SUBSIDIEREGELING INDICATIEVRIJE DAGBESTEDING VOOR VOLWASSENEN 2027

Mededelingen
Locatie
SoortMededelingen
Gepubliceerd op30 september 2026
Gepubliceerd doorGemeente Waalwijk

SUBSIDIEREGELING INDICATIEVRIJE DAGBESTEDING VOOR VOLWASSENEN 2027 Het College van Waalwijk; gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Waalwijk 2025; besluit de volgende nadere regeling vast te stellen: ‘ Subsidieregeling indicatievrije dagbesteding voor volwassenen 2027’ Artikel 1. Begripsomschrijvingen 1.Alle begrippen die in deze subsidieregeling worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) en de Algemene subsidieverordening gemeente Waalwijk 2025 (ASV) . 2.In deze subsidieregeling wordt verstaan onder: a.Algemene voorziening: een aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruiker, toegankelijk is en dat is gericht op maatschappelijke ondersteuning. b.ASV: Algemene Subsidieverordening gemeente Waalwijk (2025). c.Inwoner: inwoner van de gemeente Waalwijk. d.college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalwijk. e.Indicatievrije dagbesteding: Een aanbod van diensten en activiteiten waar kwetsbare inwoners van 18 jaar en ouder zonder beschikking gebruik van kunnen maken. De dagbesteding wordt geboden door voornamelijk professionals gericht op het ontwikkelen van veerkracht door het aanbrengen van dagstructuur, ontwikkeling van vaardigheden en verbreding van de sociale steunstructuur. Daar waar mogelijk is het aanbod gericht op doorstroom naar (vrijwilligers)werk. De indicatievrije dagbesteding is bedoeld voor inwoners die aan een doel werken en daardoor niet voldoende hebben aan andere algemene voorzieningen. f.Kwetsbare inwoner: Inwoner van 18 jaar en ouder die in verband met een beperking, psychische of psychosociale problemen niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk voldoende zelfredzaam is of in staat is tot participatie. Sociale basisvoorzieningen zijn voor inwoner onvoldoende passend. g.Gespecialiseerde maatwerkdagbesteding: dagbesteding voor inwoners die vanwege hun ondersteuningsbehoefte geen gebruik kunnen maken van indicatievrije dagbesteding, en die na onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon op basis van een individuele beschikking wordt verleend door het college. h.Sociale basis: Het geheel van organisaties, diensten, voorzieningen en betrekkingen die het mogelijk maken dat mensen in redelijkheid in sociale verbanden (buurten, groepen, netwerken, gezinnen) samen kunnen leven en participeren in de samenleving. i.Afdeling Wijz: organisatieonderdeel van de gemeente Waalwijk dat inwoners helpt en ondersteunt bij vragen rondom Welzijn, Inkomen, Jeugd en Zorg. j.Coaches Maatschappelijke Activering: team binnen gemeente Waalwijk dat inwoners ondersteunt bij het bevorderen van participatie en deelname aan activiteiten. k.Wmo: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. l.Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies, zoals bedoeld in artikel 4:22 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Artikel 2. Doel Met indicatievrije dagbesteding wordt beoogd dat: a.inwoners met een ondersteuningsbehoefte, die vraagt om de inzet van een professional vanwege de zwaarte van de ondersteuning door bijvoorbeeld (beginnende) dementie, ondersteuning bij ADL of een sterke behoefte aan structuur, zo lang als nodig is deelnemen aan doelgerichte activiteiten ter ontlasting van hun omgeving, bevorderen of behoud van hun zelfredzaamheid en deelname aan de maatschappij. b.inwoners die door de aard van hun beperking of ondersteuningsbehoefte niet zonder begeleiding kunnen deelnemen aan reguliere arbeid of regulier vrijwilligerswerk, zo lang dat nodig en mogelijk is, deelnemen aan doelgerichte activiteiten gericht op het voorbereiden op een volgende stap richting (vrijwillige) arbeid: Artikel 3. Subsidieaanvrager Voor subsidie komen alleen rechtspersonen in aanmerking. De aanvraag moet worden ingediend door een bevoegde vertegenwoordiger van de rechtspersoon. Artikel 4. De te subsidiëren activiteiten Subsidie wordt verleend voor kosten die noodzakelijk zijn voor: a.het uitvoeren van activiteiten en de noodzakelijke professionele ondersteuning die de doelstellingen realiseren zoals beschreven in artikel 3; b.de door vrijwilligers gemaakte onkosten verbonden aan de inzet voor de onder a bedoelde activiteiten. c.De materiële - en huisvestingskosten die noodzakelijke zijn om de activiteiten onder a op de locatie waar de indicatievrije dagbesteding wordt aangeboden te kunnen uitvoeren. d.Niet voor subsidie in aanmerking komen: a.oprichtingskosten van stichtingen en verenigingen of andere rechtspersonen; b.activiteiten die op grond van deze regeling zijn uitgesloten; c.bezoldigingen van topfunctionarissen van gesubsidieerde organisaties die het bezoldigingsmaximum van Wet Normering Topinkomens (Wnt) overstijgen. Artikel 5. Subsidievereisten indicatievrije dagbesteding Om in aanmerking te komen voor subsidie wordt voldaan aan de volgende vereisten: 1.de voorziening draagt bij aan het Implementatieplan Samen Redzaam; 2.de activiteiten worden uitgevoerd op een locatie binnen de gemeente Waalwijk; 3.de activiteiten dragen bij aan het vergroten van veerkracht, aan het bevorderen of behoud van vaardigheden en het versterken van netwerken van de inwoner; 4.de activiteiten sluiten aan bij de behoefte van de inwoner, zijn gevarieerd, passen bij de interesses, de culturele achtergrond, de cognitieve en fysieke mogelijkheden/vaardigheden en beperkingen van de inwoner. 5.per deelnemer wordt in een intake/kennismaking gekeken wat zijn/haar ondersteuningsvraag is en wordt tenminste één doel en het beoogde resultaat opgesteld en wordt de voortgang in de gaten gehouden; 6.passende inzet is het uitgangspunt. Indien de ondersteuningsvraag wijzigt wordt in samenwerking met afdeling WijZ van de gemeente Waalwijk, het Stevig Lokaal Team, de coaches maatschappelijke activering of in samenwerking met organisaties in de sociale basis beter passend aanbod ingezet; 7.wordt voortdurend beoordeeld of inwoner nog behoort tot de doelgroep zoals gesteld onder artikel 2; 8.bij de uitvoering van de activiteiten wordt samengewerkt met relevante partners in de gemeente. Samenwerkende partijen zorgen voor afstemming onderling en zetten samen kennis, inzet van medewerkers/vrijwilligers en locaties in t.b.v. het dagbestedingsaanbod in de gemeente; 9.de activiteiten hebben een integraal aanbod en worden verzorgd door een mix van vrijwilligers en professionele krachten om een zo breed mogelijke groep inwoners te kunnen bedienen, met dien verstande dat de professionele krachten te allen tijde worden ingezet voor activiteiten waarbij deze vorm van professionele ondersteuning noodzakelijk is; 10.activiteiten worden aangeboden met inachtneming van de kwaliteitseisen van de Wmo; 11de gewenste ondersteuning wordt vertaald naar concrete doelen/resultaten en daarbij behorende activiteiten worden systematisch gevolgd en geëvalueerd met de inwoner zelf en zo nodig aangepast; 12het aantal deelnemers en de resultaten op het vlak van instroom, doorstroom en uitstroom worden gemonitord. Artikel 6. Professionele begeleiding 1.Bij Indicatievrije dagbesteding wordt de professionele begeleiding geboden door deskundige medewerkers, zijnde een professional met minimaal een MBO-3 opleiding, richting Zorg en Welzijn. Op een groep bestaat minimaal 50% van de professionele begeleiding uit professionals met minimaal een MBO-4 opleiding, richting Zorg en Welzijn of een gelijkwaardige richting. 2.De professionele begeleiding beschikt over een geldige Verklaring Omtrent het Gedrag. 3.De professionele begeleiding: 4.is betrokken bij de inwoners; a.creëert een veilige en goede sfeer binnen de voorziening; b.creëert een laagdrempelige locatie; c.heeft proactief aandacht voor inwoners; d.heeft generieke deskundigheid en signalerend vermogen; e.is gericht op het behalen van de doelen en resultaten zoals bepaald bij de kennismaking of in het verloop van de deelname aan de activiteiten; f.monitort de ontwikkeling van inwoners en stelt activiteiten na evaluatie bij waar nodig; g.is gericht op het behoud of het bevorderen van de zelfredzaamheid en/of ontplooiing van de inwoners; h.begeleidt de vrijwilligers op de locatie; i.anticipeert op de mogelijk sterk veranderende ondersteuningsbehoefte van de deelnemers en schaalt waar nodig op en af naar het wijkteam, en j.houdt rekening met de situatie en draagkracht van de mantelzorger. Artikel 7. Locatievereisten, veiligheid en verzekering 1.Locaties voor indicatievrije dagbestedingsvoorzieningen : a.zijn gevestigd in de gemeente Waalwijk; b.beschikken over de permanente aanwezigheid van iemand met een BHV-certificaat; c.zijn veilig, schoon en bieden de passende faciliteiten voor een gevarieerd aanbod; d.zijn bij voorkeur laagdrempelig van karakter en nodigen uit om binnen te lopen; e.zijn ingespeeld op de individuele behoeften van de deelnemers; f.zijn volledig rolstoeltoegankelijk; g.zijn passend in het op dat moment geldende accommodatiebeleid. 2.In het geval activiteiten plaatsvinden waarbij wordt gewerkt met gereedschappen of machines, zijn door de aanbieder aantoonbare passende veiligheidsmaatregelen genomen in overeenstemming met de van toepassing zijnde regelgeving. 3.De aanbieder/subsidieontvanger beschikt over een adequate aansprakelijkheidsverzekering die dekking biedt voor schade aan derden, waaronder deelnemende inwoners, als gevolg van het handelen of nalaten van de aanbieder, diens medewerkers of ingeschakelde derden. Artikel 8. Vereisten subsidieaanvraag 1. Subsidieaanvragen voor het jaar 2027 kunnen worden ingediend vóór 1 november 2026. Aanvragen voor daaropvolgende jaren kunnen worden ingediend vóór 1 juni van het jaar voorafgaand aan het beoogde subsidiejaar. 2.Te laat ingediende subsidieaanvragen worden niet in behandeling genomen. 3.De aanvraag voor subsidie omvat: a. een bewijs van beschikbaarheid van een locatie van de dagbesteding, die gelegen is in de gemeente Waalwijk. b. Een volledig ingevuld aanvraagformulier met voldoende informatie betrekking hebbende op de volgende beoordelingsitems:i. Doelgroep en bereikii. Passende ondersteuningiii. Monitoring en kwaliteitiv. Samenwerkingv. Financieelc. Een uitgewerkte begroting, waarin de kosten en opbrengsten van de activiteiten waar de subsidie voor wordt aangevraagd op een transparante wijze worden weergegeven en voldoende worden onderbouwd, met inachtneming van wat gesteld is in artikel 3 en 5. Voor de begroting wordt minimaal de informatie inzichtelijk gemaakt die is opgenomen in het begrotingsformat (zie bijlage 1).d. Bij een eerste subsidieaanvraag een kopie van de oprichtingsakte, een overzicht van de bestuurssamenstelling, de statuten, het jaarverslag, de jaarrekening van het voorgaande jaar, een kopie bankafschrift ter controle van het opgegeven rekeningnummer waaruit de tenaamstelling en het rekeningnummer blijken. 4.Het college kan naar aanleiding van de aanvraag verzoeken om nadere informatie. De aanvrager wordt schriftelijk verzocht de vragen schriftelijk te beantwoorden binnen een termijn van minimaal 14 dagen, te rekenen vanaf de eerste dag na verzending van het verzoek. Indien de genoemde termijn is verstreken, zonder dat de gevraagde verduidelijking is ontvangen, wordt de aanvraag buiten behandeling gelaten. Artikel 9. Subsidie weigering In aanvulling op het bepaalde in de ASV weigert het college de subsidie in ieder geval, indien: a.de aanvrager geen aantoonbare expertise heeft op het gebied van aanbieden van activiteiten; b.uit de aanvraag niet of onvoldoende duidelijk is of de activiteiten die de aanvrager aanbiedt voorzien in een behoefte, of c.de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd niet primair een gemeentelijke verantwoordelijkheid zijn, of de totale kosten per deelnemende inwoner per dagdeel hoger zijn dan 90% van het door het college gecontracteerde tarief voor maatwerkdagbesteding per deelnemer per dagdeel. d.de aanvraag voor het behalen van de resultaten afhankelijk is van voorwaarden terwijl onvoldoende verzekerd is dat aan die voorwaarden op datum aanvraag is voldaan. e.de aanvraag op grond van het beoordelingskader in bijlage 2 bij deze regeling als onvoldoende wordt beoordeeld. f.uit de financiële beoordeling blijkt dat de aanvrager financieel ongezond is kijkend o.a. naar liquiditeit, solvabiliteit, exploitatieresultaat, ontwikkeling van deze ratio’s in de tijd en de uitleg door de subsidieaanvrager over de financiële gezondheid. g.er naar het oordeel van het college al voldoende vergelijkbaar aanbod is. Dit betekent dat na weging van de aanvraag blijkt dat er voor vergelijkbare activiteiten en doelgroepen subsidie is aangevraagd en het honoreren hiervan teveel van hetzelfde zou opleveren om in de vraag te voorzien. De aanvraag met een lagere score in de beoordeling wordt dan geweigerd. h.het door het college vastgestelde subsidieplafond bereikt is. i.de aanvrager al subsidie voor dezelfde of vergelijkbare activiteiten ontvangt via een andere subsidieregeling van de gemeente Waalwijk of van een andere subsidieverstrekker. Artikel 10. Subsidieplafond 1.Het college stelt jaarlijks vóór 1 juni een subsidieplafond, als bedoeld in artikel 4:22 Awb, vast voor subsidie met betrekking het volgende subsidiejaar. Met betrekking tot het subsidiejaar 2027 doet het dat vóór 1 november 2026. 2.Het onder lid 1 bedoelde besluit wordt vóór de in dat lid genoemde datum bekendgemaakt in het elektronisch Gemeenteblad van de gemeente Waalwijk. Daarbij wordt uitdrukkelijk gewezen op de mogelijkheid van verlaging van het subsidieplafond na vaststelling van de gemeentebegroting en de gevolgen daarvan. 3.Het college kan het subsidieplafond gewijzigd vaststellen na vaststelling van de gemeentebegroting voor het betreffende subsidiejaar door de Raad van Waalwijk. Het college kan dit doen binnen vier weken na vaststelling van de gemeentebegroting. 4.Het onder lid 3 genoemde besluit tot wijziging van het subsidieplafond wordt binnen een week bekendgemaakt door toezending daarvan aan degenen die een aanvraag om subsidie hebben ingediend, 5.Subsidies worden toegekend onder voorbehoud van toereikendheid van het subsidieplafond na eventuele wijziging daarvan na vaststelling van de gemeentebegroting, als bedoeld in lid 3. Zo nodig neemt het college binnen een redelijke termijn een gewijzigd subsidiebesluit. Artikel 11. Wijze van verdeling en bepaling subsidiebedrag 1.Aanvragen worden beoordeeld mits deze volledig zijn aangeleverd. 2.Bij de beoordeling van de aanvragen kent het college punten toe aan de hand van de volgende beoordelingsitems (zoals opgenomen het beoordelingskader dat onderdeel uitmaakt van de toelichting, bijlage 1): A. Doelgroep en bereikB. Passende ondersteuningC. Monitoring en kwaliteitD. SamenwerkingE. Financieel. 3.Aanvragen kunnen enkel worden goedgekeurd indien deze worden beoordeeld met een score boven de 75 punten, waarbij geen van de beoordelingsitems een score mag hebben van 0, bedoeld in bijlage 2 bij deze nadere subsidieregeling. 4.In afwijking van het derde lid kan een aanvraag alsnog worden afgewezen indien het niet voldoet aan de subsidievereisten, bedoeld in artikelen 7 en 8, of weigeringsgronden bevat, bedoeld in artikel 12. 5.Om te bevorderen dat de beschikbare voorzieningen gericht zijn op alle doelgroepen, wordt bij de beoordeling rekening mee gehouden met de nog te bereiken doelgroepen. Tevens wordt beoordeeld over er sprake is van een voldoende spreiding van voorzieningen over de gemeente. 6.De bepaling van de hoogte van het subsidiebedrag per aanvraag wordt bepaald op grond van het aantal te verwachten deelnemers en het aantal dagdelen dat de voorziening is geopend. Dit wordt vastgelegd beschikking. Artikel 12. Registratie en evaluatie 1. De subsidieontvanger registreert de volgende gegevens en geeft desgevraagd volledig inzicht aan het college:a. aantal deelnemers dat gebruik maakt van de voorziening;b. het aantal dagdelen per maand dat een individuele deelnemer aanwezig is op de dagbesteding;c. de start- en einddatum van de deelname aan de indicatievrije dagbesteding; d. de wijze waarop de deelnemer naar de voorziening is verwezen;e. de reden van deelname aan de dagbesteding;f. de uitstroomreden van deelnemers;g. het percentage deelnemers dat naast de dagbesteding ook gebruik maakt van andere algemene voorzieningen binnen de gemeente Waalwijk;h. de cliëntervaring en cliënttevredenheid, waaronder de impact op deelnemers en hun naastbetrokkenen;i. het percentage waarover de geformuleerde doelen worden behaald;j. eventuele knelpunten en verbetervoorstellen. 2.De te registreren gegevens, bedoeld in het eerste lid, zijn onderdeel van de gesprekken met de gemeente, de tussenbeoordeling en de subsidievaststelling. 3.De tussenbeoordeling vindt halfjaarlijks plaats. 4.De aanvrager verzoekt het college binnen de daartoe in de ASV gestelde termijnen de subsidie vast te stellen. Artikel 13. Hardheidsclausule Het college kan een of meer bepalingen van deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepaling te dienen doelen. Artikel 14. Bijzondere verplichtingen Indien door of namens de rijksoverheid of het college een onderzoek in relatie tot de verstrekte subsidie wordt ingesteld, verleent de subsidieontvanger op verzoek van het college daaraan de nodige medewerking en geeft hierbij volledig inzicht in alle gevraagde informatie en documenten. Artikel 15. Meerjarige subsidie Het college kan overeenkomstig artikel 3 van de ASV meerjarige subsidies verlenen. De hoogte van het subsidiebedrag per jaar is mede afhankelijk van de gerealiseerde prestaties zoals opgenomen de beschikking. Bij een meerjarige subsidie kan de hoogte van het subsidiebedrag jaarlijks worden gewijzigd bij een besluit van het college indien de omvang van deelname (= aantal gerealiseerde dagdelen op jaarbasis) in het voorafgaande jaar 20% lager is dan het aantal waar het subsidiebedrag op is gebaseerd. Artikel 16. Inwerkingtreding en citeertitel 1.Deze subsidieregeling treedt in werking op de dag na die, waarop zij is bekendgemaakt. 2.Op grond van deze regeling kunnen subsidies worden toegekend voor de jaren 2027 en verder. 3.Deze regeling kan worden aangehaald als ‘Subsidieregeling indicatievrije dagbesteding voor volwassenen 2027’. Aldus vastgesteld in de collegevergadering van 15 september 2026. Het College van Waalwijk, Namens deze, de secretaris, de burgemeester, Michel Tromp, Sacha C.A.M. Ausems Bijlage 1 Aanvraagformulier indicatievrije dagbesteding (behorende bij artikel 14, eerste lid) Vul het formulier in. Voor de vragen 5, 6, 7, 8 en 9 vragen we om een inhoudelijke beschrijving/ toelichting. Dit mag in een aparte bijlage bij het formulier worden gevoegd. ALGEMEEN en LOCATIE -Wat is de naam van het initiatief ……………………………………………………………………………………………………………. -Op welk adres of welke adressen vinden de activiteiten uit deze aanvraag plaats? …………………………………………………………………………………………………………………. Vink aan van wie het pand is waarin de activiteit plaatsvindt: ☐ Aanvrager is zelf eigenaar ☐ Corporatie ☐ Gemeente ☐ Particuliere verhuurder ☐ Anders, namelijk:…………………………………………………………………………… Is de locatie/zijn de locaties rolstoeltoegankelijk? ☐ ja / ☐ nee Is er een invalide-toilet aanwezig? ☐ ja / ☐ nee -Wat is de (beoogde) startdatum? …………………………………………………………………………………………………………… -Op welke dag of dagen is de voorziening open (geef aan of het ochtend, middag of avond is)? …………………………………………………………………………………………………………….. -Wat is het te verwachten gemiddeld aantal deelnemers per dagdeel? ……………………………………………………………………………………………………………….. -Wat is het totaal aantal unieke deelnemers op jaarbasis? (dit mag een inschatting zijn) ………………………………………………………………………………………………………………… A: DOELGROEP EN ACTVITEITEN 1. DOELGROEP EN BEREIK (meerdere opties mogelijk) ☐ Ouderen (algemeen) ☐ Ouderen (Psychogeriatrisch ) ☐ Psychiatrisch (GGZ) ☐ Autisme ☐ Verstandelijke beperking ☐ Lichamelijke beperking en/of zintuiglijke beperking ☐ Niet aangeboren hersenletsel ☐ Anders, namelijk: Geef aan waarom op deze doelgroep(en) wordt gericht. Beschrijf waarom deze doelgroepen zijn gekozen en waar de grenzen in de mogelijkheden liggen in je ondersteuningsaanbod. Geef aan voor de doelgroep(en) die worden bediend of er beperkingen zijn in het aanbod. …………………………………………………………………………………………………………………………….. 2. Geef aan hoe de doelgroep wordt bereikt en welke acties daartoe worden ondernomen. …………………………………………………………………………………………………………………….. B. PASSENDE ONDERSTEUNING 3. Beschrijf de activiteiten. Geef daarbij aan hoe de activiteiten aansluiten op de ondersteuningsvragen van de betreffende deelnemers, en aan welk doelen het aanbod bijdraagt. ……………………………………………………………………………………………………………………. 4. Omschrijf hoe het aanbod bijdraagt aan versterking van het netwerk van deelnemers en hoe het aanbod helpt bij het vergroten van veerkracht van inwoners. Geef daarbij aan hoe een integraal aanbod wordt gefaciliteerd. …………………………………………………………………………………………………………………….. C. MONITORING EN KWALITEIT 5. Omschrijf op welke wijze beoordeeld wordt of iemand tot de doelgroep van de subsidieregeling behoort en wordt gehandeld wanneer dit niet (meer) het geval is. Geef daarbij aan welke mogelijkheden worden gezien en geboden om op en af te schalen met lokale netwerkpartners. …………………………………………………………………………………………………………………………………………………… 6. Geef een omschrijving hoe de begeleiding wordt vormgegeven, welke deskundigheid wordt ingezet en de verhouding tussen inzet vrijwilligers en betaalde krachten beroepskrachten. Geef hierbij aan hoe deze begeleiding aansluit bij de voornoemde doelgroep. ……………………………………………………………………………………………………………………………. 7. Beschrijf of er gebruik wordt gemaakt van mensen met ervaringskennis of ervaringsdeskundigen (vrijwilligers of beroepskrachten) bij het ontwikkelen of aanbieden ban het ondersteuningsaanbod.………………………………………………………………………………………………………………………… D. SAMENWERKING 8. Beschrijf je visie op de lokale samenwerking met gemeentelijke en welzijn/zorgpartners. ……………………………………………………………………………………………………………………….. 9. Benoem welke samenwerkingsafspraken met lokale partners zijn gemaakt waar de indicatievrije dagbesteding onderdeel van is. ……………………………………………………………………………………………………………… E. FINANCIEEL 10. Vul onderstaand begrotingsformat in. BEGROTINGSFORMAT Voor de beoordeling van de aanvraag hebben we inzicht in de kosten van de aanvraag nodig. Specificeer de kosten van de activiteit(en). Overzicht financiële aanvraag (begroting) A. Personele kosten Kosten € € € € € Totaal personele kosten € Bijvoorbeeld loonkosten directie, loonkosten medewerkers, onkostenvergoeding vrijwilligers, overige vergoedingen vrijwilligers, deskundigheidsbevordering, inhuur externe medewerkers. B. Huisvestingskosten Kosten € € € € € Totaal huisvestingskosten € Bijvoorbeeld: huur, energie, lokale heffingen, onderhoudskosten, etc. C. Afschrijvingen Kosten € € € € € Totaal afschrijvingskosten € Bijvoorbeeld bedrijfspand, inventaris, etc. D. Overige kosten Kosten € € € € € Totaal overige kosten € Bijvoorbeeld: kantoorkosten, telefoonkosten, accountantskosten E. Totale kosten Kosten Totale kosten (A, B, C, D) € F. Inkomsten Kosten Totale inkomsten (subsidies van derden, deelnemersbijdragen, contributies, sponsorgelden, etc.) € Saldo € G. Totale kosten Kosten Totale kosten (E-F) € Kosten per dagdeel per deelnemer Totaal aantal dagdelen op jaarbasis (Y) Gemiddeld aantal deelnemers per dagdeel (Z) Kosten per dagdeel per deelnemer (G/ (Y x Z)(*) € (*) Indicatievrije dagbesteding: Beoordeling van de reële kosten worden gedaan aan de hand van de maatwerktarieven voor dagbesteding die de gemeente hanteert. Deze kosten mogen maximaal 90 % zijn van het door de gemeente Waalwijk gehanteerde tarief voor Wmo-maatwerk (trede 4) voor recreatieve-, ontwikkelingsgerichte-, arbeidsmatige dagbesteding per deelnemer per dagdeel, bedoeld in artikel 10 eerste lid, onderdeel c van de subsidieregeling. Voor een vergelijking van de van toepassing zijnde tarieven wordt gekeken naar de doelgroep en de doelstellingen waarop wordt gericht. Toelichting (geef hieronder een toelichting op de begroting. Vermeld bijzonderheden die we zouden moeten weten). Bijv. bij cofinanciering vermelden -Soort inkomsten of cofinanciering, bijvoorbeeld subsidies van derden, deelnemersbijdragen, contributies, sponsorgelden, inkomsten Wlz, Wmo, PGB -Wat zijn de consequenties als de opbrengsten uit cofinanciering tegen- of wegvallen? Bijlage 2 behorende bij artikel 14, derde lid Beoordelingskader De items worden beoordeeld aan de hand van de antwoorden die behoren bij de deelvragen van het aanvraagformulier. Elk antwoord wordt voorzien van een score die leidt tot een totaal score. In totaal zijn er 100 punten te verdelen. Een subsidieaanvraag wordt enkel in overweging genomen bij minimaal 75 punten, waarbij geen van de beoordelingsitems een score bevat van 0, bedoeld in artikel 14, derde lid. Toelichting bij de subsidieregeling Indicatievrije dagbesteding Aanleiding Op 11 april 2024 heeft de gemeenteraad van Waalwijk het Implementatieplan Samen Redzaam vastgesteld. Hierin zijn de beleidsambities voor de komende jaren vastgesteld. Om de samenhang vanuit de verschillende beleidsvelden te bewaken wordt gewerkt met een tredenstructuur, die de ondersteuning in vier niveaus verdeelt: 1.Algemeen collectief – vrij toegankelijke voorzieningen voor iedereen 2.Algemeen selectief – lichte ondersteuning specifiek voor bepaalde doelgroepen 3.Indicatievrije zorg – laagdrempelige begeleiding zonder indicatie 4.Maatwerkvoorzieningen –specialistische begeleiding op basis van een indicatie De beweging gaat van maatwerk (trede 4) naar lichtere vormen van ondersteuning en begeleiding (treden 1 tot en met 3). Trede 3 fungeert als een brugfunctie. Inwoners maken namelijk niet zomaar de overstap van maatwerk naar volledig zelfstandige deelname in de gemeenschap. Een breed aanbod in de tussenliggende treden is daarom essentieel. Indicatievrije dagbesteding Binnen het Sociaal Domein willen we inwoners in hun kracht zetten door het versterken van het eigen netwerk. Wanneer inwoners niet op eigen kracht kunnen deelnemen in de gemeenschap kunnen zij in eerste instantie gebruik maken van de vrij toegankelijke voorzieningen in het voorliggende veld. We zorgen ervoor dat er voorliggend, zonder indicatie, zoveel mogelijk beschikbaar is voor onze inwoners om de druk van de zorg af te halen. Op deze manier blijft specialistische zorg beschikbaar voor onze meest kwetsbare inwoners. De komende jaren wil de gemeente Waalwijk zo maximaal mogelijk inzetten op laagdrempelige en lokale voorzieningen. Hiermee gaan we terug naar de bedoeling en de eenvoud, met als uitgangspunt “geen stempel, geen drempel”. Voor onze kwetsbare inwoners, waarvoor geen passend aanbod beschikbaar is binnen deze voorliggende voorzieningen, blijft een indicatie voor maatwerk beschikbaar via daartoe afgesloten overeenkomsten met zorgaanbieders. Indicatievrije dagbesteding Indicatievrije dagbesteding is in de periode 2024 tot en met 2026 binnen de gemeente Waalwijk als pilot opgezet. Omdat de huidige subsidieregeling afloopt, en we wel vervolg willen geven aan de ingezette ontwikkeling is een nieuwe regeling gemaakt. Binnen de indicatievrije dagbesteding wordt er gewerkt aan ondersteuningsvragen van inwoners, aan de hand van doelen en resultaten. Inwoners kunnen rechtstreeks contact opnemen met aanbieders van indicatievrije dagbesteding. Zij hoeven voor deelname geen indicatie te hebben vanuit de Wmo. Inwoners houden zelf de regie om dagbesteding te vinden die passend is bij de eigen interesses en kwaliteiten. Met deze nieuwe regeling wordt beoogd een divers landschap neer te zetten, en waar mogelijk uit te breiden passend bij de behoeften van de doelgroep. Indicatievrije dagbesteding is gepositioneerd op trede 3. Deelnemers van indicatievrije dagbesteding werken aan bepaalde doelen en resultaten. Hierbij zetten we in op het versterken van de zelfredzaamheid van onze inwoners. Waar mogelijk faciliteren we doorstroom naar andere voorzieningen binnen de sociale basis. Binnen de indicatievrije dagbesteding is professionele begeleiding aanwezig die de ontwikkeling van deelnemers begeleidt en stimuleert. Dit wordt gedaan door het bieden van een passend aanbod van activiteiten aansluitend bij de hulpvraag van de deelnemende inwoners. Wanneer de inwoner zijn/haar doelen heeft bereikt wordt er afgeschaald naar trede 1 en 2 binnen het voorliggend veld, eventueel onder begeleiding van het Stevig Lokaal Team. Ook wanneer de zorgaanbieder constateert dat de ondersteuningsvraag van de inwoner niet passend is bij het aanbod wat zij aanbieden of wanneer er een andere zorgbehoefte is, kan het Stevig Lokaal Team ingezet worden. Het Stevig Lokaal Team zal samen met de inwoner verder kijken naar wat dan wel passend aanbod is aansluitend bij de behoeften van de inwoner. Voor de meest kwetsbare inwoners kan er nog steeds opgeschaald worden naar maatwerkvoorzieningen op trede 4. Maatwerkvoorzieningen Het kan voorkomen dat er geen passend aanbod is voor de inwoner in ons voorliggende veld of de indicatievrije dagbesteding, omdat er een andere (zorg)behoefte is. Voor deze inwoners hebben wij met diverse aanbieders afspraken gemaakt voor het bieden van individuele begeleiding en dagbesteding. Inwoners kunnen op basis van een indicatie bij deze aanbieders terecht. Artikelsgewijze toelichting Artikel 1 In dit artikel worden de begrippen uitgelegd die niet eerder uitgelegd zijn in de Wmo, de ASV en de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Waalwijk. Artikel 2 Indicatievrije dagbesteding heeft als doel dat inwoners zonder obstakels terecht kunnen bij activiteiten die bijdragen aan de zelfredzaamheid en de ontwikkeling van hunzelf. Hiermee stimuleren we dat deze inwoners kunnen meedoen in onze gemeenschap of nemen we zorgen bij mantelzorgers weg. Daarnaast kan indicatievrije dagbesteding worden ingezet voor het ontwikkelen van bepaalde werknemersvaardigheden, waardoor deze inwoners op termijn mogelijk weer aan het werk kunnen of kunnen deelnemen aan vrijwilligerswerk. De noodzaak tot aanwezigheid van zorgprofessionals is voorwaardelijk voor het kunnen deelnemen aan indicatievrije dagbesteding. Artikel 3 Een rechtspersoon is een juridische benaming voor een organisatie die rechts- en handelingsbevoegdheid heeft. Een rechtspersoon kan bijvoorbeeld een bedrijf, vereniging of stichting zijn. Artikel 4 In onderdeel a, b, en c wordt gesteld dat de subsidie enkel besteed kan worden aan kosten die voortkomen uit activiteiten en professionele ondersteuning die nodig is om de doelen in artikel 2 te behalen. In onderdeel d komt naar voren dat de kosten niet mogen voortkomen vanuit oprichtingskosten, activiteiten die niet behoren tot deze nadere subsidieregeling en het bekostigen van topfunctionarissen die het maximumbedrag overstijgen zoals opgenomen in artikel 2.3, tweede tot en met vierde lid, van de Wet normering topinkomens. Artikel 5 In dit artikel wordt aangegeven dat de activiteiten aan moeten sluiten op de doelstellingen van Samen Redzaam. Hiermee beogen we dat initiatieven onder deze regeling een bijdrage leveren aan de lokale transformatie. Daarnaast is het een vereiste dat de activiteiten lokaal, in onze gemeenschap, dichtbij onze inwoners plaatsvinden. Over de aard van de activiteiten wordt gesteld dat deze moeten aansluiten bij de behoeften, de interesses, de mogelijkheden en de beperkingen van de deelnemers, waarbij er een gevarieerd en vraaggericht aanbod aan activiteiten moet ontstaan die bijdragen aan de zelfredzaamheid en/of ontplooiing van de deelnemers en behoud van de inzet van hun mantelzorgers. De activiteiten worden met de deelnemers geëvalueerd om na te gaan of dat de activiteiten aansluiten bij de ondersteuningsvraag van de deelnemers. Waar nodig worden er andere activiteiten opgezet door de betreffende voorziening. Passende inzet is het uitgangspunt. Wat hiermee wordt bedoeld is dat inwoners passen binnen doel van de voorzieningen (artikel 2 van deze subsidieregeling) en dat zij worden begeleid naar een volgende stap binnen het voorliggende veld wanneer dit mogelijk voor hen is. De samenwerking wordt hierin opgezocht met het Stevig Lokaal Team en het voorliggende veld. Ook zoeken de voorzieningen samenwerkingen op met andere relevante partners zodat zij van elkaar kunnen leren en elkaar kunnen ondersteunen. Hierbij kan gedacht worden aan de andere partijen die zich inschrijven op deze subsidies of zorgaanbieders die werkzaam zijn in de gemeente Waalwijk. De voorzieningen kunnen zowel vakspecialisten in dienst hebben als vrijwilligers. Het is van belang dat de vakspecialisten met expertise worden ingezet op de momenten dat professionele ondersteuning noodzakelijk is. Denk hierbij aan coaching en begeleiding op de ondersteuningsvraag van de deelnemer, en de monitoring van de voortgang daarvan. Artikel 6 In het eerste lid wordt aangegeven welke (opleidings)eisen worden gesteld indien er sprake is van inzet van professionals. In het tweede lid wordt aangegeven dat elke professionele kracht in het bezit is van een verklaring omtrent gedrag. Hiermee beogen we waarborgen te bieden aan inwoners dat medewerkers van de dagbesteding van onbesproken gedrag zijn. In het derde lid wordt gespecificeerd waar professionele begeleiding oog voor moet hebben. Dit is een niet uitputtende lijst, maar zijn de minimale vereisten. Voor het overige gelden algemene wettelijk vereisten en normen en waarden behorende bij dienstverlening aan kwetsbare mensen en diens naasten. Artikel 7 In artikel 7 wordt ingegaan op de locatie vereisten. De voorziening dient gevestigd te zijn Waalwijk, Sprang-Capelle of Waspik. Het dient een locatie te zijn die veilig en schoon is en waarbij faciliteiten de mogelijkheden bieden voor een gevarieerd aanbod aan activiteiten. Met een laagdrempelige locatie wordt bedoeld dat iedereen zich er welkom voelt en er eenvoudig gebruik van kan maken, ongeacht achtergrond of omstandigheden. De focus ligt op het wegnemen van barrières, zodat meer inwoners kunnen deelnemen of ondersteuning kunnen krijgen. Inwoners in een rolstoel dienen ook de locatie kunnen te betreden. Ook wordt geacht dat rekening gehouden wordt met de individuele behoeften van de deelnemers. Bijvoorbeeld ruimten waar de deelnemers zich terug kunnen trekken op het moment dat zij teveel prikkels ervaren. Daarnaast is de accommodatie van de voorziening passend binnen het op dat moment geldende accommodatiebeleid. In het geval er ambachtelijke activiteiten worden aangeboden waarbij machines en gereedschappen worden gebruikt dan wordt voldaan aan de wettelijk veiligheidsvereisten met betrekking tot het gebruik van deze machines en gereedschappen. Hierbij dient ook rekening gehouden dat de begeleiding voldoende bekwaam en bevoegd is dergelijk activiteiten te begeleiden. Alle aanbieders van activiteiten beschikken over een passende bedrijfsverzekering. Artikel 8 In artikel 8 zijn de vereisten voor een subsidieaanvraag opgenomen. De subsidies dienen voor het jaar 2027 ingediend te worden vóór 1 november 2026. Voor aanvragen in de jaren daarna geldt 1 juni. De vereisten in het tweede lid zijn altijd van toepassing bij het indienen van een subsidieaanvraag. De vereisten in het derde lid zijn enkel van toepassing als de rechtspersoon nog niet eerder een aanvraag voor een subsidie heeft ingediend bij de gemeente. Deze informatie is nodig om met zekerheid te kunnen vaststellen dat de rechtspersoon bestaat en voldoet aan de vereisten van de subsidieaanvraag. Op het bankafschrift moet zichtbaar zijn de tenaamstelling en het banknummer, de overige informatie mag weggelaten worden. Dit is nodig om te controleren dat het opgegeven banknummer juist is. Volgens het vierde lid van dit artikel kunnen er verduidelijkende vragen gesteld worden door het college. Op deze manier krijgt het college meer zicht op het beoogde van de subsidieaanvrager. Zij nemen de beantwoording mee in de toetsing van de aanvraag, mits deze binnen de gestelde termijn is beantwoord. De termijn is 14 werkdagen, maar hiervan kan worden afgeweken indien dit door het college is aangegeven. Als de subsidie niet voldoet aan de vereisten zoals opgenomen in het eerste tot en met vierde lid, kan de subsidie niet getoetst worden en hoeft deze dus niet meegenomen te worden in het verdere proces. Artikel 9 In artikel 9 is een opsomming gegeven van redenen waarop het college de subsidieaanvraag kan weigeren, naast de weigeringsgronden die zijn opgenomen in de ASV. Kortom, als één van de aangehaalde zaken in artikel 9 van deze subsidieregeling of weigeringsgronden vanuit de ASV van toepassing is, zal de subsidieaanvraag geweigerd worden. Artikel 10 Het totale subsidiebedrag wordt jaarlijks vastgesteld in de gemeentebegroting van Waalwijk en gepubliceerd op de website van de gemeente Waalwijk. Dit betekent dat het totaal beschikbaar subsidieplafond jaarlijks kan wijzigen. De keuze hieromtrent wordt bepaald door de voortgang op de beleidsdoelen die worden nagestreefd en de middelen die daarvoor ter beschikking worden gesteld. Subsidies worden alleen verstrekt zolang het daarvoor beschikbare budget niet is uitgeput. Zodra het subsidieplafond in een boekjaar is bereikt, worden nieuwe aanvragen afgewezen. Dit zorgt ervoor dat er niet meer subsidies worden toegekend dan het beschikbare budget toelaat. Artikel 11 Alleen volledige aanvragen worden beoordeeld in behandeling genomen. Het aanvraagformulier, zoals vastgesteld in bijlage 1, dient volledig ingevuld te zijn. Wanneer het aanvraagformulier niet volledig is ingevuld kan de aanvraag niet getoetst worden. De datum dat het volledige aanvraagformulier ontvangen is, is de datum van binnenkomst. De subsidies worden beoordeeld aan de hand van het beoordelingskader, welke als bijlage is toegevoegd bij deze nadere subsidieregeling. Een subsidie wordt enkel verstrekt aan een voorziening met een score boven de 75 punten, waarbij er geen 0 score mag zijn op één van de beoordelingsitems. Ook wanneer een voorziening voldoet aan een voldoende score kan het college de aanvraag afwijzen. Aanvragen worden in onderlinge samenhang beoordeeld. Om een zo goed mogelijk dekkend landschap te krijgen, wordt er gekeken dat de subsidiemiddelen worden verdeeld over partijen die gezamenlijk een zo’n groot mogelijk gedeelte van de doelgroep kunnen bereiken. Aanvragen die het subsidieplafond overstijgen worden afgewezen. Dit kan ook betekenen dat bij de beoordeling blijkt dat er onvoldoende middelen zijn, of noodzaak is, om een aanvraag volledig te honoreren. Een aanvraag wordt dan gedeeltelijk toegekend. Artikel 12 Dit artikel ziet op de wijze van monitoring en evaluatie. Op het moment dat de subsidieaanvrager een subsidie ontvangt, wordt er gesproken over een subsidieontvanger. Ter verantwoording van de ontvangen subsidie worden de onderdelen genoemd onder a tot en met j gemonitord. Al deze onderdelen worden meegenomen in de monitoringsgesprekken tussen de gemeente en de voorziening. Tevens wordt gevraagd maandelijks een registratie van deelname te overleggen. De te monitoren gegevens maken onderdeel uit van de periodiek overleggen. Elk half jaar vindt er een tussenbeoordeling plaats. De eindverantwoording ontvangt de gemeente drie maanden na afloop van de subsidieperiode. Artikel 13 In dit artikel wordt aangegeven dat het college een uitzondering mag maken op eisen die benoemd zijn binnen deze nadere subsidieregeling, wanneer de gevolgen voor de subsidieaanvrager niet in verhouding zijn als dit toegepast zou worden. De strakke handhaving van de regels zouden op dat moment het doel van de nadere subsidieregeling voorbijgaan. Artikel 14 Subsidieontvangers kunnen onderwerp van onderzoek bijvoorbeeld op grond van kwaliteit of rechtmatigheid. Dit kan ook een onderzoek zijn dat door de regionaal Toezichthouder is geïnitieerd. Indien dit het geval is wordt het College hierover door de Toezichthouder op de hoogte gesteld. Het College kan ook zelf opdrachtgeven tot het uitvoeren van een onderzoek. Artikel 15 Dit artikel bepaalt dat de ingangsdatum van deze nadere subsidieregeling 1 januari 2027. De einddatum is niet bepaald. De regeling eindigt wanneer het college hiertoe een besluit neemt. Met deze subsidietermijn onderstreept het College het in gang gezette beleid en geeft zij duidelijkheid aan subsidiepartners over de beleidsrichting. Aan subsidieontvangers kan een meerjarige subsidie worden verstrekt aan initiatieven die aantoonbaar blijk geven van hun toegevoegde waarde, blijkend uit de beoordeling, en/of daarop volgende evaluatie en monitoring. Met partijen die een meerjarige subsidie ontvangen worden aanvullende afspraken gemaakt overeenkomstig de ASV omtrent tussentijdse verantwoording en andere verplichtingen.

Meer informatie