Subsidieregeling EHBO-certificering Weert 2026
Subsidieregeling EHBO-certificering Weert 2026 Het college van Burgemeester en wethouders van de gemeente Weert; Gelet op artikel 2 en 3 van de Algemene Subsidieverordening Weert 2017, de Gemeentewet en de Algemene wet bestuursrecht; Besluit de volgende subsidieregeling vast te stellen: Subsidieregeling EHBO-certificering Weert 2026 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: a.ASV 2017: de Algemene Subsidieverordening Weert 2017; b.Aanvrager: een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid zonder winstoogmerk, gevestigd in de gemeente Weert, die blijkens de statuten of de inschrijving bij de Kamer van Koophandel structureel zwemactiviteiten of zwemlessen organiseert; c.College: het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Weert; d.EHBO-opleiding: een opleiding gericht op eerste hulpverlening, waaronder eerste hulp bij watergerelateerde incidenten, verzorgd door een erkende opleidingsinstelling. Artikel 2. Algemene bepaling 1.Deze subsidieregeling is een regeling als bedoeld in artikel 3 lid 2 ASV 2017;2.De bepalingen van de ASV 2017 zijn van toepassing voor zover daarvan in deze regeling niet wordt afgeweken. Artikel 3. Toepassingsbereik Deze subsidieregeling is van toepassing op het verstrekken van subsidie voor opleidingskosten van een EHBO opleiding/cursus aan een Aanvrager. Artikel 4 Doel van de regeling Deze regeling heeft als doel het bevorderen van de veiligheid bij zwemactiviteiten in de gemeente Weert door het ondersteunen van Aanvragers bij het opleiden van vrijwilligers tot EHBO-er. Artikel 5. Doelgroep Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt aan Aanvragers die: •zonder winstoogmerk opereren; en •zwemactiviteiten of zwemlessen organiseren in de gemeente Weert. Artikel 6. Subsidiabele Activiteiten 1.Subsidie wordt eenmalig verstrekt voor het volgen van een EHBO-opleiding door vrijwilligers die actief zijn bij de Aanvrager;2.De opleiding moet bijdragen aan de veiligheid bij zwemactiviteiten;3.Voor dezelfde kosten of vergelijkbare activiteiten (zoals bijvoorbeeld herhaaltrainingen) kan in de toekomst geen beroep meer worden gedaan voor een subsidiebijdrage. Structurele borging van EHBO-capaciteit is de eigen verantwoordelijkheid van Aanvrager. Artikel 7. Subsidiabele kosten 1.Voor subsidie komen uitsluitend in aanmerking de kosten van een EHBO-opleiding, mits: odeze is gericht op eerste hulpverlening; en odeze wordt verzorgd door een erkende opleidingsinstelling. 2.Niet subsidiabel zijn: oreis- en verblijfskosten; ovrijwilligersvergoedingen of loonkosten; ointerne of overheadkosten. ointerne uren van Aanvrager voor administratie. Hoofdstuk 2 Aanvraag, verlening en vaststelling Artikel 8. Subsidieaanvraag 1.Een Aanvrager die op grond van deze regeling voor subsidie in aanmerking wil komen dient hiertoe een schriftelijke aanvraag in te dienen;2.In afwijking van artikel 10, eerste lid van de ASV 2017 wordt de aanvraag ingediend uiterlijk één week vóór de start van de EHBO-opleiding die plaatsvindt in 2026;3.In afwijking van het tweede lid kan subsidie worden aangevraagd voor opleidingen die reeds zijn afgerond in de periode van 1 januari 2026 tot en met de datum van inwerkingtreding van deze regeling;4.De aanvraag wordt ingediend via het daarvoor bestemde aanvraagformulier. De aanvraag kan worden ingediend per e-mail of per brief;5.In de aanvraag wordt opgenomen: a.welke opleiding/cursus gevolgd gaat worden/ is gevolgd; b.bij welk opleidingsinstituut de opleiding/cursus gevolgd gaat worden/ is gevolgd; c.het aantal deelnemers per opleiding/cursus; d.de datum of periode van de opleiding/cursus; e.een overzicht van de kosten van de opleiding/cursus inclusief factuur; f.een motivering van de noodzaak van de opleiding/cursus; g.gegevens over het gebruik van de zwemaccommodatie (het aantal uren per week). Artikel 9. Beoordeling subsidieaanvraag Het college beoordeelt de aanvraag op basis van deze regeling, de verstrekte informatie, en het beschikbare subsidieplafond. Artikel 10. Hoogte subsidie 1.De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal € 1.000,00 per Aanvrager;2.De subsidie bedraagt: •maximaal € 500,-- indien de aanvrager tot en met 5 uur per week gebruik maakt van de zwemaccommodatie; •maximaal € 1.000,00 indien de aanvrager meer dan 5 uur per week gebruik maakt van de zwemaccommodatie. 3.De subsidie bedraagt ten hoogste de goedgekeurde subsidiabele kosten die daadwerkelijk zijn gemaakt en betaald ten behoeve van de activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend;4.Per aanvrager wordt maximaal eenmaal subsidie verstrekt. Artikel 11. Beschikking en vaststelling 1.Het college beslist, in afwijking van artikel 10 lid 6 van de ASV 2017, binnen 8 weken na ontvangst van een volledige aanvraag;2.De subsidie wordt direct vastgesteld. Artikel 12. Subsidieplafond 1.Voor deze regeling geldt een subsidieplafond van € 5.000,- voor het jaar 2026;2.Het beschikbare bedrag voor subsidieverstrekking wordt in geval van positieve besluitvorming verleend op basis van volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen, waarbij alleen volledige aanvragen in behandeling worden genomen. De datum van ontvangst van een volledige aanvraag is bepalend; 3.Voor aanvragen als bedoeld in artikel 8, derde lid (opleidingen die hebben plaatsgevonden vóór de inwerkingtreding van deze regeling), geldt dat deze worden behandeld op volgorde van ontvangst van volledige aanvragen ná de inwerkingtreding van deze regeling;4.Indien een aanvraag onvolledig is, geldt als datum van ontvangst de datum waarop de aanvraag volledig is;5.Subsidies worden geweigerd voor dat deel dat bij verstrekking zou leiden tot overschrijding van het Subsidieplafond. Artikel 13. Weigeringsgronden voor subsidie Onverminderd het bepaalde in de ASV 2017 wordt subsidie geweigerd indien: a.voor dezelfde kosten reeds subsidie is verstrekt door de gemeente Weert; b.niet wordt voldaan aan deze regeling; c.het initiatief in strijd is met wet- en regelgeving, het algemeen belang of de openbare orde; d.deze in strijd is met overige regels bij of krachtens deze verordening gesteld; e.het subsidieplafond is bereikt. Hoofdstuk 3 Slotbepalingen Artikel 14 Hardheidsclausule Het college handelt overeenkomstig deze verordening, tenzij dat voor de subsidieaanvrager gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de verordening te dienen doelen. Artikel 15 Inwerkingtreding en duur 1.Deze subsidieregeling treedt in werking na bekendmaking op 20 juli 2026;2.Deze subsidieregeling vervalt op 31 december 2026, of eerder wanneer het subsidieplafond bereikt is. Artikel 16 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als ‘Subsidieregeling EHBO-certificering Weert 2026’. Toelichting subsidieregeling EHBO-certificering Weert 2026 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1. (Begripsomschrijvingen) In artikel 1 worden een aantal begrippen uitgelegd, die in de tekst van de regeling worden gebruikt, om interpretatieverschillen te voorkomen. Artikel 2. (Algemene bepaling) In artikel 2 lid 1 wordt vastgelegd dat deze regeling volgt uit artikel 3 lid 2 ASV 2017. Daarmee heeft de raad op grond van artikel 156 lid 1 en 3 Gemeentewet de bevoegdheid aan het college gedelegeerd om ter uitvoering van de ASV 2017, binnen de door de raad vastgestelde beleidskaders, nadere regels vast te stellen. Deze nadere regels bevatten algemeen verbindende voorschriften en hebben dezelfde status als een verordening. In lid 2 wordt bepaald dat alle bepalingen uit de ASV 2017 van toepassing zijn, tenzij er in deze regeling wordt afgeweken. Artikel 3. (Toepassingsbereik) Dit artikel bepaalt dat de regeling uitsluitend ziet op subsidiëring van opleidingskosten voor EHBO-certificering van vrijwilligers bij zwemactiviteiten. Artikel 4. (Doel van de regeling) De regeling heeft als doel de veiligheid bij zwemactiviteiten te vergroten door het stimuleren van voldoende gekwalificeerde vrijwilligers. Artikel 5 (Doelgroep) De regeling richt zich op niet-commerciële organisaties zonder winstoogmerk die zwemactiviteiten organiseren binnen de gemeente Weert. Hiermee wordt geborgd dat publieke middelen worden ingezet voor maatschappelijke doeleinden. Artikel 6 (Subsidiabele Activiteiten) In dit artikel wordt bepaald voor welke activiteiten subsidie kan worden verstrekt. Het gaat uitsluitend om het volgen van EHBO-opleidingen door leden of vrijwilligers van zwemverenigingen of zwemorganisaties. De subsidie wordt eenmalig verstrekt. Structurele kosten vallen buiten de regeling. De aanvraag moet betrekking hebben op de kosten van EHBO opleidingen/cursussen benodigd voor toezichthouders in het zwembad. De EHBO opleiding/cursus moet specifiek vrijwilligers in staat stellen om gecertificeerd te worden om toezicht te houden tijdens trainingen (en wedstrijden). De opleiding/cursus moet in 2026 plaatsvinden. De subsidie betreft een eenmalige bijdrage van de gemeente Weert in de opleidingskosten voor EHBO-ers waarmee Weerter zwemverenigingen en -organisaties worden geconfronteerd als gevolg van nieuwe gebruikersovereenkomsten waarin deze eis wordt gesteld als gevolg van de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De Omgevingswet verplicht exploitanten om aan te tonen dat risico’s beter beheerst worden. Het hebben van voldoende en gekwalificeerde toezichthouders is een strengere eis binnen deze risico’s. In de nieuwe gebruiksovereenkomsten wordt deze eis door de exploitant doorgevoerd. Uit deze gebruikersovereenkomst volgt dat de zwemverenigingen en -organisaties verplicht zijn om tijdens alle zwemactiviteiten gekwalificeerde toezichthouders aan de badrand te hebben. Gekwalificeerde toezichthouders hebben een EHBO opleiding/cursus gevolgd. Artikel 7 (Subsidiabele kosten) Hier wordt afgebakend welke kosten wel en niet voor subsidie in aanmerking komen. Alleen directe opleidingskosten zijn subsidiabel. Andere kosten, zoals reis- of personeelskosten, worden uitgesloten om doelgericht gebruik van publieke middelen te waarborgen. Hoofdstuk 2 Aanvraag, verlening en vaststelling Artikel 8. (Subsidieaanvraag) In dit artikel is vastgelegd hoe een aanvraag wordt ingediend en aan welke eisen deze moet voldoen. Uitgangspunt is dat subsidie vooraf wordt aangevraagd. In afwijking hiervan is bepaald dat ook subsidie kan worden aangevraagd voor opleidingen die al hebben plaatsgevonden vanaf 1 januari 2026 tot aan de inwerkingtreding van de regeling. Deze terugwerkende kracht is opgenomen om: •verenigingen die al proactief hebben gehandeld niet te benadelen; •gelijke behandeling van aanvragers te waarborgen; •het beleidsdoel (veiligheid) centraal te stellen. De terugwerkende kracht is beperkt in tijd en gekoppeld aan duidelijke bewijsvereisten. Artikel 9. Beoordeling subsidieaanvraag Het college beoordeelt de aanvraag op basis van deze regeling, de volledigheid van de aanvraag en de bij de aanvraag verstrekte informatie en het beschikbare budget. Artikel 10. Hoogte subsidie In lid 1 is de subsidiegrondslag opgenomen waarop aanvragers maximaal aanspraak kunnen maken. In lid 2 is vastgelegd dat bij de berekening van de subsidie rekening wordt gehouden met het aantal uur een vereniging huurt in zwembad De IJzeren Man. De subsidie bedraagt nooit meer dan de daadwerkelijk gemaakte en betaalde kosten. Artikel 11. Beschikking en vaststelling De subsidie wordt direct vastgesteld. Dit betekent dat geen aparte aanvraag tot vaststelling hoeft te worden ingediend. Omdat er geen aparte vaststellingsfase is, moet bij de aanvraag al voldoende bewijs worden geleverd, zoals facturen en gegevens over deelname. Artikel 12. Subsidieplafond In lid 1 is het subsidieplafond voor deze regeling vastgelegd. Het plafond is €5.000,00 voor 2026. In lid 2 is bepaald dat de beschikbare subsidie wordt verdeeld op basis van volgorde van binnenkomst. Hierbij geldt de datum waarop de aanvraag helemaal volledig is. Voor aanvragen die betrekking hebben op opleidingen/cursussen die vóór de inwerkingtreding van deze regeling hebben plaatsgevonden (maar wel in 2026), geldt dat deze gelijk worden behandeld met overige aanvragen. De verdeling van het subsidieplafond vindt plaats op volgorde van binnenkomst van volledige aanvragen, ongeacht het moment waarop de opleiding heeft plaatsgevonden. Hiermee wordt gewaarborgd dat: •alle aanvragers gelijk worden behandeld; •de regeling uitvoerbaar blijft; •geen onderscheid ontstaat tussen aanvragers op basis van het moment waarop zij de activiteit hebben uitgevoerd. Artikel 13. Weigeringsgronden voor subsidie In de ASV staan weigeringsgronden. In deze regeling staan nog extra weigeringsgronden. Een aanvrager kan geen subsidie krijgen als er al reeds voor hetzelfde initiatief subsidie is verstrekt uit een andere gemeentelijke subsidieregeling. Het is wenselijk en wordt gestimuleerd dat ook naar andere financieringsbronnen wordt gekeken. Andere financieringsbronnen kunnen bijvoorbeeld zijn subsidies op grond van andere lokale, provinciale of landelijk regelingen, giften, sponsoring, cofinanciering, eigen bijdrage etc. Hoofdstuk 3 Verplichtingen Artikel 14. Hardheidsclausule In dit artikel is de hardheidsclausule opgenomen. Hierin is bepaald dat het college gebonden is aan deze regeling en daarvan in principe niet kan afwijken. Het college kan alleen afwijken indien er sprake is van: -bijzondere omstandigheden; en -onredelijke gevolgen; en -gevolgen die onevenredig zijn in relatie met de doelen, die door deze regeling worden gediend. De toepassing van de hardheidsclausule dient beperkt te blijven tot zeer bijzondere gevallen. De toepassing en motivering daarvan dient duidelijk uit de betreffende subsidiebeschikking en het onderliggend subsidiedossier te blijken. Artikel 15. Inwerkingtreding en duur en Artikel 16. Citeertitel Deze artikelen behoeven geen toelichting
Meer informatie