Herzien verkeersbesluit – Onverplicht fietspad Schapendrift Blaricum
Herzien verkeersbesluit – Onverplicht fietspad Schapendrift Blaricum Burgemeester en wethouders van Blaricum, Gelet op: •artikel 18, lid 1 onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994) dat verkeersbesluiten worden genomen door burgemeester en wethouders voor zover zij betreffen het verkeer op wegen, welke niet in beheer zijn bij het Rijk, de provincie of een waterschap; •artikel 15, lid 1 van WVW 1994, dat de plaatsing van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens en onderborden, voor zover daarvoor een gebod of een verbod ontstaat, geschiedt krachtens een verkeersbesluit; •artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) dat de plaatsing van verkeerstekens, zoals opgenomen in bijlage 1 van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990) – en een eventueel onderbord waarmee het gebruik beperkt wordt - moet geschieden krachtens een verkeersbesluit; •artikel 24 van het BABW dat verkeersbesluiten worden genomen na overleg met de politie Regio Midden Nederland, district Gooi en Vechtstreek, cluster Noord; Overwegende dat: •onderhavig besluit gaat over het weggedeelte van de Schapendrift tussen de Anton Mauvelaan en de 2e Ruiterweg (in Laren); •het bedoelde deel van de weg herkenbaar, veelvoorkomend en onderdeel is van een netwerk van karakteristieke onverharde onverplichte fietspaden in Blaricum; •de geldende wegenlegger van de Gemeente Blaricum (1935) dit gedeelte van de Schapendrift al tot rijwielpad benoemt; •decennia geleden door middel van het plaatsen van twee houten slagbomen fysiek is afgedwongen dat gemotoriseerd verkeer het onverharde deel van de Schapendrift niet gebruikt; •daarbij ook het pad voorzien is van de borden onverplicht fietspad (bord G13 uit RVV 1990); •de grond van dit weggedeelte in het bestemmingsplan is aangewezen als bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' met functieaanduiding ‘specifieke vorm van verkeer – onverhard’ welke bestemd zijn voor: • verblijfsgebied met een functie voor verblijf, verplaatsing en gebruik ten dienste van de aangrenzende bestemmingen, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer-onverhard' uitsluitend onverharde paden zijn toegestaan; •gezien bovenstaande het vanuit de gemeente Blaricum wenselijk is om het karakter en de functie van het wegdeel van de Schapendrift te behouden door het via de twee slagbomen voorkomen of beperken van aantasting door gemotoriseerd verkeer, wat strekt tot artikel 2, lid 2, onder b (WVW 1994); •enkel bebording onvoldoende het doorgaande verkeer zal weren en het daarom, ook in het kader van handhaafbaarheid, wenselijk is de geplaatste slagbomen te behouden; •het daarmee waarborgen van de veiligheid op de weg als argument strekt tot artikel 2, lid 1, onder a en b (WVW 1994); •het weren van doorgaand autoverkeer tevens de leefbaarheid voor omwonenden van het onverharde deel van de Schapendrift en van de in het verlengde daarvan gelegen 2e Ruiterweg (in Laren) waarborgt; •er voor doorgaand autoverkeer een geschikter alternatief aanwezig is via het parallel gelegen met asfalt verharde deel van de Schapendrift en de Anton Mauvelaan in het verlengde daarvan; •het omgevingsplan van de gemeente Blaricum de bouw van twee woningen (Schapendrift 83 en 85) toestaat; •de slagbomen voor de duur van de woningbouw zijn geopend en betonplaten zijn geplaatst om bouwverkeer via Blaricum te kunnen laten aanrijden; •reden daartoe is dat bouwverkeer (als het vrachtwagens betreft) niet vanuit het zuiden mag aanrijden omdat op de 2e Ruiterweg in Laren een vrachtwagenverbod van kracht is; •na de woningbouw de slagbomen teruggeplaatst en de betonplaten verwijderd moeten worden; •indien de slagbomen op dezelfde locatie teruggeplaatst worden als voor de woningbouw de uitritten van zowel Schapendrift 83 als 85 tussen de twee slagbomen in gesitueerd zijn; •daardoor deze adressen niet ontsloten zijn voor motorvoertuigen; •verplaatsing van de zuidelijke slagboom (zie situatietekening) enkele meters naar het noorden borgt dat verkeer van genoemde twee adressen kan uitwegen richting de 2e Ruiterweg in Laren en niet tussen de slagbomen ‘gevangen’ wordt; •daarmee de vrijheid van het verkeer zoveel mogelijk wordt gewaarborgd zonder af te doen aan andere belangen, zoals behoud van (het karakter en de) functie van onderhavig deel van de Schapendrift als (onverhard) onverplicht fietspad; •het besluit strekt tot artikel 2, lid 1, onder d (WVW 1994), omdat hiermee redelijkerwijs vrije toegang wordt verleend tot de openbare weg; •voor het inschatten van de verkeerseffecten een verkeerstelling is gedaan van de huidige situatie (bijlagen 2 en 3); •daaruit blijkt dat er in de huidige situatie gemiddeld 33 motorvoertuigen per werkdagetmaal ontsluiten via de zuidkant van de Schapendrift van / naar de 2e Ruiterweg en 133 fietsers passeerden (zoals gemeten tussen 10 december en 19 december 2025); •daar op basis van de kencijfers voor verkeersgeneratie (CROW uitgave Parkeerkencijfers 2024, vrijstaand koophuis, matig stedelijk gebied, rest bebouwde kom) afgerond 18 motorvoertuigen per werkdagetmaal bijkomen ten gevolge van de bouw van de twee woningen en de beoogde verplaatsing van de zuidelijke slagboom; •deze verkeerstoename leidt tot gemiddeld 51 motorvoertuigen per werkdagetmaal op de (in Laren gelegen) 2e Ruiterweg; •genoemde verkeerstoename en totaal aantal motorvoertuigen per werkdagetmaal zeer laag is en hoofdzakelijk daarom niet als problematisch voor de verkeersveiligheid en leefbaarheid op de 2e Ruiterweg wordt beschouwd; •meespeelt in deze beoordeling is dat de met asfalt verharde 2e Ruiterweg op een enkele puntvernauwing na een breedte heeft van circa 3,1 meter met aan weerszijden een (overrijdbare, effen) berm van circa 1,5 meter, zodat in totaal een wegbreedte aanwezig is van circa 6 meter; •twee auto’s elkaar er kunnen passeren indien één daarvan deels uitwijkt naar de berm; •het omgevingsplan van de gemeente Blaricum niet meer woningen toestaat langs het onverharde deel van de Schapendrift, zodat een verdere toename van gemotoriseerd verkeer vanaf de Schapendrift naar de 2e Ruiterweg in Laren niet zal optreden; •het onverharde deel van de Schapendrift voldoet aan de inrichtingskenmerken van een onverplicht fietspad (ASVV 2021, CROW; 14.2.2); •aan de achterzijde van de percelen van de Anton Mauvelaan 1,3,5 en 7, die uitkomen op het onverharde deel van de Schapendrift, toegangspoorten zijn gerealiseerd die enkel toegankelijk zijn voor fiets- en voetverkeer; •het mede daarom passend is om dit weggedeelte aan te wijzen als onverplicht fietspad en bijbehorende bebording G13 (RVV 1990) te plaatsen, conform bijgevoegde situatietekening (voor zover niet al geplaatst); •hulpdiensten te allen tijde de slagbomen kunnen openen middels universele sleutel; •de geslotenverklaring voor alle voertuigen (bord C1 uit RVV 1990) op de kruising Anton Mauvelaan met de Schapendrift onjuist is omdat het fietsers uitsluit die er wel mogen rijden; •het evenwel wenselijk is duidelijk te benadrukken dat het niet is toegestaan voor motorvoertuigen om het onverharde deel van de Schapendrift bij de aansluiting met Anton Mauvelaan in te rijden met uitzondering van bestemmingsverkeer voor Schapendrift 81; •daartoe genoemd C1 bord wordt vervangen voor een geslotenverklaring voor motorvoertuigen (bord C12 uit RVV 1990) met uitzondering van bestemmingsverkeer voor Schapendrift 81; •de in dit verkeersbesluit onder 'besluiten' genoemde wegen en paden in beheer zijn bij de gemeente Blaricum, en gedeeltelijk of geheel gelegen zijn binnen de bebouwde kom; •overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer overleg hierover heeft plaatsgevonden met de politie Regio Midden Nederland, district Gooi en Vechtstreek, cluster Noord, en dat positief is geadviseerd. BESLUIT 1.de motivering van het Verkeersbesluit – Onverplicht fietspad Schapendrift (d.d. 22 september 2025; Gemeenteblad 2025, 403600), aan te vullen met de overwegingen in de bijlage (hieronder) bij dit besluit en het verkeersbesluit voor het overige in stand te laten; 2.tot het plaatsen van bebording G13 (RVV 1990) “onverplicht fietspad” op de Schapendrift, conform de situatietekening; 3.tot het behouden van de slagboom (die motorvoertuigen zal weren) aan de noordzijde van het onverharde deel van de Schapendrift nabij nummer 81; 4.tot het verplaatsen van de slagboom aan de zuidzijde van het onverharde deel van de Schapendrift in noordelijke richting, waardoor verkeer van- en naar de woningen met de adressen Schapendrift 83 en 85 naar het zuiden kan uitwegen via de 2e Ruiterweg in Laren conform de situatietekening (geel gekleurd); 5.tot het verwijderen van het bord C1 (RVV 1990) “geslotenverklaring voor alle voertuigen” met onderbord, conform de situatietekening; 6.tot het plaatsen van bord C12 (RVV 1990) “geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen” met onderbord met de tekst “uitgezonderd bestemmingsverkeer Schapendrift 81”. SITUATIETEKENING (zie bijlage 1) Eemnes, 28-09-2026Namens het college van Blaricum,K. JordansTeamleider Ruimtelijke OntwikkelingBEL CombinatieDit besluit is digitaal ondertekend. Beroepsclausule Dit verkeersbesluit maakt deel uit van een beslissing op bezwaar. Belanghebbenden die het niet eens zijn met ons besluit kunnen daartegen binnen zes weken na de bekendmaking (de publicatiedatum van dit verkeersbesluit) beroep instellen bij de Rechtbank Midden Nederland, Afdeling bestuursrecht, o.v.v. bodemzaken, Postbus 16005, 3500 DA Utrecht. Indien er sprake is van onverwijlde spoed kunt u desgewenst tegelijk met uw beroepschrift of tijdens de beroepsprocedure een voorlopige voorziening verzoeken. Hiervoor kunt u voornoemd postadres gebruiken, o.v.v. voorlopige voorzieningen. U kunt uw beroep- en verzoekschrift ook digitaal indienen bij genoemde rechtbank via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor dient u te beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). BIJLAGE Memo – Aanvullende motivering nieuw verkeersbesluit Schapendrift te Blaricum 1. Situatieschets op het deel van de Schapendrift met slagbomen De opzet van dit memo volgt de vijf elementen die de commissie voor de bezwaarschriften heeft benoemd voor opname in de aanvullende motivering. Op het onverharde deel van de Schapendrift staan al decennialang twee houten slagbomen, waartussen een onverhard pad ligt dat toegankelijk is voor wandelaars en fietsers. Het pad is (eveneens decennialang) aangeduid met de borden ‘onverplicht fietspad’ (bord G13 uit bijlage 1 van het RVV 1990). De slagbomen zijn bedoeld en geplaatst om doorgaand autoverkeer tegen te houden en het rustige karakter van het onverharde pad te bewaren. Doorgaand autoverkeer rijdt over de parallel gelegen Anton Mauvelaan en het in het verlengde daarvan liggende verharde deel van de Schapendrift. De situatie is de afgelopen jaren veranderd. Er is namelijk een nieuwe woning gebouwd (Schapendrift 85) en er is nog een leegstaand perceel daarnaast (ten behoeve van de bouw van nummer 83). Voor de bouw van de al gerealiseerde woning zijn tijdelijk betonplaten aangebracht op het onverharde deel van de Schapendrift en zijn de twee slagbomen daar verwijderd zodat bouwverkeer via Blaricum kon aanrijden. Bouwverkeer via de 2e Ruiterweg in Laren laten aanrijden is niet toegestaan omdat daar een vrachtwagenverbod van kracht is. Afgesproken is toen dat na de bouwactiviteiten de betonplaten weer door de aanvrager verwijderd worden. De gemeente Blaricum moet nu de bouw is afgerond de oorspronkelijke situatie met de slagbomen herstellen, mede op verzoek om handhaving van de verwijder afspraak door andere aanwonenden. Daar is een praktisch probleem ontstaan. De uitrit van de gebouwde woning ligt tussen de twee slagbomen in. Dat geldt ook voor de uitrit van de voorziene woning op Schapendrift 83. Als de gemeente Blaricum de situatie van voor de bouw weer terug zou brengen dan kunnen bewoners hun perceel niet meer bereiken met een motorvoertuig. 2. Concrete verkeersmaatregelen die het verkeersprobleem oplossen Naast het verplaatsen van de slagboom wordt de bebording formeel vastgesteld, zoals dat wettelijk is voorgeschreven. Ontbrekende bebording wordt aangevuld of weer teruggeplaatst. Eén slagboom wordt iets verplaatst We verplaatsen de zuidelijke slagboom op het onverharde deel van de Schapendrift circa 10 meter naar het noorden. Hierdoor blijven de percelen met gebouwde woningen per motorvoertuig bereikbaar vanuit het zuiden (via de 2e Ruiterweg in Laren). We stellen het onverplichte fietspad voor alle duidelijkheid nogmaals vast Dit sluit aan bij hoe het onverharde deel van de Schapendrift tussen de slagbomen nu al gebruikt wordt: door fietsers en wandelaars. In de wegenlegger (van 1935) wordt het onverharde deel van de Schapendrift al aangeduid als rijwielpad. Zoals aangegeven staan aan weerszijden van het onverharde deel van de Schapendrift reeds decennialang de (in bijlage 1 van het RVV 1990 omschreven G13) borden die het onverplichte fietspad aanduiden. Een onduidelijk verkeersbord wordt weggehaald Het verkeersbord (C1 zoals omschreven in bijlage 1 van het RVV 1990) dat alle voertuigen toegang verbiedt vanaf de Anton Mauvelaan het onverharde deel van de Schapendrift op, is tegenstrijdig met het bord ‘fietspad’ dat fietsers juist toegang geeft. We passen de bebording aan zodat deze klopt. Fietsers en uitsluitend autoverkeer van het aanliggende perceel (Schapendrift 81) hebben dan wel toegang. 3. Effectenanalyse Door aanwezigheid van het onverplichte fietspad en de slagbomen op de Schapendrift is er geen doorgaand gemotoriseerd verkeer. Nieuwe woningen aan de zuidzijde van beide slagbomen: (nog te bouwen) nummer 83 en nummer 85 wegen in de toekomstige situatie vanuit Blaricum uit naar het zuiden via de 2e Ruiterweg in Laren. De focus ligt daarom op het effect dat het toevoegen van gemotoriseerd verkeer van Schapendrift 83 en 85 heeft op de 2e Ruiterweg. Uit verkeerstellingen blijkt dat er in de huidige situatie gemiddeld 33 motorvoertuigen per werkdagetmaal rijden tussen de zuidkant van de Schapendrift en de 2e Ruiterweg en gemiddeld 133 fietsers passeerden (zoals gemeten tussen 10 december en 19 december 2025). Op basis van de kencijfers voor verkeersgeneratie (CROW uitgave Parkeerkencijfers 2024, vrijstaand koophuis, matig stedelijk gebied, rest bebouwde kom) komen daar afgerond 18 motorvoertuigen per werkdagetmaal bij ten gevolge van de bouw van de twee woningen en de beoogde verplaatsing van de zuidelijke slagboom. Deze verkeerstoename leidt tot een totaal van gemiddeld 51 motorvoertuigen per werkdagetmaal op de (in Laren gelegen) 2e Ruiterweg. De verkeerstoename en het totaal aantal motorvoertuigen per werkdagetmaal is zeer laag en wordt hoofdzakelijk daarom niet als problematisch voor de verkeersveiligheid en leefbaarheid op de 2e Ruiterweg beschouwd. In deze beoordeling speelt mee dat de met asfalt verharde 2e Ruiterweg, op een enkele puntvernauwing na, een breedte heeft van circa 3,1 meter met aan weerszijden een (overrijdbare, effen) berm van circa 1,5 meter waar twee auto’s elkaar kunnen passeren indien één daarvan deels uitwijkt naar de berm. De kans dat twee auto’s elkaar op de 2e Ruiterweg tegenkomen is daarbij zeer klein vanwege de lage verkeersintensiteit. 4. Belangenafweging In de belangenafweging hebben we gekeken naar: verkeersveiligheid, leefbaarheid, toegankelijkheid, impact op hulpdiensten en de belangen van omwonenden. Verkeersveiligheid: Verkeerskundig is de redenatie dat de 2e Ruiterweg geschikt is voor de ontsluiting van 18 motorvoertuigen extra omdat de weg daarop is toegerust. Er is daar geen geslotenverklaring voor motorvoertuigen. Ook na de aanpassing blijft het er rustig, er rijden meer fietsers dan auto’s. Het onverharde deel van de Schapendrift dat als onverplicht fietspad functioneert, is daarvoor ongeschikt. Motorvoertuigen mogen zich daar niet begeven. Leefbaarheid: Het behoud van de functieaanduiding zoals aangeduid in het bestemmingsplan waarin onverhard deel va de Schapendrift valt, is wenselijk: ‘specifieke vorm van verkeer – onverhard’ welke bestemd zijn voor: verblijfsgebied met een functie voor verblijf, verplaatsing en gebruik ten dienste van de aangrenzende bestemmingen, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer-onverhard' uitsluitend onverharde paden zijn toegestaan. Doorgaand gemotoriseerd verkeer is niet mogelijk vanwege het onverplichte fietspad met slagbomen op het onverharde deel van de Schapendrift. Dat is gunstig voor de leefbaarheid op zowel de Schapendrift als de 2e Ruiterweg in Laren. Toegankelijkheid: De bereikbaarheid voor fietsers is en blijft uitstekend. Er blijft vrije doorgang en tussen de slagbomen is er geen gemotoriseerd verkeer. Door de verkeersmaatregel kan gemotoriseerd verkeer de woningen met de adressen Schapendrift 83 en 85 vanuit het zuiden bereiken. Gebruik door hulpdiensten: Hulpdiensten mogen de slagbomen openen voor vrije doorgang. De beheerder (Goois Natuur Reservaat) van de slagbomen waarborgt dit. Bij een calamiteit kunnen hulpdiensten daarom zowel vanuit het noorden (Blaricum) als het zuiden (Laren) aanrijden Belang van omwonenden: Het belang van omwonenden is gediend omdat de route Schapendrift – 2e Ruiterweg zeer verkeersluw blijft omdat het onverplichte fietspad met slagbomen gewijzigd in stand blijft. Enige verschil is dat er op de 2e Ruiterweg 18 motorvoertuigen per werkdag extra komen te rijden na gereedkomen van de twee woningen. Gezien het zeer geringe totale aantal motorvoertuigen (51) per dag waar we dan op uitkomen, wordt dat als acceptabel ingeschat. 5. Alternatieven zijn minder gunstig voor de verkeersveiligheid Alternatief 1. Het opheffen van het onverplichte fietspad en verwijdering van de slagbomen zou de ontsluiting van de woningen op Schapendrift 83 en 85 voor motorvoertuigen ook via Blaricum mogelijk maken. Dit is nadeliger dan de gekozen maatregelen omdat de route Schapendrift-2e Ruiterweg daarmee vrij wordt voor doorgaand gemotoriseerd verkeer. Dit leidt naar verwachting tot meer verkeer en afname van de verkeersveiligheid, voor met name fietsers, en leefbaarheid voor omwonenden in zowel Blaricum als Laren. Vooral de sterk verkorte route van en naar de hockeyvelden in Laren die daarmee ontstaat zou een verkeer aantrekkende werking hebben, wat zeer ongewenst is. Alternatief 2, Het plaatsen van een slagboom ten zuiden van de uitritten van Schapendrift 83 en 85 leidt tot uitwegen van de 18 motorvoertuigen van deze woningen op het onverharde deel van de Schapendrift richting de Anton Mauvelaan. Daarmee zou het onverplichte fietspad op het onverharde deel van de Schapendrift moeten worden opgeheven wat een nadeel is voor wandelaars en fietsers die de weg wel zullen blijven gebruiken. Dit deel van de Schapendrift maakt deel uit van een stelsel van wandel en fietspaden met grote historische waarde, en maakt ook deel uit van het Goois natuurreservaat. De volgende inrichtingsaspecten maken onderhavig deel van de Schapendrift ongeschikter voor uitwegen door motorvoertuigen dan de 2e Ruiterweg: Ten noorden van Schapendrift 81 bevindt zich een haakse bocht in het onverharde pad waarbij er geen zicht is op fietsers die van rechts komen als in noordelijke richting wordt gereden (zie hieronder). De weg is onverhard (in tegenstelling tot de met asfalt verharde 2e Ruiterweg). Door de bosrijke omgeving is het doorgaans relatief duister op de Schapendrift (in tegenstelling tot de 2e Ruiterweg waar geen bomen staan en wel lantaarnpalen). Zeer beperkt zicht op fietsers van rechts bij haakse bocht in onverhard deel van de Schapendrift
Meer informatie