Beleidsregels Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Lansingerland

Mededelingen
Locatie
SoortMededelingen
Gepubliceerd op11 augustus 2026
Gepubliceerd doorGemeente Lansingerland

Beleidsregels Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Lansingerland Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lansingerland; gelet op: -artikel 78gg van de Participatiewet; -titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht; gezien het advies van de Adviesraad Sociaal Domein van 14 april 2026; gelezen het voorstel BW2600099 van team Beleidsadvies Samenleving; overwegende dat: -het college het wenselijk vindt om aan te geven in welke situaties en onder welke voorwaarden een huishouden een vaste tegemoetkoming kan worden verstrekt of geweigerd; -het daarom wenselijk is voor dit doel beleidsregels vast te stellen; besluit vast te stellen: de Beleidsregels Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Lansingerland. Artikel 1. Begripsbepalingen 1.In deze beleidsregels wordt verstaan onder: a.belastbaar loon: het bedrag of loon voor de loonheffingen (LH of LB) of het fiscaal loon; b.college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lansingerland; c.fase 1: de tegemoetkoming over de toeslagjaren 2022, 2023 en 2024; d.fase 2: de tegemoetkoming over de toeslagjaren 2025, 2026 en 2027; e.huishouden: twee personen die fiscaal partner en toeslagpartner van elkaar zijn voor het jaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft; f.lijst: de lijst met burgerservicenummers als bedoeld in artikel 78gg, vijfde lid, van de wet; g.tegemoetkoming: de tegemoetkoming over de toeslagjaren 2022, 2023 en 2024 als bedoeld in artikel 78gg van de wet; h.toetsingsinkomen: -indien de aangifte Inkomstenbelasting definitief is vastgesteld door de Belastingdienst, is het toetsingsinkomen gelijk aan het verzamelinkomen uit de definitieve aanslag Inkomstenbelasting, -als de aangifte Inkomstenbelasting nog niet definitief is vastgesteld door de Belastingdienst of er is geen aangifte gedaan, is het toetsingsinkomen gelijk aan het belastbare loon zoals dat blijkt uit de jaaropgaven en/of inkomensspecificaties; i.toeslag(en): de huurtoeslag, zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag en kindgebonden budget; j.toeslagenjaar: het kalenderjaar waarin betrokkene recht heeft of heeft gehad op toeslagen van de Belastingdienst; k.vaste tegemoetkoming: het bedrag, de tegemoetkoming zoals genoemd in artikel 15ba van de Regeling Participatiewet, IOAW en IOAZ over de toeslagjaren 2025, 2026 en 2027; l.wet: de Participatiewet; m.zelfmelder: het huishouden waarvan de meestverdienende partner niet voorkomt op de lijst en dat zichzelf meldt voor het doen van een aanvraag voor de tegemoetkoming uit fase 1 en/of fase 2. 2.Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet. Artikel 2. Doelgroep 1.De (vaste) tegemoetkoming is bedoeld voor alleenverdieners. Hieronder wordt verstaan het huishouden dat: a.een inkomen, zoals bedoeld in de artikelen 32 en 33 uit de wet, heeft wat rond het bestaans-minimum ligt, niet zijnde een uitkering op grond van de wet, eventueel aangevuld met algemene bijstand op grond van artikel 19 van de wet, en b.vergeleken met een vergelijkbaar gezin voor wie algemene bijstand op grond van artikel 19 van de wet de enige bron van inkomsten is, minder toeslag ontvangt op grond van de Wet op de zorg-toeslag, de Wet op de huurtoeslag, de Wet kinderopvang en de Wet op het kindgebonden budget door de samenloop van fiscaliteit, sociale zekerheid en toeslagen, en c.hierdoor in een toeslagenjaar onder het bestaansminimum uitkomt ten opzichte van een vergelijk-baar gezin dat een volledige bijstandsuitkering en de maximale toeslagen ontvangt. d.op het moment van de aanvraag ingeschreven staat en woonachtig is in de gemeente Lansingerland. 2.Tot het huishouden wordt niet gerekend het huishouden dat enkel met een briefadres is ingeschreven in de gemeente.3.Er bestaat geen recht op de tegemoetkoming als het huishouden deze eerder heeft ontvangen voor het betreffende kalenderjaar. Artikel 3. Fase 1: tegemoetkoming over de toeslagjaren 2022, 2023 en 2024 1.Het college kan de tegemoetkoming over fase 1 toekennen aan het huishouden waarvan de meest-verdienende partner voorkomt op het voor het betreffende kalenderjaar ontvangen lijst. 2.Het college nodigt deze huishoudens uit een aanvraag voor de tegemoetkoming te doen. De aanvraag bevat de definitieve beschikking van de Belastingdienst voor toeslagen met berekeningsspecificatie over het desbetreffende toeslagjaar.3.De hoogte van de tegemoetkoming voor 2023 en 2024 berekent het college aan de hand van de vergelijking tussen de feitelijk ontvangen toeslag(en) met de toeslag(en) waar een vergelijkbaar huishouden waarvan beide partners recht hadden op een volledige bijstandsuitkering. 4.Voor kalenderjaar 2022 kan uitsluitend een tegemoetkoming toegekend worden wanneer de toeslag(en) door de Belastingdienst over dat jaar is teruggevorderd. De hoogte van de tegemoetkoming is gelijk aan de terugvordering. 5.Huishoudens die niet op de lijst staan kunnen een aanvraag voor de tegemoetkoming indienen bij het college (zelfmelders). 6.De aanvragen voor fase 1 kunnen uiterlijk 31 maart 2027 ingediend worden. Aanvragen die na deze datum worden ingediend neemt het college niet in behandeling. Artikel 4. Fase 2: tegemoetkoming over de toeslagjaren 2025, 2026 en 2027 1.Aan het huishouden waarvan de meestverdienende partner voorkomt op het voor het betreffende kalenderjaar ontvangen lijst, kent het college de vaste tegemoetkoming over fase 2 ambtshalve toe.2.De hoogte van de tegemoetkoming is het bedrag zoals genoemd in artikel 15ba van de Regeling Participatiewet, IOAW en IOAZ.3.Het college kent de vaste tegemoetkoming eenmaal voor het betreffende kalenderjaar toe en voor het gehele bedrag. Artikel 5 Zelfmelder 1.Een zelfmelder kan uiterlijk 31 december 2028 een aanvraag voor een vaste tegemoetkoming over fase 2 indienen bij het college.2.Bij de vaststelling van het inkomen om te bepalen of het huishouden tot de doelgroep van alleenverdieners behoort, telt alleen het inkomen van beide fiscale - en toeslagpartners mee. 3.Bij de aanvraag moeten de volgende gegevens ingeleverd worden: a.het aanvraagformulier. b.een kopie paspoort, identiteitsbewijs of rijbewijs. c.voorlopige of definitieve beschikking van de Belastingdienst voor toeslagen met berekeningsspecificatie over het desbetreffende toeslagjaar. d.bewijs van inkomen over het desbetreffende toeslagjaar. e.een overzicht van toeslagen.nl met het jaarinkomen f.kopie van bankpas. g.financieel jaaroverzicht 2025 van de inwoner eventueel partner. 4.Als er sprake is van een aanvraag over een nog lopend jaar, berekent het college het verwachte jaarinkomen. Hiervoor moet de aanvrager de volgende documenten aanleveren: a.bij een vast inkomen moet de meest recente loonstrook aangeleverd worden. b.Bij een wisselend inkomen moet van drie achtereenvolgende maanden loonstroken aangeleverd worden. Artikel 6. Hardheidsclausule Het college kan in zeer bijzondere gevallen ten gunste van de aanvrager gemotiveerd afwijken van de bepalingen in deze beleidsregels indien de toepassing daarvan onevenredig is in verhouding tot de met deze beleidsregels te dienen doelen. Artikel 7. Inwerkingtreding en citeertitel 1.Deze beleidsregels treden met terugwerkende kracht per 1 januari 2026 in werking en vervallen op 1 januari 2029.2.Deze beleidsregels worden aangehaald als: de Beleidsregels Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Lansingerland. Aldus vastgesteld in de vergadering van het college en wethouders van Lansingerland van 30 juni 2026 Mickel Beckers Gemeentesecretaris Rik van der LindenBurgemeester

Meer informatie