Beleidsregels capaciteitsprioritering netcongestie woningbouwprojecten gemeente Dordrecht 2026

Mededelingen
Locatie
SoortMededelingen
Gepubliceerd op4 augustus 2026
Gepubliceerd doorGemeente Dordrecht

Beleidsregels capaciteitsprioritering netcongestie woningbouwprojecten gemeente Dordrecht 2026 Het COLLEGE van BURGEMEESTER en WETHOUDERS van de gemeente Dordrecht; gezien het voorstel inzake beleidsregels capaciteitsprioritering netcongestie woningbouwprojecten gemeente Dordrecht 2026; gelet op •artikel 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht; •artikel 160 lid 1, aanhef en onder d van de Gemeentewet; •artikelen 7.21 tot en met 7.23 van de Systeemcode Elektriciteit 2026; •artikel 14 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek; •de studie netbewuste nieuwbouw, opgenomen als bijlage bij deze beleidsregels. overwegende dat, •in gebieden met netcongestie alle stroomaanvragen sinds 1 juli 2026 op een wachtlijst komen te staan; •Dordrecht twee gebieden kent waar netcongestie geldt; •Stedin voor beide gebieden een congestieverklaring heeft afgegeven; •op basis van de Systeemcode Elektriciteit 2026 gemeenten vervroegde prioriteit kunnen aanvragen voor woningbouwprojecten vanaf 1 oktober 2026; •de gemeente als aanvrager van prioriteit en transportcapaciteit gebonden is aan de beginselen van behoorlijk bestuur, ook bij privaatrechtelijk handelen; •het gewenst is om een beleidsregel vast te stellen over de criteria die de gemeente hanteert voor de nieuwe werkwijze ‘Eerder aanvragen in het proces’ voor meer transparantie en voorspelbaarheid; •de gemeente de inspanningsverplichting heeft om de aanvragen in behandeling te nemen en aan te melden bij de netbeheerder. De beschikbaarheid van transportcapaciteit is afhankelijk van de netbeheerder; •schaarste aan energie- en netcapaciteit gevolgen kan hebben voor de realisatie van andere ruimtelijke ontwikkelingen van maatschappelijk belang; •het wenselijk is vooraf inzichtelijk te maken op welke wijze het college energie- en netcapaciteitsaspecten betrekt bij de beoordeling van ruimtelijke ontwikkelingen. B E S L U I T : vast te stellen de navolgende ‘Beleidsregels capaciteitsprioritering netcongestie woningbouwprojecten gemeente Dordrecht 2026. Hoofdstuk 1. Algemeen Artikel 1 Begripsbepalingen •In deze beleidsregel wordt verstaan onder: Bestuursverklaring: door of namens het college afgegeven verklaring als bedoeld in artikel 7.21, derde en vierde lid van de Systeemcode Elektriciteit 2026; • Civielrechtelijke overeenkomst: een koopovereenkomst, anterieure overeenkomst, erfpachtovereenkomst of intentieovereenkomst of iedere andere overeenkomst zoals bedoeld in de toelichting bij Bijlage 3, Tabel 4 van Systeemcode Elektriciteit 2026 waaruit blijkt dat het Project binnen een bepaalde tijd start ; • Congestiegebied: een gebied binnen de gemeente waarvoor de netbeheerder heeft vastgesteld dat de transportcapaciteit op het elektriciteitsnet ontoereikend is als bedoeld in artikel 7.18 van de Systeemcode Elektriciteit 2026. Indien het Project het congestiegebied de gemeentegrens overschrijdt, zullen de gemeenten waarin het Project is gelegen onderling afstemmen wie de Aanvrager zal zijn, waarbij de hoofdregel geldt dat de gemeente waarbinnen het Project hoofdzakelijk is gelegen de Aanvrager zal zijn; • Netbeheerder: de regionale netbeheerder als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 die het distributienet beheert in het congestiegebied; • Project: de realisatie van een project met een maatschappelijke basisbehoefte, zijnde woonbehoefte; • Projectlocatie: de locatie waar het Project zal worden ontwikkeld; • Projectontwikkelaar:een rechtspersoon, stichting, vereniging of natuurlijke persoon die bij de gemeente het Prioriteringsverzoek heeft neergelegd in verband met de realisatie van een Project en de gemeente verzoekt een aanvraag te doen voor transportcapaciteit bij de netbeheerder; • Prioriteringsverzoek: een verzoek om prioriteit bij de toewijzing van transportcapaciteit als bedoeld in artikel 7.21 van de Systeemcode Elektriciteit 2026; • Projectdossier: het geheel van documenten dat de Aanvrager overlegt ter onderbouwing van zijn aanvraag voor Prioritering en Transportcapaciteit; • Transportcapaciteit: de capaciteit beschikbaar voor het transport van elektriciteit op het distributienet; • Volgordelijst: de door het college vastgestelde rangordelijst van woningbouw- conform cat. 3 bijlage 3 Systeemcode Elektriciteit 2026, waarvoor de gemeente Prioriteringsverzoeken indient bij de netbeheerder binnen één congestiegebied binnen het grondgebied van de gemeente; • Woonbehoefte: de bouw en renovatie van woningen, daarbij inbegrepen collectieve woonvormen, alsmede daaraan gekoppelde collectieve voorzieningen en kleinschalige onlosmakelijk verbonden activiteiten, een en ander overeenkomstig de definitie op grond van bijlage 22 bij artikel 7.0a, tabel 3 van de Systeemcode Elektriciteit 2026. Artikel 2 Toepassingsbereik Deze beleidsregels zijn van toepassing op: a.het aanmelden van projecten waarvoor de gemeente transportcapaciteit kan aanvragen; en b.het toekennen van een voorkeursvolgorde voor projecten waarvoor prioriteit is aangevraagd. Artikel 3 Doel •1. Deze beleidsregels hebben tot doel:het bijdragen aan de realisatie van woonbehoefte in congestiegebieden, in uitvoering van de gemeentelijke zorgplicht voor voldoende woongelegenheid, die de wettelijke grondslag vormen voor de opname van Woonbehoefte in categorie 3 van het prioriteringskader van de Systeemcode Elektriciteit 2026; •het waarborgen van een transparante, objectieve en niet-discriminatoire verdeling van posities op de volgordelijst; •het beperken van aansprakelijkheidsrisico’s voor het college als aanvrager van transportcapaciteit bij de netbeheerder, in het bijzonder het risico van schadevergoedingsclaims wegens ongelijke behandeling van projectontwikkelaars; en •het bieden van rechtszekerheid aan aanvragers over de wijze waarop de gemeente haar bevoegdheid als aanvrager van transportcapaciteit uitoefent. Hoofdstuk 2. Het aanmelden van projecten Artikel 4 Benodigde gegevens transportcapaciteit 1.Een Projectontwikkelaar die voldoet aan de omschrijving Woonbehoefte kan bij de gemeente plaatsing op de volgordelijst aanvragen voor transportcapaciteit bij de netbeheerder. 2.Door de Projectontwikkelaar worden voor het aanvragen van transportcapaciteit de volgende gegevens verstrekt via het aanvraagformulier: a. een omschrijving en de locatie van het project, onder vermelding van het type bouw (hoogbouw, laagbouw of een combinatie) en de geografische begrenzing van het projectgebied (bij voorkeur als polygoon); b. het verwachte totale aantal en type woningen (sociaal, middenhuur, koop); c. e verwachte elektrische belasting van het project, omvattende: i. het aantal en de grootte (doorlaatwaarde) van de benodigde aansluitingen, uitgesplitst naar wooneenheden, collectieve voorzieningen en onlosmakelijk verbonden activiteiten; ii. de op planniveau gehanteerde wijze van verwarmen, als meest bepalende factor in netbelasting; iii. de gewenste datum van de definitieve aansluitingen, uitgesplitst per projectfase en met een maximale loopduur van tien jaar na datum van indiening; 3.Het college levert voor haar eigen projecten voor het aanvragen van transportcapaciteit dezelfde gegevens aan als bepaald in het tweede lid. Artikel 5 Benodigde gegevens prioritering 1.Voor het aanvragen van prioritering worden de volgende gegevens door de projectontwikkelaar verstrekt via het aanvraagformulier: a.een civielrechtelijke overeenkomst tussen gemeente en projectontwikkelaar; b.als niet voldaan kan worden aan het vereiste onder a: een verklaring dat het project past in het omgevingsplan; c.als niet voldaan kan worden aan het vereiste onder a of b zijn alternatieve bewijsstukken toegestaan zoals prestatieafspraken tussen woningcorporaties en gemeente, een toegekende rijkssubsidie en/of een college- en/of raadsbesluit inclusief bijlagen; d.een bestuursverklaring, overeenkomstig het bepaalde in artikel 10; e.concrete en onderbouwde datum voor start bouw. 2.Het college levert voor haar eigen projecten voor het aanvragen van prioritering dezelfde gegevens aan als bepaald in het eerste lid. Artikel 6 Ontvankelijkheid en aansprakelijkheid 1.De gegevens uit artikel 4 en 5 dienen uiterlijk op 1 september 2026 door het college ontvangen te zijn. 2.Het college kan na 1 september 2026 een verzoek doen om aanvullende gegevens aan te leveren als dit nodig is voor een volledige aanvraag. Hiervoor krijgt de projectontwikkelaar tot 15 september 2026 de tijd om de gegevens alsnog aan te leveren. 3.Het college stelt een projectdossier samen op basis van de ontvangen gegevens. 4.De projectontwikkelaar blijft verantwoordelijk voor de juistheid, actualiteit en onderbouwing van de aangeleverde gegevens. 5.Aanvragen die na 1 september 2026 worden ingediend of aanvullende gegevens die niet voor 15 september worden aangeleverd worden meegenomen in een volgende indienronde en komen op volgorde van de aanmelding dan achter de eerdere aanvragen op de prioriteringslijst. Artikel 7 Beoordelingscriteria en puntentoekenning Het college stelt een rangorde op voor prioriteringsverzoeken op basis van een puntenstelsel. Het college beoordeelt elk project aan de hand van de volgende criteria (in totaal zijn maximaal 90 punten te verkrijgen): Criteria projectrijpheid Punten 1. Projecten tot 12 woningen; 50 2. Projecten met 12 woningen of meer: a. Complete aanvraag omgevingsvergunning ruimtelijk en technisch bouwen ingediend. 10 b. Onherroepelijke bouwtitel op basis van een in werking getreden omgevingsplan of een verleende omgevingsvergunning fase 1. 10 c. Kostenverhaal verzekerd incl. nadeelcompensatie 10 d. Aannemingsovereenkomst gesloten met start bouw binnen een jaar. 10 e. Gronden zijn eigendom of eigendom verzekerd 10 Totaal maximaal te behalen voor dit onderdeel 50 Criteria Netbewustheid Punten 3. De grondgebonden woningen een gemiddelde piekbelasting kennen van 10 W/m2 of lager 10 4. De grondgebonden woningen een gemiddelde piekbelasting kennen van 8 W/m2 of lager (aanvullend op 1) 20 5. Gestapelde woningen een gemiddelde piekbelasting kennen van 11 W/m2 of lager 10 6. Gestapelde woningen een gemiddelde piekbelasting kennen van 9 W/m2 of lager (aanvullend op 3) 20 Indien een project zowel grondgebonden als gestapelde woningen kent wordt een gewogen gemiddelde score toegekend, tot een maximum per project: 30 7. Aanvullende niet-gebouwgebonden piekreductiemaatregelen worden getroffen waardoor het net minder belast wordt. 10 Totaal maximaal te behalen voor dit onderdeel 40 Voor het bepalen van de netbelasting met W/m2 wordt toepassing gegeven aan de methodiek uit de rapportage “Studie Netbewuste Nieuwbouw, gemeente Dordrecht” opgenomen als afzonderlijke bijlage bij deze beleidsregels. W/m2 staat voor de maximale piekbelasting van een vierkante meter woning op het net. Artikel 8 Totaalscore en rangordebepaling Het college maakt een verslag van de beoordeling en rangordebepaling. Het college berekent per project de totaalscore door de punten uit de criteria 1 t/m 10 bij elkaar op te tellen. Dit zijn maximaal 90 punten. De volgordelijst wordt samengesteld in aflopende volgorde van de totaalscore. Het project met de hoogste score krijgt de hoogste positie. Het college besluit tot vaststelling van de definitieve volgordelijst en maakt deze openbaar via de gemeentelijke website en het gemeenteblad. Op de gepubliceerde volgordelijst staat per project vermeld: de projectnaam, de locatie, het aantal woningen, de totaalscore en de positie op de lijst. Artikel 9 regionale afstemming Artikel 9 Regionale afstemming De gemeente stemt het indienen van de prioriteringsverzoeken af met de andere gemeenten binnen het congestiegebied zodat sprake is van een evenwichtige en evenredige prioritering van projecten. Artikel 10 Bestuursverklaring Voor het aanvragen van transportcapaciteit en prioritering stelt het college een bestuursverklaring op die voldoet aan tabel 4, bijlage 22 behorend bij artikel 7.0a van de Systeemcode Elektriciteit. Artikel 11 Gelijkwaardige aanvragen Bij gelijkwaardige aanvragen bepaalt het college de onderlinge volgorde op basis van maatschappelijk belang op basis van onderstaande criteria. Het project met de meeste punten krijgt voorrang. Indien dan nog steeds sprake is van projecten met een gelijk puntenaantal dan krijgt het project dat als eerste kan starten de voorkeur. De datum start bouw moet blijken uit een concrete en onderbouwde datum voor de start van de bouw van het project. Criteria maatschappelijk belang Punten 1. Projecten tot 12 woningen; 30 2. Projecten met 12 woningen of meer: a. dragen evenredig bij aan de opgave sociaal en betaalbaar (30% sociaal en ⅔ betaalbaar) 20 b. draagt meer dan evenredig bij aan de opgave sociaal en betaalbaar (aanvullend op 2a) 10 3 Huisvesting bijzondere doelgroepen als genoemd in de subcategorie collectieve woonvormen van tabel 3 van bijlage 22 van de Netcode elektriciteit. 10 4. Meerwaarde voor de stad. Het project draagt aantoonbaar bij aan de doelen uit de omgevingsvisie. 20 Totaal maximaal te behalen voor dit onderdeel 60 Artikel 12 Geschillenregeling 1.Een projectontwikkelaar die het niet eens is met: a. de afwijzing van een verzoek tot plaatsing op de volgordelijst; ofb. de positie van een project op de volgordelijst,kan binnen tien werkdagen na bekendmaking daarvan een gemotiveerd geschil voorleggen aan het college. 2.Het geschil bevat ten minste: a. de naam en contactgegevens van de indiener;b. de aanduiding van het project waarop het geschil betrekking heeft;c. de gronden van het geschil; en d. de gegevens en de bescheiden waarop de indiener zich beroept. 3.Het college beoordeelt het geschil aan de hand van deze beleidsregels en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur die op grond van artikel 3:14 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing zijn. 4.Het college kan de indiener en andere betrokkenen in de gelegenheid stellen het geschil mondeling toe te lichten. 5.Het college neemt binnen twintig werkdagen na ontvangst van het geschil een gemotiveerd standpunt in en stelt de indiener daarvan schriftelijk in kennis. 6.Als het college aanleiding ziet de volgordelijst te wijzigen, stelt het de gewijzigde volgordelijst vast en maakt deze bekend overeenkomstig artikel 8. 7.Deze geschillenregeling laat de mogelijkheid onverlet een geschil voor te leggen aan de bevoegde burgerlijke rechter. Artikel 13 Kosten Wanneer door de netbeheerder bij de gemeente kosten in rekening worden gebracht voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor aansluiting of transportcapaciteit, worden deze kosten doorbelast aan de projectontwikkelaar. Door het indienen van een aanvraag bij het college verklaart de projectontwikkelaar zich akkoord met deze kostenverplichting. Artikel 14 Hardheidsclausule 1.Het college handelt overeenkomstig deze beleidsregels, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met deze beleidsregels te dienen doelen. 2.Voor transformatie van bestaande bouw waarbij het redelijkerwijs niet mogelijk blijkt om maatregelen te treffen om te kunnen voldoen aan de eisen netbewustheid in artikel 7, kan het college punten toekennen voor netbewustheid op basis van realistische maatregelen. Hoofdstuk 3. Slotbepaling Artikel 15 Inwerkingtreding Deze beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking in het elektronisch publicatieblad van de gemeente. Artikel 16 Citeertitel Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels capaciteitsprioritering netcongestie woningbouwprojecten gemeente Dordrecht 2026. Aldus vastgesteld in de vergadering van 31-07-2026 Het college van Burgemeester en Wethouders P. Teesink secretaris N. Mol burgemeester Dordrecht 31-07-2026 Toelichting Aanleiding Op het volle stroomnet is op steeds meer plekken in Nederland sprake van Netcongestie. Om te komen tot een goede verdeling van de transportcapaciteit is de Systeemcode Elektriciteit 2026 aangepast. Per 1 januari 2026 gelden andere voorrangsregels voor een elektrische aansluiting op basis van maatschappelijk belang. Voorheen was dit ‘first come, first served’. Vanuit deze Systeemcode krijgen gemeenten nu een extra taak om in een vroeg stadium transportcapaciteit te gaan reserveren voor woningbouwprojecten (maatschappelijk belang). Dit staat in bijlage 3, tabel 4 van de Systeemcode Elektriciteit 2026. Beleidsruimte van gemeenten Met deze beleidsregels geeft de gemeente Dordrecht invulling aan de wijze waarop zij omgaat met haar op grond van de Systeemcode Elektriciteit 2026 en de Energiewet toegekende bevoegdheid om prioriteringsverzoeken en transportcapaciteitsverzoeken in te dienen voor de functie woonbehoefte bij de netbeheerder. Het doen van deze verzoeken is aan te merken als een privaatrechtelijke handeling als bedoeld in artikel 160 lid 1 onder d Gemeentewet. De gemeente is bij privaatrechtelijke handelingen gebonden aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Bij het aanvragen van schaarse transportcapaciteit zal de gemeente het gelijkheidsbeginsel moeten naleven. Deze beleidsregels vormen het instrument om te voldoen aan het gelijkheidsbeginsel en om juridische risico’s te beperken. Bij het opstellen van de beleidsregels is gebruik gemaakt van de modelbeleidsregels van de VNG d.d. juli 2026. Na het collegebesluit van de gemeente Dordrecht op 14 juli 2026 zijn de VNG beleidsregels nog geactualiseerd. Een belangrijk verschil met de oorspronkelijke VNG-beleidsregels is dat de regels niet uitsluitend zijn gebaseerd op het energierecht en de privaatrechtelijke rol van de gemeente als aanvrager van transportcapaciteit. Door aansluiting te zoeken bij de Omgevingswet en het Besluit kwaliteit leefomgeving wordt ook gebruikgemaakt van de publiekrechtelijke beoordelingsruimte die gemeenten hebben bij ruimtelijke besluiten. Hierdoor ontstaat een bredere en bestendigere juridische grondslag voor het betrekken van energie- en netcapaciteitsaspecten bij ruimtelijke ontwikkelingen. Deze verbreding van de juridische grondslag is meegenomen in deze versie van de beleidsregels. Inspraak Bij het opstellen van deze beleidsregels is geen inspraakprocedure gevolgd. De aansprakelijkheidsrisico’s voor de gemeente als gevolg van het niet tijdig vaststellen van beleidsregels met betrekking tot de aanvraag van prioriteit voor transportcapaciteit maken dat sprake is van spoedeisend belang bij het vaststellen van deze beleidsregels, waardoor inspraak niet kon worden afgewacht. Artikel 1 Begripsbepalingen De begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt zijn in dit artikel gedefinieerd. Deze hebben dezelfde betekenis als in de Energiewet en in de Systeemcode Elektriciteit 2026. Artikel 2 Toepassingsbereik De gemeente heeft op basis van de werkafspraak ‘eerder aanvragen’ de bevoegdheid transportcapaciteit aan te vragen voor woningbouwprojecten en daarbij een voorkeursvolgorde voor projecten uit te spreken. Het betreft een privaatrechtelijke handeling waarbij het college gehouden is het gelijkheidsbeginsel toe te passen. Dat geldt voor verschillende situaties. In de eerste plaats moet ieder project gelijke kansen krijgen om zich aan te melden voor het aanvragen van transportcapaciteit door de gemeente. Deze beleidsregels stellen daarom regels voor het aanmelden van projecten door diegene die een of meer nieuwe woningen wil gaan bouwen, verder te noemen projectontwikkelaars. Niet alle projecten hebben al een projectontwikkelaar of moeten gemeld worden omdat ze al bij de gemeente bekend zijn. De beleidsregels stellen daar ook regels voor projecten die al wel bekend zijn bij de gemeente maar niet aangemeld. Tot slot voorzien de regels in het opstellen van een volgordelijst voor het aanvraag van prioriteit. Per netcongestiegebied mag het college een voorkeursvolgorde aanvragen. De beleidsregels moeten voorzien in objectieve, toetsbare en redelijke criteria. Artikel 3 Doel In dit artikel zijn de doelen opgenomen die aanleiding zijn geweest beleidsregels te stellen. Een belangrijk maatschappelijk doel van de gemeente is de bouw van voldoende nieuwe woningen en andere ruimtelijke ontwikkelingen. Met deze beleidsregels willen wij bevorderen dat binnen de verwachte schaarse netcapaciteit, zoveel mogelijk van deze woningen en ontwikkelingen doorgang kunnen vinden. Projecten die op korte termijn kunnen starten en bijdragen aan de woningbouwbehoefte willen we voorrang geven. Daarbij geldt dat hoe netbewuster nieuwe woningen gebouwd worden hoe meer ruimte we binnen de beschikbare schaarse netcapaciteit kunnen bieden aan andere projecten. Deze beleidsregels hebben daarom mede tot doel projecten die netbewust bouwen prioriteit te geven. Daarnaast hebben de beleidsregels tot doel om bij het aanvragen en prioriteren van projecten een openbare, transparante procedure te volgen met vooraf bekendgemaakte, objectieve en toetsbare criteria. Artikel 4 en 5 Benodigde gegevens transportcapaciteit en prioritering Voor het aanvragen van transportcapaciteit en prioritering moeten gemeenten een projectdossier aanleveren bij de netbeheerder. Van de projectontwikkelaar die de gemeente vraagt om een project op de prioriteringslijst te zetten is de noodzakelijke informatie over het project nodig. Daarom is in dit artikel opgenomen welke gegevens gevraagd worden door de projectontwikkelaar te verstrekken aan de gemeente via een aanvraagformulier. Dit formulier wordt op aanvraag toegezonden aan de projectontwikkelaar. Voor haar eigen projecten zal de gemeente dezelfde gegevens opnemen in het projectdossier. Artikel 6 Ontvankelijkheid en aansprakelijkheid De gemeente beoordeelt de binnengekomen gegevens en als er gegevens missen is in dit artikel bepaald dat er een termijn geldt voor het aanvullen van deze gegevens door de projectontwikkelaar. De gemeente brengt hierover de projectontwikkelaar op de hoogte. Artikel 7 Beoordelingscriteria De beoordelingscriteria vormen de kern van deze beleidsregels. Zij bepalen de volgorde op de volgordelijst en dienen objectief, toetsbaar en redelijk te zijn. Zoals hiervoor aangegeven bij het doel van deze beleidsregels (artikel 3) willen we bevorderen dat projecten die op korte termijn kunnen starten en netbewust gebouwd worden, voorrang krijgen. Daarvoor zijn in deze beleidsregels twee criteria van toepassing: projectrijpheid en netbewustheid. Projectrijpheid Projecten met een hoge realisatiezekerheid komen hoger op de volgordelijst dan projecten met een lagere zekerheid. Om de realisatiezekerheid te kunnen bepalen zijn de volgende bewijsstukken relevant: de aanvraag omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit, de civielrechtelijke overeenkomst, een verklaring dat het kostenverhaal is verzekerd en een in werking getreden omgevingsplan of de onherroepelijke vergunning voor een BOPA. Elk bewijsstuk vertegenwoordigt een andere mate van zekerheid over de realisatie van het project. Voor kleine projecten tot 12 woningen is een uitzondering gemaakt op de eisen projectrijpheid. Deze projecten krijgen automatisch het maximaal aantal punten. Dit voorkomt dat lokale kleinschalige initiatieven, die een beperkt effect hebben op de beschikbare netcapaciteit, te zwaar belast worden met administratieve lasten die niet in verhouding staan tot de grootte van het project. De grens van 12 woningen is gebaseerd op eisen uit de provinciale verordening. Projecten van 12 woningen of meer worden in de verordening ook al getoetst op het aandeel sociaal en betaalbaar. De stap naar toetsing naar toetsing op projectrijpheid is dan niet zo groot meer. Netbewustheid Projecten die netbewust gebouwd worden komen hoger op de lijst dan projecten die daar niet aan voldoen. Om netbewustheid objectief te kunnen toetsen is onderzoek gedaan naar alle lopende projecten binnen de gemeente (Merosch, studie Netbewust Nieuwbouw gemeente Dordrecht, juli 2026, afzonderlijke bijlage bij deze beleidsregels). Op basis van deze studie zijn criteria ontwikkeld om op gebouwniveau projecten te kunnen beoordelen op netbewustheid. Daarnaast is een beoordelingsregels opgenomen voor aanvullende niet-gebouwgebonden maatregelen. Daarvoor moet een projectontwikkelaar een berekening indienen. Uit die berekening moet blijken dat de niet-gebouwgebonden piek aantoonbaar wordt gereduceerd. Voorbeeld hiervan kunnen zijn het toepassen van een (home) energy management system of inzetten van deelmobiliteit om de pieken te dempen. Artikel 8 Totaalscore en rangordebepaling In dit artikel is uitgelegd dat de gemeente verslaglegging doet van het verdelen van de punten ten aanzien van de beoordelingscriteria. Daarbij geldt dat de totaalscore maximaal 90 punten is en de volgordelijst wordt samengesteld in aflopende volgorde. Oftewel hoe meer punten, hoe hoger de positie op de volgordelijst. Wanneer de volgordelijst klaar is maakt de gemeente deze bekend. De lijst wordt gepubliceerd en openbaar, dus voor eenieder te vinden en te bekijken. Artikel 9 Regionale afstemming Dit artikel is opgenomen om concurrentie tussen gemeenten binnen een zelfde congestiegebied te voorkomen. Met de gemeente binnen het congestiegebied worden afspraken gemaakt dat gemeenten naar rato en evenredig prioriteit aan vragen. Artikel 10 Bestuursverklaring De bestuursverklaring is het centrale bewijsstuk van het prioriteringsverzoek. Deze stelt de netbeheerder in staat te toetsen of het verzoek daadwerkelijk betrekking heeft op een prioriteitswaardige activiteit en of de gevraagde transportcapaciteit noodzakelijk en reëel is. Zonder deugdelijk ingevulde bestuursverklaring is het verzoek incompleet en zal de netbeheerder de aanvraag afwijzen. De eisen voor de bestuursverklaring staat in artikel 7.21, derde en vierde lid van de Systeemcode Elektriciteit 2026. De Systeemcode Elektriciteit 2026 stelt dat partijen in de bestuursverklaring moeten onderbouwen dat de gevraagde transportcapaciteit nodig is voor de uitoefening van hun geprioriteerde taken, dat de capaciteit noodzakelijk is om te starten, en dat de activiteit op korte termijn na toekenning zal aanvangen. Artikel 11 Gelijktijdige aanvragen Wanneer aanvragen op dezelfde positie uitkomen zal de rangorde/volgorde worden bepaald op basis van de maatschappelijk meerwaarde van het project. Projecten die bijdragen aan de opgave voldoende sociale en betaalbare woningen kunnen extra punten scoren. Voor kleine woningbouwprojecten is, in lijn met de uitzondering in de provinciale omgevingsverordening, een uitzondering gemaakt voor projecten tot 12 woningen. Het criterium ‘meerwaarde voor de stad’ wordt beoordeeld door een kwalitatieve toetsing aan de 7 doelen van de omgevingsvisie. Indien projecten na beoordeling op maatschappelijke meerwaarden nog steeds gelijk eindigen wordt de volgorde bepaald aan de hand van de datum van de start van de bouw van het woningbouwproject. De onderbouwing (planning) wordt aangeleverd door de projectontwikkelaar. Artikel 12 Geschillenregeling Deze beleidsregels voorzien in een geschillenregeling en niet in een bezwaarprocedure als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht. Die sluit aan bij het privaatrechtelijke karakter van de volgordelijst, kent een niet-fatale reactietermijn en laat de gang naar de burgerlijke rechter onverlet. Het geschil wordt voorgelegd aan het college, dat op grond van artikel 160, eerste lid, onderdeel d, van de Gemeentewet bevoegd is tot privaatrechtelijke handelingen; de burgemeester vertegenwoordigt de gemeente in en buiten rechte. Indien een geschil als uitkomst heeft dat achteraf een aanpassing van de volgordelijst noodzakelijk is, zal de gemeente een verzoek doen bij de netbeheerder om de al ingediende volgordelijst aan te passen. Artikel 13 Kosten Voor het indienen van een aanvraag voor capaciteit moet de gemeente een aanbetaling doen bij de netbeheerder. Dit is een financiële verplichting. Ten aanzien van de financiële dekking en het financieel risico voor de gemeente is deze bepaling opgenomen. Daarmee kunnen eventuele kosten doorberekend worden naar de projectontwikkelaar. Bij het indienen van hun aanvraag/verzoek aan de gemeente gaan zij tegelijk een verbinding aan. Artikel 14 Hardheidsclausule Dit artikel is opgenomen voor de situatie dat toepassing van deze beleidsregels, gelet op het doel van de beleidsregel, leidt bij onvoorziene situaties tot een onbillijkheid van overwegende aard. Van de hardheidsclausule kan alleen gebruik gemaakt wanneer de ruimte voor maatwerk niet op een andere wijze kan worden bereikt. In het tweede lid van dit artikel is een bepaling opgenomen die het college voor bijzondere projecten de bevoegdheid geeft af te wijken van de criteria voor netbewustheid. Deze bevoegdheid mag alleen ingezet worden als van een project redelijkerwijs niet gevraagd kan worden te voldoen aan de criteria voor netbewustheid. Bijvoorbeeld voor bestaande monumenten of beeldbepalende panden die omgezet worden naar woningbouw. Het behoud van de karakteristiek van het pand kan dan redelijkerwijs niet samengaan met te treffen maatregelen om te kunnen voldoen aan de eisen van netbewustheid.

Meer informatie