Verkeersbesluit voor het instellen van een partieel inhaalverbod op de provinciale weg N395 tussen kilometer 4,500 en kilometer 7,600 in de gemeenten Hilvarenbeek en Oirschot te Provincie Noord-Brabant

verkeerverkeer
07 mei 2026
Deel:
Locatie
Soort verkeer
Gepubliceerd op 07 mei 2026
Gepubliceerd door Provincie Noord-Brabant
Verkeersbesluit voor het instellen van een partieel inhaalverbod op de provinciale weg N395 tussen kilometer 4,500 en kilometer 7,600 in de gemeenten Hilvarenbeek en Oirschot te Provincie Noord-Brabant Nummer C2362914/6196032 Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Aanleiding Vanaf 2021 reconstrueerden we de provinciale weg N395. Om de verkeersveiligheid van de N395 verder te verbeteren zijn een aantal maatregelen genomen om de verkeersveiligheid te verbeteren. We hebben bomen gekapt die zichtproblemen veroorzaakten en plaatsten we mottoborden. Rondom de gemeentelijke weg Toekomstweg plaatsen we aanvullende verlichting en zijn we voornemens op die locatie een gefaseerde fietsoversteek te realiseren. Wij volgen de landelijk breed gedragen ‘Duurzaam Veilig’ richtlijnen van het CROW. De richtlijnen adviseren het aantal inhaalbewegingen op wegen met een doorstromingsfunctie terug te dringen. Mede naar aanleiding van signalen uit de omgeving en eigen observaties constateren we dat er na de reconstructie van de provinciale weg N395 alsnog ongewenste inhaalbewegingen plaatsvinden. Op dit moment geldt er geen inhaalverbod. Inhalende motorvoertuigen kunnen potentieel verkeersgevaarlijke situaties opleveren. Ten eerste vanwege de hoeveelheid perceelaansluitingen op dit weggedeelte welke zorgen voor extra conflictpunten en het risico op aanrijdingen met afslaand verkeer. Tevens bestaat het risico op frontale aanrijdingen en aanrijdingen met tegemoet-komend verkeer als gevolg van inhaalmanoeuvres. Belanghebbenden Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd. Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd. Voor maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken, moet een verkeersbesluit worden genomen op grond van het bepaalde in artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Vereiste van besluit Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd. Voorbereiding van dit verkeersbesluit Dit besluit werd voorbereid met toepassing van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure, zoals bedoeld in titel 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. De uitgebreide voorbereidingsprocedure wordt toegepast wanneer dat bij wettelijke voorschrift is bepaald of wanneer wij van oordeel zijn dat de uitgebreide voorbereidingsprocedure moet worden toegepast, zoals is bepaald in artikel 3:10 van de Algemene wet bestuursrecht. De Wegenverkeerswet 1994 schrijft voor een verkeersbesluit niet voor dat het besluit moet worden voorbereid aan de hand van de uitgebreide voorbereidingsprocedure. Nu niet bij wettelijk voorschrift is bepaald dat de uitgebreide voorbereidingsprocedure moet worden toegepast, hebben we beoordeeld of alsnog de uitgebreide voorbereidingsprocedure moet worden toegepast. Wij pasten de uitgebreide voorbereidingsprocedure toe omdat we daarmee een grotere groep belanghebbenden wilden bereiken, om zo, in het kader van een zorgvuldige voorbereiding, alle belangen van belanghebbenden te kunnen aanhoren en mee te kunnen laten wegen in ons besluit. Er zijn geen zienswijze naar voren gebracht. Motivering van het besluit Op grond van artikel 21 van het BABW bevat de motivering van een verkeersbesluit welke doelstelling of doelstellingen met het verkeersbesluit worden beoogd. Daarbij wordt aangegeven welke van de in artikel 2, eerste en tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 genoemde belangen ten grondslag liggen aan het verkeersbesluit. Indien tevens andere dan voornoemde belangen in het geding zijn, wordt voorts aangegeven op welke wijze de belangen tegen elkaar zijn afgewogen. Aan dit verkeersbesluit liggen de volgende belangen ten grondslag: -het verzekeren van de veiligheid op de weg; -het beschermen van weggebruikers en passagiers; -het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder, of schade. Plaatsen verkeerstekens Op de N395 is landbouwverkeer toegestaan omdat het landbouwverkeer geen alternatieve route heeft. Voorafgaand aan de reconstructie van 2021 was inhalen verboden maar mocht overig verkeer het landbouwverkeer wel inhalen. Dit werd mogelijk gemaakt door een onderbroken dubbele asmarkering en borden F1 met onderbord met onderbord ‘inhalen tractoren toegestaan’. Het is onze intentie om het provinciale wegennetwerk eenduidig in te richten met onderbroken as-markering in combinatie met een bord F1 met onderbord ‘inhalen tractoren toegestaan’ op de locaties waar landbouwvoertuigen mogen worden ingehaald. Door structureel deze borden op deze eenduidige wijze toe te passen bevordert het begrip bij weggebruikers van de betekenis van bord F1 met onderbord ‘inhalen tractoren toegestaan’. Op wegen waar we deze combinatie bebording toepassen is de kans op gevaarzetting door inhaalmanoeuvres kleiner. Het inhaalverbod van bord F1 zondert het inhalen van tractoren uit. Om te voorkomen dat we de doorstroming op de weg te veel beperken, mag ander verkeer tractoren wel inhalen. Tractoren hebben een maximumsnelheid van 40 km/h. Dit is substantieel langzamer dan het overig gemotoriseerd verkeer dat op deze weg een maximumsnelheid 80 km/h rijdt. Inhaalmanoeuvres van het overig gemotoriseerd verkeer bij tractoren duren over het algemeen korter dan bij het inhalen van voertuigen die ongeveer met een gelijke snelheid rijden. Om dit te bewerkstelligen stellen we het partieel inhaalverbod in op de provinciale weg N395 tussen kilometer 4,500 en kilometer 7,600 in de gemeenten Hilvarenbeek en Oirschot door middel van het plaatsen van bord F1 met onderbord ‘inhalen tractoren toegestaan’. Een onderbroken as-markering is hierbij noodzakelijk omdat het onderbord ‘inhalen tractoren toegestaan’ niet mag worden gecombineerd met een doorgetrokken as-markering. Tussen de aansluitingen Toekomstweg kilometer 5,650 en Zandstraat kilometer 6,100 plaatsen we enkel het bord F1. Op deze locatie is geen enkele inhaalmanoeuvre gewenst in verband met de aanwezigheid van een bocht op dit weggedeelte. Inhaalmanoeuvres voor of in een bocht is verkeersonveilig. Derhalve plaatsen wij geen onderbord ‘inhalen tractoren toegestaan’. Hierdoor mogen er ook geen tractoren worden ingehaald. Tevens brengen we een doorgetrokken as-markering aan op deze locatie ter ondersteuning van het inhaalverbod. Overleg politie Overeenkomstig artikel 24 van het BABW is overleg gepleegd met de korpschef van het regionaal politiekorps Midden- en West Brabant. Op 17 november is een positief advies gegeven door beide korpsen. Overleg gemeenten Overeenkomstig artikel 25 van het BABW hebben we voorts overleg gepleegd met de gemeenten Hilvarenbeek en Oirschot. Besluit Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant besluiten tot het: 1.plaatsen van borden F1 met onderbord ‘uitgezonderd tractoren’ bij a.kilometer 4,095 rechts; b.kilometer 4,345 links; c.kilometer 4,400 rechts; d.kilometer 4,550 links; e.kilometer 4,830 rechts; f.kilometer 5,200 links; g.kilometer 5,230 rechts; h.kilometer 5,610 links; i.kilometer 6,135 rechts; j.kilometer 7,530 links; 2.het aanbrengen van een doorgetrokken asmarkering tussen kilometer 5,650 en 6,100; 3.plaatsen van borden F1 bij a.kilometer 5,650 rechts; b.kilometer 6,100 links; conform de bij het besluit behorende bijlage ‘partieel inhaarverbod.pdf’. Inwerkingtreding Op grond van artikel 27 van het BABW treedt dit verkeersbesluit in werking met ingang van de dag, nadat een termijn van zes weken na de dag waarop dit besluit bekend is gemaakt, is verstreken. Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, namens deze, Teamleider Team Tactisch Wegbeheer In verband met geautomatiseerd verwerken is dit document digitaal ondertekend. Bezwaar Bezwaren tegen dit besluit kunnen binnen zes weken na de bekendmaking van dit besluit worden ingediend bij: Het college van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Secretariaat van de hoor- en adviescommissie Postbus 90151 5200 MC te ‘S‑HERTOGENBOSCH Wij vragen u om op de linkerbovenhoek van de envelop het woord "bezwaarschrift" te vermelden. Het bezwaarschrift moet zijn voorzien van een handtekening, naam en adres van de indiener, de dagtekening en ons kenmerk van het besluit. Ook dient u een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar gericht is en de gronden van het bezwaar hierin op te nemen. Daarnaast vragen wij u vriendelijk om een kopie van dit besluit bij te voegen. Kunt u ons ook uw telefoonnummer geven? De provincie kan dan, mocht dit nodig zijn, u bellen om samen de beste aanpak van behandeling van uw bezwaarschrift te bespreken. Meer informatie over de behandeling van bezwaarschriften vindt u op www.brabant.nl/bezwaar. U kunt het secretariaat van de Hoor- en adviescommissie bereiken via telefoonnummer (073) 680 83 04, faxnummer (073) 680 76 80 en e-mailadres bezwaar@brabant.nl. Voorlopige voorziening Bovenstaand besluit treedt in werking, ook al wordt een bezwaarschrift ingediend. Het is daarom mogelijk om gelijktijdig met of na het indienen van een bezwaarschrift een zogenaamde “voorlopige voorziening” te vragen bij: de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Oost-Brabant, sector Bestuursrecht, Postbus 90125, 5200 MA 's‑Hertogenbosch. Een voorlopige voorziening is in feite het nemen van een tijdelijke maatregel, bijvoorbeeld het schorsen van het besluit gedurende de tijd die nodig is om de bezwaren te behandelen en daarop een besluit te nemen. Voorwaarde om zo’n voorlopige voorziening te vragen is, dat er sprake is van spoedeisend belang. Voor het vragen van een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.
Meer informatie

Altijd op de hoogte van jouw buurt?

Download de OmgevingsAlert-app en ontvang automatisch meldingen uit jouw omgeving.

  • Push-notificaties voor meldingen in jouw buurt
  • AI-samenvattingen van beleidsdocumenten
  • Filters op categorie
  • Gratis voor inwoners in gemeenten met een Gemeente-abonnement

Begin vandaag met een vrijblijvende proefperiode van 30 dagen gratis.

Vastgoedprofessional?

Beheer uw hele portefeuille vanuit één overzicht met OmgevingsAlert Pro.

  • Volg meerdere objecten tegelijkertijd
  • AI-filters: beschrijf de impact, AI vindt de meldingen
  • Wekelijkse e-mailsamenvattingen per object
  • Meerdere gebruikers per account

30 dagen gratis uitproberen, geen creditcard vereist.

Probeer nu