Nadere subsidieregels Deltaplan Hoge Zandgronden 2022-2027
Wijzigingsbesluit Nadere subsidieregels Deltaplan Hoge Zandgronden 2022-2027 Gedeputeerde Staten van Limburg maken ter voldoening aan het bepaalde in de Provinciewet en het bepaalde in de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2023 e.v. bekend dat zij in hun vergadering van 15 september 2026 hebben vastgesteld: Wijzigingsbesluit Nadere subsidieregels Deltaplan Hoge Zandgronden 2022-2027 Artikel I Wijziging Nadere subsidieregels Deltaplan Hoge Zandgronden 2022-2027 (Provinciaal blad 2023, nr. 15809) De Nadere subsidieregels Deltaplan Hoge Zandgronden 2022-2027 (Provinciaal blad 2023, nr. 15809) worden als volgt gewijzigd: A. Artikel 1 (Begripsomschrijvingen), sub b, luidende: ‘Integrale gebiedsgerichte aanpak: een werkwijze waarmee in een afgebakend gebied de opgaven voor het watersysteem in samenhang worden aangepakt, in afstemming met de opgaven voor natuur en stikstof.’ komt in zijn volledigheid te vervallen. B. Artikel 1 (Begripsomschrijvingen), sub c, luidende: ‘Prioritair gebied: geografisch gebied zoals aangeduid op de kaart in bijlage 2’ komt in zijn volledigheid te vervallen. C. De huidige artikel 1 sub d tot en met i worden vervolgens vernummerd van b tot en met g. D. Artikel 5 (Specifiek subsidiecriterium), luidende: ‘Om in aanmerking te komen voor een hoger subsidiepercentage als bedoeld in artikel 8, derde lid, van deze nadere subsidieregels dient – naast het voldoen aan de criteria zoals beschreven in artikel 4 – het project te passen binnen de integrale gebiedsgerichte aanpak in een prioritair gebied (zie bijlage 2), dienen de maatregelen in samenwerking met het Waterschap Limburg gerealiseerd te worden, tevens bij te dragen aan het (hydrologisch) herstel van de Natura 2000-gebieden en dient het project een minimale omvang van € 1.000.000,00 te hebben.’ komt in zijn volledigheid te vervallen. E. De huidige artikelen 6 tot en met 13 worden vervolgens vernummerd van 5 tot en met 12. F. Artikel 6 (Afwijzingsgronden), na vernummering artikel 5, onder sub f toevoegen: ‘dezelfde activiteiten respectievelijk het project al (deels) met middelen uit het Deltafonds worden gesubsidieerd en/of gefinancierd.’ G. Artikel 6 (Afwijzingsgronden), sub e, na vernummering artikel 5, sub e, luidende: ‘de subsidieaanvraag is ontvangen buiten de periode zoals vermeld in artikel 11;’ wordt gewijzigd naar: de subsidieaanvraag is ontvangen buiten de periode zoals vermeld in artikel 10; H. Artikel 7 (Subsidieplafond), lid 1, na vernummering artikel 6, lid 1 luidende: ‘Gedeputeerde Staten stellen de subsidie(deel)plafonds van deze nadere subsidieregels vast. Er zijn separate subsidie(deel)plafonds voor het Waterschap Limburg, voor elk van de werkregio’s/ waterpanel en voor de “overige partijen”.’ wordt gewijzigd naar: ‘Gedeputeerde Staten stellen de subsidie(deel)plafonds voor de looptijd van deze nadere subsidieregels vast.’ I. Het huidige artikel 7 (Subsidieplafond), lid 2, luidende: ‘Voor de verhoging van het subsidiebedrag ingeval projecten voldoen aan zowel artikel 4 als 5, wordt ten behoeve van het extra subsidiebedrag een apart subsidiedeelplafond vastgesteld.’ komt in zijn volledigheid te vervallen. J. Het huidige artikel 7 lid 3 wordt vervolgens vernummerd naar artikel 6 lid 2. K. Het huidige artikel 8 (Subsidiebedrag), lid 3, luidende: ‘Ingeval de maatregel voldoet aan het gestelde in artikel 4 én 5, wordt het maximale subsidiepercentage verdubbeld naar 50%, voor zover het daartoe beschikbaar budget toereikend is.’ komt in zijn volledigheid te vervallen. L. Het huidige artikel 8 (Subsidiebedrag), lid 5, luidende: ‘Subsidies lager dan € 500.000,- worden niet verstrekt, in het geval dat de maatregel wordt getroffen in een prioritair gebied én aanspraak gemaakt wordt op de maximale bijdrage/subsidie van 50%.’ komt in zijn volledigheid te vervallen. M. De huidige artikel 8 lid 4 wordt vervolgens vernummerd naar artikel 7 lid 3. N. Het huidige artikel 9 (Subsidiabele en niet-subsidiabele kosten) lid 2 onder d, luidende: ‘kosten waarvoor reeds een specifieke uitkering of subsidie met middelen uit het Deltafonds is verstrekt, anders dan op grond van deze regeling.’ komt in zijn volledigheid te vervallen. O. Bijlage 1 Behorende bij artikel 4, eerste lid, onder 4.1 luidende: ‘afkoppelen verhard oppervlak naar bergings- of infiltratievoorziening’ wordt gewijzigd naar: ‘afkoppelen bestaand verhard oppervlak naar bergings- of infiltratievoorziening’ P. Bijlage 2 kaart met gebieden (uit werkplan DHZ), komt in zijn volledigheid te vervallen. Q. In de Toelichting, komt het gestelde betreffende Artikel 1 Begripsomschrijvingen, luidende: Met een integrale gebiedsgerichte aanpak worden in een afgebakend gebied de opgaven voor het watersysteem in samenhang aangepakt, in afstemming met de opgaven voor natuur en stikstof. De opgaven voor het watersysteem betreffen het vasthouden en infiltreren van water in het stedelijk gebied, de vergroting van de sponswerking in landbouw en natuurgebieden, in de haarvaten, de inzijggebieden en het voedingsgebied van de beken, het creëren van ruimte voor water in de beekdalen en laagtes en het verminderen van emissies van verontreinigende stoffen naar het grond- en oppervlaktewater. Waar dit aan de orde is wordt in de opgavengerichte gebiedsaanpak ook de beekdalbrede aanpak meegenomen. Door in een gebied meerdere maatregelen te combineren, met name maatregelen die zorgen dat het water langer vastgehouden wordt, beter gebruikt wordt of later wordt afgevoerd, kan de sponswerking van het gebied worden vergroot en de verdroging van de Natura2000-gebieden maar ook van landbouwgronden worden tegengegaan. In Zuid Limburg draagt de aanpak bij aan het tegengaan van afspoeling (run-off) en wateroverlast. Deze opgaven worden nader beschreven in het Provinciaal Waterprogramma 2022-2027. in zijn volledigheid te vervallen R. In de Toelichting, komt het gestelde betreffende Artikel 5 Specifiek subsidiecriterium, luidende: ‘In de BOK pag. 16 onder g staat dat de uitgangspunten uit het regionale werkplan als criteria opgenomen worden in de subsidieregeling. Een daarvan is een voorkeur voor zoetwatermaatregelen passend binnen de integrale gebiedsgerichte aanpak in de prioritaire gebieden (kaart 8 werkplan DHZ en in deze regeling opgenomen in bijlage2). Dergelijke zoetwatermaatregelen komen eventueel in aanmerking voor een extra bijdrage van maximaal 25% bovenop de 25% uit het Deltafonds, dus maximaal 50%, mits van voldoende schaalomvang én indien ze bijdragen aan het (hydrologisch) herstel van Natura 2000 gebieden. De zoetwatermaatregelen dienen i.s.m. het Waterschap Limburg getroffen te worden binnen de aangewezen gebieden op het kaartje in bijlage 2. Projecten op de grens van/ grenzend aan een prioritaire gebied, maar binnen datzelfde stroomgebied kunnen eventueel ook in aanmerking komen voor extra subsidie als ze bijdragen aan herstel N2000 gebieden. In het projectplan dient uitvoerig beschreven te worden hoe de voorgenomen maatregelen bijdragen aan het hydrologisch herstel en welk resultaat wordt beoogd.’ in zijn volledigheid te vervallen. S. In de Toelichting, wordt een verduidelijking opgenomen voor het nieuwe Artikel 6 Afwijzingsgronden onder f, na vernummering artikel 5 onder f: Bij middelen uit het Deltafonds moet gedacht worden aan de Tijdelijke Impulsregeling Klimaatadaptatie (DPRA) en kansenregeling Waterveiligheid en Ruimte Limburg (WRL). T. In de Toelichting, wordt het gestelde betreffende Artikel 7 Subsidieplafond, luidende: ‘In het BOK is bepaald dat 70% van de rijksbijdrage toegekend wordt aan de waterschappen. In het BKal (voorjaar 2021) is besproken hoe de resterende 30% rijksbijdrage zou worden verdeeld over de werkregio’s/ waterpanel en de overige partijen. Aangegeven is toen om hiervan 20% toe te kennen aan de gemeenten en over de werkregio’s te verdelen conform verdeling DPRA-gelden. Voor de overige partijen (nader benoemd in artikel 3) resteert nog 10% van de rijksbijdrage voor hen gezamenlijk zonder verdere verdeling onder deze partijen.’ gewijzigd naar: ‘Wijzigingen in de verdeling van de subsidieplafonds worden voorgelegd aan en vastgesteld door het college van GS.’ U. In de Toelichting, worden de artikelen 6, 7, 8, 11 en 13 vernummerd naar respectievelijk de artikelen 5, 6, 7, 10 en 12. V. In de Toelichting, wordt het gestelde betreffende Artikel 8 Subsidiebedrag, na vernummering artikel 7, luidende: ‘Projecten hebben een minimale omvang van €200.000,00 bij aanspraak op 25% subsidie en voor projecten waarbij aanspraak gemaakt wordt op 50% subsidie bedraagt de minimale projectomvang €1.000.000,00. De Provincie wil gebiedsgerichte projecten stimuleren in de prioritaire gebieden en heeft daarom €6.000.000,- gereserveerd als extra subsidie voor dergelijke projecten. Daarbij heeft GS aangegeven: financiële bijdragen van de Provincie aan het watersysteem dienen bij te dragen aan het (hydrologisch) herstel van Natura 2000-gebieden. Aanvragers kunnen aanvullend op de 25% rijksbijdrage nog eens maximaal 25% extra subsidie ontvangen als de projecten gebiedsgericht zijn én bijdragen aan het herstel van Natura 2000-gebieden. Daarnaast dienen deze projecten in afstemming/ in samenwerking met het Waterschap Limburg gerealiseerd te worden. De verdubbeling van de subsidie is uitsluitend mogelijk voor zover het daartoe beschikbaar gestelde budget ruimte biedt. Na uitputting van dit “artikel 5”-plafond (zie de voor deze regeling vastgestelde subsidie(deel)plafonds) geldt het maximale subsidiepercentage van 25%.’ gewijzigd naar: ‘Projecten hebben een minimale omvang van €200.000,00.’ Artikel II Overgangsrecht 1.Voor besluiten die zijn genomen vóór de inwerkingtreding van deze wijzigingen blijven de bepalingen van de Nadere subsidieregels Deltaplan Hoge Zandgronden 2022-2027 (Provinciaal blad 2023, nr. 15809) van kracht zoals die golden vóór de inwerkingtreding van deze wijzigingen, ook voor de volgende stappen in het subsidietraject. 2.Aanvragen die op basis van de Nadere subsidieregels Deltaplan Hoge Zandgronden 2022-2027 (Provinciaal blad 2023, nr. 15809) zijn ingediend en waarover bij inwerkingtreding van deze wijzigingen nog niet is beslist, worden geacht op basis van de Nadere subsidieregels Deltaplan Hoge Zandgronden 2022-2027 met inachtneming van deze wijzigingen te zijn ingediend, tenzij Gedeputeerde Staten van oordeel zijn dat de aanvrager in zijn belangen wordt geschaad. In dat laatste geval handelen Gedeputeerde Staten overeenkomstig de Nadere subsidieregels Deltaplan Hoge Zandgronden 2022-2027 (Provinciaal blad 2023, nr. 15809) zoals deze golden voor de inwerkingtreding van deze wijzigingen. Artikel III Inwerkingtreding Dit wijzigingsbesluit treedt in werking met ingang van de dag na de dag van publicatie in het Provinciaal Blad. Aldus besloten in de vergadering van Gedeputeerde Staten, gehouden op 15 september 2026. Gedeputeerde Staten voornoemd de voorzitter, dhr. E.G.M. Roemer secretarisdhr. D. Timmer
Meer informatie