Verordening op de vertrouwenscommissie gemeente Ommen 2026

apv
Locatie
Soortapv
Gepubliceerd op13 juli 2026
Gepubliceerd doorGemeente Ommen

Verordening op de vertrouwenscommissie gemeente Ommen 2026 De raad van de gemeente Ommen; gelezen het voorstel van het presidium van 25 juni 2026; gelezen de Circulaire Benoeming, klankbordgesprekken en herbenoeming burgemeester van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 1 oktober 2017; gelezen de Handreiking burgemeesters: Benoeming, herbenoeming, klankbordgesprekken en afscheid van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties versie december 2020; gelet op de artikelen 61, 61a, 61c, 84, hoofdstuk Va en 149 van de Gemeentewet, de artikelen 12, 15, eerste lid sub a, en 31 van de Archiefwet 1995 en artikel 9 van het Archiefbesluit 1995; B E S L U I T: Vast te stellen de Verordening op de vertrouwenscommissie gemeente Ommen 2026 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a.Commissaris: de commissaris van de Koning in de provincie Overijssel; b.Commissie: de vertrouwenscommissie; c.Voorzitter: de voorzitter van de vertrouwenscommissie; d.Leden: de leden van de vertrouwenscommissie, waaronder de voorzitter en diens plaatsvervanger; e.Raad: de gemeenteraad van de gemeente Ommen; f.Wet: de Gemeentewet. Artikel 2 Instelling en taak 1.De raad stelt uit haar midden een vertrouwenscommissie samen.2.De commissie heeft tot taak: a.de aanbeveling tot benoeming van de burgemeester voor te bereiden; b.de aanbeveling tot herbenoeming van de burgemeester voor te bereiden; c.klankbordgesprekken te houden met de burgemeester. Artikel 3 Samenstelling vertrouwenscommissie 1.De commissie bestaat uit maximaal zoveel leden als er fracties in de raad vertegenwoordigd zijn, te benoemen door en uit de raad.2.Iedere fractie draagt uit haar midden een lid voor ter benoeming door de raad, bij voorkeur de fractievoorzitter van iedere fractie.3.De commissie kiest uit haar midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter.4.De commissie kent geen plaatsvervangende leden.5.De voorzitter van de commissie treedt op als contactpersoon. Artikel 4 Ambtelijke ondersteuning 1.De griffier is secretaris van de commissie en geeft ambtelijke ondersteuning aan de commissie. Zij kan zich laten bijstaan door de plaatsvervangend griffier.2.De gemeentesecretaris is plaatsvervangend secretaris van de commissie en kan ter ambtelijke ondersteuning aan de commissie worden toegevoegd.3.De in het eerste en tweede lid genoemde functionarissen zijn geen lid van de commissie en hebben geen stemrecht. Artikel 5 Adviseur 1.De commissie kan één of meer wethouder(s) als adviseur toevoegen aan de commissie in verband met de vervulling van de in artikel 2 onder a en b genoemde taken. Een wethouder adviseert slechts over de onderwerpen waarover de commissie advies vraagt.2.De adviseur kan worden uitgenodigd voor de vergaderingen van de commissie. Artikel 6, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.3.De adviseur is geen lid van de commissie, heeft geen stemrecht en kent geen plaatsvervanger. Artikel 6 Vergaderingen 1.De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of tenminste twee leden dit noodzakelijk achten.2.De commissie vergadert slechts indien meer dan de helft van het aantal leden aanwezig is.3.De voorzitter bepaalt de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering.4.De voorzitter roept de volgende personen schriftelijk tot de vergadering op: a.de leden van de commissie; b.de sollicitanten naar het ambt van burgemeester, elk voor zover met de betreffende sollicitant een gesprek plaats heeft; c.de burgemeester, voor zover met hem een gesprek plaats heeft; d.de ambtelijke ondersteuning en adviseur(s), voor zover de commissie dat nodig acht. 5.De in het vierde lid bedoelde oproeping geschiedt ten minste 5 kalenderdagen voorafgaand aan de vergadering. Indien bijzondere omstandigheden een spoedige bijeenkomst van de commissie vergen kan van deze termijn worden afgeweken doch geschiedt de oproeping ten minste 24 uur voorafgaand aan de vergadering. Artikel 7 Stemming 1.De commissie besluit over de vaststelling van een concept aanbeveling bij meerderheid van stemmen, waarbij elk lid één stem heeft. 2.Als de stemmen staken, wordt het nemen van een beslissing uitgesteld tot de volgende vergadering. Is uitstel van de beslissing niet mogelijk of staken de stemmen ook in die volgende vergadering, dan worden de verschillende meningen in het in artikel 8 bedoelde verslag opgenomen. Artikel 8 Verslaglegging 1.De commissie brengt over haar werkzaamheden ter voorbereiding op het doen van een aanbeveling schriftelijk en vertrouwelijk een verslag van bevindingen uit aan de raad en aan de commissaris van de Koning. 2.Dit verslag van bevindingen bevat in ieder geval: a.een weergave van de wijze waarop de commissie haar werkzaamheden heeft verricht; b.een concept aanbeveling met een gemotiveerde weergave van de bevindingen van de commissie. Artikel 9 Geheimhouding 1.Op alle informatie van de commissie rust ingevolge de wet de verplichting tot geheimhouding, die van toepassing is op een ieder die kennis heeft van de informatie.2.De vergaderingen van de commissie zijn ingevolge de wet besloten. 3.De voorzitter van de commissie wijst in elke vergadering op de geheimhoudingsplicht.4.Stukken die van de commissie uitgaan worden onder vermelding van “geheim” door de voorzitter en de secretaris ondertekend en verstuurd. Stukken bestemd voor de commissie worden onder vermelding van “geheim” gezonden aan de secretaris en aldaar bewaard tot het moment van archivering. De secretaris ziet er op toe dat de vertrouwelijkheid in deze procesgang wordt gegarandeerd.5.Behoudens de commissaris van de Koning en door hem aan te wijzen personen werkzaam op zijn kabinet, wordt aan degenen die geen lid zijn van de commissie dan wel die geen ambtelijke ondersteuning verlenen aan de commissie of die geen adviseur zijn van de commissie wordt volgens de wet geen informatie verstrekt over de inhoud van de stukken of wat in de vergadering of in het gesprek is besproken.6.De commissie treft een voorziening met betrekking tot de wijze waarop de geheimhouding blijft gewaarborgd bij het beheer van bescheiden, het voeren van correspondentie en bij de bepaling van plaats en tijdstip van de gesprekken.7.De geheimhoudingsplicht blijft ingevolge de wet ook in het geval de commissie wordt ontbonden van kracht. Artikel 10 Archivering 1.De secretaris van de commissie draagt er zorg voor dat na afronding van de benoeming, de herbenoeming en de klankbordgesprekken alle archiefbescheiden onverwijld in een envelop worden verzegeld en gerubriceerd als “geheim”, en worden geplaatst in de daartoe aangewezen archiefruimte.2.De secretaris van de commissie draagt er zorg voor dat in het belang van een zorgvuldige overbrenging naar de gemeentelijke archiefbewaarplaats, als bedoeld in artikel 12 van de Archiefwet 1995, een verklaring van overbrenging, als bedoeld in artikel 9 van het Archiefbesluit 1995, wordt opgesteld voor archiefbescheiden waarvoor de wettelijke termijn verstreken is. In deze verklaring wordt melding gemaakt van het besluit tot toepassing van artikel 15, eerste lid sub a, van de Archiefwet 1995 en de daarin gestelde beperkingen aan de openbaarheid, tot de archiefbescheiden 75 jaar oud zijn.3.De secretaris van de commissie draagt er zorg voor dat na het aftreden van de burgemeester alle archiefbescheiden met betrekking tot de klankbordgesprekken worden vernietigd. 4.De secretaris van de commissie draagt er zorg voor dat alle overige bescheiden en alle kopieën van de in dit artikel bedoelde bescheiden onmiddellijk worden vernietigd. Hoofdstuk 2 Bepalingen inzake de benoeming Artikel 11 Informatie over en gesprek met sollicitanten De secretaris nodigt namens de voorzitter sollicitanten uit voor een gesprek met de commissie. De commissie treft daarbij de voorzieningen die nodig zijn ter bescherming van de privacy van de sollicitant. Elk overleg met derden, in welke vorm dan ook, is uitgesloten. Artikel 12 Bijzondere bepalingen inzake de verslaglegging 1.De commissie brengt van haar bevindingen verslag uit aan de raad en aan de commissaris van de Koning.2.Het in artikel 8 bedoelde verslag van bevindingen wordt in ieder geval vergezeld van een conceptaanbeveling van twee personen. Artikel 13 Ontbinding tijdens de benoemingsprocedure Lopende een procedure tot benoeming is ontbinding van de commissie uitsluitend mogelijk met ingang van de dag volgend op die waarop door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan de raad bekend is gemaakt dat in de vacature is voorzien. Hoofdstuk 3 Bepalingen inzake de herbenoeming Artikel 14 Informatie over en gesprek met de burgemeester 1.De commissie maakt vooraf aan de burgemeester kenbaar op basis van welke informatiebronnen zij zich een oordeel vormt over alle aspecten die in het herbenoemingsgesprek aan de orde kunnen komen. 2.Basis voor de gesprekken zijn in elk geval de profielschets, de verslagen van de klankbordgesprekken en de wettelijke taken van de burgemeester.3.Alvorens haar verslag van bevindingen aan de raad, de commissaris van de Koning en de burgemeester te zenden, bespreekt de commissie dit met de burgemeester. Van dit gesprek wordt een verslag gemaakt dat bij het verslag van bevindingen wordt gevoegd. Artikel 15 Bijzondere bepaling inzake verslaglegging 1.Het in artikel 8 bedoelde verslag van bevindingen wordt in ieder geval vergezeld van een conceptaanbeveling inzake de herbenoeming.2.Indien ter zake van het functioneren van de burgemeester afspraken zijn gemaakt tussen de commissie en de burgemeester, worden deze expliciet in het verslag van bevindingen vermeld. Artikel 16 Ontbinding tijdens herbenoemingsprocedure Lopende een procedure tot herbenoeming is ontbinding van de commissie uitsluitend mogelijk met ingang van de dag volgende op die waarop door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan de raad bekend is gemaakt dat de burgemeester bij Koninklijk besluit is herbenoemd. Dit is van overeenkomstige toepassing indien de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties niet besluit tot herbenoeming. Hoofdstuk 4 Bepalingen inzake de klankbordgesprekken Artikel 17 Aantal 1.De commissie houdt jaarlijks met de burgemeester een klankbordgesprek over de taakuitoefening.2.Indien de commissie dan wel de burgemeester de wens daartoe kenbaar maakt, houdt de commissie tussentijds een klankbordgesprek.3.In het eerste jaar na benoeming van de burgemeester vindt tevens een 100-dagengesprek plaats om de wederzijdse ervaringen over die periode uit te wisselen. Artikel 18 Voorbereiding en inhoud 1.De commissie maakt voorafgaand aan het klankbordgesprek aan de burgemeester kenbaar bij wie zij informatie zal inwinnen over de taakuitoefening door de burgemeester.2.Het gesprek is wederkerig. Zowel het functioneren van de burgemeester als het functioneren van de raad zijn onderwerp van gesprek. De commissie toetst het functioneren van de burgemeester in elk geval aan de profielschets, de wettelijke taken van de burgemeester alsmede de andere aan de burgemeester toebedeelde taken. Tevens wordt getoetst aan het verslag van en de afspraken uit het vorige klankbordgesprek.3.In het laatste klankbordgesprek voor de start van de herbenoemingsprocedure geeft de commissie de burgemeester een indicatie of herbenoeming op dat moment naar verwachting al dan niet op obstakels zal stuiten. Artikel 19 Bijzondere bepalingen inzake de verslaglegging 1.Alvorens het verslag vast te stellen, krijgt de burgemeester de gelegenheid te reageren op het concept.2.Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter van de commissie, de secretaris van de commissie en de burgemeester.3.Het verslag wordt voor raadsleden onder geheimhouding ter inzage gelegd bij de griffier. 4.Het verslag wordt niet openbaar gemaakt. 5.Een afschrift van het verslag wordt gezonden aan de commissaris van de Koning.6.Bij een herbenoemingsprocedure zijn de verslagen van de klankbordgesprekken van de lopende ambtsperiode beschikbaar voor de commissie. Hoofdstuk 5 Slotbepalingen Artikel 20 Onvoorziene gevallen In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist de commissie op voorstel van de voorzitter. Artikel 21 Ontbinding en wijziging van de samenstelling van de commissie 1.De commissie blijft in stand zolang zij niet wordt ontbonden.2.De raad kan besluiten de samenstelling van de commissie tussentijds te wijzigen. Artikel 22 Intrekking oude verordening en notitie 1.De notitie ‘Afspraken betreffende functioneringsgesprekken burgemeester’ vastgesteld in het fractievoorzittersoverleg van 11 oktober 2007, wordt ingetrokken.2.De verordening vertrouwenscommissie herbenoeming burgemeester van Ommen 2023, wordt ingetrokken. Artikel 23 Inwerkingtreding en citeertitel 1.Deze verordening treedt in werking de dag na bekendmaking.2.Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de vertrouwenscommissie gemeente Ommen 2026. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Ommen van 1 juli 2026. De raad voornoemd, griffier, S.G.M. Dijk-Horenberg voorzitter,mr. drs. A.M.M. Jetten

Meer informatie