Aanwijzingsbesluit vereenvoudigde afdoening bezwaarschriften 2020
Aanwijzingsbesluit vereenvoudigde afdoening bezwaarschriften 2020 Burgemeester en wethouders van Steenbergen: In behandeling genomen Aanwijzingsbesluit vereenvoudigde afdoening bezwaarschriften 2020 d.d. 26 mei 2020 Overwegende dat een vereenvoudigde afdoening van bezwaarschriften wenselijk is; Gelet op artikel 2, lid 2, van de Verordening commissie bezwaarschriften 2015 en het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht; Besluiten: het Aanwijzingsbesluit vereenvoudigde afdoening bezwaarschriften 2020 vast te stellen. Artikel 1. Begrippen In dit besluit wordt verstaan onder: a.verordening: Verordening commissie bezwaarschriften 2015; b.college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Steenbergen; c.commissie: commissie voor de bezwaarschriften, kamer sociale aangelegenheden, als bedoeld in artikel 2, lid 4 van de verordening. Artikel 2. Aanwijzing 1.Het college maakt in beginsel ter voorbereiding van de beslissing op alle bij haar ingediende bezwaarschriften in het kader van de sociale zekerheid gebruik van het horen en adviseren door de commissie.2.Met toepassing van artikel 2, lid 2, van de verordening vraagt het college geen advies aan de commissie over bij het college ingediende bezwaarschriften die zijn gericht tegen de besluiten op het sociale terrein van: Participatiewet (Pw), Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz), Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Ioaw), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz); Alle op het terrein van de PW, met inbegrip van het Bbz, waaronder ook de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo), IOAW en IOAZ genomen besluiten, tenzij er een onderzoek door Sociale Recherche aan de besluitvorming ten grondslag ligt; Wet inburgering; Besluiten in het kader van de Wet inburgering tenzij er een onderzoek door Sociale Recherche aan de besluitvorming ten grondslag ligt; Minima- en schuldhulpverleningsbeleid;Besluiten in het kader van het minima- en schuldhulpverleningsbeleid 1 tenzij er een onderzoek door Sociale Recherche aan de besluitvorming ten grondslag ligt; Algemene wet bestuursrecht; Besluiten tot toepassing van artikel 4:5, lid 1 (buiten behandeling stelling van een aanvraag);besluiten tot toepassing van artikel 4:6 (herhaalde aanvraag);kennelijk niet ontvankelijkheid van het ingediende bezwaarschrift. Artikel 3. Ambtelijk horen Een belanghebbende die bij het college bezwaar heeft aangetekend tegen een besluit als vermeld op de bij artikel 2, lid 2, van dit besluit behorende bijlage, wordt in de gelegenheid gesteld om namens het college te worden gehoord door twee ambtenaren, die beiden niet bij de voorbereiding van het bestreden besluit betrokken zijn geweest. Het horen als bedoeld in dit artikel geschiedt in een niet openbare hoorzitting. Artikel 4. Verslaglegging Er wordt een schriftelijke samenvatting van het besprokene gemaakt, wanneer het college dat nodig acht voor haar besluitvorming of als een gerechtelijke instantie daarom verzoekt bij een (hoger) beroepsprocedure. Artikel 5. Afwijking In afwijking van het bepaalde in artikel 2, lid 2, van dit besluit kan het college bij afzonderlijk besluit bepalen om toch schriftelijk advies aan de commissie te vragen, indien de omstandigheden van het geval daartoe naar het oordeel van het college aanleiding geven. In een dergelijk geval wordt de belanghebbende in afwijking van het bepaalde in artikel 2 van dit besluit gehoord door de commissie. Artikel 6. Overgangsrecht Dit besluit is van toepassing op bezwaarschriften op het terrein van de sociale zekerheid die bij het college zijn ingediend na 26 mei 2020. Op bezwaarschriften die zijn ingediend voor 26 mei 2020 is het Aanwijzingsbesluit vereenvoudigde afdoening bezwaarschriften 2016 van toepassing. Artikel 7. Citeerartikel en inwerkingtreding 1.Dit besluit kan worden aangehaald als “Aanwijzingsbesluit vereenvoudigde afdoening bezwaarschriften 2020” en treedt in werking met ingang van 26 mei 2020.2.Het Aanwijzingsbesluit vereenvoudigde afdoening bezwaarschriften 2016, vastgesteld op 22 maart 2016, vervalt per 26 mei 2020. Steenbergen, 26 mei 2020Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Steenbergen,de secretaris, de burgemeester,M.J.P. de Jongh, RA R.P. van den Belt, MBA Artikelsgewijze toelichting. Artikel 1. Dit artikel behoeft geen nadere toelichting. Artikel 2. Lid 1 In dit artikellid staat vermeld, dat het college in beginsel altijd gebruik maakt van de bevoegdheid om over bezwaarschriften op het terrein van de sociale zekerheid advies te vragen aan de commissie. Hierbij wordt bezwaarde door de commissie gehoord en brengt de commissie schriftelijk advies uit over het bezwaarschrift. Lid 2 In het tweede lid wordt op de hoofdregel een uitzondering gemaakt. De keuze om een bezwaarschrift uit te zonderen van behandeling door de commissie, kan worden gebaseerd op het type besluit of op de financiële impact van het besluit waartegen het bezwaarschrift is gericht. In dit aanwijzingsbesluit is gekozen voor een mengvorm, dat wil zeggen zowel bepaalde typen bezwaarschriften uit te zonderen als bezwaarschriften tegen besluiten met een beperkte financiële impact. De Algemene wet bestuursrecht (Awb) biedt daartoe ook de mogelijkheid. Indien over een bezwaarschrift geen advies wordt gevraagd aan de commissie, geldt wel een kortere afhandelingstermijn van zes weken. Juist bij besluiten op grond van de Participatiewet en aanverwante regelingen is deze kortere afhandelingstermijn een bijkomend voordeel. Het betreft immers personen met een inkomen op of rond het minimum niveau. Artikel 3. De Awb verplicht het bestuursorgaan om de belanghebbende(n) in de gelegenheid te stellen te worden gehoord. In ieder geval wordt de indiener van het bezwaarschrift daartoe in de gelegenheid gesteld (artikel 7:2). De wetgever heeft de keuze over de wijze waarop de bezwaarde wordt gehoord, bewust overgelaten aan het bestuursorgaan zelf. In dit artikel wordt gekozen voor ambtelijk horen bij bezwaarschriften die zijn gericht tegen besluiten als vermeld in de bijbehorende bijlage. De hoorzitting is niet openbaar. Het horen geschiedt door twee ambtenaren (die niet bij de voorbereiding van het bestreden besluit betrokken zijn geweest), waarvan een ambtenaar zorg draagt voor de verslaglegging. Het horen door een of meer collegeleden stuit op praktische problemen. Artikel 4. Op grond van artikel 7:7 Awb dient van het horen een verslag te worden gemaakt. De rechtspraak accepteert geen geluidsopnamen. Het later toezenden van het schriftelijke verslag is volgens de Rechtbank ’s-Hertogenbosch (zie uitspraak van 5 januari 2007, LJN: AZ5922) niet in strijd met artikel 7:7 Awb. Wanneer een verslag nodig is voor behandeling bij een hogere instantie, zal het verslag gemaakt worden. Artikel 5. In dit artikel wordt het mogelijk gemaakt om in afwijking van het bepaalde in artikel 2, lid 2, toch advies over een bezwaarschrift te vragen aan de commissie, indien de omstandigheden van het betreffende geval daartoe aanleiding geven. Daarbij wordt gedoeld op een zodanig bijzonder geval, dat advies van de commissie is gewenst, ook al wordt bezwaar aangetekend tegen een besluit dat is vermeld op de bijbehorende bijlage. In een dergelijk geval dient wel een afzonderlijk besluit te worden genomen om in afwijking van het bepaalde in artikel 2, lid 2, toch advies te vragen aan de commissie. In zo’n geval wordt de bezwaarde ook gehoord door de commissie (en niet ambtelijk). Artikel 6. Dit artikel behoeft geen nadere toelichting. Artikel 7. Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Meer informatie