Verordening vertrouwenscommissie burgemeester gemeente Waalwijk 2026
Verordening vertrouwenscommissie burgemeester gemeente Waalwijk 2026 De raad van de gemeente Waalwijk; Gelet op artikelen 61, 61c, 147 en 149 van de Gemeentewet, artikel 15 en 31 van de Archiefwet 1995, artikel 9 van het Archiefbesluit 1995 en de circulaire ‘Benoeming, herbenoeming en klankbordgesprekken burgemeester’ van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; Besluit: Vast te stellen de Verordening vertrouwenscommissie burgemeester gemeente Waalwijk 2026 Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: 1.De minister: de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. 2.De commissaris: de commissaris van de Koning in de provincie Noord-Brabant. 3.De commissie: de vertrouwenscommissie als bedoeld in artikel 61, derde lid, van de Gemeentewet. 4.De raad: de gemeenteraad van Waalwijk. 5.De secretaris: de secretaris van de commissie. Artikel 2 Taken van de commissie 1.De commissie is belast met de voorbereiding van de concept-profielschets voor de te benoemen burgemeester en legt de concept-profielschets ter vaststelling aan de raad voor. 2.De commissie is belast met de beoordeling van de kandidaten en bereidt de aanbeveling van de raad tot benoeming van de burgemeester voor. Artikel 3 Samenstelling commissie 1.De commissie bestaat uit een voorzitter en uit één lid per fractie die bij de laatstgehouden verkiezing van de leden van de raad één of meer zetels heeft behaald. 2.De voorzitter en de overige leden van de commissie worden door de raad uit zijn midden benoemd. 3.De commissie kent geen plaatsvervangende leden. 4.Het lidmaatschap van de commissie houdt op als het raadslidmaatschap wordt beëindigd. Artikel 4 Voorzitter 1.De voorzitter heeft geen stemrecht. 2.De voorzitter leidt de commissievergaderingen en draagt zorg voor een zorgvuldige en onafhankelijke procesbegeleiding. Artikel 5 Ambtelijke ondersteuning 1.De raadsgriffier is secretaris van de commissie. 2.De plaatsvervangend griffier en de gemeentesecretaris worden als plaatsvervangend secretaris aan de commissie toegevoegd. 3.De (plaatsvervangend) secretaris geeft ambtelijke ondersteuning aan de commissie. 4.De (plaatsvervangend) secretaris is geen lid van de commissie en heeft geen stemrecht. Artikel 6 Adviseur 1.De raad kan één wethouder als adviseur toevoegen aan de commissie. 2.De adviseur wordt uitgenodigd voor de vergaderingen van de commissie. 3.De adviseur is geen lid van de commissie en heeft geen stemrecht. Artikel 7 Vergaderingen 1.De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of ten minste twee stemgerechtigde leden dit noodzakelijk achten. De commissie vergadert slechts indien meer dan de helft van de stemgerechtigde leden aanwezig is. 2.De voorzitter bepaalt de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering. 3.De voorzitter roept de volgende personen schriftelijk tot de vergadering op: a.de leden en de adviseur van de commissie. b.de sollicitanten naar het ambt van burgemeester, elk voor zover met de betreffende sollicitant een gesprek plaats heeft. 4.De oproeping geschiedt ten minste zeven dagen voorafgaand aan de vergadering. Indien bijzondere omstandigheden een spoedige bijeenkomst van de commissie vergen kan van de in de eerste volzin van dit lid bedoelde termijn worden afgeweken. Artikel 8 Stemming 1.De commissie besluit over de vaststelling van een concept-aanbeveling bij meerderheid van stemmen, waarbij ieder stemgerechtigd lid één stem heeft. 2.Indien de stemmen staken, wordt het nemen van een beslissing uitgesteld tot de volgende vergadering. 3.Is uitstel van de beslissing niet mogelijk of staken de stemmen ook in die volgende vergadering, dan worden de verschillende meningen in het verslag opgenomen. 4.De commissie streeft naar unanimiteit. Het gevoelen van de minderheid wordt desgewenst in het verslag tot uitdrukking gebracht. Artikel 9 Contactpersoon en stukken 1.De voorzitter van de commissie treedt op als contactpersoon van de commissie. 2.Stukken die van de commissie uitgaan, worden onder vermelding van ‘persoonlijk en geheim’ door de voorzitter en de (plaatsvervangend) secretaris ondertekend en verzonden. 3.Stukken die voor de commissie bestemd zijn, worden onder vermelding van ‘geheim’ aan de (plaatsvervangend) secretaris gezonden en aldaar bewaard overeenkomstig de daarvoor geldende wettelijke voorschriften. Artikel 10 Informatie over en gesprek met sollicitant 1.De commissie verkrijgt de voor haar werkzaamheden benodigde informatie over de kandidaten door tussenkomst van de commissaris. 2.De (plaatsvervangend) secretaris nodigt namens de voorzitter sollicitanten uit voor een gesprek met de commissie. 3.De commissie treft voorzieningen die nodig zijn ter bescherming van de privacy van de sollicitant. 4.De commissie voert geen overleg met derden over de kandidaten. Artikel 11 Verslag 1.De commissie brengt over haar werkzaamheden ter voorbereiding op het doen van een aanbeveling schriftelijk een verslag van bevindingen uit aan de raad en de commissaris. 2.Het verslag van bevindingen dat de commissie uitbrengt aan de raad en de commissaris bevat in ieder geval: a.een weergave van de wijze waarop de commissie haar werkzaamheden heeft verricht. b.een concept-aanbeveling van twee kandidaten met een gemotiveerde weergave van de bevindingen van de commissie. Artikel 12 Geheimhouding 1.Op alle informatie van de commissie rust de wettelijke geheimhoudingsplicht. 2.De vergaderingen van de commissie zijn besloten. 3.Aan degenen die geen voorzitter, stemgerechtigd lid, (plaatsvervangend) secretaris of adviseur van de commissie zijn, wordt, behoudens artikel 11, ingevolge de wet geen informatie verstrekt omtrent de inhoud van de stukken, het behandelde ter vergadering of de inhoud van de door de commissie gevoerde gesprekken. 4.De voorzitter en de (plaatsvervangend) secretaris zien toe op de naleving van de geheimhoudingsplicht gedurende de gehele procedure. 5.De commissie treft de voorzieningen die nodig zijn om de geheimhouding gedurende de gehele procedure te waarborgen, waaronder ten aanzien van het beheer van informatie, de correspondentie en de gesprekken met kandidaten. 6.De geheimhoudingsplicht blijft ook na ontbinding van de commissie van kracht. Artikel 13 Archivering 1.De (plaatsvervangend) secretaris van de commissie draagt er zorg voor dat na afronding van de benoeming alle archiefbescheiden onverwijld in een envelop worden verzegeld en gerubriceerd als ‘geheim’ en worden geplaatst in de daartoe aangewezen archiefbewaarplaats. 2.De (plaatsvervangend) secretaris van de commissie draagt er zorg voor dat een verklaring van overbrenging als bedoeld in artikel 9 van het Archiefbesluit 1995 wordt opgemaakt. In deze verklaring wordt melding gemaakt van de met toepassing van artikel 15, lid 1 sub a en c, van de Archiefwet 1995 gestelde beperkingen aan de openbaarheid, geldende voor een periode van 75 jaar. 3.De (plaatsvervangend) secretaris draagt er zorg voor dat direct na de benoemingsprocedure alle overige bescheiden en kopieën onmiddellijk worden vernietigd. Artikel 14 Ontbinding De commissie is ontbonden met ingang van de dag volgende op die waarop door de minister aan de raad bekend is gemaakt dat in de vacature van burgemeester is voorzien. Artikel 15 Onvoorziene gevallen In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist de commissie, met inachtneming van de Gemeentewet en de overige toepasselijke wettelijke voorschriften. Artikel 16 Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking. 2.Deze verordening vervalt van rechtswege op het moment dat de commissie wordt ontbonden. Artikel 17 Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als: ‘Verordening vertrouwenscommissie burgemeester gemeente Waalwijk 2026’. Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van 17 september 2026. De raad van Waalwijk, De griffier, De voorzitter, Jeroen Deneer, Sacha Ausems
Meer informatie