Aanwijsbesluit artikel 5:25 APV Westerkwartier 2026
Aanwijsbesluit artikel 5:25 APV Westerkwartier 2026 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Westerkwartier; gelet op artikel 5:25, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Westerkwartier 2021; overwegende dat: -artikel 5:25, eerste lid, APV het innemen van een ligplaats met een vaartuig verbiedt op door het college aangewezen gedeelten van openbaar water; -tot op heden geen gedeelten van openbaar water krachtens dit artikel zijn aangewezen, met als gevolg dat het verbod van artikel 5:25, eerste lid, APV nergens van toepassing is en het innemen van een ligplaats op dit moment, juridisch gezien, op elk gedeelte van openbaar water binnen de gemeente is toegestaan; -het college dit ongewenst acht en het innemen van een ligplaats met een vaartuig wil ordenen, in afwachting van de vaststelling van de Ligplaatsenverordening gemeente Westerkwartier en het daarbij behorende aanwijsbesluit; -het college daartoe het gehele grondgebied van de gemeente Westerkwartier aanwijst als gedeelte van openbaar water waarop het verbod van artikel 5:25, eerste lid, APV van toepassing is, zodat ligplaats innemen voortaan nergens zonder meer is toegestaan, met uitzondering van de haven van Leek (Nienoordshaven); -voor de haven van Leek (Nienoordshaven) al een eigen, volledig vergunningstelsel geldt voor het innemen van een ligplaats, vastgelegd in de Verordening jachthaven Leek gemeente Westerkwartier 2021, zodat aanwijzing van die locatie als gedeelte van openbaar water in de zin van artikel 5:25, eerste lid, APV niet nodig en niet wenselijk is; -het college het wenselijk acht dat vaartuigen waarvoor vóór de inwerkingtreding van dit besluit een vergunning of schriftelijke toestemming is verleend die op het moment van het vervallen van de regeling waarop zij berustte, gelet op het toen geldende overgangsrecht, nog rechtsgeldig was, hun ligplaats kunnen behouden, in afwachting van de vaststelling van de Ligplaatsenverordening gemeente Westerkwartier; deze erkenning houdt geen vrijstelling van het in artikel 1, derde lid, bedoelde verbod en geen ligplaatsvergunning in, en kan niet worden ingeroepen door een vaartuig dat een ligplaats heeft ingenomen zonder dat daarvoor een zodanige vergunning of toestemming is verleend; -de beleidsmatige keuze om vooruitlopend op de vaststelling van die verordening geen ligplaatsvergunningen te verlenen, is vastgelegd in de Regeling tijdelijke vergunningenstop ligplaatsen Westerkwartier 2026, op grond van artikel 4:81 Awb; -de in artikel 3 genoemde locaties zijn ontleend aan het schema dat is opgesteld ten behoeve van het toekomstige aanwijsbesluit bij de Ligplaatsenverordening gemeente Westerkwartier, en zijn uitsluitend opgenomen ter informatie en ten behoeve van de uitvoering van artikel 2; aan deze locaties kan geen recht op een ligplaats of vergunning worden ontleend; -dit besluit een eerste, noodzakelijke stap is voorafgaand aan de vaststelling van de Ligplaatsenverordening gemeente Westerkwartier en de daarmee samenhangende wijziging van artikel 5:25 APV; besluit: Artikel 1. Begrippen 1.Onder openbaar water wordt in dit besluit verstaan: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn.2.Vaartuig: elk vaartuig, met inbegrip van een woonschip, een woonboot en een woonark, ongeacht of het vaartuig feitelijk wordt gebruikt of geschikt is om te worden gebruikt als middel tot verplaatsing te water, alsmede drijvende werktuigen zoals kranen, werkeilanden, baggermolens, pontons en ander materieel van soortgelijke aard; Artikel 2. Aanwijzing 1.Als gedeelte van openbaar water als bedoeld in artikel 5:25, eerste lid, APV wordt aangewezen: het gehele openbaar water binnen de gemeente Westerkwartier.2.Het is verboden op het in het eerste lid bedoelde openbaar water met een vaartuig een ligplaats in te nemen of te hebben, dan wel een ligplaats voor een vaartuig beschikbaar te stellen.3.Op het innemen, hebben of beschikbaar stellen van een ligplaats in de haven van Leek (Nienoordshaven) is het verbod uit het tweede lid niet van toepassing. Voor het innemen, hebben of beschikbaar stellen van een ligplaats in de haven van Leek (Nienoordshaven) blijft de Verordening jachthaven Leek gemeente Westerkwartier 2021 onverkort van toepassing.4.Het college handhaaft niet tegen een vaartuig met een ligplaats, als daarvoor ooit een rechtsgeldige vergunning of toestemming is verleend, en die nog rechtsgeldig was toen de onderliggende regeling verviel.5.Op het vierde lid kan geen beroep worden gedaan door een vaartuig dat een ligplaats heeft ingenomen zonder dat daarvoor een vergunning of toestemming als bedoeld in het vierde lid is verleend, ook niet indien dat innemen heeft plaatsgevonden vóór de inwerkingtreding van dit besluit. Artikel 3. Locaties bestaande ligplaatsen 1.De in de onderstaande tabel genoemde locaties zijn de locaties waar op het moment van vaststelling van dit besluit feitelijk ligplaatsen worden ingenomen. Deze locaties zijn ontleend aan het schema dat is opgesteld ten behoeve van het toekomstige aanwijsbesluit bij de Ligplaatsenverordening gemeente Westerkwartier, en worden hier uitsluitend ter informatie en ten behoeve van de uitvoering van artikel 2 vermeld.2.Aan de vermelding van een locatie in de tabel kan geen recht op een ligplaats of een ligplaatsvergunning worden ontleend. Of voor een vaartuig op een van deze locaties een beroep op artikel 2, tweede lid, mogelijk is, wordt uitsluitend bepaald door het al dan niet bestaan van een vergunning of toestemming als bedoeld in dat lid. Naam locatie Ligging nader aangeduid Aduard Steiger gelegen in De Lindt t.h.v. straat De Lindt Aduarderzijl Zijlsterweg en Groenelaan Briltil Hoendiep Den Ham Aduarderdiep te Steentil (Steentilsterbrug) Den Horn Nieuwbrugsterweg (Zuidwending) Electra Electraweg Teenstraweg t.h.v. parkeerterrein zwembad Enumatil Matsloot t.h.v. De Klap Ezinge Peperweg aan de gemeentelijke steiger Haven aan de gemeentelijke steiger Feerwerd Groenelaan Garnwerd Burgemeester Brouwersstraat Grijpskerk Oosterkade tot t.h.v. huisnummer 11 Kommerzijl Kanaalstraat De kade Kommerzijlsterdiep, Wigbold van Ewsumstraat Niehove Havenstraat Nieuwklap Steiger Niezijl Havenstraat Bomsterschans Oldehove Haven en kade (Englumstraat) Oostwold De Gave Pieterzijl Diepswal Saaksum Eiso Jargesstraat Sebaldeburen Wolddiep Steentilbrug Aduarderdiep Visvliet Heirweg (haven) Artikel 4. Inwerkingtreding en citeertitel 1.Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking.2.Dit besluit wordt aangehaald als: Aanwijsbesluit artikel 5:25 APV Westerkwartier 2026. Vastgesteld in de vergadering van burgemeester en wethouders d.d. 1 juli 2026. Toelichting De gekozen constructie: aanwijzen van al het openbaar water Artikel 5:25, eerste lid, APV verbindt het verbod om ligplaats in te nemen aan gedeelten van openbaar water die het college daartoe aanwijst. Zolang die aanwijzing ontbreekt, geldt het verbod nergens, met als gevolg dat het innemen van een ligplaats op elk gedeelte van openbaar water binnen de gemeente is toegestaan. Dit besluit wijst daarom niet een beperkt aantal locaties aan, maar het gehele openbaar water binnen de gemeente. Daarmee geldt het verbod overal, zonder uitzondering, ook op de in artikel 3 genoemde locaties waar al ligplaatsen worden ingenomen. Niet-handhaving alleen bij een rechtsgeldig document, niet bij feitelijk liggen Artikel 2 maakt een bewust onderscheid tussen het gelden van het verbod en het handhaven daarvan. Het verbod van artikel 1, derde lid, geldt ook voor de op dit moment al ingenomen ligplaatsen op de in artikel 3 genoemde locaties; deze locaties zijn niet vrijgesteld. Het college kiest ervoor om niet te handhaven tegen een vaartuig waarvoor vóór de inwerkingtreding van dit besluit een vergunning of schriftelijke toestemming is verleend die, gelet op het destijds geldende overgangsrecht, nog rechtsgeldig was op het moment dat de regeling waarop zij berustte (bijvoorbeeld een woonschepenverordening van een voormalige fusiegemeente) is vervallen. Het enkele feit dat een vaartuig al vóór de inwerkingtreding van dit besluit feitelijk een ligplaats innam, is op zichzelf onvoldoende: zonder een dergelijk rechtsgeldig document kan op het tweede lid geen beroep worden gedaan, ook niet als dat innemen al langere tijd plaatsvond. Dit voorkomt dat het anticiperen op of negeren van dit besluit, door zonder toestemming een ligplaats in te nemen, alsnog tot bescherming zou leiden. Het college beoordeelt per geval of aan het in artikel 2, tweede lid, bedoelde document is voldaan. Niet-handhaving is een keuze om niet op te treden, geen erkenning van een recht of een vergunning. De locaties in artikel 3 zijn informatief, geen vergunningenlijst Dit besluit regelt uitsluitend de aanwijzing van openbaar water en de daaraan gekoppelde keuze om niet te handhaven tegen vaartuigen met rechtsgeldige ligplaatsvergunning (artikel 2). Dit besluit regelt niet of het college nieuwe ligplaatsvergunningen verleent. Artikel 5:25 APV bevat hiervoor geen bevoegdheid, en deze bevoegdheid kan niet bij aanwijsbesluit worden gecreëerd. De in artikel 3 genoemde locaties dienen dan ook uitsluitend ter informatie bij de uitvoering van artikel 2, en vormen geen grondslag voor een recht op een ligplaats. De beleidsmatige keuze om, zodra een vergunningmogelijkheid ontstaat, geen nieuwe ligplaatsvergunningen te verlenen, is vastgelegd in de Beleidsregel tijdelijke vergunningenstop ligplaatsen Westerkwartier 2026. Vervolgstappen Dit besluit is een eerste stap, vooruitlopend op de vaststelling van de Ligplaatsenverordening pleziervaartuigen gemeente Westerkwartier en het daarbij behorende aanwijsbesluit. Zodra die verordening in werking treedt, vervalt dit besluit en treedt het daarbij behorende aanwijsbesluit (op grond van artikel 3 van die verordening) ervoor in de plaats. Bij die vaststelling bepaalt het college tevens op welke wijze en binnen welke termijn de vaartuigen die op grond van artikel 2, tweede lid, van dit besluit niet zijn gehandhaafd, alsnog een ligplaatsvergunning dienen aan te vragen.
Meer informatie