat niet alleen over woningen, maar ook over alles eromheen. Voor mensen die door een beperking, door ouderdom of door andere omstandigheden kwetsbaar zijn of extra zorg en ondersteuning nodig hebben, is die woonomgeving vaak extra belangrijk. De beschikbaarheid van voorzieningen, het sociale netwerk en de mogelijkheid van professionele zorg in de buurt zijn daarin van belang. In de woonzorgvisie die nu voor u ligt, gaan we juist op die onderwerpen dieper in. Samen met organisaties die in Noordenveld werken aan wonen, zorg en welzijn èn met onze inwoners en belangengroepen, hebben we aan deze woonzorgvisie gewerkt. Daarmee hebben we beter zicht gekregen op hoe onze inwoners hun woontoekomst in Noordenveld voor zich zien en wat ervoor nodig is om dat waar te kunnen maken. Niet verrassend is dat de verbondenheid van onze inwoners met hun woonplaats en met de mensen om hen heen daarin een belangrijke rol speelt. Tegelijkertijd weten we ook dat er iets moet gebeuren aan de ‘hardware’: er moeten veel meer woningen komen die geschikt zijn voor ouderen en mensen met een beperking of andere zorgbehoefte. Voor veel bestaande woningen zijn aanpassingen nodig. Deze woonzorgvisie legt een goede basis om daarmee aan de slag te gaan.Wij willen iedereen die heeft meegewerkt aan deze woonzorgvisie bedanken voor hun bijdrage. En vooral willen we alle inwoners van Noordenveld, jong en oud, oproepen om na te denken over hoe zij zelf in Noordenveld willen blijven wonen in de toekomst en wat ze daarvoor nodig hebben. En om dit ook te bespreken met hun omgeving, want ook hier geldt: alleen samen lukt het. Het college van burgemeester en wethouders Publiekssamenvatting woonzorgvisie Noordenveld 2026-2031 Noordenveld is een fijne, groene gemeente met goede voorzieningen. Inwoners in de dorpen zijn hecht en zorgen voor elkaar. Ons belangrijkste doel is dat iedereen in Noordenveld goed, gezond en zo lang mogelijk zelfstandig kan blijven wonen. Dit is niet makkelijk. Daarom heeft de gemeente een plan gemaakt: de Woonzorgvisie Noordenveld 2026-2031. Dit plan laat zien wat de gemeente de komende jaren op het gebied van wonen en zorg gaat doen. De gemeente werkt daarbij samen met woningcorporaties, welzijnspartijen, zorgaanbieders en inwoners. Belangrijkste uitdagingen op het gebied van wonen en zorg in Noordenveld Noordenveld staat net als de rest van het land voor grote uitdagingen op het gebied van wonen en zorg. Hieronder leest u een samenvatting van een aantal van deze opgaven: •Er zijn steeds meer inwoners van 65 jaar en ouder. Ook de groep inwoners van 75 jaar en ouder wordt groter (dubbele vergrijzing). •Deze oudere groep inwoners heeft meer en verschillende soorten zorg nodig. •Er is een tekort aan geschikte woningen voor ouderen. •Er is een groeiend tekort aan professionele zorgverleners. •De hulp van familie en vrienden (mantelzorg) staat onder druk. •De grote afstanden in het buitengebied maken het in de toekomst lastig om zorg te leveren. •Door de vergrijzing wordt het steeds moeilijker voor inwoners om elkaar te blijven helpen in de buurt. •Het is voor kwetsbare groepen inwoners ( de zogenaamde aandachtsgroepen) moeilijk om tijdig een passende woning te vinden. De visie voor wonen en zorg in 2031 Noordenveld wil een inclusieve en zorgzame gemeente zijn. Wij streven ernaar dat alle inwoners goed, gezond en zo lang mogelijk zelfstandig wonen. Zij moeten regie kunnen houden over hun eigen leven. Daarom zetten we in op vitale gemeenschappen. Iedereen moet volwaardig mee kunnen doen en naar elkaar omkijken, ongeacht leeftijd of zorgbehoefte. Ons doel is dat alle inwoners een passende woonplek vinden. Die plek moet aansluiten bij hun wensen en de benodigde zorg en ondersteuning bieden. De ambities voor wonen en zorg Om de visie voor wonen en zorg te bereiken werken we aan drie speerpunten. 1. Naoberschap en leefbaarheid Dit gaat over de onderlinge verbondenheid en het omkijken naar elkaar. We zetten daarbij in op: •Bevorderen van eigen kracht en omzien naar elkaar. •Tijdig denken over later: inwoners voorbereiden op de toekomst. •Inzet op digitalisering en gezondheidstechnologie. Wat gaan we ervoor doen? 1.We streven naar één eigen laagdrempelige ontmoetingsplek per dorp en ondersteunen bewonersinitiatieven op het gebied van ontmoeting. 2.We zorgen voor brede ondersteuning van mantelzorgers. 3.We waarderen en ondersteunen onze vrijwilligers. 4.We maken met zorgpartners en woningcorporaties een actieplan over het tijdig nadenken over ouder worden. 5.We verbeteren de informatievoorziening en voorlichting over digitalisering en gezondheidstechnologie. 6.We maken (op termijn) afspraken met woningcorporaties, zorgpartijen en marktpartijen over woningen die geschikt (te maken) zijn voor thuistechnologie. 2. Passend wonen en zorg Dit gaat over het zorgen voor voldoende geschikte woningen op de juiste plek. We zetten daarbij in op: •Zo lang mogelijk zelfstandig thuis blijven wonen en bestaande woningen benutten. •Toevoegen van passende woningen voor ouderen. •Voldoende passende woningen voor andere aandachtsgroepen. Wat gaan we ervoor doen? 7.We continueren onze gezamenlijke aanpak op het passend wonen voor senioren en geven dit prioriteit in de uitvoering van onze meerjarige prestatieafspraken met woningcorporaties en huurdersverenigingen. 8.Wij nemen de regie om voldoende nultreden-, geclusterde en zorggeschikte woonvormen toe te voegen binnen onze gemeente. 9.We monitoren en programmeren actief. 10.We verkennen het uitbreiden van het Langer Zelfstandig Thuis Pakket (of een vergelijkbaar aanbod) naar de koopsector. 11.We promoten en continueren de Verzilverlening. 12.We onderzoeken samen met de woningcorporaties hoe we de doorstroming kunnen bevorderen. 13.We continueren ons bestaande (pre)mantelzorgbeleid. 14.We versoepelen regels rondom woningdelen, optoppen en verkamering. 15.Wij nemen onze regionale verantwoordelijkheid en stellen samen met de regio een provinciale urgentieverordening op. 16.We blijven duidelijke afspraken maken over diversiteit en betaalbaarheid in onze woningbouwprogrammering. 17.We stellen een integraal portefeuilleplan per wijk of dorp op. 18.We stellen een toetsingskader voor woonzorginitiatieven op. 3. Passende en gezonde leefomgeving Dit gaat over een omgeving die uitnodigt tot bewegen, ontmoeten en gezond leven. We zetten daarbij in op: • Benutten van het potentieel van woonzorgzones. • Een toegankelijke, dementievriendelijke en gezonde leefomgeving. • Een goede landing in de wijk. Wat gaan we ervoor doen? 19. We onderzoeken de potentie van woonzorgzones. 20. We streven naar een toegankelijk en duurzaam vervoersnetwerk voor kwetsbare inwoners. 21. We continueren onze inzet om voldoende klimaatadaptieve maatregelen uit te voeren. 22. We zetten ons actief in voor een toegankelijke en veilige leefomgeving voor al onze inwoners 23. We zetten in op het stimuleren van beweging en ontmoeting bij gebiedsontwikkeling. 24. We zetten in op een zachte landing in de wijk voor kwetsbare inwoners. 1. Inleiding Aanleiding Noordenveld is een prachtige gemeente met een groene omgeving, goede voorzieningen en kansen voor jong en oud. De gemeenschappen zijn hecht, en inwoners voelen zich sterk met de plek verbonden. Desondanks staat Noordenveld voor uitdagingen op het gebied van wonen en zorg. Het aandeel oudere inwoners (65+) is snel toegenomen: van 1 op de 5 in 2010 naar bijna 1 op de 3 in 2024. Naar verwachting zet deze ontwikkeling de komende jaren door. Dit zorgt voor een grotere en diversere vraag naar zorg en ondersteuning, terwijl er tegelijkertijd een groeiend tekort is aan zorgprofessionals. Veel inwoners willen zo lang mogelijk zelfstandig thuis blijven wonen. Ze willen de nodige zorg en ondersteuning ontvangen in hun vertrouwde omgeving. Dit is een wens van veel mensen. Bovendien is deze ontwikkeling cruciaal om de zorg in de toekomst betaalbaar en toegankelijk te houden. Door demografische veranderingen, de decentralisatie van zorgtaken en wijzigingen in de zorgwetgeving, is de manier waarop zorg wordt aangeboden aan het veranderen. Ook de visie op geschikte huisvesting verandert hierdoor. Om te anticiperen op bovengenoemde ontwikkelingen moet er voldoende en passend woonaanbod komen voor mensen met een zorg- of ondersteuningsbehoefte en voor het leveren van zorg. Een geschikte woning is echter niet genoeg. De woonomgeving is ook van groot belang. Denk hierbij aan toegankelijke voorzieningen en ontmoetingsplekken in de buurt. Sociale interactie, beweging en zinvolle daginvulling zijn essentieel voor de (positieve) gezondheid. Ze helpen problemen voorkomen en bevorderen herstel. Dit vraagt om samenwerking tussen woon-, welzijns- en zorgpartijen én onze inwoners. Daarom is een langetermijnvisie op wonen, welzijn en zorg nodig. Deze visie ligt nu voor u. Doel van deze woonzorgvisie Deze woonzorgvisie beschrijft onze toekomstvisie op wonen, welzijn en zorg in Noordenveld. De visie sluit aan bij bestaand beleid op lokaal, regionaal en landelijk niveau. Het biedt richting voor concrete maatregelen en afspraken. Een deel hiervan voeren we direct uit, samen met ketenpartners zoals woningcorporaties, zorg- en welzijnsorganisaties, het zorgkantoor en onze inwoners. Andere maatregelen worden verder uitgewerkt in het volkshuisvestingsprogramma dat de gemeente in 2026 opstelt. Met deze visie willen we de aansluiting tussen vraag en aanbod verbeteren en de samenwerking tussen partijen versterken. Doelgroep woonzorgvisie Deze woonzorgvisie richt zich op de combinatie van wonen en zorg voor alle inwoners, van jong tot oud. De nadruk ligt op doelgroepen met een directe of toekomstige woonzorgopgave. Het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting introduceert specifieke aandachtsgroepen die minder kansen hebben op de woningmarkt. De wet maakt onderscheid tussen wettelijk urgente en overige aandachtsgroepen (zie tabel 1). Wettelijk urgente groepen krijgen voorrang op huisvesting omdat dit dringend noodzakelijk is. Het is van groot maatschappelijk belang dat zij snel een passende woning vinden. Deze groepen worden verplicht opgenomen in de Huisvestingswet 2014, waardoor zij voorrang krijgen bij de toewijzing van woonruimte. Met de komst van deze wet moeten gemeenten verplicht een huisvestingsverordening hebben voor urgent-woningzoekenden. Dit heet een 'urgentieverordening'. In Drenthe stellen we gezamenlijk zo'n urgentieverordening op. Het streven is om deze voor de zomer van 2026 vast te stellen. Wettelijk urgente aandachtsgroepen Mantelzorgverleners of -ontvangers Mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke beperking of psychische kwetsbaarheid Uitstromers uit de maatschappelijke opvang waaronder: •dakloze mensen •slachtoffers huiselijk geweld of mensenhandel Uitstromers na intramuraal verblijf waaronder: •uitstromers uit een Beschermd Wonen instelling •klinisch geestelijke gezondheidszorg Woningzoekenden tussen de 18 en 23 jaar uit de jeugdhulp Woningzoekenden uit de (jeugd)detentie Deelnemers aan het uitstapprogramma voor stoppende sekswerkers Dakloze gezinnen met minderjarige kinderen (onder een van de leefsituaties onder ‘Ethos-light’) Overige aandachtsgroepen •Arbeidsmigranten •Studenten •Woonwagenbewoners •Ouderen •Statushouders (via taakstelling) Tabel 1: overzicht aandachtsgroepen en wettelijk urgente aandachtsgroepen Landelijke, regionale en gemeentelijke kaders Deze visie op wonen en zorg staat niet op zichzelf. Zo zijn er landelijke, regionale en gemeentelijke kaders waar deze woonzorgvisie een uitwerking of aanvulling op is. Hieronder geven we een beknopt overzicht van de belangrijkste kaders. Landelijk Rijksprogramma’s ‘Een thuis voor iedereen’ en ‘Wonen en zorg voor ouderen’ Het Rijk heeft de afgelopen jaren een steeds meer sturende rol aangenomen op het gebied van wonen en zorg. In de Rijksprogramma’s ‘Een thuis voor iedereen’ en ‘Wonen en zorg voor ouderen' wordt expliciet ingezet op maatregelen om het langer (en weer) thuis wonen te bevorderen. Beide programma’s vallen onder de Nationale Woon- en Bouwagenda. Integraal Zorg Akkoord Het Rijk heeft, samen met zorgpartijen, het Integraal Zorg Akkoord (IZA) opgesteld. Hierin staan afspraken om de zorg kwalitatief goed, toegankelijk en betaalbaar te houden. Gezond en Actief Leven Akkoord Het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) is opgesteld tussen het Rijk, gemeenten en zorgverzekeraars. Het doel van dit akkoord is het bereiken van een gezonde generatie in 2040. Hoofdlijnenakkoord Ouderen In 2025 is het Hoofdlijnenakkoord Ouderen (HLO) opgesteld. Dit akkoord richt zich specifiek op de WLZ-verzekerde zorg en bevat twee belangrijke transitiedoelen: opleiding, instroom en behoud van zorgpersoneel en de ondersteuning en zorg van (zeer) kwetsbare ouderen. Wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting De aankomende wet Versterking regie volkshuisvesting versterkt de regie op aantallen nieuwe woningen, betaalbaarheid en een evenredige verdeling. Het wetsvoorstel verplicht provincies en gemeenten om een volkshuisvestingsprogramma op te stellen, waar woonzorgvisies onderdeel van uit moeten maken. Het wetsvoorstel wordt naar verwachting in 2026 bekrachtigd. Overheden moeten binnen twee jaar na inwerkingtreding van de wet een volkshuisvestingsprogramma opstellen. De gemeente Noordenveld zal dit traject in 2026 starten. Gemeenten moeten ook beschikken over een urgentieverordening waar de regionaal afgestemde verdeling voor urgente woningzoekenden in op is genomen. Regionaal Woondeal Noord-Drenthe 2022-2030 en Woondeal Regio Groningen - Assen 2022-2030 In 2022 is de regionale Woondeal Noord Drenthe 2022-2030 vastgesteld, als onderdeel van de Woondeal Regio Groningen - Assen 2022-2030. Hierin staan afspraken met het Rijk, provincie en de Noord-Drentse gemeenten over het aantal te bouwen woningen voor de periode 2022-2030. In Noord Drenthe is afgesproken om de woningbouw te versnellen met een minimale toevoeging van 3.790 woningen, waarbij de gemeente Noordenveld inzet op 800-1.000 woningen tot 2030. Daarnaast is in de Woondeal Regio Groningen - Assen 2022-2030 afgesproken dat gemeenten bij het opstellen van de woonzorgvisie expliciet aandacht besteden aan de woon-, zorg- en ondersteuningsbehoefte van ouderen, waarbij rekening wordt gehouden met de inrichting van de leefomgeving (o.a. voorzieningen, inrichting buitenruimte). Bij voorkeur in afstemming met het zorgkantoor en de zorgaanbieders. Gezonde Marke Om de zorg in Drenthe toegankelijk, goed en betaalbaar te houden, hebben zorg- en welzijnsorganisaties, gemeenten, provincie, zorgverzekeraars en inwoners de handen ineengeslagen. Per 1 juli 2024 werken de partijen binnen Gezonde Marke als netwerkorganisatie. In het regioplan is uitgewerkt op welke manier aan de slag wordt gegaan voor een vitaal Drenthe. Gezonde Marke stelt de lokale veerkracht en zelfredzaamheid van inwoners centraal. Daarbij wordt de focus verlegd van ziekte naar gezondheid, en van ‘zorgen voor’ naar ‘samen zorgen dat’. De ambities zijn benoemd op basis van zes thema’s: leefstijl, mentale gezondheid, kwetsbare inwoners, vitaal ouder worden, arbeidsmarkt en zorgtransitie en digitalisering . Nij Begun Als reactie op de parlementaire enquête naar de gaswinning heeft het kabinet in 2023 een maatregelenpakket ‘Nij Begun’ geïntroduceerd. Het maatregelenpakket bestaat uit vijftig maatregelen. Maatregel 34 betreft de Sociale Agenda die niet alleen betrekking heeft op de provincie Groningen maar ook op Noord-Drenthe waarvan de gemeente Noordenveld één van de gemeenten is. De agenda bestaat uit concrete doelstellingen en investeringen die ten goede komen aan de leefbaarheid, onderwijskwaliteit, armoedebestrijding, gezondheid en arbeidsparticipatie van inwoners. Regionale Uitstroomconvenant zelfstandig wonen regio Assen Het regionale Uitstroomconvenant zelfstandig wonen regio Assen komt voort uit het actieprogramma Weer Thuis. Het regionale Uitstroomconvenant regelt hoe gemeenten, zorgaanbieders en woningcorporaties in de regio samenwerken om duurzame uitstroom uit Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang of Medisch Noodzakelijk Verblijf GGZ te bereiken. De afspraken moeten ertoe leiden dat er samengewerkt wordt aan een zachte landing in de wijk voor kwetsbare inwoners, voldoende beschikbare woningen en regionale spreiding. Lokaal Coalitieakkoord ‘Samen bouwen aan Noordenveld 2022-2026’ Het Coalitieakkoord ‘Samen bouwen aan Noordenveld’ 2022-2026 benoemt op hoofdlijnen de belangrijkste richting voor Noordenveld op het gebied van woningbouw zowel voor nieuwbouw als de bestaande bouw. Waarbij ingezet wordt op het toevoegen van passende woningen voor inwoners. Daarnaast is er volop oog voor de behoeften van kwetsbare inwoners en de mogelijkheden om hen te ondersteunen. Preventie is daar een belangrijk onderdeel van. Omgevingsvisie Noordenveld 2030 De Omgevingsvisie Noordenveld 2030 wordt momenteel geactualiseerd. De actualisatie bouwt voort op het raamwerk dat in 2017 is vastgesteld en voegt een gebiedsgerichte uitwerking toe. Voor de woonzorgvisie is de Omgevingsvisie Noordenveld 2030 een kaderstellend document waarop de uitgangspunten uit deze visie aansluiten. Vijf kernwaarden staan centraal in de visie: transparant, leefbaar, groen, ondernemend en duurzaam. De omgevingsvisie beoogt ook om de sociale en fysieke opgaven met elkaar te verknopen, waarbij de gezonde leefomgeving een belangrijk uitgangspunt is. De woon- en zorgopgave is daar een belangrijk onderdeel van. Deze woonzorgvisie is een bouwsteen voor de thema’s wonen, welzijn en zorg voor de te actualiseren omgevingsvisie. Woonvisie ‘Samen lukt het’ In 2023 heeft de gemeenteraad de Woonvisie Noordenveld ‘Samen lukt het’ vastgesteld. In de woonvisie wordt ingezet op voldoende ruimte maken voor wonen, betaalbaarheid en duurzame kwaliteit. Ook staat in de woonvisie belangrijke ambities en uitgangspunten op het gebied van wonen en zorg. Dit gaat in op vier thema’s: 1.Cultuuromslag: een cultuuromslag is nodig vanwege de landelijke focus op grotere zelfredzaamheid. Een cultuuromslag vraagt om intensievere samenwerking tussen georganiseerde woon- en zorgpartijen, en met vrijwillige zorg en mantelzorg. Ook is er groeiende aandacht voor preventie, gezond gedrag en het welzijn van mensen. 2.Passend wonen met zorg: de norm is dat zorg primair thuis geleverd wordt; een verpleeghuissituatie is enkel voor degenen bij wie thuis wonen écht niet meer gaat. Dit beïnvloedt de inrichting van specialistische zorgvoorzieningen en de thuiszorg. Veel mensen zullen hun woning moeten aanpassen, terwijl de vraag naar aangepaste woningen toeneemt. De behoeften variëren van woningen voor vitale, zelfredzame groepen tot beschermde woonvormen als alternatief voor voormalige verzorgings- of verpleeghuizen. 3.Passende woonomgeving: de passende woonomgeving is even belangrijk als de woning zelf. Het gaat om een leefomgeving waar essentiële voorzieningen goed bereikbaar zijn. Het netwerk van eerstelijns zorgaanbieders, ontmoetingsplekken en dagbestedingsmogelijkheden moet inspelen op de behoeften van inwoners. 4.Innovatie, digitalisering en werkgeverschap: technologische ontwikkelingen zijn van groot belang. Denk aan de groeiende rol van robotisering in de zorg en de normalisering van digitale zorg op afstand. De reeds merkbare tekorten aan zorgprofessionals zullen naar verwachting toenemen. Daarom is het essentieel dat Noordenveld een aantrekkelijke gemeente is om te wonen voor (toekomstige) zorgprofessionals. Bovendien is goed werkgeverschap een belangrijke uitdaging voor de vele partners binnen het woonzorgnetwerk. Inclusie Agenda 2023-2026 ‘In Noordenveld doet iedereen mee’ De Lokale Inclusie Agenda ‘‘In Noordenveld doet iedereen mee’ is de beleidsvisie van de gemeente op het creëren van een inclusieve samenleving. De kernambitie is dat alle inwoners, inclusief personen met een beperking of chronische ziekte, gelijkwaardig en zelfstandig kunnen participeren. Ook bevat de Lokale Inclusie Agenda een uitvoeringsprogramma. Al deze bovengenoemde beleidsstukken en samenwerkingsafspraken bieden kaders en input voor deze woonzorgvisie voor de gemeente Noordenveld. Totstandkoming woonzorgvisie Deze woonzorgvisie is tot stand gekomen via een gezamenlijk proces. Om te zorgen voor breed gedragen en onderbouwde keuzes, is er samengewerkt met de betrokken woon-, zorg- en welzijnspartners. Ook de inwoners zijn geraadpleegd. Verder waren het college en de gemeenteraad betrokken bij de ontwikkeling van de visie (zie hoofdstuk 3 voor meer details). Intern werkte een ambtelijk kernteam samen, bestaande uit medewerkers uit het sociale en het fysieke domein. Bureau RUIMTEVOLK heeft dit proces begeleid. Leeswijzer In het volgende hoofdstuk leest u een beknopte analyse van de belangrijkste ontwikkelingen en opgaven voor wonen en zorg in Noordenveld. Hoofdstuk 4 presenteert vervolgens onze visie, inclusief de bijbehorende ambities en maatregelen. Tot slot beschrijft hoofdstuk 5 hoe een deel van deze ambities en maatregelen zijn vertaald naar uitvoeringsmaatregelen. Sommige hiervan worden als procesafspraak opgenomen. De verdere uitwerking volgt in het volkshuisvestingsprogramma. Gemeente Noordenveld De gemeente Noordenveld telt in 2025 circa 31.750 inwoners en ongeveer 14.400 huishoudens. . Een groot deel van de bevolking is ouder: in 2025 was ongeveer een op de drie inwoners 65 jaar of ouder (zie figuur 1 en 2). Noordenveld heeft een landelijk karakter met een omvangrijk buitengebied en een duidelijke dorpenstructuur (zie kaart 1). De centrumdorpen Roden, Norg en Peize zijn de centrale voorzieningenkernen. Daarnaast zijn er basisdorpen met enkele basisvoorzieningen: Nieuw- Roden, Een en Veenhuizen. En zijn er woondorpen, hier zijn beperkte voorzieningen aanwezig dit zijn: Altena, Langelo, Lieveren, Nietap, Peest, Peizermade, Roderesch, Roderwolde, Steenbergen, Westervelde, Zuidvelde. De afstanden tussen deze kernen variëren sterk. Opvallend is dat de huidige zorg- en welzijnsvoorzieningen vooral geconcentreerd zijn in of rondom de centrumdorpen (zie kaart 1). De woningvoorraad bestaat uit ongeveer 15.000 woningen, waarvan het merendeel koopwoningen en grondgebonden is. Van alle woningen is 29% nultreden, wat grotendeels te danken is aan het corporatiehuursegment. Inwoners waarderen de kwaliteit van leven gemiddeld met een 7,7. De Gezondheidsatlas Drenthe toont aan dat 75% van de volwassenen en ouderen in Noordenveld hun gezondheid als (zeer) goed ervaren. De gemeente valt onder het Zorgkantoor Zilveren Kruis en de GGD Regio Drenthe. 2. Ontwikkelingen en opgaven In dit hoofdstuk schetsen we de belangrijkste ontwikkelingen en opgaven die op ons afkomen op het snijvlak van wonen, welzijn en zorg. Naast gemeentelijke en openbare data is het woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld (STEC Groep, 2025) een belangrijke cijfermatige basis. Belangrijkste woon-, welzijn- en zorgopgaven gemeente Noordenveld: •Het aantal (zorgbehoevende) ouderen neemt toe •Meer vraag naar geschikte woonvormen voor ouderen •Het verbeteren van de doorstroming •Eenzaamheid onder inwoners neemt toe •Tekort aan zorgprofessionals •De mantelzorg staat onder druk •Het bevorderen van een sterke sociale basis •Het zorgen voor kwalitatieve en voldoende passende woonruimte voor (urgente) aandachtsgroepen •Een regionale verdelingsopgave van de huisvesting van aandachtsgroepen •Ontmoeting, samenkomen en bewegen winnen aan belang •De zorguitdagingen in het landelijk gebied Een toelichting op deze opgaven leest u hieronder. Het aantal (zorgbehoevende) ouderen neemt toe De gemeente Noordenveld heeft te maken met vergrijzing. De afgelopen jaren is het aandeel oudere inwoners, zowel in de leeftijdscategorie 55-75 jaar als in de categorie ouder dan 75 jaar, toegenomen (figuur 3). Naar verwachting zet deze vergrijzing in Noordenveld de komende jaren door. Het woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld (STEC Groep, 2025) laat zien dat na 2035 met name het aantal 75-plussers nog toeneemt. De verwachting is, in lijn met de landelijke ontwikkeling, dat na 2050 het aantal 75-plussers stabiliseert. Naast de toename van het aantal ouderen (vergrijzing) wordt ook de stijging van de gemiddelde leeftijd binnen die groep ouderen verwacht. Dit leidt tot een groter aandeel ‘oudere ouderen’. Dit noemen we dubbele vergrijzing. Figuur 3: Bandbreedte verwachte huishoudensontwikkeling Noordenveld naar doelgroepen volgens drie scenario’s 2025-2050 (Bron: STEC Groep (2025), Woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) De vergrijzing leidt direct tot een groeiende en diverser wordende vraag naar zorg en ondersteuning. Ouderen zijn namelijk de grootste gebruikersgroep van zorgvoorzieningen zoals de Wet langdurige zorg (Wlz), Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de wijkverpleging (figuur 4). Bovendien brengt dubbele vergrijzing een toename aan kwetsbare inwoners met zich mee, veelal met chronische aandoeningen zoals dementie. Dit vraagt ook om een veilige woonomgeving waarin mensen naar elkaar omzien en gedrag dat duidt op hulpbehoevendheid herkennen. Figuur 4: Zorggebruik naar huishoudenstype in Noordenveld, 2023 (Bron: STEC Groep (2025), Woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Meer vraag naar geschikte woonvormen voor ouderen Vanuit demografische ontwikkelingen (dubbele vergrijzing) neemt de behoefte aan levensloopgeschikte woningen waaronder nultredenwoningen toe. Deze behoefte wordt versterkt door het Rijksbeleid dat stuurt op langer zelfstandig thuis wonen. Het woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld (STEC Groep, 2025) laat zien dat de huidige woningvoorraad in de gemeente Noordenveld momenteel onvoldoende aansluit bij de (toekomstige) behoefte van de oudere inwoners. Het woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld (STEC Groep, 2025) in Noordenveld schat de vraag naar ouderenhuisvesting in Noordenveld tot 2050 in op een behoefte aan: •465 reguliere nultredenwoningen; •255 geclusterde woningen; •120 zorggeschikte woningen voor Wlz-verpleegzorg. Er is vooral een grote behoefte aan nultredenwoningen, maar momenteel is het aanbod van de geplande nultredenwoningen in zowel harde als zachte plannen onvoldoende bekend. De opgave voor de toekomst omvat dan ook het realiseren van voldoende geschikte woningen voor ouderen door nieuwbouw en aanpassingen in de bestaande bouw. Figuur 5 : woningbehoefte ouderenhuisvesting (65-plushuishoudens) op basis van trendscenario en woonwensen in periode 2025-2050 in de gemeente Noordenveld. Afgerond op vijftallen. *In het woningmarktonderzoek zijn de huurprijsgrenzen van 2025 gehanteerd, de grenzen zijn al volgt: 1e aftoppingsgrens = €682,96, 2e aftoppingsgrens = €731,93, sociale huurgrens = €900,07 en middenhuurgrens €1.184,8 (prijspeil 2025). (Bron: STEC Groep (2025), Woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Het verbeteren van de doorstroming Ongeveer 85% van alle inwoners in de gemeente Noordenveld woont in een grondgebonden woning. Wat betreft de koopmarkt, zien we dat de gemeente een relatief duur segment heeft: 36% van de koopwoningen heeft een WOZ-waarde die hoger is dan het provinciale gemiddelde van 27%. Tegelijkertijd is het aanbod aan betaalbare woningen (met een WOZ-waarde tot €315.000) lager in Noordenveld (17%) vergeleken met het provinciale gemiddelde (28%). Gezien de aanhoudende behoefte aan betaalbare huisvesting, ligt hier voor de komende jaren een duidelijke woningbouwopgave. De komende jaren zet de huishoudensverdunning door, wat betekent dat het aantal kleinere huishoudens (bestaande uit alleenstaanden en stellen) zal toenemen. Dit biedt kansen voor de doorstroming op de woningmarkt in Noordenveld. Door specifiek woningen toe te voegen voor ouderen en kleinere huishoudens, wordt de kans groter dat een verhuisbeweging op gang komt. Hierdoor komen meer (grotere) grondgebonden woningen vrij voor gezinnen en bijvoorbeeld potentieel zorgpersoneel, terwijl ouderen een woning krijgen die beter past bij hun levensfase. Het woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld (STEC Groep, 2025) benadrukt de noodzaak om in te zetten op een divers nieuwbouwaanbod aan nultredenwoningen. Een deel van de ouderen, met name in de meer landelijke of dorpse woonmilieus, geeft de voorkeur aan een grondgebonden nultredenwoning boven een appartement. Door deze diversiteit aan te bieden, kan de doorstroming beter op gang worden gebracht, wat op zijn beurt weer aanbod creëert voor andere doelgroepen op de woningmarkt. Eenzaamheid onder inwoners neemt toe De mentale gezondheid onder inwoners in onze gemeente staat onder druk, dit geldt voor zowel jongeren als voor volwassenen en ouderen. Het Integraal Preventief Gezondheidsbeleid 2025-2028 (Gemeente Noordenveld, 2025) wijst hierop. De eenzaamheid onder inwoners in de gemeente Noordenveld neemt toe. Zo voelt één op de vijf volwassenen zich eenzaam, waarbij dit onder ouderen zelfs meer dan de helft betreft. Twee van de vijf volwassenen ervaren sociale eenzaamheid en drie op de tien ervaren emotionele eenzaamheid. Gezien de huidige vergrijzing verwachten wij dat de eenzaamheid onder ouderen in de komende jaren verder zal toenemen. Dit stelt ons voor de uitdaging om voldoende aandacht te hebben voor de fysieke en sociale inrichting van onze leefomgeving. Tekort aan zorgprofessionals De zorg staat steeds meer onder druk. Er is een groot arbeidsmarkttekort. Landelijk verwachten we een tekort van 266.000 zorgprofessionals in 2034. Dit blijkt uit een prognosemodel van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). In Drenthe stijgt dit tekort van 1.700 in 2024 naar 8.600 in 2034. We moeten de zorg anders organiseren. Dit is nodig vanwege de stijgende zorgvraag en minder beschikbare professionals. Actieve preventie en een gezonde leefstijl helpen de druk te verminderen. Hiervoor is in Noordenveld het Integraal Preventief Gezondheidsbeleid (2025) vastgesteld. Ook moeten we - in lijn met de uitgangspunten uit de Gezonde Marke - de (domeinoverstijgende) samenwerking verbeteren. Dit geldt tussen de zorg en het sociaal domein. Grootschalige inzet van technologie is ook essentieel. Dit verhoogt de efficiëntie en het werkplezier. Zo worden zorgprofessionals ontlast. Zij kunnen zich dan richten op complexe, mensgerichte taken. De mantelzorg staat onder druk Ook de informele zorg staat onder druk. Mantelzorgers hebben het steeds zwaarder. Het aantal mensen met een zorgvraag groeit sneller dan het aantal mensen die mogelijk informele zorg kunnen leveren. Dit zorgt voor een dalend mantelzorgpotentieel. Zorgbehoevenden kunnen minder snel terugvallen op hun naaste omgeving. Geschikte, levensloopbestendige woonvormen en woonomgevingen zijn daarom essentieel. Daarnaast moeten we mantelzorgers goed ondersteunen. Dit is nodig om overbelasting te voorkomen. Het bevorderen van een sterke sociale basis Een geschikte woning en een prettige, sociale omgeving vergroten de zelfredzaamheid. De huidige situatie is positief. Negen op de tien volwassenen ervaren regie over hun eigen leven. Ook scoorde Noordenveld in 2023 een 7,0 voor sociale cohesie. Ondanks deze goede sociale basis, is het versterken ervan een belangrijke opgave. Dit is cruciaal vanwege de ongunstiger wordende verhouding tussen het aantal kwetsbare ouderen en het aantal beschikbare mantelzorgers. Een sterke sociale basis gaat over omzien naar elkaar in wijken en dorpen. Het gaat ook over het autonoom kunnen leven met eigen regie en een netwerk. Het doel is dat hulpvragen lokaal worden opgelost. Zo wordt een professionele zorgoplossing soms uitgesteld of is deze niet nodig. Zorgen voor kwalitatieve en voldoende passende woonruimte voor (urgente) aandachtsgroepen De dynamiek op de huidige woningmarkt maakt het lastig om iedereen passende huisvesting te bieden. De koopprijzen zijn sterk gestegen. Hierdoor zijn koopwoningen vaak niet meer bereikbaar voor huishoudens met een laag inkomen. Zelfs middeninkomens vinden nu moeilijk een geschikte woning. Deze druk vergroot ook de kwetsbaarheid van specifieke groepen. Dit zijn de zogenaamde 'aandachtsgroepen'. De tabel in bijlage 2 geeft een inschatting van de jaarlijkse omvang van het aantal urgente aandachtsgroepen die in Noordenveld uitstromen naar een woning of woonruimte. De wettelijke voorrang van urgente aandachtsgroepen legt extra druk op het reguliere woningaanbod. Het is lastig om tijdig een passende woning voor deze groepen te vinden. Vaak is maatwerk nodig. Zorgaanbieders zien dat relatief goedkope, kleinere sociale huurwoningen vaak geschikt zijn voor diverse aandachtsgroepen. Dit gaat om woningen onder de aftoppingsgrens. De grootte is dan circa 50 tot 60 m². Wij willen dat aandachtsgroepen ook in de toekomst prettig in onze gemeente wonen. Het beschikbaar hebben van voldoende betaalbare woningen is hiervoor noodzakelijk. Dit helpt de uitstroom uit zorginstellingen. Het voorkomt ook concurrentie met starters. Het aanbod van de sociale woningvoorraad kan bestaan uit sociale huurwoningen. Goedkope koopwoningen tot € 250.000 zijn ook een optie (STEC Groep, 2025). Deze segmenten zijn uitwisselbaar binnen de berekende behoefte. Als er meer goedkope koopwoningen komen, valt de vraag naar sociale huur waarschijnlijk lager uit. Dit komt doordat huishoudens in Drenthe vaak kopen boven huren verkiezen. Afspraken over het toevoegen van betaalbare woningen nemen we niet op in deze woonzorgvisie. De concrete uitwerking hiervan volgt in het nog op te stellen volkshuisvestingsprogramma. Regionale afspraken over de evenwichtige verdeling van huisvesting van aandachtsgroepen De gemeente Noordenveld werkt regionaal aan afspraken. Dit gaat over een eerlijke verdeling van huisvesting. Het betreft huisvesting voor urgente aandachtsgroepen. De opgave is complex. Het doel is om passende en inclusieve woonomgevingen te creëren. Dit betekent kleine, betaalbare woningen op geschikte plekken. Ook moet de draagkracht van buurten worden versterkt. Dit zorgt voor een ondersteunende woonomgeving. Hoewel deze huisvestingsopgave om aandacht vraagt, laat het woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld (STEC Groep, 2025) zien dat het aandeel urgente aandachtsgroepen slechts 1,9% van alle huishoudens betreft. De grootste druk qua woonzorgopgave ligt echter bij ouderen. 29% van de inwoners is namelijk 65 jaar of ouder. Ontmoeting, samenkomen en bewegen winnen aan belang Een geschikte woning en sociale omgeving vergroten de zelf- en samenredzaamheid. Ontmoeting faciliteert en versterkt het informele netwerk van buren en buurtgenoten. Dit bevordert de sociale interactie. Er liggen kansen in het faciliteren van ontmoeting. Dit kan op georganiseerde plekken, zoals kerken en buurthuizen. Het kan ook op ongeorganiseerde plekken, zoals speeltuinen of openbare ruimtes. Nieuwe ontmoetingsplekken kunnen worden toegevoegd. Denk aan plekken bij geclusterde woonvormen. Ook bestaand vastgoed biedt kansen. De dorpen in Noordenveld zijn uniek. Elke ontmoetingsplek kan anders zijn vormgegeven. Ontmoeting kan binnen of buiten de bebouwde kom anders plaatsvinden. Belangrijke voorbeelden zijn Roden Centraal, Dorpshuis Peize, en De Brinkhof in Norg. Beweging stimuleren beïnvloedt de gezondheid positief. Het moedigt gezonde keuzes aan. Een goed ingerichte leefomgeving is daarom belangrijk. Die omgeving moet aantrekkelijke plekken bieden voor ontmoeting, ontspanning en beweging. Noordenveld is een zeer beweegvriendelijke gemeente. De ervaren gezondheid is hier gemiddeld goed. Zorguitdagingen in het landelijk gebied Noordenveld kent extra uitdagingen voor zorg in het buitengebied. Steeds meer zorg wordt thuis geleverd. Denk aan maatwerkvoorzieningen (o.a. huishoudelijke hulp), thuiszorg, het Volledig Pakket Thuis (VPT) en het Modulair Pakket Thuis (MPT). De grote afstanden in het buitengebied maken het leveren van zorg lastiger. Dit geldt vooral bij spoed of complexe vragen. Zorgverleners moeten verder reizen. Dit bemoeilijkt de inzet van personeel. Het maakt de zorg ook kwetsbaarder. Voor de gewone thuiszorg (via de Zorgverzekeringswet, Zvw, die gaat over korte en lichtere zorg) kan de gemeente afspraken maken. Goede samenwerking met zorgorganisaties helpt. Dit zorgt voor betere bediening van het buitengebied. Het wordt lastiger bij ouderen met intensieve langdurige zorg (via de Wet langdurige zorg, Wlz). Het regelen van 24-uurs zorg thuis is dan een grote uitdaging. Dit geldt zeker zonder geschikte voorzieningen in de buurt. Geclusterd wonen biedt dan vaak een oplossing. Dit geldt, eventueel met zorg, in een dorpskern. Daar zijn meer voorzieningen dichtbij. Zorg en ondersteuning kunnen daar efficiënter georganiseerd worden. Dit maakt thuiswonen makkelijker. 3. Uit de samenleving Als gemeente hebben we de kennis en ervaring van andere partijen nodig om tot slimme en breed gedragen keuzes te komen. Deze woonzorgvisie is dan ook tot stand gekomen in samenwerking met onze inwoners en belangrijke woon-, zorg- en welzijnspartners. Hieronder vindt u een overzicht van de verschillende bijeenkomsten en de uitgezette enquêtes die hebben bijgedragen aan de totstandkoming van deze visie. Al deze bijeenkomsten en participatie momenten leverden belangrijke input op voor de visie. De verzamelde uitkomsten zijn dan ook integraal verwerkt in de gehele visie, inclusief de geformuleerde ambities en concrete maatregelen. Deelprojectgroepen (2024) In 2024 is een start gemaakt met het opstellen van de woonzorgvisie. Vanuit de vier thema’s van de woonvisie zijn deelprojectgroepen georganiseerd. Deze groepen bestonden uit professionals van de gemeente en de wonen-, welzijn- en zorgpartners. Zij hebben een eerste richting gegeven aan de ambities en opgaven voor de visie. De opbrengst uit deze bijeenkomsten is vastgelegd in een verzameldocument en meegenomen in de verdere uitwerking van deze woonzorgvisie. Digitale vragenlijst omgevingsvisie (juni 2025) Gelijktijdig met het opstellen van deze woonzorgvisie wordt ook de omgevingsvisie geactualiseerd. Voor de actualisatie van de omgevingsvisie is in juni 2025 een vragenlijst verspreid onder inwoners. In deze vragenlijst zijn ook een aantal specifieke vragen gesteld met betrekking tot het thema wonen en zorg. De uitkomsten hiervan zijn benut als input voor deze visie. Ambtelijke bijeenkomst #1 (16 juni 2025) Voor een eerste ambtelijke bijeenkomst zijn ambtenaren uit zowel het fysieke als het sociale domein uitgenodigd. Tijdens deze sessie zijn concrete maatregelen en ambities aan hen voorgelegd. In gezamenlijkheid is hieruit een eerste aanzet van een lijst van ambities en maatregelen voor deze visie samengesteld. Stakeholdersbijeenkomst #1 (23 juni 2025) Dezelfde concrete maatregelen en ambities zijn kort daarna besproken in een bijeenkomst met belangrijke partners waaronder onze woon-, welzijn- en zorgpartners en ervaringsdeskundigen. Hier zijn ze aangevuld met waardevolle inzichten en praktijkervaringen vanuit de partijen. Figuur 6: Sfeerimpressie ambtelijke en stakeholdersbijeenkomst #1 Gecombineerde ambtelijke en stakeholdersbijeenkomst #2 (16 september 2025) In een vervolgbijeenkomst zijn de ambtenaren van de gemeente Noordenveld en stakeholders gezamenlijk uitgenodigd. Tijdens deze bijeenkomst is de eerste richting van de woonzorgvisie gepresenteerd, waarna de partijen hierop konden reflecteren. In een tweede deel van de bijeenkomst zijn een aantal keuzes en dilemma's door middel van stellingen aan de partijen voorgelegd. College #1 (16 september 2025) Ook aan het college is de eerste richting van de woonzorgvisie gepresenteerd. Vervolgens zijn, eveneens door middel van stellingen, een aantal keuzes en dilemma's voorgelegd. Gemeenteraad #1 (6 oktober 2025) In oktober is de gemeenteraad door middel van een informatieavond meegenomen in het proces en de eerste inhoudelijke richting van de woonzorgvisie. Door middel van een interactief onderdeel (stellingen) zijn de raadsleden meegenomen in de keuzes en dilemma’s die voorliggen in de woonzorgvisie. Voorafgaand aan deze bijeenkomst heeft de gemeenteraad op eigen initiatief drie zorginstellingen in Noordenveld bezocht. Gecombineerde ambtelijke en stakeholdersbijeenkomst #3 (18 november) In de laatste gecombineerde ambtelijke en stakeholdersbijeenkomst zijn in drie deelsessies rondom de drie speerpunten (zie hoofdstuk 4), de doelen en uitgangspunten getoetst. Vooral hebben we ook het gesprek over de nodige maatregelen gevoerd en deze geprioriteerd en waar mogelijk partijen al aan gekoppeld voor samenwerking. Woonzorgenquête onder inwoners (7-29 oktober 2025) Tussen 7 en 29 oktober kregen inwoners van de gemeente Noordenveld de gelegenheid om een woonzorgenquête in te vullen. De vragenlijst werd breed gedeeld via de gemeentelijke website, door de dorps- en wijkbelangenverenigingen verspreid via de dorpshuizen en opgenomen in de gemeentepagina in de lokale krant. In totaal hebben 395 respondenten de woonzorgenquête ingevuld. De uitkomsten van de enquête zijn daarmee met een betrouwbaarheid van 95% representatief voor de gemeente Noordenveld. Zie voor een samenvatting van de uitkomsten de volgende pagina’s. Uitkomsten Swipocratie (3 - 25 november 2025) Tussen 3 en 25 november is er door inwoners een digitale peiling ingevuld (Swipocratie). De peiling was opgesteld ten behoeve van de actualisatie van de Omgevingsvisie, maar er waren een aantal vragen specifiek over wonen en zorg opgenomen die gebruikt zijn in deze woonzorgvisie. Door het aantal van 384 ingevulde reacties zijn de uitkomsten met 95% betrouwbaarheid representatief voor de gehele gemeente. Zie de infographic op de volgende pagina’s voor de uitkomsten. Samenvatting uitkomsten woonzorgenquête Tussen 7 en 29 oktober hebben 395 respondenten de woonzorgenquête ingevuld.Dit waren voornamelijk respondenten uit de wat oudere leeftijdscategorieën(figuur 8). Figuur 8: Leeftijdsopbouw respondente (Bron: Gemeente Noordenveld (2025) Woonzorgenquête, bewerking door RUIMTEVOLK) Respondenten kwamen voornamelijk uit de grotere kernen, zie figuur 9. Dit is niet opvallend. Hier wonen relatief gezien ook de meeste inwoners. Figuur 9: Woonplaats respondenten (Bron: Gemeente Noordenveld (2025) Woonzorgenquête, bewerking door RUIMTEVOLK) Wat de huishoudenssamenstelling betreft, bestaat meer dan de helft van de respondenten uit mensen die getrouwd of samenwonend zijn zonder thuiswonende kinderen, zie figuur 10. Figuur 10: Huishoudenssamenstelling respondenten. (Bron: Gemeente Noordenveld (2025) Woonzorgenquête, bewerking door RUIMTEVOLK) De overgrote meerderheid van de respondenten (79%) woont in een koopwoning. Van deze huiseigenaren woont bijna de helft (48%) in een vrijstaande woning, zie voor verdere onderverdeling figuur 11 Figuur 11: Woningtypen van respondenten met een koopwoning. (Bron: Gemeente Noordenveld (2025) Woonzorgenquête, bewerking door RUIMTEVOLK) 17% van alle respondenten woont in een huurwoning van een woningcorporatie. Momenteel ontvangt 90% van de respondenten geen enkele vorm van zorg aan huis. En 80% verwacht binnen een jaar geen thuiszorg of --hulp nodig te hebben. Tevredenheid over huidig wonen en leven in Noordenveld Over het algemeen schetsen de antwoorden een beeld dat de respondenten tevreden zijn met het wonen en leven in Noordenveld. Dit blijkt onder meer uit het feit dat een zeer grote meerderheid - 76% (38% zeer eens, 38% eens) – aangeeft dat zij niet snel weggaan uit hun buurt. Ook de sociale cohesie wordt als positief ervaren, waarbij 77% van de respondenten het eens of zeer eens is met de stelling dat buurtbewoners op een prettige manier met elkaar omgaan. Genuanceerde beeld over geschiktheid van de buurt Er zijn echter genuanceerde beelden over zorg en ontmoeting. De geschiktheid van de buurt voor mensen met een zorg- en ondersteuningsbehoefte zorgt voor verdeeldheid: 30% is het ermee eens, 24% is neutraal en 24% is het oneens. Zo vinden de respondenten dat de afstand naar voorzieningen toe groot is en dat de woning, inclusief tuin, veel onderhoud vraagt. Ook over de aanwezigheid van voldoende plekken waar buren elkaar kunnen ontmoeten is de mening minder uitgesproken: 38% is het eens met de stelling dat er voldoende plekken zijn waar buren elkaar kunnen ontmoeten, terwijl 26% neutraal is en 20% het oneens. Hoge hulpbereidheid in Noordenveld In Noordenveld is de hulpbereidheid zeer hoog, waarbij 78% van de inwoners het normaal vindt om elkaar te helpen met lichte klusjes en zorgtaken. Meer dan de helft (54%) is bereid buren of buurtgenoten af en toe tijdelijk te ondersteunen met huishoudelijke hulp, wat oploopt tot 68% bij familie of vrienden. De bereidheid om te helpen met tijdelijke lichte zorgtaken ligt iets lager, maar is nog steeds aanzienlijk: 33% helpt buren en buurtgenoten, terwijl 55% bereid is dit voor familie en vrienden te doen (zie tabel 2). Hulpbereidheid neemt af zodra deze langdurig wordt De bereidheid tot hulp neemt duidelijk af zodra deze langdurig wordt (zie tabel 2). Dit is vooral zichtbaar bij hulp aan buren of buurtgenoten. Slechts 16% is bereid lange tijd huishoudelijke hulp te bieden aan buren. Voor langdurige zorgtaken zakt dit zelfs naar 10%. De bereidheid is hoger voor familie en vrienden. Daar staat 37% positief tegenover langdurige huishoudelijke hulp, en 30% is bereid langdurige zorgtaken op zich te nemen. Sommige respondenten hebben over deze vraag een reactie achtergelaten, waarin ze aangeven dat ze druk zijn (bijvoorbeeld met werk), al op leeftijd zijn en daarom deze taken minder goed kunnen uitvoeren, of dat zij van mening zijn dat intensieve zorg passender is voor de professionele zorg. voor buren/buurtgenoten voor familie en/of vrienden heel erg eens/ eens niet eens /niet oneens oneens/ heel erg oneens Weet niet / geen mening heel erg eens/ eens niet eens /niet oneens oneens/ heel erg oneens Weet niet / geen mening Ik ben bereid om af en toe huishoudelijke hulp te bieden (bijv. boodschappen, helpen met schoonmaken of de tuin). 53,6% 21,3% 21,1% 3,8% 67,7% 15,4% 14,4% 2,5% Ik ben bereid om af en toe wat zorgtaken te doen (bijv. oogdruppels toedienen of helpen met aankleden). 33,2% 22,9% 40,1% 3,8% 55,2% 19,4% 21,9% 3,5% Ik ben bereid om voor een lange tijd huishoudelijke hulp te bieden (bijv. boodschappen, helpen met schoonmaken of de tuin). 15,1% 22,9% 57,4% 4,7% 37,3% 19,1% 41,1% 2,5% Ik ben bereid om voor een lange tijd wat zorgtaken te doen (bijv. oogdruppels toedienen of helpen met aankleden). 10% 19,8% 65,5% 4,7% 29,5% 20,7% 46,7% 3.1% Tabel 2: Antwoorden woonzorgenquête over de bereidheid om informele hulp te bieden aan buren / buurtgenoten en familie / vrienden. (Bron: Gemeente Noordenveld (2025), Woonzorgenquête, bewerking door RUIMTEVOLK) “Ik werk nog volop, dat is veel, doe mantelzorg voor mijn moeder, daar past niet zoveel meer bij” “Doordat ik werk is dit niet haalbaar maar tijdelijk is veel mogelijk. Aankleden vind ik echt voor professionals“ “Je relatie verandert op het moment dat je betrokken raakt bij intensieve zorgtaken. Huishouden, boodschappen of administratie is prima, maar ik denk dat zorg beter door een professional kan worden geleverd.“ Hoge hulpbereidheid onder jongeren De jongere respondenten tonen een opvallend hoge bereidheid tot het bieden van hulp. Voor tijdelijke huishoudelijke hulp wil 73% van de jongeren buren af en toe helpen, oplopend tot 89% voor familie/vrienden. Zelfs voor langdurige hulp is de bereidheid positief: 36% wil buren langdurige huishoudelijke hulp bieden en 22% langdurige zorgtaken. Voor familie en vrienden zijn deze percentages nog hoger: respectievelijk 61% en 50%. Nabijheid van voorzieningen belangrijk De respondenten geven aan het belangrijk te vinden om winkels (65%) en zorg (36%) in de buurt te hebben. Ook vinden de respondenten de volgende plekken belangrijk voor ontmoeting en sociaal contact: de supermarkt of andere winkel, de eigen woning, het buurthuis/dorpshuis, de openbare ruimte en de horeca, zie voor de aantallen figuur 12. Figuur 12: Belangrijkste ontmoetingsplekken waarbij de respondenten meerdere antwoorden konden kiezen. (Bron: Gemeente Noordenveld (2025), Woonzorgenquête, bewerking door RUIMTEVOLK) Wel nadenken over ouder worden, praten beperkt Inwoners denken volop na over hun oude dag (figuur 13), maar praten er beperkt over. Een groot deel (83%) heeft al nagedacht over toekomstig wonen. Echter, slechts 47% voert hierover gesprekken met familie of vrienden, en 27% doet dit regelmatig (figuur 14). Dit gebrek aan communicatie geldt met name voor jongere respondenten (tot 44 jaar): 62% denkt wel na, maar 78% praat er weinig over. De oudste respondenten (67%) praten hier juist actief over met hun omgeving. Een meerderheid van de respondenten (61%) vindt dat de gemeente zich actief moet inzetten om eenzaamheid tegen te gaan. Figuur 13: Antwoord respondenten op de vraag ‘Denkt u weleens na over hoe u later, als u ouder bent, wilt wonen?’ (Bron: Gemeente Noordenveld (2025), Woonzorgenquête, bewerking door RUIMTEVOLK) Figuur 14: Antwoorden respondenten op de vraag of ze weleens praten voeren hun familie over vrienden over de toekomst, specifiek over ouder worden of wonen met zorg of ondersteuning voor hunzelf of hun naasten? (Bron: Gemeente Noordenveld (2025), Woonzorgenquête, bewerking door RUIMTEVOLK) Grote wens om thuis te blijven wonen De respondenten hebben een sterke wens tot zelfstandig wonen in de vertrouwde omgeving. 81% van de respondenten van de woonzorgenquête wil bij ouderdom, ziekte of een handicap (van henzelf of hun partner) zowel graag in de huidige woning als in hun huidige leefomgeving willen blijven wonen. 82% van de respondenten ervaart momenteel geen problemen met zelfstandig thuis wonen (zie figuur 15). Terwijl 15% van alle respondenten woont in een woning die helemaal niet (levensloop)geschikt is, en 32% in een woning die momenteel niet geschikt is, maar wel geschikt te maken is (zie figuur 16). Deze uitkomsten zijn vrijwel gelijk voor zowel de koop- als de huursector. Figuur 15: Antwoorden respondenten over ervaren problemen met thuiswonen. (Bron: Gemeente Noordenveld (2025), Woonzorgenquête, bewerking door RUIMTEVOLK) Figuur 16: Antwoorden respondenten over geschiktheid van hun woning. (Bron: Gemeente Noordenveld (2025) Woonzorgenquête, bewerking door RUIMTEVOLK) Belang voor het geschikter maken van woningen Het plaatsen van een traplift en/of het inrichten van een slaapkamer op de begane grond zijn het vaakst genoemd om een woning levensloopgeschikt te maken. Waarbij ongeveer 50% van de respondenten aangeeft in staat te zijn om de nodige aanpassingen zelf te doen. De andere 50% heeft daarbij hulp nodig, variërend van advies bij het bepalen van de aanpassingen, klushulp of een financiële bijdrage. Daarnaast zien inwoners de bouw van geschikte woningen voor ouderen als een belangrijke opgave. Zo blijkt ook uit de reacties, zie een aantal voorbeelden hiernaast: “Heb wel gehoord en gelezen over een zogenaamd Knarrenhof. Dat lijkt me ideaal. Vooral tegen eenzaamheid. We moeten omzien naar elkaar.” “De gemeente Noordenveld zou zich meer moeten inspannen voor betaalbare seniorenwoningen” “Bouw betaalbare appartementen voor senioren”. Ook gaven de respondenten die met het oog op ouder worden willen verhuizen aan te willen verhuizen naar een seniorenwoning of een appartement met lift. 4. Onze visie, ambities en maatregelen In het vorige hoofdstuk beschreven we de opgaven en ontwikkelingen op het gebied van wonen, welzijn en zorg in Noordenveld. We zien als gemeente dat het geen vanzelfsprekendheid meer is dat iedereen de benodigde zorg en ondersteuning thuis kan ontvangen. Extra inzet en samenwerking zijn nodig. Dit geldt voor de gemeente, woonpartijen, welzijns-, zorgorganisaties en inwoners. In dit hoofdstuk presenteren we onze visie. Dit is hoe wij deze extra inzet zien. De visie moet uitvoerbaar zijn. Daarom vertalen we deze naar duidelijke ambities en concrete maatregelen. Visie op wonen en zorg voor Noordenveld 2031 Noordenveld wil een inclusieve en zorgzame gemeente zijn. Wij streven ernaar dat alle inwoners goed, gezond en zo lang mogelijk zelfstandig wonen. Zij moeten regie kunnen houden over hun eigen leven. Daarom zetten we in op vitale gemeenschappen. Iedereen moet volwaardig mee kunnen doen en naar elkaar omkijken, ongeacht leeftijd of zorgbehoefte. Ons doel is dat alle inwoners een passende woonplek vinden. Die plek moet aansluiten bij hun wensen en de benodigde zorg en ondersteuning bieden. We organiseren onze inzet en ambities rondom drie speerpunten: A. Naoberschap en leefbaarheid B. Passende woningen met zorg C. Passende en gezonde leefomgeving Randvoorwaarden Innovatie en technologie zijn cruciaal. Goed werkgeverschap en samenwerking zijn dit ook. Dit zijn randvoorwaarden voor onze visie. Ze helpen bij het realiseren van ambities en maatregelen. Innovatie en technologie in de zorg Innovatie en technologie veranderen de zorg. De dubbele vergrijzing neemt toe. De vraag naar zorg groeit. Daarom zoeken we naar slimmere en efficiëntere oplossingen. Robotisering wordt de komende jaren belangrijker. Robots kunnen zorgtaken ondersteunen. Ze kunnen ook gezelschap bieden. Ook digitale zorg wordt de norm. Denk aan zorg op afstand via beeldbellen. Deze technologieën kunnen de druk op zorgpersoneel verlichten. Tegelijkertijd verbetert de levenskwaliteit van inwoners. De uitdaging van goed werkgeverschap De menselijke factor blijft onmisbaar. Dit geldt ondanks technologische vooruitgang. De krapte op de arbeidsmarkt is nu al voelbaar. Dit tekort zal naar verwachting toenemen. Noordenveld moet daarom een aantrekkelijke omgeving zijn. Dit geldt voor wonen én werken voor zorgpersoneel. Goed werkgeverschap is hierin cruciaal. Het woonzorgnetwerk staat voor deze uitdaging. Dit vraagt om meer dan goede arbeidsvoorwaarden. Het vraagt om een goed vestigingsklimaat met passende woningen. Er moet ook geïnvesteerd worden in de werkomgeving en opleidingen. Een goede balans tussen werk en privé is ook nodig. Zo kunnen zorgprofessionals hun (mantel)zorgtaken goed combineren. Samenwerking Samenwerking is noodzakelijk. Dit geldt voor gemeenten en zorgpartijen. Maar ook voor het zorgkantoor, welzijnsorganisaties en woningcorporaties. Vrijwilligers, mantelzorgers en inwoners horen hier ook bij. A. Naoberschap en leefbaarheid In Noordenveld bouwen we de komende jaren verder aan sterke gemeenschappen en leefbaarheid. Het 'naoberschap' is kenmerkend voor onze dorpen. Wij werken vanuit de overtuiging dat iedereen welkom is en erbij hoort. We omarmen een cultuuromslag waarin woon-, welzijns- en zorgpartijen intensief samenwerken en we de vele inwonersinitiatieven een warm hart toedragen. We zetten in op preventie, eigen kracht en omzien naar elkaar. Ook stimuleren we inwoners om tijdig na te denken. Digitalisering en gezondheidstechnologie bieden hierbij ondersteuning. Het behoud en creëren van laagdrempelige ontmoetingsplekken is cruciaal. Dit bevordert informele zorg. We zorgen voor een goede spreiding van voorzieningen. We streven naar ten minste één laagdrempelige ruimte per dorp. Zo behouden we een aantrekkelijke fysieke en sociale omgeving en versterken we de leefbaarheid in onze gemeente. Onze uitdagingen De vergrijzing in Noordenveld neemt toe. Hierdoor krijgen we de komende jaren te maken met een aantal uitdagingen. De vergrijzing zorgt voor een groeiende vraag naar informele zorg. Dit zet het naoberschap en de leefbaarheid onder druk. Naoberschap staat voor onderlinge verbondenheid. Het gaat om het omkijken naar elkaar. De uitkomsten van de woonzorgenquête laten zien dat de bereidheid tot tijdelijke hulp in de gemeente hoog is. Ruim driekwart van de inwoners vindt kleine klusjes of lichte zorg normaal. Meer dan de helft helpt buren af en toe met huishoudelijke taken. Tegelijkertijd zien we dat de bereidheid tot hulp sterk afneemt bij een langdurig karakter. Slechts een klein deel wil buren langdurig helpen. Dit geldt vooral voor zorgtaken. De toenemende informele zorg legt hiermee grote druk op mantelzorgers en vrijwilligers. Het is cruciaal hen te waarderen en concrete hulp te bieden. Zo kan overbelasting worden voorkomen. Opvallend is het potentieel van jongeren. De enquête laat zien dat jongere respondenten (tot 44 jaar) aanzienlijk meer bereidheid tonen. Dit geldt voor zowel tijdelijke als langdurige hulp. Zij zijn een belangrijke bron voor toekomstige informele zorg. Het voortbestaan van laagdrempelige ontmoetingsplekken in Noordenveld staat onder druk. Dit geldt vooral in de kleinere kernen. Het ontbreken hiervan bemoeilijkt sociale contacten. Spontane ontmoetingen versterken de gemeenschapszin en informele hulp. Inwoners geven aan dat ze een balans tussen binnen- en buitenruimtes voor ontmoeting in hun leefomgeving belangrijk vinden. Populaire plekken zijn de supermarkt, buurthuizen en horeca. Een andere belangrijke uitdaging is de voorbereiding op ouder worden. Inwoners denken hierover na, maar praten er beperkt over. Slechts een minderheid voert regelmatig gesprekken over hun toekomstige woonsituatie. Tot slot is de effectieve inzet van gezondheidstechnologie cruciaal. Het versterken van naoberschap en leefbaarheid vereist een brede aanpak op al deze punten. De belangrijkste uitdagingen zijn: •Vergroten van de bewustwording wat het ouder worden met zich meebrengt en het versterken van de rol van inwoners zelf hierin. •Versterken van het naoberschap en de onderlinge verbondenheid. •Behouden of creëren van voldoende plekken om elkaar te ontmoeten. •Vergroten van de inzet van gezondheidstechnologie. Onze ambities Bevorderen van eigen kracht en omzien naar elkaar In Noordenveld zetten we in op de eigen kracht van onze inwoners, en zien deze grondhouding als belangrijk vertrekpunt voor de rest van deze visie. Het concept ‘positieve gezondheid’ speelt hierin een centrale rol. Het gaat verder dan alleen fysieke en mentale gezondheid. Positieve gezondheid richt zich op wat iemand zelf belangrijk vindt, waaronder zingeving, kwaliteit van leven, meedoen en dagelijks functioneren. Het bevorderen van eigen kracht betekent ook een grotere nadruk op mantelzorg, naoberschap en de inzet van (georganiseerde) vrijwilligers. Dit vraagt veel van inwoners. Mantelzorgers vervullen een cruciale rol, maar zijn vaak al zwaar belast door hun eigen werk, gezin en andere verplichtingen. Omdat mantelzorgers al veel op zich nemen, is het van belang dat er - naast deze vorm van informele zorg - voldoende formele zorg beschikbaar is. We realiseren ons dat de grote onderlinge verbondenheid in onze gemeente ook kwetsbaarheden kent. Voor nieuwe inwoners of mensen die kampen met psychische problemen kan het lastig zijn aansluiting te vinden. Bovendien is de sterke onderlinge verbondenheid in onze dorpen geen garantie voor de toekomst. Als gemeente willen we er samen met de gemeenschap en onze netwerkpartners voor zorgen dat iedereen mee kan blijven doen en zich geaccepteerd voelt. Hiervoor zetten we in op een netwerk van voorzieningen die bijdragen aan zowel welzijn als zelfredzaamheid. Denk hierbij aan ontmoetingsruimte en een goede bereikbaarheid. In veel van onze dorpen en wijken lopen al veel mooie initiatieven zoals de Bloeizone in Nieuw-Roden en de huiskamer in Langelo. We willen deze initiatieven zo veel mogelijk stimuleren en waar nodig een verbindende rol vervullen. Tegelijkertijd willen we inwoners actief helpen preventieve stappen te zetten om hun welzijn te verbeteren. De focus verschuift hier naar gedrag, gezondheid en welzijn. Dit met als doel ziekte, sociaal isolement en de noodzaak tot zorg waar mogelijk te voorkomen of te beperken. Wanneer mensen bovendien de regie op hun eigen leven kunnen voeren en maximaal zelfredzaam zijn, draagt dit aanzienlijk bij aan hun welbevinden, wat uiteindelijk de vraag naar professionele zorg vermindert. Tijdig denken over later: inwoners voorbereiden op de toekomst In Noordenveld willen we een cultuur creëren waarin onze inwoners tijdig voorsorteren op de toekomst. Door te anticiperen op de veranderingen die ouder worden met zich meebrengt, kunnen inwoners langer zelfstandig en vitaal blijven wonen. Dat kan in hun eigen woning of in een woning elders. Daarbij is het van belang dat inwoners en hun omgeving inzicht krijgen in hun eigen rol en verantwoordelijkheid in dit proces. Samen met onze netwerkpartners nemen we het initiatief om inwoners proactief te ondersteunen bij het plannen van hun toekomst. We informeren, inspireren en helpen hen hun woonzorgvragen in kaart te brengen, hun sociale netwerk te versterken en hun woonsituatie voor te bereiden op de volgende levensfase. Inzet op digitalisering en gezondheidstechnologie In Noordenveld zetten we in op gezondheidstechnologie. Deze technologie maakt de zorg toekomstbestendig en verbetert tegelijkertijd het comfort, de veiligheid en sociale contacten van inwoners. Er is een breed scala aan hulpmiddelen beschikbaar: van laagdrempelige thuistechnologie zoals robotstofzuigers en beeldbellen, tot oplossingen voor intensieve zorg zoals beeldzorg, medicijndispensers en geavanceerde alarmeringssystemen. Ons uitgangspunt, in lijn met 'Gezonde Marke', is: 'digitaal en met technologie als het kan'. Dit principe helpt ouderen om de regie over hun eigen gezondheid te behouden, met gerichte ondersteuning waar nodig. Gezondheidstechnologie kan bijdragen aan een oplossing voor het personeelstekort; het verlicht fysieke handelingen en vermindert administratieve lasten. Bovendien is de ontwikkeling van zorg op afstand cruciaal, zeker in onze gemeente met een omvangrijk buitengebied en grotere reisafstanden. De technologische mogelijkheden ontwikkelen zich razendsnel en bieden volop kansen om de zelfredzaamheid te vergroten en langer zelfstandig thuis te kunnen wonen. Om technologie succesvol te implementeren is het belangrijk dat we inwoners bekend maken met de diverse mogelijkheden. We moeten de digitale kloof overbruggen en onze inwoners wegwijs maken in de mogelijkheden, zodat technologie een hulpmiddel wordt voor iedereen en niet een nieuwe drempel vormt. Inwoners moeten daarom - waar nodig - ondersteuning kunnen krijgen bij het leren gebruiken van gezondheidstechnologie. De brede inzet van gezondheidstechnologie stelt ook eisen aan onze woningen en infrastructuur. Het is belangrijk dat bestaande én nieuwe woningen veilig en toegankelijk zijn. Daarnaast moeten deze woningen beschikken over een goede en stabiele internetverbinding. Wat gaan we doen? 1 We streven naar één eigen laagdrempelige ontmoetingsplek per dorp en ondersteunen bewonersinitiatieven op het gebied van ontmoeting. Wij zetten in op het behouden en versterken van de fysieke ontmoetingsruimtes in Roden, Norg en Peize. Voor de overige kernen onderzoeken we hoe we (in)formele ontmoeting kunnen behouden en versterken. Dit gebeurt bij voorkeur via een fysieke functie, zoals een dorpshuis(kamer) of gemeenschapsruimte. Waar de kosten of draagkracht dit niet toelaten, zoeken we naar maatwerk voor informele ontmoeting. Hierbij kijken we ook naar oplossingen in de buitenruimte, bijvoorbeeld het toevoegen van zitplekken. Een belangrijk aandachtspunt is het creëren van openbare ruimte die toegankelijk en sociaal veilig is, en waar mogelijk dementievriendelijk. Aanvullend onderzoeken we hoe we op andere manieren - al dan niet in samenwerking met de welzijnsstichting - inwonersinitiatieven op het gebied van ontmoeting, naoberschap en onderlinge hulp kunnen ondersteunen. Tot slot bekijken we of middelen van 'Nij Begun' ingezet kunnen worden om deze ontmoetingsplekken in de gemeente te versterken. 2 We zorgen voor brede ondersteuning van mantelzorgers. We erkennen en waarderen de onmisbare rol van mantelzorgers en bieden hen gerichte ondersteuning. Ze zijn belangrijk, maar hebben vaak ook al veel op hun bord. Respijtzorg is niet altijd direct voorhanden. Hiervan zijn we ons bewust. Daarom zetten we ons in om mantelzorgers te blijven ondersteunen. In 2026 gaan we onderzoeken of het borgen van mantelzorg in beleid wenselijk is. Verder continueren we onze inzet op ondersteuning van de mantelzorgers in onze gemeente: •Het contactpunt mantelzorg als vast aanspreekpunt voor mantelzorgers, in samenwerking met de welzijnsstichting WIN. •Het organiseren van thematische bijeenkomsten en inloopbijeenkomsten over relevante onderwerpen voor mantelzorgers. Denk aan respijtzorg, regelgeving en omgaan met specifieke ziektebeelden. Hierbij maken we ook waar mogelijk een koppeling met het Alzheimercafé. •Het faciliteren van lotgenotenbijeenkomsten en -activiteiten waar mantelzorgers ervaringen kunnen delen en elkaar kunnen ondersteunen. Dit gebeurt momenteel al via het jaarprogramma van de welzijnsstichting WIN. •Het continueren van een jaarlijkse activiteit om onze mantelzorgers in het zonnetje te zetten en hun waardevolle inzet te erkennen. •Het continueren van de mantelzorgwaardering. •Actieve communicatie over dit thema. Waaronder het aansluiten bij landelijke campagnes gericht op het ondersteunen en waarderen van mantelzorgers. 3 We waarderen en ondersteunen onze vrijwilligers. We promoten vrijwilligerswerk om zo de doelgroepen jongeren en statushouders aan te trekken. Verder continueren we onze inzet met: •Het vrijwilligersinformatiepunt, in samenwerking met de welzijnsstichting WIN. •De vacaturebank voor vrijwilligers, via de welzijnsstichting WIN. •Het aanbieden van trainingsmogelijkheden voor vrijwilligers. •Het tweejaarlijks faciliteren van een vrijwilligersfeest. •Het in het zonnetje zetten van de vrijwilligersorganisaties via het Compliment van Drenthe. •Het organiseren van activiteiten naargelang de behoefte. •VNG- vrijwilligersverzekering. 4 We maken met zorgpartners en woningcorporaties een actieplan over het tijdig nadenken over ouder worden. Samen met onze zorgpartners en de woningcorporaties ontwikkelen we een actieplan. Dit plan moet inwoners van Noordenveld proactief stimuleren om tijdig na te denken over het ouder worden. We richten ons daarbij juist niet alleen op ouderen, maar ook op inwoners die nu nog fit en vitaal zijn. Het actieplan wordt zoveel mogelijk themagericht ingezet. Daarnaast starten we bewustwordingscampagnes. Deze campagnes bieden via diverse kanalen informatie en inspiratie over de uitdagingen en mogelijkheden van ouder worden. Ook benadrukken ze de urgentie om hier vroegtijdig over na te denken. We sluiten aan bij regionale campagnes zoals 'Gezonde Marke' en Rijkscampagnes. 5 We verbeteren de informatievoorziening en voorlichting over digitalisering en gezondheidstechnologie. Het is belangrijk dat inwoners eenvoudig informatie kunnen vinden over de veranderende zorg, de mogelijkheden om woningen aan te passen, en het gebruik van technische hulpmiddelen. We verbeteren samen met onze zorgpartners en corporaties de informatievoorziening over veranderende zorg, de mogelijkheden om woningen aan te passen en gebruik te maken van technische hulpmiddelen. Zo verbeteren we de informatievoorziening over digitalisering en gezondheidstechnologie. 6 We maken (op termijn) afspraken met woningcorporaties, zorgpartijen en marktpartijen over woningen die geschikt (te maken) zijn voor thuistechnologie. Op termijn maken we afspraken met woningcorporaties en marktpartijen over de randvoorwaarden in woningen. Dit is nodig om zorgtechnologie te kunnen leveren, bijvoorbeeld via voldoende stroompunten op strategische plekken. Ook leggen we duidelijke afspraken vast over de verantwoordelijkheden, inclusief de financiële aspecten. De gemeente moedigt aan dat men bij bouw of verbouw van woningen de mogelijkheden voor nieuwe technieken onderzoekt. Dit kan latere, grootschalige aanpassingen op individueel niveau voorkomen. B. Passend wonen en zorg In Noordenveld willen we dat elke inwoner, ongeacht leeftijd of zorgbehoefte, een passende en betaalbare woning kan vinden. Daarom creëren we een divers woningaanbod. We realiseren dit door nieuwbouw, maar ook door gebruik te maken van de bestaande woningvoorraad en transformatiekansen. Onze prioriteit ligt bij ouderen, mensen met een zorgvraag en andere aandachtsgroepen. We streven naar de realisatie van voldoende geschikte woningen in de grote kernen en op maat in de rest van de gemeente. Nieuwe woonzorginitiatieven realiseren we bij voorkeur nabij voorzieningen voor gemakkelijke toegang tot diensten en sociale contacten. Het doel is dat iedereen zo lang mogelijk zelfstandig thuis kan blijven wonen. Dit vereist proactieve informatievoorziening, zodat inwoners goed geïnformeerd zijn over levensloopbestendig wonen. Zo bouwen we aan een gemeente waar iedereen zich thuis en geborgen voelt. Onze uitdagingen De gemeente Noordenveld staat voor uitdagingen om te komen tot een toekomstbestendig woon- en zorglandschap. Veel inwoners willen graag thuis blijven wonen in hun eigen leefomgeving. De huidige woningvoorraad is hier echter onvoldoende op voorbereid. Het woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld (STEC Groep, 2025) bevestigt dat de huidige voorraad onvoldoende aansluit bij de toekomstige behoefte van ouderen. Er is een grote vraag naar nultredenwoningen, en geclusterde en zorggeschikte woningen. De stand van zaken over het geplande aanbod van deze woningen is onvoldoende bekend. Dit vraagt om actieve monitoring en bijsturing van de woningbouwprogrammering. Het is ook cruciaal om de bestaande en nieuwe sociale huurwoningen voor de 'aandachtsgroepen' te behouden en uit te breiden. De grote afstanden in de gemeente bemoeilijken een efficiënte zorglevering. Daarom is het clusteren van woonzorginitiatieven belangrijk, vooral bij seniorenwoningen. Dit houdt de zorg efficiënt en beschikbaar. De drie grote kernen, met hun voorzieningen, bieden hier goede kansen voor. Daarnaast is een goede mix tussen generaties en tussen 'zorgvragers' en 'zorgdragers' cruciaal. Dit helpt bij het creëren en behouden van vitale, zorgzame gemeenschappen. De belangrijkste uitdagingen zijn: •Er is een tekort aan geschikte woningen. Veel huidige woningen zijn op hoge leeftijd niet comfortabel of zelfstandig te bewonen zonder grote aanpassingen. •Er zijn investeringen nodig om de bestaande woningvoorraad levensloopgeschikt te maken. •Er is behoefte aan nieuwe, geschikte woningen. Dit creëert aanbod en verbetert de doorstroming op de woningmarkt. •De grote afstanden in de gemeente bemoeilijken een efficiënte zorglevering. •Onze ambities Onze ambities Zo lang mogelijk zelfstandig thuis blijven wonen en bestaande woningen benutten In Noordenveld willen we dat alle inwoners zo lang mogelijk zelfstandig en prettig thuis kunnen blijven wonen. Mensen behouden hierbij zelf de regie over hun leven. Dit vraagt om een geschikte woning en een sterk sociaal netwerk. Wij verwachten van huiseigenaren en huurders eigen verantwoordelijkheid om hun woning levensloopbestendig te maken. Dit betekent nadenken over aanpassingen voor meer comfort en veiligheid. Zelfstandig thuis wonen is vaak goed mogelijk, zelfs met toenemende zorg. De gemeente stimuleert dit samen met de woon-, welzijns- en zorgpartners. Soms past de woonsituatie echter niet meer. Dan kan verhuizen een logische stap zijn, voor meer comfort, zorg of sociaal contact. Door verhuizing komen woningen vrij voor andere doelgroepen. Zo benutten we onze bestaande woningen slimmer, en nieuwe bewoners investeren vaak verder in deze huizen. Toevoegen van passende woningen voor ouderen Om inwoners in staat te stellen langer zelfstandig thuis te wonen, ook met een zware zorgvraag, werken we aan een toereikend en divers woningaanbod in Noordenveld. Deze woningen moeten geschikt zijn voor mensen met een mobiliteitsbeperking. Er moet ook zorg geleverd kunnen worden, van lichte ondersteuning tot intensieve verpleeghuiszorg. Conform het Rijksbeleid richten we ons op het toevoegen van nultredenwoningen, geclusterde woonvormen en zorggeschikte woningen. Momenteel is er in Noordenveld een tekort aan dit type woningen voor onze groeiende groep ouderen en andere zorgvragers. Om hierin te voorzien, zetten we de komende jaren in op de realisatie van: • 465 nultredenwoningen : we verwachten dat deze woningen gerealiseerd worden binnen een straal van 500 meter van voorzieningen (zoals supermarkt en zorgfaciliteit) in de drie grote kernen (Roden, Peize en Norg). Inwoners geven aan de nabijheid van deze voorzieningen belangrijk te vinden. In de kleinere kernen hanteren we een straal van 250 meter. • 255 geclusterde woonvormen • 120 zorggeschikte woningen De uitbreiding van alle genoemde woonvormen kan deels via nieuwbouw, maar ook via aanpassing van bestaande woningen en gebouwen. Door de woningvoorraad met diverse woonmogelijkheden voor ouderen uit te breiden, vergroten we hun kansen om door te stromen naar een passende woning. Hierdoor komen woningen vrij voor andere doelgroepen. Naast het toevoegen van woningen willen we de drempels voor doorstroming wegnemen, zowel in de koop- als de huursector. Voldoende passende woningen voor andere aandachtsgroepen Wij streven naar een gevarieerde en inclusieve gemeente met dorpen en kernen voor diverse doelgroepen. Aandachtsgroepen zijn vaak aangewezen op sociale huurwoningen, met name onder de eerste aftoppingsgrens. Er is een tekort aan aanbod voor lage- en middeninkomens. Daarom is een adequaat aanbod van betaalbare woningen een fundamenteel uitgangspunt. Wij volgen de afspraken uit de Woondeal: minstens twee derde van de woningbouwprogrammering moet bestaan uit betaalbare huur- en koopwoningen vanaf 2025. Het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting verplicht ons tot regionale afspraken over de verdeling van urgente aandachtsgroepen. De eerste stappen hiervoor zijn in 2025 gezet; de concretisering volgt in 2026. Samen met onze partners inventariseerden wij in de deelprojectgroepen de belangrijkste waarden voor aandachtsgroepen in de woonomgeving. Ouderen hechten waarde aan keuzevrijheid, nabijheid van familie en kennissen, en directe beschikbaarheid van zorg (ook op afstand). De bereikbaarheid van OV of gespecialiseerd vervoer is ook belangrijk. Voor mantelzorgverleners staat nabijheid van familie voorop. Voor (dreigend) daklozen is een dak boven het hoofd de primaire focus, en nabijheid van OV verbetert hun mobiliteit. Arbeidsmigranten willen wonen in of nabij een stad/dorp, met gemakkelijke toegang tot winkels en nabijheid van kennissen. Studenten wonen bij voorkeur aan de rand van een stad/dorp, nabij winkels en met goed OV. Voor woonwagenbewoners is de nabijheid van kennissen en familie de meest bepalende factor. Elke dorp een eigen recept : de juiste woning en zorg op de juiste plek In de woonvisie Noordenveld wordt gespecificeerd in welke dorpen en kernen woonzorgvormen gewenst zijn. In deze woonzorgvisie nemen we dit over voor de centrum-, basis- en woondorpen en het buitengebied. 1. Centrumdorpen (Roden, Peize Norg) In de drie grote kernen bevinden zich de meeste en de meest intensieve woonzorgvormen en de bijbehorende voorzieningen, waaronder het verpleeghuis. Hier zetten we in op verpleegzorgplekken en geclusterde woonvormen. Specifieke aandachtspunten per kern: •Roden: het aanbod van moderne, middelgrote appartementen (huur en koop) is hier al relatief groot. Bij nieuwe plannen focussen we op het realiseren van andere woonvormen om de diversiteit te vergroten. •Peize: kwantitatief is er relatief veel woonaanbod voor ouderen. Kwalitatieve toevoegingen zijn echter welkom. •Norg: het absolute aantal nultredenwoningen is hier nog te laag. Een gemengd aanbod van initiatieven is hier wenselijk. 2. Basisdorpen (Nieuw-Roden, Een en Veenhuizen) In de dorpen Nieuw-Roden, Een en Veenhuizen streven we naar een zo compleet mogelijk aanbod van woonzorgvormen, gecombineerd met behoud van voorzieningen, zorg en begeleiding. De meest grootschalige intensieve vormen van wonen en zorg zijn hier naar verwachting niet te realiseren. Ook in deze dorpen zetten we in op het realiseren van geclusterde woonvormen. Vooral in de kernen met (enige) voorzieningen, zoals Een en Veenhuizen, is ontwikkeling wenselijk. In deze kleinere kernen spelen het sterke informele netwerk en de sociale cohesie een cruciale rol in het langer zelfstandig thuis wonen. Bij de realisatie van geclusterde woonvormen zijn de locatie (nabijheid van voorzieningen) en een ontmoetingsplek essentiële randvoorwaarden. We onderzoeken de mogelijkheden voor geclusterd wonen in combinatie met verpleging in één van deze kernen, eventueel in samenwerking met andere doelgroepen, en leren van succesvolle voorbeelden elders. We investeren in het behoud van de bereikbaarheid via openbaar vervoer en alternatieven daarvoor. 3. Woondorpen en buitengebied Ook in de kleine kernen en het buitengebied moet de bouw van nultreden woningen en geclusterde woonvormen mogelijk zijn. Woningcorporaties kunnen hier een rol spelen bij toevoeging of woningvervanging. Particulieren kunnen hier eveneens op kleine schaal ontwikkelen. Ook in het buitengebied zijn levensloopgeschikte woonvormen denkbaar. Dit vereist echter wel een goede afstemming over de verwachtingen van professionele zorg en begeleiding. Hoe minder centraal gelegen de woonplek en hoe minder voorzieningen er zijn, hoe groter de noodzakelijke rol van naoberschap, het verenigingsleven, burenhulp en mantelzorg zal zijn. Juist in de kleinere kernen is deze informele ondersteuning vaak sterk aanwezig. Wat gaan we doen? 7.We continueren onze gezamenlijke aanpak op het passend wonen voor senioren en geven dit prioriteit in de uitvoering van onze meerjarige prestatieafspraken met woningcorporaties en huurdersverenigingen. Hierbij willen we in de huidige en toekomstige afspraken concrete uitvoering geven aan het aanpassen van de bestaande woningvoorraad. We zetten specifiek in op het 'opplussen' van woningcomplexen en -clusters om deze geschikter te maken voor gegroepeerd wonen, bijvoorbeeld door het toevoegen van gemeenschappelijke ontmoetingsruimte. Afspraken over beheer en financiering leggen we vast in de meerjarige prestatieafspraken en jaarlijkse activiteitenoverzichten. 8.Wij nemen de regie om voldoende nultreden-, geclusterde en zorggeschikte woonvormen toe te voegen binnen onze gemeente. De focus ligt hierbij op de drie grote kernen. In de meerjarige prestatieafspraken maken we afspraken over de aantallen in de sociale huursector. Dit monitoren we jaarlijks en waar nodig sturen we de programmering bij. We stemmen met de woningcorporaties af welke partij waar woningen gaat toevoegen. Daarnaast jagen we de markt en initiatieven aan om ook in de koopsector dit aanbod te realiseren. 9.We monitoren en programmeren actief. We willen inspelen op de behoeften van onze oudere inwoners en andere aandachtsgroepen. Het is daarom belangrijk dat we focussen op de realisatie van kleine, betaalbare en levensloopbestendige woningen. Om aan de behoefte te voldoen, monitoren we actief ons woningbouwprogramma. Ook jagen we woonzorginitiatieven zo veel mogelijk aan, met specifieke aandacht voor projecten die bijdragen aan de doelen van deze woonzorgvisie. Waar nodig sturen we onze woningbouwprogrammering bij. 10.We verkennen het uitbreiden van het Langer Zelfstandig Thuis Pakket (of een vergelijkbaar aanbod) naar de koopsector. Dit stelt alle huiseigenaren in staat hun woning toekomstbestendiger te maken. Daarnaast onderzoeken we met de woningcorporaties in de prestatieafspraken of we het aanbieden van dit pakket kunnen continueren of implementeren in de sociale huursector. 11.We promoten en continueren de Verzilverlening. Met de Verzilverlening kunnen ouderen zonder eigen leencapaciteit bij banken op basis van hun overwaarde hun huis aanpassen. We sluiten aan bij de Rijkscampagnes over de promotie van deze lening, zodat meer oudere huiseigenaren de weg naar deze regeling weten te vinden. We zetten in op een zo breed mogelijke promotie (zowel digitaal als op papier) van deze leenmogelijkheid om zo een grote doelgroep te bereiken. Daarnaast delen we in deze promotie ook de succesverhalen van het gebruik van de Verzilverlening. Ook zetten we in op de bekendmaking van de mogelijkheden van de Verzilverlening bij professionals die vaak in contact zijn met inwoners. 12.We onderzoeken samen met de woningcorporaties hoe we de doorstroming kunnen bevorderen. We brengen de knelpunten en mogelijke oplossingen in kaart. Voorbeelden van knelpunten zijn onbekendheid met zoeksystemen en de stress die mensen ervaren bij verhuizing. Vervolgens bepalen we gezamenlijk hoe we deze knelpunten kunnen wegnemen, bijvoorbeeld door het inzetten van een verhuiscoach. De verdere uitwerking hiervan volgt in het volkshuisvestingsprogramma, dat in 2026 wordt opgesteld. 13.We continueren ons bestaande (pre)mantelzorgbeleid. We volgen de landelijke ontwikkelingen rondom premantelzorgbeleid en familiewoningen op eigen erf nauwlettend. Daarnaast zullen we dit beleid veel actiever en breder onder de aandacht brengen bij onze inwoners. Zo zijn zij tijdig op de hoogte van de ondersteuningsmogelijkheden voor (pre)mantelzorgers. 14.We versoepelen regels rondom woningdelen, optoppen en verkamering. Om het aantal kleine, goedkope woningen in de gemeente te vergroten, versoepelen we de regels en procedures rondom woningdelen en verkamering. Ook geven we meer bekendheid aan de regels en mogelijkheden. 15.Wij nemen onze regionale verantwoordelijkheid en stellen samen met de regio een provinciale urgentieverordening op. Dit is in lijn met het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting. Via deze verordening maken we afspraken met regiogemeenten over de evenwichtige verdeling van (urgente) aandachtsgroepen. Zo zorgen we ervoor dat Noordenveld een plek voor iedereen is. 16.We blijven duidelijke afspraken maken over diversiteit en betaalbaarheid in onze woningbouwprogrammering. Samen met woningcorporaties en marktpartijen maken we duidelijke afspraken over het toevoegen van woningen. Dit betreft afspraken over de betaalbaarheid en de juiste typologieën die passen bij de behoeften van diverse doelgroepen. Deze thema's, diversiteit en passendheid, leggen we vast in de prestatieafspraken met de woningcorporaties en huurdersorganisaties. Daarin maken we afspraken over het aantal sociale huurwoningen, de betaalbaarheid en de woningtypologie. 17.We stellen een integraal portefeuilleplan per wijk of dorp op. Per wijk of dorp maken we samen met de woningcorporatie, zorg- en welzijnspartijen een portefeuilleplan. Hierin proberen we vraag en aanbod op het snijvlak van wonen, welzijn en zorg per gebied zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen voor de korte en middellange termijn. Vervolgens borgen we deze plannen in werk- en prestatieafspraken waarin we samen met het zorgkantoor de verbinding maken met WLZ-zorg en WMO-zorg. We zoeken bij het opstellen van het portefeuilleplan nadrukkelijk afstemming met de dorpsagenda’s die in onze gemeente worden opgesteld. 18.We stellen een toetsingskader voor woonzorginitiatieven op. Wij zien regelmatig (woon)zorginitiatieven ontstaan. Als gemeente verwelkomen wij initiatieven, maar we stellen daaraan wel een aantal belangrijke voorwaarden. We willen namelijk waarborgen dat inwoners nu en in de toekomst kunnen vertrouwen op passende huisvesting in een passende omgeving met goede zorg en begeleiding. Daarom is er op dit moment al een globaal toetsingskader opgenomen in onze woonvisie. Dit globale toetsingskader gaan we tegen het licht houden en verder concretiseren. We vinden het van belang dat het voor initiatiefnemers helder is wat wij van hen verwachten. De uitwerking van het toetsingskader vindt plaats binnen het volkshuisvestingsprogramma. C. Passende en gezonde leefomgeving De gemeente Noordenveld streeft naar een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Dit betekent dat we structureel aantrekkelijke en toegankelijke mogelijkheden bieden voor ontmoeting, ontspanning en beweging. Noordenveld is trots op haar status als zeer beweegvriendelijke gemeente en wil dit behouden en versterken. Wij streven naar een optimale leefomgeving met goede toegang tot alle voorzieningen: fysiek, sociaal én digitaal. Hierbij hanteren we een gedifferentieerde aanpak, passend bij elk dorp. De inrichting van onze openbare ruimte en de woningbouw zijn gericht op het stimuleren van sociaal leven en naar buiten gaan. We doen dit met een herkenbare 'dorpse aanpak'. Centraal staat een openbare ruimte die voor iedereen toegankelijk en (waar mogelijk) ook dementievriendelijk is. Tot slot waarborgen we hierbij een goede spreiding en bereikbaarheid van alle voorzieningen. Onze uitdagingen Onze groene en landelijke omgeving is een grote kracht, maar de relatief grote afstanden vormen ook een kwetsbaarheid. Essentiële voorzieningen (huisartsen, supermarkten) zijn geconcentreerd in de grote kernen. Voor minder mobiele inwoners in kleine kernen of het buitengebied zijn deze voorzieningen daardoor niet altijd goed bereikbaar. Met het oog op langer zelfstandig thuis wonen moeten we de leefomgeving hierop aanpassen. We moeten rekening houden met minder mobiele mensen en mensen met een zorg- of ondersteuningsvraag. Dit betekent bijvoorbeeld de openbare ruimte dementievriendelijk maken met herkenningspunten. Ook moeten we drempels en obstakels wegnemen voor inwoners met een mobiliteitsbeperking. Aandacht voor sociaal contact en ontmoeting is eveneens cruciaal. De belangrijkste uitdagingen zijn: •Voorzieningen zijn niet altijd goed bereikbaar voor minder mobiele inwoners in kleine kernen of het buitengebied. •Gebrek aan nabije voorzieningen en de grotere afstanden verminderen spontane ontmoetingskansen. Dit kan leiden tot sociaal isolement en eenzaamheid. •De auto is vaak het primaire vervoermiddel. Het openbaar vervoer biedt niet overal een oplossing voor inwoners zonder auto. •De leefomgeving is nog niet optimaal ingericht voor mensen met een mobiliteitsbeperking of cognitieve uitdagingen. Onze ambities Benutten van het potentieel van woonzorgzones Wij zien veel potentieel in het (verder) ontwikkelen van woonzorgzones. Dit zijn specifieke gebieden waar wonen, welzijn en zorg hand in hand gaan. Op deze plekken werken inwoners, woonpartijen, welzijns- en zorgorganisaties nauw samen. Het doel is zelfstandig wonen mogelijk te maken voor iedereen met een zorg- of ondersteuningsvraag. Het concept van woonzorgzones in de gemeente Noordenveld draait om het slim clusteren van haal- en brengfuncties, waardoor essentiële voorzieningen en diensten voor iedereen gemakkelijk bereikbaar zijn op loop- of fietsafstand. Dit idee is niet geheel nieuw; met name in onze drie grootste kernen zijn de fundamenten voor dergelijke zones al zichtbaar. Ons doel is om te onderzoeken welke specifieke elementen daar momenteel nog aan ontbreken, om deze vervolgens gericht toe te voegen en zo volwaardige woonzorgzones te creëren. Tegelijkertijd zetten we in op een sterke verbinding tussen deze zones en de rest van de gemeente, zodat inwoners die verhuizen hun vertrouwde sociale netwerk kunnen behouden. Hoewel de ambitie helder is, onderzoeken we momenteel de exacte potentie en de randvoorwaarden die nodig zijn voor een succesvolle uitrol. Dit roept belangrijke vragen op over de ruimtelijke en sociale balans. Een woonzorgzone mag immers geen geïsoleerd gebied worden, maar moet juist in harmonie blijven met de rest van de omgeving. Het is de kunst om een evenwicht te vinden tussen de efficiëntie van de zorgverlening aan de ene kant en de levendigheid en samenredzaamheid van een gemengde woonwijk aan de andere kant. Door in te zetten op een gezonde mix van bewoners, waarborgen we niet alleen de zorgbehoefte, maar ook de algehele leefbaarheid van onze dorpen en kernen. Inzet op toegankelijke, dementievriendelijk en gezonde leefomgeving Bij elke herstructurering of gebiedsontwikkeling grijpen we de kans om de openbare ruimte gezonder en gebruiksvriendelijker in te richten. Hierbij hanteren we de Lokale Adaptatie Strategie (LAS). Met deze strategie willen we de gevolgen van klimaatverandering, zoals hitte en wateroverlast, beperken. Daarnaast is er extra aandacht voor dementievriendelijkheid en algemene toegankelijkheid. Om de progressie van dementie te vertragen, zijn beweging en sociaal contact essentieel. Bij de inrichting van de openbare ruimte houden we rekening met: •Een beweegvriendelijke omgeving met voldoende rustbankjes die ontmoeting stimuleren. •Het creëren van veilige looproutes die voorzieningen verbinden, met duidelijke en goed verlichte paden. •Fysieke aanpassingen, zoals goede bewegwijzering, zichtbare herkenningspunten, en het voorkomen van obstakels. •Groene, schaduwrijke plekken die uitnodigen om buiten te zijn en hittestress te verminderen. We ontwikkelen ook groenblauwe verbindingen, zoals vastgelegd in de LAS. Deze verbindingen maken de omgeving duurzaam en veerkrachtig. Ze bestaan uit robuuste water- en groenstructuren met bomen en planten. Ons doel is dat 30% van de belangrijke wandel- en fietspaden de hele dag in de schaduw liggen. Ook verzorgingstehuizen en schoolpleinen maken deel uit van deze verbindingen. De groenblauwe verbindingen functioneren als koelteplek en nodigen uit tot ontmoeten, sporten en spelen. Dit versterkt de sociale cohesie. Een goede landing in de wijk Een succesvolle overgang van een zorginstelling naar een zelfstandige woonomgeving is cruciaal voor onze inwoners. De gemeente Noordenveld zet zich in voor een zorgvuldige en passende 'landing' in de buurt, conform het actieprogramma 'Weer Thuis'. Dit betekent dat we kijken naar een geschikte woning én een omgeving waar iemand zich thuis voelt en de juiste ondersteuning krijgt. De samenwerking met zorgpartijen en woningcorporaties is hierin essentieel. De ondersteuning vanuit de zorg richt zich niet alleen op het individu, maar ook op het individu én diens leefomgeving. Daarnaast vinden we aandacht voor onbegrepen gedrag belangrijk. Dit vraagt om begrip vanuit de omgeving en de juiste kennis bij professionals én omwonenden. We werken aan bewustwording en bieden handvatten. Zo zorgen we ervoor dat mensen met onbegrepen gedrag zich veilig en geaccepteerd voelen in onze wijken. Het netwerk sociaal wijkbeheer speelt hierbij een belangrijke rol. Wat gaan we doen? 19.We onderzoeken de potentie van woonzorgzones. Samen met de woningcorporaties, huurdersverenigingen, zorg- en welzijnsorganisaties onderzoeken we de potentie van woonzorgzones. We starten met dit onderzoek in de drie grote kernen. Het onderzoek is onderdeel van het portefeuilleplan en de dorpsagenda’s. Woonzorgzones kenmerken zich door: •Nabijheid van voorzieningen. •Nieuwbouw bestaat hier in principe uit levensloopgeschikte of zorgwoningen. •Ze dragen bij aan de versterking van de sociale basis (individueel, gemeenschappelijk en institutioneel). •Haal- en brengfuncties zijn geclusterd. Zorg wordt gecentraliseerd in de kernen, inclusief vervoersmogelijkheden. 20.We streven naar een toegankelijk en duurzaam vervoersnetwerk voor kwetsbare inwoners. In de gemeente Noordenveld zijn stichting Vervoer voor Ouderen (VOR) en Stichting Ouderenvervoer Norg (SON) actief. Daarnaast rijden er in onze gemeente hub-taxi’s en WMO-taxi’s als aanvulling op het openbaar vervoer. Omdat bereikbaarheid in onze gemeente een belangrijke opgave is, blijven we de mogelijkheid voor verduurzamen van ons vervoersnetwerk onderzoeken. Ook verbeteren we de veiligheid en toegankelijkheid van wegen voor niet-gemotoriseerd vervoer, we werken dit verder uit in de mobiliteitsvisie en de te actualiseren omgevingsvisie. 21.We continueren onze inzet om voldoende klimaatadaptieve maatregelen uit te voeren. Vanwege de gevolgen van klimaatverandering denken we steeds meer na over de inrichting van de openbare ruimte bij hittestress, droogte en wateroverlast. Dit is extra belangrijk voor inwoners in een kwetsbare positie. Ook de ontmoetingsplekken in de openbare ruimte moeten hierop zijn ingericht, bijvoorbeeld door het creëren van voldoende schaduwrijke plekken. 22.We zetten ons actief in voor een toegankelijke en veilige leefomgeving voor al onze inwoners. Zo zorgen we er bijvoorbeeld voor dat belangrijke voorzieningen ook voor onder andere mensen die slecht ter been zijn of in een rolstoel zitten goed bereikbaar zijn. Verder doen wij aanpassingen voor een betere toegankelijkheid van stoepen, oversteekplaatsen en openbare gebouwen. Dit in aansluiting op onze Lokale inclusie Agenda. Door te werken met goede verlichting zorgen we bovendien dat mensen een groter gevoel van veiligheid ervaren en draagt dit bij aan het zelfstandig goed en veilig kunnen verplaatsen. Bij een (her)inrichting van de openbare ruimte rondom een woon-zorgcomplex hebben we oog voor de dementievriendelijkheid van de omgeving. Als gemeente vinden we dat we een taak hebben om de leefomgeving voor al onze inwoners zo toegankelijk en veilig mogelijk in te richten. 23.Tegelijkertijd vinden we dat het schoon en veilig houden van de leefomgeving ook een gezamenlijke verantwoordelijkheid is. Samen met onze inwoners en partijen dragen we zorg voor een schone en veilige leefomgeving voor iedereen. We zetten in op het stimuleren van beweging en ontmoeting bij gebiedsontwikkeling. Daarom onderzoeken we of we bij alle projecten voor woningbouw en gebiedsontwikkeling een percentage van de beschikbare ruimte hiervoor kunnen reserveren. Dit percentage stellen we per project vast. Zo garanderen we dat er voldoende openbare ruimte beschikbaar blijft voor beweging en ontmoeting. 24.We zetten in op een zachte landing in de wijk voor kwetsbare inwoners. Dit doen we samen met woningcorporaties en andere zorg- en welzijnsorganisaties. We continueren onze inzet op het actieprogramma 'Weer Thuis'. Daarnaast zorgen we samen met woningcorporaties en Vluchtelingenwerk voor een zachte landing van statushouders. Dit is vastgelegd in de meerjarige prestatieafspraken voor 2024-2027. 5. Uitvoering en samenwerking In het vorige hoofdstuk zetten we uiteen wat we willen bereiken op het gebied van wonen, welzijn en zorg, en welke maatregelen we daarvoor inzetten. Dit hoofdstuk licht toe hoe we deze doelen verwezenlijken. We beschrijven de rollen en verantwoordelijkheden van alle betrokken partijen en schetsen hoe ons uitvoeringsprogramma eruitziet. Rollen en verantwoordelijkheden Om onze ambities te realiseren, hebben we al onze partners nodig – lokaal, regionaal, provinciaal en nationaal. Daarom besteden we aandacht aan de taken van de gemeente en onze woon-, welzijns- en zorgpartners. We kijken ook hoe we met hen en onze inwoners willen samenwerken. We erkennen dat de opgaven complex zijn, wat samenwerken uitdagend maakt. Tegelijkertijd weten we dat we alleen door intensieve samenwerking kunnen streven naar een gemeente waar het voor iedereen prettig wonen is, ook voor mensen met een zorg- of ondersteuningsvraag. Gemeente Als gemeente waken we over de uitvoering van de woonzorgvisie en monitoren de voortgang van onze ambities en maatregelen. Waar nodig sturen we deze bij, in overleg met onze partners. Daarnaast actualiseren we de uitvoeringsmaatregelen periodiek. Dit doen we om opgaven en ambities af te stemmen op trends en wijzigingen in wet- en regelgeving, bijvoorbeeld na vaststelling van het volkshuisvestingsprogramma. De gemeente heeft jaarlijks overleg met de Adviesraad Sociaal Domein over de voortgang. Ook is de gemeente verantwoordelijk voor de inkoop van voldoende passende zorg en ondersteuning. In regionaal verband werken we nauw samen en blijven we actief aangehaakt. De gemeente fungeert als regisseur van de programmering. We zijn een betrouwbare partner die stimuleert en faciliteert, maar tegelijkertijd partijen uitdaagt. Hierbij scheppen we duidelijkheid over de mogelijkheden binnen wet- en regelgeving en ons eigen beleid. Tot slot verkennen we of we extra capaciteit kunnen organiseren voor de uitvoering. Inwoners De gemeente neemt belangrijke beslissingen die ons allemaal beïnvloeden. De wens om als inwoner, bedrijf of organisatie betrokken te zijn, is daardoor gegroeid. Participatie betekent voor ons de tijdige betrokkenheid van inwoners en belanghebbenden bij hun leefomgeving: zij denken mee en doen mee. Meedenken is het meewegen van hun meningen; meedoen is onderdeel maken van het besluitvormingsproces of de uitvoering, binnen de kaders. In deze participatiesamenleving zien wij inwoners als een actieve partner in deze visie. Dit vraagt om eigen regie in het anticiperen op woon- en zorgbehoeften en het benutten van technologie. Inwoners zijn ook de basis van het naoberschap door informele zorg te bieden en naar elkaar om te zien. Bovendien zijn zij de experts van hun leefomgeving. Zij leveren cruciale, ervaringsgerichte input om ons beleid optimaal af te stemmen. Wij faciliteren hen hierin met heldere informatie en gerichte ondersteuning. Woningcorporaties De woningcorporaties (Woonborg, Actium, Woonzorg Nederland en Habion) zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit en kwantiteit van passende, betaalbare sociale huurwoningen voor lagere inkomens. Zij zijn nauw betrokken bij het opstellen en uitvoeren van de gemeentelijke woonzorgvisie. Samen met de woningcorporaties en huurdersverenigingen (AH WOON en MEVM) leggen we in prestatieafspraken de ambities en concrete afspraken voor alle thema's vast. Zo is de samenwerking helder en meetbaar. Zorg- en welzijnspartijen Gezien de vele woonzorgopgaven is de betrokkenheid van zorg- en welzijnspartijen cruciaal. Deze organisaties hebben een uitstekend inzicht in wat er speelt bij inwoners. De zorgorganisaties komen immers 'achter de voordeur', en de welzijnsorganisatie is veel in gesprek met inwoners. Zij zijn daarom belangrijke adviseurs bij het opstellen van deze woonzorgvisie. Ook leveren zij een essentiële bijdrage aan het realiseren van passende woonzorgoplossingen. Samenwerking De basis voor samenwerking met onze zorg- en welzijnspartners is goed, maar de huidige opgaven vragen om intensivering. Dit betreft zowel de huidige samenwerking als het verkennen van nieuwe vormen. Het is onze ambitie om de zorgketen sluitend te maken. Dit vereist goede afstemming met zorg- en welzijnspartners, woningcorporaties en de gemeente zelf. Ook de samenwerking van professionals 'op de vloer' is cruciaal voor vroegtijdige signalering. Daarom zetten we in op domeinoverstijgende samenwerking om capaciteit en specialistische kennis effectief in te zetten. Tekorten aan zorgprofessionals nemen toe. Het is essentieel dat Noordenveld een aantrekkelijke woonplek is voor (potentiële) zorgprofessionals. Wij zetten in op de volgende punten: •Jaarlijkse werkafspraken: We continueren de huidige afspraken (o.a. prestatieafspraken met woningcorporaties). Daarnaast continueren we onze gesprekken met welzijnspartners via de subsidiecontracten. We breiden deze afspraken uit, in lijn met het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting. •Gezamenlijke inkoop van zorg: We continueren en waar mogelijk optimaliseren de gezamenlijke inkoop van WMO-zorg. Ook werken we samen met het zorgkantoor om WLZ-zorg beschikbaar te houden. •Effectieve uitwisseling (successen en zorgen delen): Open en proactieve informatie-uitwisseling is cruciaal. Welzijnsorganisaties, woningcorporaties en zorgprofessionals hebben waardevolle inzichten. We stellen concrete werkafspraken op voor het gestructureerd delen van successen en zorgen, binnen de AVG-richtlijnen. Zo signaleren we tijdig en vinden we gezamenlijk oplossingen. Hierbij kijken we naar de samenhang met de werkagenda arbeidsmarkt onder de Gezonde Marke. •Huisvesting zorgprofessionals verkennen: We onderzoeken de behoefte aan huisvesting van zorgprofessionals. Dit draagt bij aan het woonklimaat voor toekomstige professionals in Noordenveld. Uitvoering en prioritering Deze woonzorgvisie schetst de ambities van de gemeente Noordenveld. Een planmatige aanpak en intensieve samenwerking met onze woon-, welzijn- en zorgpartners zijn essentieel voor de realisatie. Een deel van de maatregelen kunnen we gelijk uitvoeren of continueren. Een ander deel wordt verder uitgewerkt en geconcretiseerd in het volkshuisvestingsprogramma. Dit volkshuisvestingsprogramma verwachten we eind 2026 op te kunnen leveren. Alle woonzorgmaatregelen worden in een uitvoeringsprogramma opgenomen. Het merendeel zal dan geïntegreerd worden in de (meerjarige) prestatieafspraken met woningcorporaties en huurdersverenigingen, waarbij ook de zorgorganisaties worden betrokken. Daarnaast onderzoeken we op welke wijze we met zorgaanbieders, het zorgkantoor en ontwikkelaars afspraken kunnen maken over wonen, samenleving en zorg, passend bij hun rol in de ontwikkeling van nieuwe woonvormen. Wat gaan we doen? Mee aan de slag in 2026 Uitwerken in volkshuisvestingsprogramma Anders nl; 1. We streven naar één eigen laagdrempelige ontmoetingsplek per dorp en ondersteunen bewonersinitiatieven op het gebied van ontmoeting. X 2. We zorgen voor brede ondersteuning van mantelzorgers. X 3. We waarderen en ondersteunen onze vrijwilligers. X 4. We maken met zorgpartners en woningcorporaties een actieplan over het tijdig nadenken over ouder worden. X 5. We verbeteren de informatievoorziening en voorlichting over digitalisering en gezondheidstechnologie. X 6. We maken (op termijn) afspraken met woningcorporaties, zorgpartijen en marktpartijen over woningen die geschikt zijn voor thuistechnologie. X 7. We continueren onze gezamenlijke aanpak op het passend wonen voor senioren en geven dit prioriteit in de uitvoering van onze meerjarige prestatieafspraken met woningcorporaties en huurdersverenigingen. X 8. Wij nemen de regie om voldoende nultreden-, geclusterde en zorggeschikte woonvormen toe te voegen binnen onze gemeente. X 9. We monitoren en programmeren actief. X 10. We verkennen het uitbreiden van het Langer Zelfstandig Thuis Pakket (of een vergelijkbaar aanbod) naar de koopsector. X 11. We promoten en continueren de Verzilverlening. X 12. Samen met de woningcorporaties onderzoeken we hoe we de doorstroming kunnen bevorderen. X 13. We continueren ons bestaande (pre)mantelzorgbeleid. X 14. We versoepelen regels rondom woningdelen, optoppen en verkamering. X 15. Wij nemen onze regionale verantwoordelijkheid en stellen samen met de regio een provinciale urgentieverordening op. X 16. We blijven duidelijke afspraken maken over diversiteit en betaalbaarheid in onze woningbouwprogrammering. X 17. We stellen een integraal portefeuilleplan per wijk of dorp op. X 18. We stellen een toetsingskader voor woonzorginitiatieven op. X 19. We onderzoeken de potentie van woonzorgzones. X 20. We streven naar een toegankelijk en duurzaam vervoersnetwerk voor kwetsbare inwoners. X 21. We continueren onze inzet om voldoende klimaatadaptieve maatregelen uit te voeren. X 22. We zetten ons actief in voor een toegankelijke en veilige leefomgeving voor al onze inwoners. X 23. We zetten in op het stimuleren van beweging en ontmoeting bij gebiedsontwikkeling. X 24. We zetten in op een zachte landing in de wijk voor kwetsbare inwoners. X Goed en zorgzaam wonen voor iedereen in Noordenveld Bijlagen 1. Definities- en afkortingenlijst Arbeidsmigranten: Onderdaan van een andere lidstaat van de EU die zijn hoofdverblijf niet in NL heeft en in Nederland verblijft om tijdelijke werkzaamheden te verrichten. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) (Dreigend) dakloze mensen: Woningzoekenden aan wie opvang of Beschermd Wonen is verleend als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wmo 2015. Het voorgestelde artikel heeft betrekking op personen die als rechthebbende wegens dakloosheid in de Maatschappelijke opvang verblijven of hier op grond van de Wmo 2015 een beschikking voor hebben, maar de fase van opvang kunnen overslaan. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Ernstig chronisch zieken en/of mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking: Woningzoekenden die op grond van ernstige en chronische medische redenen andere woonruimte of specifieke woonvormen behoeven. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Geclusterde woonvormen: Geclusterde woonvormen, bestaan uit woningen die voldoen aan de uitgangspunten voor nultredenwoningen. Daarnaast geldt dat er een ontmoetingsruimte aanwezig moet zijn in of nabij het wooncomplex. De precieze vereisten aan de ontmoetingsruimte zullen later worden uitgewerkt in de lagere regelgeving van de wet Versterking regie volkshuisvesting. Deze ontmoetingsruimte kent meerkosten die beperkt in opbrengsten kunnen worden terugverdiend. Hiervoor wordt een stimuleringsregeling ontmoetingsruimte beschikbaar gesteld, waarmee het Rijk bijdroeg aan de gemaakte meerkosten. Het is ook mogelijk om een deel van deze kosten in de servicekosten op te nemen. Landelijk gaan BZK en VWS uit van een schaal van minimaal 12 woningen. De schaal van clustering kan op het platteland of in de kleine kernen lager liggen. In de woonvisie is deze woonvorm aangeduid als ‘beschut wonen. (bron: Concept Woondeal) Nultredenwoningen: Bij nultredenwoningen gaan we uit van woningen waarbij woonkamer, keuken, badkamer, toilet en tenminste één slaapkamer gelijkvloers zijn, dus op hetzelfde niveau als de voordeur. Ook van buitenaf is een nultredenwoning zonder traplopen bereikbaar. Voor de toegankelijkheidseisen van de nieuwbouw van nultredenwoningen volgen we de geldende eisen uit het Besluit Bouwwerken Leefomgeving. Voor de business case van alle ouderenwoningen is regulier financieel instrumentarium vanuit het Rijk van toepassing. In de woonvisie is deze woonvorm aangeduid als ‘geschikt wonen’. (bron: Concept Woondeal) Langer zelfstandig thuis pakket : Een aanbod om kleine aanpassingen in het huis te (laten) verrichten. (bron: Woonvisie (2023) ‘samen lukt het’) Statushouders: Houders van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 8, onderdeel a, b, c, of d, van de Vreemdelingenwet 2000, op basis van de gemeentelijke taakstelling bedoeld in artikel 28 van de Huisvestingswet. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Studenten: Woningzoekende die voltijds is ingeschreven bij een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1. van de Wet educatie en beroepsonderwijs of bij een instelling als bedoeld in artikel 1.2 onderdelen a en b, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, gevestigd binnen het gebied van de woningmarktregio. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Stoppende sekswerkers: Woningzoekenden die deelnemen aan een programma gericht op duurzaam stoppen met sekswerk waarbinnen begeleiding van sekswerkers plaatsvindt bij het vinden van ander werk, een andere woning of juiste zorg (DUUP-regeling). (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Oekraïense vluchtelingen : Oekraïense vluchtelingen worden opgevangen en krijgen tijdelijk bescherming (tot en met 4 maart 2027) in Nederland door de Richtlijn tijdelijke bescherming van de Europese Unie. Hieronder vallen vluchtelingen met de Oekraïense nationaliteit die: 1) na 26 november 2021 uit Oekraïne zijn gereisd; 2) voor 27 november 2021 in Nederland waren voor bijvoorbeeld studie, werk of om asiel te vragen, en dat kunnen aantonen. Alsook vluchtelingen uit Oekraïne met een andere nationaliteit die: 1) op 23 februari 2022 een permanente Oekraïense verblijfsvergunning hadden (en alleen als ze Oekraïne hebben verlaten op of na 27 november 2021, en niet zijn teruggekeerd naar hun land van herkomst na 23 februari 2022); 2) op 23 februari 2022 nationale of internationale bescherming hadden in Oekraïne, bijvoorbeeld als erkend vluchteling. Ook vallen hieronder hun partners, minderjarige kinderen en familieleden die met hen samen woonden in Oekraïne. (bron: Rijksoverheid, 2023) (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Ouderen: Personen van 55 jaar en ouder. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld)) Uitstromers Beschermd wonen: Woningzoekenden die een voorziening voor Beschermd wonen als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 verlaten. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Uitstromers klinische geestelijke gezondheidszorg: Woningzoekenden die een verblijf in een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet langdurige zorg verlaten waar zij geneeskundige geestelijke zorg ontvingen of woningzoekenden die in verband met geneeskundige zorg als bedoeld in artikel 10, onderdeel g, van de Zorgverzekeringswet in een instelling verbleven in verband met zorg zoals psychiaters en klinisch psychologen plegen te bieden en deze verlaten (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Uitstromers vrouwenopvang en opvang voor slachtoffers van mensenhandel: Woningzoekenden die een voorziening voor opvang als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 verlaten voor slachtoffers van huiselijk geweld of mensenhandel en die daar verbleven omdat zij door problemen van relationele aard of geweld hun woonruimte hebben moeten verlaten. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Uitstromers detentie of forensische zorg: Woningzoekenden die een inrichting of voorziening als bedoeld in artikel 3a van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen, een penitentiaire inrichting als bedoeld in artikel 3 eerste lid, van de Penitentiaire beginselenwet of een instelling voor forensische zorg als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet forensische zorg verlaten. Voorzien wordt dat het bij uitstroom uit detentie om personen gaat die na een verblijf van minimaal drie aaneengesloten maanden genoemde inrichtingen verlaten. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Uitstromers jeugdhulp met verblijf en pleegzorg Woningzoekenden tussen achttien en drieëntwintig jaar aan wie jeugdhulp met verblijf is verleend als bedoeld in artikel 1.1. van de Jeugdwet en die een accommodatie of gesloten accommodatie verlaten. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Verpleegzorgplekken: Een deel van de geclusterde woonvormen betreffen zorggeschikte woningen: deze woningen hebben extra voorzieningen, zodat deze beter zijn voor mensen met een beperking of voor het verlenen van zorg. (bron: Rijksprogramma ‘Wonen en zorg voor ouderen’) In de woonvisie is deze woonvorm aangeduid als ‘beschermd wonen’. Verzilverlening: Ouderen zonder eigen middelen en leencapaciteit bij banken kunnen op basis van overwaarde toch hun huis aanpassen. (bron: Woonvisie (2023) ‘samen lukt het’) Woningzoekende mantelzorgers en -ontvangers: Woningzoekenden die mantelzorg als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 verlenen of ontvangen. Urgentie wordt enkel verleend als de reisafstand tussen mantelzorggever en -ontvanger langer is dan 5 kilometer voor verhuizing en minder dan 5 kilometer na verhuizing. Ook moet ten tijde van de urgentieverlening de zorg langdurig (afgelopen drie jaar en nog minimaal één jaar) en intensief (8 uur per week) zijn. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Woonwagenbewoners: Woningzoekende die wil wonen in een woonwagen (als bedoeld in artikel 235 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek) en voor wie het wonen in een woonwagen onderdeel uitmaakt van diens culturele identiteit doordat deze persoon zelf of zijn ouders of grootouders in een woonwagen hebben gewoond.(bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Zorggeschikte woningen: Zorggeschikte woningen zijn zelfstandige nultredenwoningen die onderdeel zijn van een geclusterde vorm waarin WLZ-zorg (afkorting) geleverd wordt voor bewoners. De bouw van zorggeschikte woningen kent significante meerkosten door aanvullende bouwtechnische vereisten die nodig zijn om de toegankelijkheid van de woning te garanderen voor mensen die somatische zorg ontvangen. Binnen het WWS-stelsel is daarom voor zorggeschikte woningen een puntopslag mogelijk tot 35%. Hiermee kunnen ontwikkelende partijen de meerkosten van zorggeschikte bouw doorrekenen in de business case. Voor sociale woningbouw geldt dat deze opslag snel zal leiden tot een huur boven de liberalisatiegrens. Om sociale woningbouw te stimuleren stelt het Rijk 312 miljoen euro beschikbaar voor de bouw van zorggeschikte woningen met een sociale huurprijs. Hiervoor komen zowel nieuwbouw- als transformatieprojecten in aanmerking. (bron: Concept Woondeal) 2. Tabel met overzicht (urgente) aandachtsgroepen Aandachtsgroep Schatting opgaven per jaar van jaarlijkse uitstroom naar woning of woonruimte Toelichting Wettelijk urgente aandachtsgroepen Mantelzorgverleners of -ontvangers Onbekend (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Cijfers niet bekend omdat dit vaak over niet-geregistreerde zorg gaat. Het woningmarktonderzoek Noordenveld (STEC Groep, 2025) verwacht dat deze urgentiecategorie in de komende jaren toeneemt in Drenthe. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke beperking of psychische kwetsbaarheid Lager dan 10 (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Cijfers zijn gebaseerd op personen met een WLZ-indicatie die jaarlijks uitstromen naar reguliere woning met behoud van de WLZ-indicatie op basis van een volledig thuis pakket, modulair thuis pakket of een PGB. Deze uitstromers verhuizen nu vaak naar de vestigingsgemeenten Assen of Emmen. Een deel van deze uitstromers verhuist naar een sociale huurwoning (in 2023 ongeveer een derde). De verwachting is dat het aantal de komende jaren niet toeneemt. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Uitstromers uit de maatschappelijke opvang waaronder: •Dakloze mensen •Slachtoffers van huiselijk geweld of mensenhandel Het nieuwe landelijke beleid 'Wonen eerst' wil de huidige route, waarbij daklozen voornamelijk via Maatschappelijke Opvang een woning vinden, veranderen. Volgens dit principe krijgen daklozen eerst huisvesting aangeboden. Pas daarna wordt gekeken naar eventuele noodzaak voor zorg of opvang. Dit moet opvanglocaties als tussenstap vermijden en het aantal daklozen in Beschermd Wonen, forensische zorg, of op straat verminderen. Het hebben van voldoende betaalbare woningen is daarvoor een belangrijke voorwaarde voor dit ‘Wonen eerst’ beleid . Uitstromers na intramuraal verblijf waaronder: •Uitstromers uit een Beschermd Wonen instelling •Klinisch geestelijke gezondheidszorg Lager dan 10 (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Aantallen gebaseerd op personen die gedurende het jaar via de Wmo een maatwerkvoorziening Beschermd Wonen ontvingen, waarvan deze voorziening gedurende het jaar is beëindigd en die ook in dat jaar een verhuizing hebben doorgemaakt naar een woning. Deze uitstromers zijn vaak jong. In 2023 waren er in de provincie Drenthe 80 uitstromers die na uitstromen een eigen huishouden vormden. Van deze 80 personen waren 67 jonger dan 35 jaar en zelfs 48 jonger dan 27 jaar. De uitstromers uit de provincie Drenthe verhuizen nu vaak naar de centrumgemeente Assen of Emmen. Verwachting dat het aantal de komende jaren niet toeneemt. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Woningzoekenden tussen de 18 en 23 jaar uit de jeugdhulp Lager dan 10 (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Woningzoekenden uit de (jeugd)detentie Lager dan 10 (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Ongeveer een-derde van de uitstromers die voldoen aan de criteria (zie definitie in de begrippenlijst) gaat wonen in een corporatiewoning. De overige uitstromers gaan bijvoorbeeld inwonen bij een bestaand huishouden. Verwachting dat het aantal de komende jaren niet toeneemt. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Deelnemers aan het uitstapprogramma voor stoppende sekswerkers De verwachting is dat door het regionale beleidsplan ‘Mensenhandel in Drenthe’ (2025) het aantal casussen binnen Time2Connecet (de uitoveringsorganisatie binnen de regio voor het uitstapprogramma) de aankomende jaren toeneemt. Dakloze gezinnen met minderjarige kinderen (onder een van de leefsituaties onder ‘Ethos-light’) Wettelijke aandachtsgroepen Arbeidsmigranten Lager dan 10 (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Arbeidsmigranten, met name uit de Europese Unie, schrijven zich vaak niet in als ingezetenen in het BRP. Dit maakt het lastig om een compleet beeld te krijgen. Daarom is een schatting gemaakt van de werkgemeente van ingeschreven in het Register Niet- Ingezetenen (RNI). Studenten In Noordenveld waren er in 2022 55 uitwonenden studenten, een deel van deze studenten huurt van woningcorporaties (28%). Ook delen studenten soms een woning met anderen. (bron: STEC Groep (2025) woningmarktonderzoek gemeente Noordenveld) Woonwagenbewoners Maximaal vier plekken voor starters (bron Woonvisie Noordenveld ‘Samen lukt het’) Ouderen Zie opgaven hierboven beschreven Statushouders (via taakstelling) Via gemeentelijke taakstelling Tabel 3 , overzicht verwachte jaarlijkse uitstroom aandachtsgroepen naar zelfstandige woning of woonruimte. Colofon Dit document is opgesteld door RUIMTEVOLK en is het resultaat van een samenwerkingsproces met de gemeente Noordenveld. Het copyright van de beelden en kaarten berust bij RUIMTEVOLK, de foto’s zijn eigendom van de gemeente Noordenveld. Hoewel aan de inhoud en samenstelling van dit rapport de grootst mogelijke zorg is besteed, is het mogelijk dat informatie onjuist of onvolledig is. RUIMTEVOLK en de gemeente Noordenveld aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid voor de volledigheid en juistheid van de gegeven informatie. Aan de inhoud van dit rapport kunnen geen rechten worden ontleend. Dit document is niet voor commercieel gebruik. juni 2026
Meer informatie