Verkeersbesluit voor het instellen van diverse verkeersmaatregelen aan Rijnsburgerweg/Rijnzichtweg te Oegstgeest
Verkeersbesluit voor het instellen van diverse verkeersmaatregelen aan Rijnsburgerweg/Rijnzichtweg te Oegstgeest Z/25/209385 Burgemeester en wethouders van Oegstgeest, Gelet op: -de bepalingen van de Wegenwet; - de bepalingen van de Wegenverkeerswet 1994 (Wvw 1994); - de bepalingen van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW) en de uitvoeringsvoorschriften van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: Uitvoeringsvoorschriften BABW); - de bepalingen van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990); - het Algemeen bevoegdhedenbesluit gemeente Oegstgeest 2021 waarin de bevoegdheid tot het nemen van een verkeersbesluit is gemandateerd aan de teammanager Ruimte; Overwegende; -dat de Rijnsburgerweg en Rijnzichtweg gelegen zijn binnen de bebouwde kom van Oegstgeest en in beheer zijn bij de gemeente Oegstgeest; - dat de Rijnsburgerweg en Rijnzichtweg wegen zijn als bedoeld in artikel 1 lid 1 onder b van de Wvw 1994; - dat de wegencategorisering in Oegstgeest aansluit op de categorisering zoals opgenomen in het landelijk programma Duurzaam Veilig; - dat de Rijnsburgerweg en Rijnzichtweg gecategoriseerd zijn als gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom waarop een maximumsnelheid van 50 km/u geldt; - dat de Rijnzichtweg en Rijnsburgerweg deel uitmaken van de historische verbinding tussen Leiden -met tegenwoordig ook de A44- en onder meer Rijnsburg en Katwijk, wat betekent dat deze wegen van regionaal belang zijn; - dat in de actuele situatie deze wegen de hoofdontsluiting vormen van de in ontwikkeling zijnde verblijfsgebieden ‘Oegstgeest aan de Rijn’ en ‘Frederiksoord’; - dat door de toename van bedrijvigheid en woningbouw, zowel lokaal als in de regio, het belang van de verkeersfunctie van deze wegen steeds verder toeneemt; - dat het alleen al daarom van belang is dat deze wegen worden aangepast met aandacht voor de verkeersdoorstroming voor de doorgaande route; - dat vanuit het oogpunt van verbetering van de verkeersveiligheid het eveneens nodig is de weg aan te passen; - dat in het verleden al meerdere min of meer tijdelijke maatregelen zijn genomen om de doorstroming en verkeersveiligheid te verbeteren; - dat het project ‘Herinrichting Rijnsburgerweg/Rijnzichtweg’ al langere tijd loopt; - dat na het uitvoeren van diverse onderzoeken verschillende varianten voor de herinrichting zijn opgesteld die op hun haalbaarheid zijn haalbaarheid getoetst; - dat dit heeft geleid tot een voorkeursvariant die is uitgewerkt tot een concept schetsontwerp; - dat in de periode van 2016 tot en met 2018 diverse inspraakmogelijkheden vanuit de omgeving zijn geweest op het schetsontwerp; - dat in 2019 er aansluitend een enquête in de wijk Buitenlust is uitgezet over de inrichting met of zonder parkeerplekken langs de ventweg aan de noordzijde de Rijnzichtweg; - dat de gemeente op 14 mei 2022 het voorlopig verkeersontwerp op de ’DoeMee projectpagina Herinrichting Rijnzichtweg/Rijnsburgerweg’ heeft gepubliceerd; - dat vanaf dat moment belanghebbenden en belangstellenden vragen, opmerkingen, suggesties en verbeteringen met het project konden delen; - dat op 14 juni 2022 het voorlopig verkeersontwerp tijdens een bewonersavond is gepresenteerd waarbij ook hier vragen over, en opmerkingen op het verkeersontwerp zijn gedeeld; - dat de gemeente een Reactienota heeft opgesteld om inzichtelijk te maken wat er met de input is gebeurd; - dat in september 2022 aanvullend hierop een enquête heeft plaatsgevonden onder de bewoners van de zuidzijde van de Rijnzichtweg (oneven huisnummers) en de bewoners wonend aan Zilverstein om mee te denken over een voorkeursvariant voor het ontwerp van de Rijnzichtweg Zuidzijde; - dat in de periode van 7 oktober tot 31 december 2022 de diverse stadia van het verkeersontwerp het bestuurlijk proces hebben doorlopen en door het college een besluit is genomen over het definitieve verkeersontwerp; - dat de belangrijkste doelstellingen van de herinrichting zijn: •verbetering van verkeersveiligheid/doorstroming, • uitvoeren van groot onderhoud aan de wegen, • bevorderen van het fietsgebruik; -dat de gemeente een aantal uitgangspunten voor het project hanteert: •opheffen van het langsparkeren langs de Rijnzichtweg, • verhoogde rijbaanscheiding tussen de rijbanen en met het fietspad, • rijbaanindeling Rijnsburgerweg (1x2 vanuit Oegstgeest), (1x1 vanuit Katwijk), • optimaliseren van het kruispunt Rijnzichtweg - Oude Rijnsburgerweg, • realiseren van een kruispunt ter hoogte van de Langenakker; -dat de herschikking van de openbare ruimte enerzijds slechts leidt tot het herpositioneren van bestaande en te behouden verkeersborden en verkeerstekens en anderzijds leidt tot het plaatsen of verwijderen van verkeersborden en verkeerstekens in het betreffende projectgebied; - dat het voorliggend verkeersbesluit de besluitplichtige plaatsing of verwijdering omschrijft van verkeersborden en verkeerstekens als gevolg van de herinrichting in dit project, dat de Rijnsburgerweg, Rijnzichtweg, alsmede de kruispuntaansluitingen van de Langenakker en Oude Rijnsburgerweg omvat; - dat de verkeerstekens en verkeersborden die in dit verkeersbesluit zijn vermeld, verkeerstekens en verkeersborden zijn zoals opgenomen in de bijlage 1 of relevante artikelen van het RVV 1990; maximumsnelheid -dat langs de noordzijde van de Rijnsburgerweg, tussen de nrs. 74 en 80A het verplicht fietspad overgaat in een fietsstraat; - dat alle bestuurders hiervan gebruik mogen maken; - dat het gewenst is dat het gebruik daarvan door andere bestuurders dan fietsers beperkt blijft het bereiken of verlaten van aanliggende percelen; - dat de fietsstraat daarmee een functie heeft van een verblijfsgebied; - dat de fietsstraat zodanig is vormgegeven dat de beoogde snelheid van 30 km/u redelijkerwijs voortvloeit uit de aard en de inrichting van deze weg en van zijn omgeving; - dat het verder gewenst is dat het gebruik van de parallelweg van de Rijnzichtweg, tussen de Oude Rijnsburgerweg en -voor andere bestuurders dan fietsers- de aansluitende fietsstraat langs de zuidzijde van de Rijnzichtweg beperkt blijft tot het bereiken of verlaten van aanliggende percelen; - dat de parallelweg van de Rijnzichtweg en de fietsstraat daarmee een functie krijgen van een verblijfsgebied; - dat de parallelweg van de Rijnzichtweg en de fietsstraat zodanig zijn vormgegeven dat de beoogde snelheid van 30 km/u redelijkerwijs voortvloeit uit de aard en de inrichting van deze wegen en van hun omgeving; - dat in verband daarmee door het plaatsen van borden A1(30) op de fietsstraat tussen de nrs. 74 en 80A aan de noordzijde van de Rijnsburgerweg, en op de parallelweg van de Rijnzichtweg en daarop aansluitende fietsstraat aan de zuidzijde van de Rijnzichtweg een maximumsnelheid van 30 km/u wordt ingesteld; verplichte rijrichting -dat op de Rijnsburgerweg als rijbaanscheiding een doorgetrokken streep als bedoeld in artikel 76 van het RVV 1990 is aangebracht, op enkele plaatsen fysiek ondersteund met verticale elementen; - dat over het overgrote deel van deze weg een fysieke rijbaanscheiding wordt aangebracht met slechts een enkele onderbreking bij een kruispunt en een aantal uitritten; - dat in verband daarmee de bestaande doorgetrokken streep wordt opgeheven door het verwijderen van de markering; - dat door de fysieke rijbaanscheiding bestuurders nog slechts in één richting over een rijbaan kunnen rijden; - dat langs de zuidzijde van de Rijnzichtweg, tussen de parallelweg en en no. 97 het verplicht fietspad wordt heringericht als fietsstraat waar alle bestuurders gebruik van mogen maken; - dat op de Rijnsburgerweg een verhoogde middengeleider wordt aangebracht die op enkele plaatsen wordt onderbroken voor het bereiken of verlaten van een kruispunt of uitrit; - dat het van belang is dat bestuurders op de juiste wijze langs deze middengeleiders worden geleid; - dat op de kop van deze middengeleiders borden D2 (rechts) worden verplaatst dan wel geplaatst waarmee voor alle bestuurders een gebod wordt ingesteld om het bord -en daarmee ook de middengeleider- voorbij te gaan aan de zijde die de pijl aangeeft; verbod stil te staan, fietsparkeren en laden/lossen; -dat langs de zuidwestzijde (oneven zijde) van de Rijnsburgerweg de parkeerstroken worden opgeheven; - dat het in het belang van de doorstroming van het verkeer ongewenst is dat voertuigen stilstaan op de rijbaan anders dan genoodzaakt door het verkeer; - dat in verband daarmee tussen de grens van de bebouwde kom met Rijnsburg en het kruispunt met de Oude Rijnsburgerweg langs de oneven zijde van de Rijnsburgerweg door het plaatsen van borden E2 een verbod stil te staan wordt ingesteld; - dat in het verleden bij de realisatie van een zijwegaansluiting van de Langenakker op de Rijnsburgerweg kennelijk is nagelaten om door middel van het plaatsen van een bord E2 een verbod stil te staan in te stellen aan de noordoostzijde (even zijde) van de Rijnsburgerweg in de richting van de gemeentegrens met Katwijk; - dat het gewenst is om op het gehele traject een eenduidig verkeersregime te hebben wat betreft het laten stilstaan van voertuigen; - dat om bovenstaande redenen een verbod stil te staan wordt ingesteld op de rijbaan van de Rijnsburgerweg aan de even zijde tussen de Langenakker en de gemeentegrens van Katwijk door het plaatsen van bord E2; - dat het gewenst is dat fietsers hun fiets kunnen plaatsen nabij de zuidelijke halte ‘Floresstraat’ aan de Rijnzichtweg; - dat het gewenst is dat voor de bevoorrading van het bedrijfspand aan de Rijnzichtweg nr. 97 een deel van de te behouden parkeerstrook gereserveerd wordt voor het onmiddellijk laden of lossen van goederen; - dat in verband daarmee aan de zuidzijde van de Rijnzichtweg te hoogte van nr. 97 door het plaatsen van bord E7 een laad- en losplaats wordt gereserveerd; kruispunt Langenakker/Rijnsburgerweg -dat de Langenakker een rol krijgt in de ontsluiting van de nabijgelegen woonwijk op de Rijnsburgerweg; - dat in verband daarmee de bestaande aansluiting van de Langenakker op de Rijnsburgerweg wordt ingericht als een volwaardig kruispunt met onder andere verkeerslichten; - dat het van belang is dat fietsers op het kruispunt veilig worden geleid naar en vanaf het verplicht fietspad aan de even zijde van de Rijnsburgerweg; - dat daarom met borden B6 een voorrangsregeling wordt ingesteld bij de fietsoversteken van de voorrangsweg Rijnsburgerweg; - dat de Langenakker ter hoogte van het kruispunt met de Rijnsburgerweg wordt voorzien van een middengeleider; - dat het van belang is dat bestuurders op de juiste wijze langs deze middengeleider worden geleid; - dat aan weerszijden van deze middengeleider borden D2 (rechts) worden geplaatst waarmee voor alle bestuurders een gebod wordt ingesteld om het bord -en daarmee ook de middengeleider- voorbij te gaan aan de zijde die de pijl aangeeft; - dat fietsers die over de Langenakker het kruispunt met de Rijnsburgerweg naderen worden geleid naar de verplichte fietspaden langs de Rijnsburgerweg; - dat daartoe op de Langenakker door bord G11 een verplicht fietspad in de richting van de Rijnsburgerweg wordt ingesteld; - dat de Langenakker haar functie als erftoegangsweg behoudt; - dat de Langenakker zodanig wordt vormgegeven dat de beoogde snelheid van 30 km/u redelijkerwijs voortvloeit uit de aard en de inrichting van deze weg en van haar omgeving; - dat in verband daarmee door het plaatsen van begin/einde zoneborden A1(30) enA2(30) op de Langenakker nabij de Rijnsburgerweg de Langenakker wordt toegevoegd aan, en onderdeel wordt van de reeds bestaande 30-km zone; - dat door het plaatsen van begin/einde zoneborden E1 op de Langenakker nabij de Rijnsburgerweg de Langenakker wordt toegevoegd aan, en onderdeel wordt van de reeds bestaande parkeerverbodszone; - dat vanwege de veranderde rol van de Langenakker de bestaande geslotenverklaringen voor voetgangers en voor fietsen, bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen worden opgeheven door het verwijderen van de borden C15 en C16; overige maatregelen -dat op de Rijnzichtweg , ter hoogte van het kruispunt met de Oude Rijnsburgerweg een voetgangersoversteekplaats (VOP) is aangelegd; - dat die oversteekplaats onderdeel is van de verkeersregeling met verkeerslichten op het kruispunt, ook voor voetgangers; - dat het onnodig is dat die oversteek wordt benadrukt door een VOP; - dat in verband daarmee de VOP wordt opgeheven door het verwijderen van de zebramarkering; - dat in het verleden bij de realisatie van een zijwegaansluiting van de Langenakker op de Rijnsburgerweg kennelijk is nagelaten om door middel van het plaatsen van een bord G11 een verplicht fietspad in te stellen aan de even zijde van de Rijnsburgerweg in de richting van de gemeente Katwijk; - dat -mede gezien in het licht van de herinrichting van het kruispunt met de Langenakker- het gewenst is om op het gehele traject van de Rijnsburgerweg een eenduidig verkeersregime te hebben wat betreft de plaats op de weg voor fietsers en snorfietsers; - dat om bovenstaande redenen een verplicht fietspad wordt ingesteld langs de rijbaan van de Rijnsburgerweg aan de even zijde tussen de Langenakker en de gemeentegrens van Katwijk door het plaatsen van bord G11; - dat in het verleden bij de herinrichting van een zijwegaansluiting van de Oude Rijnsburgerweg op het kruispunt met de Rijnsburgerweg/Rijnzichtweg kennelijk is nagelaten om door middel van het plaatsen van een bord G11 een verplicht fietspad in te stellen op het pad langs de Oude Rijnsburgerweg in de richting van het kruispunt; - dat om bovenstaande redenen langs de rijbaan van de Oude Rijnsburgerweg een verplicht fietspad in de richting van het kruispunt met de Rijnsburgerweg/Rijnzichtweg wordt aangewezen door het plaatsen van bord G11; - In het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) is in artikel 21a opgenomen dat bij een verkeersbesluit moet worden onderzocht of er ten gevolge van het verkeersbesluit een toename van het geluid optreedt van meer dan 1,5 dB. Daarbij wordt de situatie na het doorvoeren van het verkeersbesluit vergeleken met de situatie vóór het verkeersbesluit. - Voor wegen met een etmaalintensiteit van 1000 motorvoertuigen is daarom onderzocht of het geluid met meer dan 1,5 dB toeneemt. Dat komt overeen met een groei van het verkeer met 41% of meer. Als dat het geval is, dan moet worden onderzocht of er sprake is van een toename van het geluid op de geluidgevoelige gebouwen langs deze wegen en of deze toename met geluidbeperkende maatregelen kan worden weggenomen. - Uit het onderzoek is gebleken dat er, ter hoogte van Langenakker 1, een toename optreedt van meer dan 1,5 dB. Voor deze woning is een hogere waarde vastgesteld die 1 dB hoger is dan de berekende geluidbelasting in het kader van de herinrichting. Het is daardoor niet nodig om geluidbeperkende maatregelen verder te onderzoeken. - Als gevolg van het project zijn er veel wegvakken waar het geluid vanwege de gemeentelijke wegen tot 1 dB toeneemt of afneemt. Bij de andere wegdekken neemt het geluid niet meer toe dan 1,5 dB. - De grenswaarden worden nergens overschreden. - dat gelet op artikel 12 van het BABW voor het plaatsen en verwijderen van de in dit verkeersbesluit genoemde verkeersborden een verkeersbesluit is vereist; - dat gelet op artikel 15 van de WVW 1994: •de plaatsing of verwijdering van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens, en onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd, geschiedt krachtens een verkeersbesluit; • maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regulering van het verkeer geschieden krachtens een verkeersbesluit, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken; -dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de hiervoor genoemde verkeersmaatregelen strekken tot: •het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer, • het verzekeren van de veiligheid op de weg, • het beschermen van weggebruikers en passagiers, • het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan; -dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 en de hiervoor genoemde overwegingen het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer van ondergeschikt belang wordt geacht; Overleg: -dat, gelet op artikel 24 van het BABW, overleg is gepleegd met de gemandateerde van de korpschef Nationale politie, d.d. 12 01 2026; - dat de politie 19 01 2026 heeft geadviseerd ten aanzien van de hierna genoemde maatregelen; - dat, gelet op artikel 25 van het BABW, overleg is gepleegd met het bevoegd gezag van de gemeente Katwijk. BESLUITEN: Het college van burgemeester en wethouders van Oegstgeest besluit: -door middel van het verwijderen van de tussen de in beide richtingen bereden rijstroken aangebrachte doorgetrokken streep als bedoeld in artikel 76 lid 1 van het RVV 1990, het verbod om zich links van de doorgetrokken streep te bevinden op de Rijnsburgerweg op te heffen; -door middel van het verwijderen van bord C15 van bijlage 1 van het RVV 1990 de geslotenverklaring voor fietsen , bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen op de Langenakker op te heffen; -door middel van het verwijderen van bord C16 van bijlage 1 van het RVV 1990 de geslotenverklaring voor voetgangers op de Langenakker op te heffen; -door middel van het verwijderen van de zebramarkering de voetgangersoversteekplaats op de Rijnzichtweg, ter hoogte van het kruispunt met de Oude Rijnsburgerweg op te heffen; -door middel van het plaatsen van bord A1-30 van bijlage 1 van het RVV 1990 een maximumsnelheid van 30 km/u in te stellen op: •de fietsstraat van de Rijnsburgerweg tussen de nrs. 74 en 80A, •de parallelweg van de Rijnzichtweg, •de fietsstraat van de Rijnzichtweg tussen de parallelweg van de Rijnzichtweg en pand nr. 97; -door middel van het plaatsen van begin/einde zoneborden A1-30 van bijlage 1 van het RVV 1990 een zonale maximumsnelheid van 30 km/u in te stellen op de Langenakker; -door middel van het plaatsen van borden B6 van bijlage 1 van het RVV 1990, ondersteund met haaientanden, een voorrangsregeling in te stellen op de fietsoversteken van het kruispunt van de Langenakker met de Rijnsburgerweg; -door middel van het plaatsen van borden D2 van bijlage 1 van het RVV 1990 een gebod voor alle bestuurders het bord voorbij te gaan aan de zijde die de pijl aangeeft, in te stellen op: •de middengeleider van de Rijnsburgerweg ter hoogte van de nrs. 52 en 63, •de middengeleider van de Langenakker ter hoogte van het kruispunt met de Rijnsburgerweg; -door middel van het plaatsen van begin/einde zoneborden E1 van bijlage 1 van het RVV 1990 een zonaal parkeerverbod in te stellen op de Langenakker; -door middel van het plaatsen van bord E2 van bijlage 1 van het RVV 1990 een verbod stil te staan in te stellen op: •de Rijnsburgerweg aan de oneven zijde tussen de Langenakker en de Oude Rijnsburgerweg, •de Rijnsburgerweg aan de even zijde tussen de Langenakker en de gemeentegrens met Katwijk; -door middel van het plaatsen van bord E7 van bijlage 1 van het RVV 1990 een gelegenheid bestemd voor het onmiddellijk laden of lossen van goederen in te stellen op de parallelweg van de Rijnzichtweg ter hoogte van pand nr. 97 in te stellen; -door middel van het plaatsen van bord E8 (symbool fiets) een parkeergelegenheid voor fietsen op de parallelweg van de Rijnzichtweg ter hoogte van nr. 169 in te stellen; -door middel van het plaatsen van bord G11 van bijlage 1 van het RVV 1990 een verplicht fietspad in te stellen op: •de Rijnsburgerweg aan de even zijde, tussen de Langakker en de grens van de bebouwde kom, •de Langenakker ter hoogte van het kruispunt met de Rijnsburgerweg, •de Oude Rijnsburgerweg ter hoogte van het kruispunt Rijnsburgerweg/Rijnzichtweg; Aldus vastgesteld op 22 01 2026 te Oegstgeest, namens het college van Burgemeester en wethouders van Oegstgeest, Kees Schrieks manager Ruimte Bijlage: overzichtstekening verkeersmaatregelen, maakt onderdeel uit van dit besluit. Meer informatie: Het verkeersbesluit en de op dit besluit betrekking hebbende stukken, liggen vanaf één dag na bekendmaking in het Gemeenteblad gedurende zes weken ter inzage via https://www.oegstgeest.nl/inwoners/actueel/officiele-bekendmakingen. Bezwaarmogelijkheid: Bekendmaking van dit besluit geschiedt overeenkomstig het bepaalde in artikel 26 van het BABW. De belanghebbende bij dit besluit kan op grond van artikel 7:1 van de Algemene Wet Bestuursrecht (Awb), binnen zes weken na bekendmaking van dit besluit een bezwaar indienen bij: Burgemeester en Wethouders van de gemeente Oegstgeest Postbus 1270 2340 BG OEGSTGEEST Het indienen van een bezwaarschrift heeft geen schorsende werking.
Automatisch op de hoogte blijven?
Download de OmgevingsAlert app of maak een account aan op de website en begin vandaag nog een vrijblijvende proefperiode van 30 dagen gratis.