Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening gemeente Beverwijk 2026

APV
Locatie
SoortAPV
Gepubliceerd op14 september 2026
Gepubliceerd doorGemeente Beverwijk

Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening gemeente Beverwijk 2026 1.Het Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening gemeente Beverwijk 2026 (D-177606) vast te stellen. 2.Het Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening gemeente Beverwijk 2019 (INT-19-52569) in te trekken. Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1. Begripsomschrijving De begrippen die in dit uitvoeringsbesluit worden gebruikt en die zijn omschreven in de Afvalstoffenverordening, hebben dezelfde betekenis als in die verordening. In dit uitvoeringsbesluit wordt daarnaast verstaan onder: 1. Afvalkalender (HVC inzamelkalender): kalender uitgegeven door HVC waarin jaarlijks de inzameldata van verschillende categorieën afval en informatie over afvalscheiding en -inzameling wordt gegeven. Hoofdstuk 2 Inzameling huishoudelijke afvalstoffen Artikel 2. Aanwijzen van de inzameldienst 1.Als inzameldienst op grond van artikel 3, eerste lid, van de verordening is aangewezen N.V. HVC gevestigd te Alkmaar.2.Als inzamelaar op grond van artikel 3, tweede lid, van de verordening worden aangewezen kringloopbedrijven met een ontheffing voor de inzameling van de herbruikbare fractie uit het grof huishoudelijk afval en voor de inzameling van herdraagbaar textiel. 3.Een uitsluitend recht voor het verrichten van de afvalbeheertaken en beheer openbare ruimtetaken als bedoeld in artikel 3, derde lid, van de verordening is verleend voor inzamelaar N.V. HVC te Alkmaar. Artikel 3. Aanwijzen van de inzamelplaats Krachtens artikel 5 van de verordening stelt het college de volgende regels voor de plaats van inzameling van de verstrekte inzamelmiddelen voor huishoudelijk afval en grof huishoudelijk afval vast: 1.Het ter inzameling aanbieden van huishoudelijk afval in rolcontainers dient ordelijk te gebeuren door plaatsing van de rolcontainer op een daartoe door de gemeente aangewezen inzamel- of clusterplaats. 2.Het afvalbrengstation in Beverwijk is ingericht om grof huishoudelijk afval achter te laten voor geautoriseerde personen en volgens de regels die gelden voor het aanbieden van grof huishoudelijk afval. 3.Als het voor de inzameldienst door werkzaamheden of anderszins niet mogelijk is om de normale inzamelplaatsen te bereiken, kan de gemeente krachtens tijdelijke inzamelplaatsen voor inzamelmiddelen aanwijzen voor de duur van de werkzaamheden. Artikel 4. Frequentie van inzamelen Krachtens artikel 7, lid 1 van de verordening stelt het college de volgende frequenties vast voor de volgende categorieën huishoudelijke afvalstoffen die, voor een deel van de huishoudens, bij elk perceel worden ingezameld: a.De inzameldienst zamelt huishoudelijk restafval met Plastic, Blik en Drinkpakken (PBD) ten minste eenmaal per 2 weken afzonderlijk bij elk perceel in. b.De inzameldienst zamelt groente- fruit- en tuinafval ten minste eenmaal per 2 weken afzonderlijk bij elk perceel in. c.De inzameldienst zamelt op afroep grof huishoudelijk afval maximaal 5 keer per jaar, tot 1 m3 per keer, afzonderlijk bij elk perceel kosteloos in. d.De inzameldienst zamelt het voorjaar en najaar snoeihout in. e.De inzameldienst zamelt maandag tot en met zaterdag kosteloos grof huishoudelijk afval in via de brengvoorziening van het afvalbrengstation. Artikel 5. Gescheiden inzameling Naast de in de Verordening onder artikel 7 lid 2 genoemde huishoudelijke afvalstoffen, worden de volgende afvalstoffen afzonderlijk ingezameld: a.klein chemisch afval (KCA): Afvalstoffen zoals vermeld op de KCA-lijst van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Ter inzameling aanbieden dient te gebeuren in een afgesloten - liefst originele - verpakking, met daarop duidelijke vermelding van de inhoud; b.huisraad zoals bijvoorbeeld tapijt, vloerbedekking van textiel, maar vrij van rubber of bitumen, bruikbare meubelen, huishoudelijke artikelen, platen, boeken, kleding, fietsen, etc, c.medicijnafval ingeleverd bij apotheken: restanten geneesmiddelen, inclusief gebruikte en ongebruikte injectienaalden en – spuiten ingeleverd bij apotheken. Artikel 6. Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden Het college stelt de volgende regels op grond van artikel 9 van de verordening: a.De dagen waarop inzamelmiddelen mogen worden aangeboden zijn de data zoals in de afvalkalender van de inzamelaar zijn aangewezen. b.Inzamelmiddelen mogen uitsluitend aangeboden worden (vanaf 21:00 uur de avond) vóór de vastgestelde inzameldag tot 7:00 uur op de vastgestelde inzameldag (mits goed gesloten en op de juiste wijze aangeboden) overeenkomstig de afvalkalender. c.De inzamelmiddelen moeten zo spoedig mogelijk na lediging door de inzameldienst, maar uiterlijk voor 20:00 uur op de inzameldag uit de openbare ruimte te zijn verwijderd. d.Grof huishoudelijk afval wordt op afroep ingezameld. Dit afval mag uitsluitend vanaf 21:00 uur voorafgaand aan de afgesproken ophaaldag op de door de inzamelaar aangewezen plaats in de openbare ruimte worden aangeboden. Aanbieden dient te geschieden vóór 7.00 uur op de afgesproken inzameldag. e.Per afspraak mag maximaal 1 m3 grofvuil worden aangeboden met een maximum van 5 afspraken per jaar. Inzameling vindt plaats op werkdagen tussen 7.00 uur en 20.00 uur. f.Grof huishoudelijk afval kan van maandag tot en met zaterdag van 9.00 tot 17.00 uur worden ingeleverd bij de afvalbrengstations “Beverwijk”, BUKO bedrijvenpark 1 (Binnenduinrandweg), Beverwijk, en “Velsen”, Amsterdamseweg 10, Velsen-Zuid g.Afvalstoffen die om 20:00 uur op de avond van de afgesproken inzameldag niet zijn ingezameld, dienen uit de openbare ruimte te worden verwijderd. h.In verband met geluidhinder mogen inzamelvoorzieningen voor glas (glasbakken) alleen tussen 8.00 en 20.00 uur worden gebruikt. i.In verband met geluidhinder mogen inzamelvoorzieningen alleen tussen 7:00 uur en 23:00 uur worden gebruikt. Artikel 7. Aanwijzing inzamelmiddelen- en voorzieningen Op grond van artikel 11 van de verordening worden de volgende inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen aangewezen: 1.Voor Restafval met Plastic, Blik en Drinkpakken (PBD) van huishoudens: a.een (ondergrondse) verzamelcontainer voor gebruikers van een aantal percelen; b.een namens de inzameldienst verstrekte rolcontainer voor de gebruiker van één perceel; c.aan percelen met huishoudens van vijf of meer geregistreerde inwoners wordt, na controle door de gemeente, door de inzameldienst op verzoek kosteloos een extra rolcontainer ter beschikking gesteld op grond van bovenmatig restafval als gevolg van het aantal geregistreerde inwonenden. d.aan percelen met huishoudens met één of meerdere geregistreerde inwonende kinderen tot 4 jaar wordt op grond van bovenmatig restafval als gevolg van luiergebruik na controle door de gemeente, door de inzameldienst op verzoek kosteloos een extra rolcontainer ter beschikking gesteld. e.aan percelen met huishoudens met medisch restafval wordt op grond van medische/fysieke of andersoortige beperkingen, na controle door de gemeente, door de inzameldienst op verzoek kosteloos een extra rolcontainer ter beschikking gesteld krijgen, of kan toegang worden verleend tot een ondergrondse restafvalcontainer, indien in de directe omgeving beschikbaar. f.Voor de toepassing van de recycle-keuze worden de ledigingen van de op grond van onderdeel c, d en e verstrekte extra rolcontainer opgeteld bij de ledigingen van de reguliere rolcontainer. 2.Voor GFT-afval van huishoudens: a.een (ondergrondse) verzamelcontainer voor de gebruikers van een aantal percelen; b.een namens de inzameldienst verstrekte rolcontainer voor de gebruiker van één perceel (laagbouw); c.voor gebruikers van één perceel wordt op verzoek kosteloos een extra rolcontainer ter beschikking gesteld. 3.Voor oud papier en karton (OPK): a.de door de inzameldienst geplaatste ondergrondse papiercontainers verspreid in de gemeente; b.de door de inzameldienst geplaatste bovengrondse papiercontainers bij scholen en vereniging. c.een namens de inzameldienst verstrekte rolcontainer voor de gebruiker van één perceel, met de mogelijkheid van deze optie af te zien (op adresniveau). 4.Voor verpakkingsglas: a.de door de inzameldienst geplaatste ondergrondse glascontainers verspreid in de gemeente; 5.Voor textiel: a.de door de inzameldienst geplaatste ondergrondse textielcontainers verspreid in de gemeente; 6.Voor Restafval, GFT-afval, Plastic, Blik en Drinkpakken (PBD) van huishoudens: a.gebruikers van één perceel met rolcontainer(s) kunnen op grond van een beperkte opslagcapaciteit voor rolcontainers vóór of achter het perceel (samen maximaal 12 m²), ter beoordeling door de inzameldienst en na controle door de gemeente, vrijstelling krijgen tot het gebruik van een rolcontainer voor restafval en toegang krijgen tot een in overleg met de aanvrager te bepalen ondergrondse restafvalcontainer. 7.Voor Klein Chemisch Afval (KCA): a.de door de inzameldienst verzorgde ophaalservice. b.inleveren bij de KCA-voorziening (KCA-depot) op het afvalbrengstation. 8.Voor Medicijnen: a.de inleverpunten bij Apothekers 9.De in artikel 7 van de verordening genoemde categorieën huishoudelijke afvalstoffen, behoudens Groente, Fruit en Etensresten, Plastic, Blik en Drinkpakken (PBD) en huishoudelijk restafval, zijn ook in te leveren op de afvalbrengstations (ABS),: ABS “Beverwijk”, BUKO bedrijvenpark 1 (Binnenduinrandweg), Beverwijk, ABS “Velsen”, Amsterdamseweg 10, Velsen-Zuid. 10.De inzameldienst registreert ten behoeve van de uitvoering van de recycle-keuze uitsluitend het aanbiedgedrag van huishoudens die aan de recycle-keuze deelnemen. Dit gebeurt met behulp van een chip die in de rolcontainer of afvalpas is gekoppeld aan het huishouden. Artikel 8. Regels over het gebruik van inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen Krachtens artikel 11 van de verordening stelt het college de volgende regels voor het gebruik van de verstrekte inzamelmiddelen vast: 1.Het beheer van de inzamelmiddelen die in bruikleen zijn verstrekt door of namens de gemeente, berust bij N.V. HVC te Alkmaar. 2.Regels voor het gebruik van inzamelvoorzieningen (voor restafval met Plastic, Blik, Drinkpakken (PBD), oud papier en karton (OPK), verpakkingsglas en textiel): a.De inzamelvoorziening dient te worden gebruikt voor het doel waarvoor het is bestemd te weten het verzamelen en bewaren van de per inzamelvoorziening aangegeven afvalstof. b.Het is verboden de volgende (gevaarlijke) stoffen in de inzamelvoorzieningen aan te bieden: 1.brandende of gloeiende voorwerpen, 2.vloeibare stoffen, 3.agressieve, giftige of explosieve stoffen, 4.dode (huis)dieren of delen daarvan, 5.wit- en bruingoed, 6.voorwerpen die schade aan de ophaalauto en/of ophaalpersoneel kunnen veroorzaken c.q. toebrengen, 7.Bouw- en sloopafval, gips en puin (BSA), 8.Mest, 9.Alle andere afvalstoffen zoals genoemd in artikel 7.3 van de verordening. c.De gebruiker is verplicht de inzamelmiddelen en/of inzamelvoorzieningen zodanig te gebruiken dat deze geen overlast voor derden veroorzaakt. d.De inworpopening dient na gebruik goed te worden gesloten, er mag niets uit de inworpopening steken. e.Het is verboden om afvalstoffen op, om of naast de inzamelvoorziening te plaatsen. Ook indien de inworpopening in storing is of de container om een andere reden niet bruikbaar is. Een defect dient te worden gemeld bij deze inzameldienst. f.Gemorst afval bij het aanbieden, dient te worden opgeruimd. 3.Regels over het gebruik van inzamelvoorzieningen voor een aantal percelen (verzamelcontainer restafval en GFT): a.De inzamelvoorziening voor een aantal percelen dient te worden gebruikt voor het doel waarvoor het is bestemd te weten verzamelen en bewaren van restafval en GFT. b.Het is verboden de volgende stoffen in de inzamelvoorzieningen aan te bieden: 1.brandende of gloeiende voorwerpen, 2.vloeibare stoffen, 3.agressieve, giftige of explosieve stoffen, 4.dode (huis)dieren of delen daarvan, 5.wit- en bruingoed, 6.voorwerpen die schade aan de ophaalauto en/of ophaalpersoneel kunnen veroorzaken c.q. toebrengen, 7.Bouw- en sloopafval, gips en puin (BSA), 8.Mest, 9.Alle andere afvalstoffen zoals genoemd in artikel 7.3 van de verordening c.De gebruiker is verplicht de inzamelvoorzieningen zodanig te gebruiken dat deze geen overlast voor derden veroorzaakt. d.De inworpopening dient na gebruik goed te worden gesloten, er mag niets uit de inworp- opening steken. e.Het is verboden om afvalstoffen op, om of naast de inzamelvoorziening te plaatsen. Ook indien de inworpopening in storing is of de container om een andere reden niet bruikbaar is. Een defect dient te worden gemeld bij deze inzameldienst. f.Gemorst afval bij het aanbieden, dient te worden opgeruimd. 4.Regels over het gebruik van inzamelmiddelen voor de gebruiker van een perceel (rolcontainer): a.De inzameldienst is bevoegd om de rolcontainer te voorzien van een chip met een uniek nummer en een sticker waarop staat vermeld: een straatnaam, huisnummer, postcode, plaats, afvalstroom waar de container voor is bestemd, volume van de container en een barcode. b.Het is niet toegestaan het identificatiemiddel als bedoeld in 4a, te verwijderen, te beschadigen of op enige andere wijze onleesbaar of onbruikbaar te maken. c.De door de inzamelaar verstrekte inzamelmiddelen behoren bij de woning. d.De inzamelvoorziening voor één perceel dient te worden gebruikt voor het doel waarvoor het is bestemd. Het is verboden om het voor een andere afvalstroom te gebruiken. Het is verboden om afval anders dan in het daarvoor beschikbare inzamelmiddel aan te bieden. Afval dat ernaast is geplaatst wordt door de inzameldienst niet meegenomen en dient door de aanbieder te worden verwijderd. e.Het is verboden de volgende gevaarlijke stoffen in de inzamelvoorzieningen aan te bieden: 1.brandende of gloeiende voorwerpen, 2.vloeibare stoffen, 3.agressieve, giftige of explosieve stoffen, 4.dode (huis)dieren of delen daarvan, 5.wit- en bruingoed, 6.voorwerpen die schade aan de ophaalauto en/of ophaalpersoneel kunnen veroorzaken c.q. toebrengen, 7.Bouw- en sloopafval, gips en puin (BSA) 8.Alle andere afvalstoffen zoals genoemd in artikel 7.3 van de verordening f.De gebruiker van een perceel dient zich tot de inzameldienst te wenden, indien bij een verhuizing naar een perceel geen of een kapot inzamelmiddel wordt aangetroffen. g.De inzamelmiddelen blijven eigendom van de inzameldienst en worden bij normale slijtage voor haar rekening technisch onderhouden. h.De verstrekte inzamelmiddelen mogen alleen worden gereinigd met water en milieuvriendelijke schoonmaakmiddelen; i.De gebruiker is verantwoordelijk voor het gebruik en het onderhoud van de in bruikleen ontvangen inzamelmiddelen als ware deze zijn eigendom. Het is niet toegestaan het identificatiemiddel te verwijderen, te beschadigen of op enig andere wijze onleesbaar of onbruikbaar te maken. j.De gebruiker is verplicht de inzamelmiddelen zodanig te gebruiken en aan te bieden dat deze geen overlast voor derden veroorzaakt. k.Het deksel van de rolcontainer dient gesloten te zijn op het moment van aanbieden. l.Op de andere dagen/tijden dan genoemd in artikel 6 lid b. en c., dienen rolcontainers op eigen terrein van de beheerder van een perceel te worden gestald. m.Het inzamelmiddel wordt zodanig gevuld, dat de afvalstoffen bij het omkeren van het inzamelmiddel zonder weerstand daaruit kunnen vallen; n.De rolcontainer dient met de handvatten van de rijbaan af, dus met de wielen ernaartoe te worden aangeboden. o.Indien een rolcontainer geheel of gedeeltelijk niet geleegd kan worden door toedoen van de gebruiker of door omstandigheden buiten de schuld van de inzameldienst (o.a. vastklem- men, vastvriezen van afval) is dit voor risico van de gebruiker. p.Indien de inzameldienst in het inzamelmiddel afvalstoffen aantreft die hierin niet aangeboden mogen worden, is het de inzameldienst toegestaan om deze niet te legen. De gebruiker van een perceel kan het inzamelmiddel bij een volgende inzamelronde aanbieden, mits het verkeerd aangeboden afval is verwijderd. q.Het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen in rolcontainers dient op de juiste aanbiedwijze te geschieden door plaatsing van de rolcontainer tussen de groene tegels of andere markeringstegels op een inzamel- of clusterplaats, zodanig dat het voetgangers- en overige verkeer niet wordt gehinderd of in de doorgang wordt belemmerd en gevaar of schade wordt voorkomen en waarbij aanwijzingen van de inzameldienst dienen te worden opgevolgd. r.Uit de inzamelmiddelen mag geen afval steken. s.Het gewicht van de hoeveelheid afvalstoffen en het eigen gewicht van de ter lediging aangeboden rolcontainer mag in zijn totaliteit niet zwaarder zijn dan 50 kilogram. t.Per inzamelronde mag een rolcontainer maar één keer worden aangeboden. u.Inzamelmiddelen die niet namens de inzameldienst zijn verstrekt (met uitzondering van de in hoofdstuk 3 artikel 11 lid 2 genoemde inzamelmiddelen), die voor lediging worden aangeboden of op de openbare ruimte zijn geplaatst, worden zonder nadere aanzegging in beslag genomen. 5.Regels over het aanbieden van afvalstoffen zonder inzamelmiddel: a.Op grond van artikel 9, tweede lid van de verordening mogen de volgende categorieën huishoudelijke afvalstoffen zonder inzamelmiddel worden aangebonden: 1.Grof huishoudelijk afval 2.Afgedankte elektrische of elektronische apparatuur (AEEA) 3.Grof tuinafval 4.Verduurzaamd hout b.Het aanbieden van de onder lid a genoemde categorieën afvalstoffen kan op afroep plaatsvinden; de aanbieder dient voor de inzameling op afroep een afspraak te maken met de inzameldienst. c.Kleinere stukken grof huishoudelijk afval moeten zoveel mogelijk in één of meer bundels samengedrukt en -gebonden worden overgedragen of aangeboden waarbij een bundel niet langer mag zijn dan 1,0 m en niet zwaarder dan 25 kilogram. Banken, matrassen, bedden, etc. hoeven niet aan deze lengte- en gewicht regels te voldoen. Grof huishoudelijk afval dat niet op de juiste wijze is aangeboden, wordt niet door de inzameldienst meegenomen en dient door de aanbieder direct te worden verwijderd. d.Snoeiafval moet gebundeld en niet dikker dan 10 cm worden aangeboden zonder stronken, stobben en boomstammen. e.Het aangeboden afval mag geen aanleiding geven tot verwondingen; scherpe delen en spijkers dienen vooraf te worden verwijderd. f.Andere afvalstoffen dan die genoemd zijn in artikel 5a worden niet aan huis opgehaald en mogen op het afvalbrengstation worden aangeboden. g.Bedrijfsafval wordt niet als grof huishoudelijk afval aangemerkt. h.De ontdoener van afvalstoffen meldt zich bij of op het afvalbrengstation met zijn afvalpas als inwoner van gemeente Beverwijk. i.Kerstbomen worden jaarlijks ingezameld door de aangewezen inzamelaar tussen 6.00 en 20.00 uur op een aangewezen tijd en plaats. 6.Regels over het doel van de afvalpas en sticker en/of chip a.De inzameldienst verstrekt genummerde afvalpassen. De pasnummers zijn nodig voor het beheer van de afvalpassen. De afvalpas heeft een pasnummer en een ingebouwde chip die is voorzien van een unieke code die gekoppeld is aan een huisadres in het registratiesysteem van de inzameldienst, op diens beschermde en beveiligde omgeving. Bezitters van een geldige afvalpas hebben toegang tot de inzamelvoorziening die aan de pas is gekoppeld. Bij deelname aan recycle-keuze wordt de storting in de inzamelvoorziening geregistreerd. De pas is tevens een middel tegen ‘afvaltoerisme’ en misbruik. b.Het inzamelmiddel aan huis is voorzien van een sticker en/of chip waarop staat vermeld: een barcode, de afvalstroom waarvoor de container is bestemd, het volume van de container, een postcode, een plaatsnaam, een straatnaam en een huisnummer. De sticker en/of chip wordt gebruikt om het inzamelmiddel te identificeren als behorend bij een specifiek adres voor adresgebonden inzameling. Daarnaast dient de container identificeerbaar te zijn voor het geval hij wordt vermist en/of in geval van diefstal of misbruik van de container. De barcode en/of chipnummer is gekoppeld aan de afvalstroom waarvoor de container is bestemd, het volume van de container, een postcode, een plaatsnaam en een huisnummer. Bij deelname aan recycle-keuze wordt de lediging van de rolcontainer geregistreerd. 7.Regels over het gebruik van de afvalpas: a.De door de inzameldienst verstrekte afvalpas behoort bij het perceel. b.Het beheer van de inzamelvoorziening en afvalpas die in bruikleen zijn verstrekt, berust bij de inzameldienst. c.De gebruiker van een perceel dient zich tot de inzameldienst te wenden indien bij een verhuizing naar een perceel geen afvalpas wordt aangetroffen. Bij verdwijning, vermissing of beschadiging van een afvalpas dient een gebruiker zich eveneens tot de inzameldienst te wenden. d.De gebruiker is verantwoordelijk voor het gebruik en het onderhoud van de in bruikleen ontvangen afvalpas als ware deze zijn eigendom. e.Bij verlies of beschadiging van de afvalpas, waardoor deze niet meer bruikbaar is, kan tegen een vergoeding een nieuwe pas bij de inzameldienst worden aangevraagd. De kosten hiervoor worden jaarlijks vastgesteld door de inzameldienst en gepubliceerd op de website van inzameldienst. Een onbeschadigde pas die het niet doet, wordt kosteloos vervangen. f.Per perceel waaraan als inzamelvoorziening een (ondergrondse) verzamelcontainer is toegewezen wordt momenteel maximaal één afvalpas voor (ondergrondse) inzamelvoorzieningen verstrekt. g.De gebruiker van een afvalpas blijft te allen tijde verantwoordelijk voor het gebruik van de afvalpas voor inzamelvoorzieningen. Artikel 9. Recycle-keuze a.Een gebruiker van een perceel kan deelnemen aan de recycle-keuze. b.Indien geen keuze wordt doorgegeven, neemt de gebruiker van het perceel niet deel aan de recycle-keuze. c.Aanmelden, wijzigen of afmelden van de recycle-keuze kan tot en met 15 december van een kalenderjaar en wordt van kracht met ingang van 1 januari van het daaropvolgende kalenderjaar. d.De gemaakte keuze blijft geldig totdat de gebruiker van een perceel deze overeenkomstig dit artikel wijzigt of beëindigt. e.Indien voor één perceel meerdere keuzes worden doorgegeven, is de laatst tijdig ontvangen keuze leidend. f.De recycle-keuze is gekoppeld aan het perceel. g.Indien de belastingplicht ter zake van een perceel in de loop van het kalenderjaar eindigt, vervalt de deelname aan de recycle-keuze. h.Het vorige lid is niet van toepassing indien de belastingplicht eindigt als gevolg van overlijden en de recycle-keuze wordt dan overgezet. i.Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over de wijze van aanmelden, wijzigen en beëindigen van deelname aan de recycle-keuze. j.Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen afwijken van het bepaalde in dit artikel, indien toepassing daarvan leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard. Artikel 10. Serviceniveaus bij recycle keuze 1.Voor deelname aan de recycle-keuze gelden de volgende serviceniveaus: a. Serviceniveau 1: De teruggaaf is maximaal bij een bepaald aantal of minder ledigingen, of bij een bepaald aantal of minder ontgrendelingen, welke aantallen voor serviceniveau 1 zijn bepaald in de Verordening afvalstoffenheffing. Bij 20 of minder ledigingen en 80 of minder ontgrendelingen in een kalenderjaar bestaat aanspraak op teruggaaf overeenkomstig de Verordening afvalstoffenheffing. Bij 21 of meer ledigingen of bij 81 of meer ontgrendelingen is er geen recht op teruggaaf. b. Serviceniveau 2: De teruggaaf is maximaal een bepaald aantal of minder ledigingen, of bij een bepaald aantal of minder ontgrendelingen, welke aantallen voor serviceniveau 2 zijn bepaald in de Verordening afvalstoffenheffing. Bij 20 of minder ledigingen of 80 of minder ontgrendelingen in een kalenderjaar bestaat aanspraak op teruggaaf overeenkomstig de Verordening afvalstoffenheffing. Bij 21 of meer ledigingen of bij 81 of meer ontgrendelingen is er geen recht op teruggaaf. 2.De beoordeling of aan de voorwaarden van een serviceniveau is voldaan, vindt plaats op basis van geregistreerde ledigingen of ontgrendelingen gedurende het kalenderjaar.3.Voor elke extra restafval-/PBD rolcontainer die wordt aangeboden, wordt per keer één lediging geregistreerd.4.Indien voor een bepaald kalenderjaar gekozen is voor serviceniveau 1 maar op basis van het daadwerkelijk aantal ledigingen of ontgrendelingen wordt voldaan aan de voorwaarden voor serviceniveau 2, blijft serviceniveau 1 voor dat kalenderjaar van toepassing. Artikel 11. Maatwerk bij recycle-keuze 1.Maatwerk voor huishoudens met onvermijdbaar medisch restafval bij recycle-keuze: c.De belastingplichtige die als gevolg van zijn medische omstandigheden of die van een medebewoner die in de Basisregistratie Personen (BRP) staat ingeschreven op hetzelfde perceel, kan in aanmerking komen voor extra ledigingen of ontgrendelingen bij het gekozen serviceniveau. d.De belastingplichtige die hiervan gebruik wil maken dient een aanvraag in met gebruik van het door het college vastgestelde aanvraagformulier. Aanvragen worden ingediend vóór 1 december van het kalenderjaar waarin onvermijdbaar medisch afval zoals incontinentiemateriaal, stoma, dialyse afval is vrijgekomen in een huishouden. Een aanvraag voor extra ledigingen bij het serviceniveau heeft betrekking op het belastingjaar volgend op het jaar waarin de aanvraag is ingediend en geldt voor twee kalenderjaren. Eén keer in de 2 jaar kan de belastingplichtige opnieuw extra ledigingen aanvragen. e.De belastingplichtige hoeft geen bewijsstukken van onvermijdbaar medisch afval mee te sturen met de aanvraag. Indien een aanvraag niet volledig is, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld deze binnen een termijn van twee weken nadat hem dit is medegedeeld aan te vullen. Een aanvraag kan niet met terugwerkende kracht over voorgaande jaren worden ingediend. f.De belastingplichtige is verplicht bewijsstukken van onvermijdbaar medisch afval, in de vorm van een verklaring van arts(assistent) of zorginstelling, factuur apotheek, aankoopbon van hulpmiddelen of overzicht verzekeraar, (digitaal) te bewaren en op verzoek te tonen. Controle kan plaatsvinden tussen het moment van de aanvraag en in de belastingjaren waarvoor de extra ledigingen gelden. De belastingplichtige is verplicht de bewijsstukken gedurende deze termijn te bewaren. Indien de aanvrager de in bedoelde verplichting tot het tonen van bewijsstukken onvoldoende nakomt of niet kan aantonen dat sprake is van onvermijdbaar medisch afval, trekt het college het recht op extra ledigingen in en blijven de reguliere serviceniveaus van toepassing. g.Als sprake is van gewijzigde omstandigheden waardoor geen onvermijdbaar medisch afval meer ontstaat op het betreffende perceel, is de belastingplichtige verplicht dit zo spoedig mogelijk te melden. Als de bewoner wiens medische situatie leidt tot onvermijdbaar medisch afval niet langer woont op het betreffende perceel, is de belastingplichtige verplicht dit voor 1 december van het kalenderjaar door te geven. Het college kan via de Basisregistratie Personen (BRP) controleren of de gegevens actueel zijn. 2.Maatwerk huishoudens met kwijtschelding bij recycle-keuze: a.Indien de belastingplichtige voldoet aan de voorwaarden voor teruggaaf als bedoeld in artikel 10 van de Verordening Afvalstoffenheffing, maar voor het betreffende belastingjaar volledige kwijtschelding van de afvalstoffenheffing heeft ontvangen, wordt geen teruggaaf verleend. b.Indien de belastingplichtige voldoet aan de voorwaarden voor teruggaaf als bedoeld in de Verordening Afvalstoffenheffing, maar wegens verleende volledige kwijtschelding geen teruggaaf kan ontvangen, ontvangt hij in plaats daarvan een waardebon met een waarde gelijk aan het bedrag van de teruggaaf bij het gekozen serviceniveau waarop aanspraak zou hebben bestaan indien geen kwijtschelding was verleend. c.De belastingplichtige die hiervan gebruik wil maken dient een aanvraag in met gebruik van het door het college vastgestelde aanvraagformulier. Aanvragen worden ingediend vóór 1 december van het kalenderjaar waarvoor de kwijtschelding van toepassing is. Een aanvraag heeft betrekking op het belastingjaar volgend op het jaar waarin de aanvraag is ingediend. De aanvraag wordt door de belastingplichtige elk jaar opnieuw ingediend. d.Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen omtrent de uitvoering van de in lid b. bedoelde waardebon, waaronder regels over de vorm, verstrekking, geldigheidsduur, besteding en inwisseling daarvan. Hoofdstuk 3 Bedrijfsafvalstoffen Artikel 12. Inzameling andere categorieën van afvalstoffen dan huishoudelijke afvalstoffen door de inzameldienst Onder de artikel 11 van de verordening genoemde aanwijzing van bestanddelen van bedrijfsafvalstoffen valt de inzameling door de inzamelaar HVC van: 1.rest-, gft-, papier- en Plastic Blik en Drinkpakken-afval op de basisscholen; 2.bedrijfsafval (voornamelijk fijn huishoudelijk restafval) in de winkelgebieden ingeval er geen of onvoldoende in- en externe opslagcapaciteit beschikbaar is, ter beoordeling door de gemeente, voor het bedrijfsafval. Artikel 13. Ter inzameling aanbieden van andere categorieën van afvalstoffen dan huishoudelijke afvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst 1.Het college stelt op grond van artikel 14, tweede lid, van de verordening regels over het aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan anderen dan de inzameldienst. Onder bedrijfsafval wordt in dit verband verstaan het restafval van bedrijven dat afkomstig kan zijn van bedrijven uit de handel, diensten en overheidssector (HDO-sector), industriële bedrijven en overige niet-industriële bedrijven (ook ziekenhuizen) waarbij het alleen gaat om niet-procesafhankelijk afval. In de praktijk gaat het om restafval dat vergelijkbaar is met fijn huishoudelijk restafval: •Gescheiden ingezameld/afgegeven papier en karton •Gescheiden ingezameld/afgegeven textiel (inclusief schoeisel) •Gescheiden ingezameld/afgegeven organisch bedrijfsafval •Gescheiden ingezameld/afgegeven groenafval •Kunststof en rubber •Metalen •Batterijen en accu's •KCA, KGA •Hout •Verpakkingen algemeen •Verpakkingen met verf, lijm, kit of hars •Verpakkingen met overige gevaarlijke afvalstoffen •Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur •Overige recyclebare monostromen (matrassen, steenwol, tapijt en kunstgras) 2.Het college stelt op grond van artikel 14, tweede lid, van de verordening de volgende regels over het aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan anderen dan de inzameldienst: a.Het bedrijfsafval mag enkel en alleen via een inzamelmiddel worden aangeboden aan de inzamelaar. b.Het bedrijfsafval mag slechts op de met de inzamelaar contractueel afgesproken dag(en) en tijd(en) op/aan de weg worden aangeboden. c.Het aanbieden dient ordelijk te gebeuren. De plaatsing van het inzamelmiddel dient zodanig te gebeuren dat derden en het verkeer - voetgangers daaronder begrepen - daar zo min mogelijk hinder van ondervindt. Het inzamelmiddel dient gesloten te zijn; er mogen geen losse afvalstoffen naast of op worden aangeboden. d.Het bedrijfsafval mag met het inzamelmiddel aan de inzameldienst of andere contractueel vastgelegde inzamelaars worden aangeboden maximaal twee uren voor de afgesproken inzameltijd. Hierbij geldt tevens dat het afval niet vóór negen uur in de ochtend (09.00u) ter inzameling op of aan de weg mag worden geplaatst in de winkelgebieden. e.De gebruikte inzamelmiddelen worden maximaal twee uren na lediging verwijderd van de openbare weg. Hierbij geldt tevens dat het afval niet na 16.00 uur in de middag nog op of aan de weg mag staan in winkelgebieden. f.Het is met uitzondering van de onder lid d. en e. bedoelde dag(en) en tijd(en) verboden inzamelmiddelen voor bedrijfsafval buiten het eigen terrein aanwezig te hebben. Het inzamelmiddel dient zo snel mogelijk na lediging weer op het eigen terrein te worden teruggeplaatst. g.Kleppen/deksels van rolcontainers en containers dienen gesloten te zijn, er mag niets naast de containers worden aangeboden. h.Karton, mits in een bundel samengebonden en geplet, kan apart zijnde zonder inzamelmiddel ter inzameling worden aangeboden. i.Het bedrijfsafval mag nergens anders dan voor het eigen perceel, of voor het eigen terrein, ter inzameling op de afgesproken inzameldag worden geplaatst. 3.Bedrijven die krachtens artikel 14, tweede lid, van de verordening andere categorieën van afvalstoffen dan huishoudelijke afvalstoffen aanbieden, dienen deze aan te bieden overeenkomstig de in de verordening en dit uitvoeringsbesluit gestelde regels. Hoofdstuk 4 Slotbepalingen Artikel 14. Parkeren op clusterplaatsen Op grond van artikel 20, van de verordening worden de volgende regels vastgesteld: 1.het is verboden te parkeren op en nabij de clusterplaatsen gedurende de dagen en tijden, welke in artikel 6 van dit uitvoeringsbesluit zijn bepaald. Artikel 15. Inwerkingtreding Dit uitvoeringsbesluit treedt in werking een dag na de bekendmaking (publicatie). Artikel 16. Citeerbepaling Dit uitvoeringsbesluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening gemeente Beverwijk 2026.

Meer informatie